Soms (zij het zelden) is de job van journalist gemakkelijk. Bijvoorbeeld bij een interview met een speler exact een jaar later op dezelfde plek. Wat doe je dan? Je neemt het interview van toen erbij en begint met dezelfde openingsvraag.

De geïnterviewde is Sander Berge. Hij moet nog 22 jaar worden, maar hij is met een dienststaat van twee en een half jaar al een van de anciens bij KRC Genk. Hij is ook een intelligente voetballer én prater. Berge wees deze zomer de kans af om in de Premier League te gaan voetballen en koos ervoor om met Genk de Champions League te spelen, de competitie waar hij als kind al van droomde.

Maar dus eerst die openingsvraag van een jaar geleden. Die luidde: 'Stel dat jij vandaag als journalist Sander Berge interviewt: wat zou je hem dan vragen?'

Berge valt uit de lucht, begrijpelijk: 'Oei. Welke vraag heb ik mezelf een jaar geleden gesteld?'

Wat is het voornaamste werkpunt voor Sander Berge?

Sander BERGE: 'Mijn vraag zou ik nu in tweeën opsplitsen: waar sta je als speler een jaar later en waar staat het team?'

Begin maar met jezelf.

BERGE: 'Mijn taak is om de motor van het team te worden. Ik probeer meer creatief te zijn, meer te lopen in aanvallend opzicht, ook zonder bal. En ik moet nog gevaarlijker worden. Als centrale middenvelder mag ik niet langer tevreden zijn met gewoon mijn werk te doen tot de middenlijn, maar moet ik ook verder vooruit de bal vragen en in de zestien meter opduiken. Ik scoor al eens met Genk, en met de nationale ploeg, en voel me steeds beter als ik mee inschuif. Soms wordt van me gevraagd om verdedigend te spelen, soms meer aanvallend. Ik moet nog leren om die momenten beter te lezen. De bedoeling is dat ik, wat de vraag ook is, een constante in mijn prestaties leg. Jonge spelers tonen soms hun talent, maar vallen dan de volgende keer terug. Mijn sterkte is dat ik nooit helemaal wegval, maar een constante in mijn rendement behoud. Tenminste, dat vind ik zelf.

Wij hebben het mooiste beroep ter wereld, we moeten dat ook uitstralen.' Sander Berge

'De uitdaging voor het team is om onze zestien meter beter te beschermen, een goeie structuur neer te zetten en een solide basis te vinden. Op dit moment is het nog wat zoeken. We slikken te veel goals, hebben het juiste evenwicht tussen aanvallen en verdedigen nog niet gevonden.

Vind je jezelf een betere voetballer geworden tegenover een jaar geleden?

BERGE: 'Toch wel, ook al winnen we niet zo vaak als toen. We zitten in een bouwproces. Ik kwam hier tweeënhalf jaar geleden aan, het duurde meer dan twee jaar om dat kampioenenteam op te bouwen. Nu zijn we een nieuw team, dat kost opnieuw tijd. Toen ik twee jaar geleden aankwam, waren we nummer tien in de rangschikking, we haalden zelfs play-off 1 niet. Nu zijn we kampioen en staan we in de Champions League. Nu kijken anderen op naar ons, zoals wij toen opkeken naar de top. Het verwachtingspatroon ligt hoger, het is aan ons om over die lat te geraken. Vorig seizoen waren we nummer één, maar nu niet meer. We zijn een nieuwe weg ingeslagen, met veel nieuwe spelers en een nieuwe trainer.'

Sander Berge in duel met Fabián Ruiz van Napoli op de tweede speeldag van de Champions League., belgaimage - christophe ketels
Sander Berge in duel met Fabián Ruiz van Napoli op de tweede speeldag van de Champions League. © belgaimage - christophe ketels

Op welk vlak heb jij vooruitgang geboekt?

BERGE: 'Qua leiderschap. Ik ben hier ondanks mijn leeftijd al een van de anciens. Maar ik weet dat dit een proces is dat tijd kost. Dat is geen probleem. Voor mij is de weg naar de top geen sprint, maar een marathon.'

Wat vind je het fijnst? Lekker op de achtergrond blijven of in de spotlights staan?

BERGE: 'Vroeger was iedereen al tevreden wanneer ik een bal afpakte en die goed doorspeelde aan een ploegmaat. Nu verwacht men veel meer. Ik moet niet alleen de bal veroveren, maar ook nog een goeie actie maken en het liefst nog scoren ook. Bij mij is het simpel: hoe moeilijker de match, hoe hoger het niveau, hoe steviger de duels, hoe beter ik word. Ik ben niet het type speler dat in een minder moeilijke wedstrijd gaat uitblinken. Tegen clubs als Napoli spelen, dat een van de beste middenvelden van Europa heeft, vind ik fantastisch.'

Continuïteit

De Champions League spelen is één van de redenen waarom je bleef. Valt het een beetje mee?

