85 jaar geleden, in 1935, vond de eerste Vuelta plaats, op voorzet van Juan Pujol, directeur van de krant Informaciones. De ronde moet volgens Pujol dienen als vaderlandsverheerlijking, maar in werkelijkheid is Spanje hopeloos verdeeld, tussen het linkse Volksfront en de rechtse Nationalisten. In Catalonië wordt zelfs de onafhankelijkheid uitgeroepen. De Vuelta is pas twee edities oud - gewonnen door de Belg Gustaaf Deloor - wanneer de Nationalisten een staatsgreep plegen en de Burgeroorlog (1936-1939) uitbreekt. In dat geweld, waarbij generaal Francisco Franco de macht grijpt, sterft de Vuelta een eerste keer. In 1941 herleeft de race, maar slechts kort. Door een economische crisis hebben fietsenfabrikanten geen geld meer om een wielerploeg te sponsoren. Eerst b...

85 jaar geleden, in 1935, vond de eerste Vuelta plaats, op voorzet van Juan Pujol, directeur van de krant Informaciones. De ronde moet volgens Pujol dienen als vaderlandsverheerlijking, maar in werkelijkheid is Spanje hopeloos verdeeld, tussen het linkse Volksfront en de rechtse Nationalisten. In Catalonië wordt zelfs de onafhankelijkheid uitgeroepen. De Vuelta is pas twee edities oud - gewonnen door de Belg Gustaaf Deloor - wanneer de Nationalisten een staatsgreep plegen en de Burgeroorlog (1936-1939) uitbreekt. In dat geweld, waarbij generaal Francisco Franco de macht grijpt, sterft de Vuelta een eerste keer. In 1941 herleeft de race, maar slechts kort. Door een economische crisis hebben fietsenfabrikanten geen geld meer om een wielerploeg te sponsoren. Eerst brengen voetbalclubs nog soelaas - zo won FC Barcelona het ploegenklassement van de Vuelta in 1942 - maar in 1943 houdt de nationale wielerronde voor de tweede keer op te bestaan. Het komt Franco goed uit wanneer het katholieke dagblad Ya vanaf 1945 de Vuelta herlanceert, een goed instrument in dienst van het nationalisme. Toch verzinkt de koers snel in nieuw drijfzand. Het krijgt, ondanks de zege van de Belg Edward Van Dijck in 1947, amper buitenlanders aan de start en verdwijnt in 1951 weer, dit keer voor vier jaar. Het duurt tot 1955 voor de Vuelta boven water komt, profiterend van een gunstiger economisch klimaat. De oprichting van de Baskische afscheidingsbeweging ETA doet de Vuelta echter opnieuw wankelen. In de slotrit van de editie van 1968 richt de organisatie voor het eerst haar pijlen op de wielerwedstrijd, als symbool van Spaanse verbondenheid. Tijdens de passage door het Baskenland ontploft zelfs een bom langs de weg. De Vuelta overleeft zonder slachtoffers de aanslag, maar ook daarna blijft de Baskische haard branden. In 1978 ontaardt de slotdag in allerhande incidenten. De uitslag van de etappe wordt geschrapt, met verstrekkende gevolgen. De Baskische fusiekrant El Correo Español-El Pueblo Vasco, die de Vuelta sinds haar wedergeboorte in 1955 organiseert, wil de Spaanse ronde niet langer sponsoren omdat een doortocht door het Baskenland onmogelijk is geworden. Toch trotseert de Vuelta ook deze storm, met als redder Luis Puig, voorzitter van de Spaanse wielerfederatie. Hij schakelt het organisatiebureau Unipublic in en kan de wedstrijd voor het eerst live op de Spaanse tv-zender RTVE laten uitzenden. Toch blijft de Vuelta in de schaduw staan van de Giro en de Tour. Zolang de wedstrijd in april en mei gereden wordt, is het immers niet meer dan een opwarming voor die twee grote rondes. Pas vanaf 1995 vindt de Vuelta haar oorspronkelijke trots terug, wanneer ze, op voorstel van de UCI, naar september verhuist. De ronde groeit uit tot de herkansing na de Tour en wordt een belangrijke aanloop naar het WK. Ook omdat de organisatoren voortaan vooral gebalde, vinnige etappes plannen, vaak aankomend op nieuwe supersteile cols en muren, zoals de Angliru. Het te conservatieve commerciële beleid van de toenmalige Vueltabaas Victor Cordero brengt de ronde echter weer aan de rand van afgrond. Ironisch genoeg is Tourorganisator ASO de reddende engel: het koopt 49 procent van de aandelen. Die financiële stabiliteit gekoppeld aan telkens weer sportief spektakel doet de Vuelta haar overlevingsstrijd definitief winnen, als trots van Spanje. Daarom (en door uiteraard financiële belangen) kon er ondanks de coronacrisis voor Vueltabaas Javier Guillén van een afgelasting van de uitgestelde editie van dit jaar ook geen sprake zijn. Weliswaar een editie zonder publiek op alle cols, zonder reclamekaravaan en met een nog strikter protocol dan in de Tour. Zo hoopt de kat met negens levens ook deze keer te overleven en op 8 november in Madrid te eindigen.