BERGE: 'Als je Champions League kunt spelen en daarin beter wordt, bekijkt men je anders dan wanneer je je enkel kunt ontwikkelen in de Jupiler Pro League of de Europa League. Dat was één van de redenen waarom ik wilde blijven. Niet de enige. Ik vind dat ik me ook verder kan ontwikkelen in dit team, nog altijd een jong team met veel talent, en een club waar een prima mentaliteit heerst. Had je me op mijn 15e voorspeld dat ik op mijn 21e een van de leiders in een kampioenenploeg zou zijn én Champions League zou spelen, dan had ik je niet geloofd. Ik vind het nog altijd een eer dat ik voor KRC Genk mag voetballen. Het is zo gemakkelijk om onderweg je focus te verliezen. Rond mij wordt al tweeënhalf jaar gespeculeerd waar ik naartoe ga. RoeslanMalinovski en AlejandroPozuelo waren ouder, ik ben nog maar 21. Ik had niet echt het gevoel dat het nu of nooit was. Genk en ik, dat is een goeie match, vind ik.'

Had je me op mijn 15e voorspeld dat ik op mijn 21e Champions League zou spelen, dan had ik je niet geloofd.' Sander Berge

Je kunt ook zeggen dat je hier in je comfortzone zit.

BERGE: 'Dat ook, maar voetballen kan op veel plaatsen moeilijker en minder leuk zijn dan hier. Uiteindelijk krijg je wat je verdient. Wat je geeft, krijg je meestal ook terug. Was ik onzeker of onvoldoende goed geweest, dan had ik hier niet met jou zitten praten, als sterkhouder van de Belgische kampioen in de Champions League. Ik kom uit Noorwegen, dan is het niet vanzelfsprekend om in het voetbal dit niveau te halen. Ik vind het nog steeds fantastisch om hier te voetballen en ik ben trots dat ik op mijn achttiende de stap heb durven te zetten, niet wetende waar ik terecht zou komen. Soms moet je, om vooruit te geraken, uit je vertrouwde omgeving weg, om nieuwe indrukken op te doen.'

Je bent geen clubhopper die elk jaar een nieuwe omgeving opzoekt.

BERGE: 'Continuïteit is misschien wel het allerbelangrijkste in het voetbal, zeker om een winnend team te worden. Als je elk jaar van alles verandert, is het moeilijk om een goeie structuur te behouden. Hier kan ik mezelf zijn, Genk is een fijne omgeving waar je een goeie dialoog hebt met de mensen in de entourage van de club, over wat goed is en wat nog beter kan. Genk is op dat vlak naar mij toe altijd erg open geweest. Ik vind dat een gezonde basis om een succesvolle club te runnen.'

Ben je graag een leider of voel je dat als een extra rugzakje?

BERGE: 'Dat gaat vanzelf. Het eerste anderhalf jaar deed ik dat amper, waren er ook oudere spelers die die rol vertolkten, maar sinds Philippe Clement overnam, ben ik in die rol gaan groeien. Ik let erop dat iedereen goed in zijn vel zit, graag komt trainen. Wat je geeft, krijg je vaak terug, het is tweerichtingsverkeer. Ik praat veel met elke ploegmaat en ik krijg reacties terug. We gaan fijn met elkaar om, we proberen elkaar omhoog te trekken. Sommigen vinden me iemand die meer begaan is met het team dan met mijn eigen prestatie. Dat is belangrijk als je verondersteld wordt een leider te zijn. Je zet jezelf dan niet op de eerste plaats, je zet het teambelang voor het eigenbelang. Soms ben ik zelfs te veel een teamspeler, ben ik méér met de anderen bezig dan met mezelf, maar ik vind dat een sterkte. Je krijgt er respect voor terug, en een goed gevoel. Dat is ook de reden waarom ik voor voetbal koos. Je mag in je eentje zo goed voetballen als je wilt, zonder team stel je niets voor.'

Gewoon wat trainen of een wedstrijd spelen doe ik nooit. Ik stap altijd het veld op om bij te leren.' Sander Berge

Kan dat nog, anno 2019, een echt team vormen met al die egootjes?

BERGE: 'Ja, hoor. Wij hebben een erg fijne groep.'

Too nice, wordt gezegd.

BERGE: 'Misschien te aardig, ja. Het is in elk geval de fijnste kleedkamer die ik ooit meemaakte. De uitdaging is het juiste evenwicht vinden tussen elkaar respecteren en toch op leven en dood strijden. Op dit moment zijn we naast het veld maar ook in de wedstrijd nog te aardig voor elkaar, én voor de tegenstander. We moeten elkaar meer uitdagen. Niet door kritiek te geven. We moeten elkaar te helpen om de lat hoger te leggen. Al mag er soms wat meer spanning hangen op training, het mag al eens dat iemand zijn woede uitschreeuwt. De lat laten waar ze ligt, en hopen dat het vanzelf goed komt, is geen optie.'

Sander Berge: 'Het is nog zoeken en tasten naar de beste manier van voetballen en de beste opstelling.', belgaimage - christophe ketels
Sander Berge: 'Het is nog zoeken en tasten naar de beste manier van voetballen en de beste opstelling.' © belgaimage - christophe ketels

Spiegel

Waar leer je als speler het meeste van: van een succesvol jaar, zoals vorig seizoen, of wanneer het moeilijk gaat, zoals nu?

BERGE: 'Van de manier waarop je overeind komt uit een moeilijke situatie. Als je niet kunt opstaan wanneer het moeilijk gaat, heb je een probleem. Als alles goed gaat, is het makkelijk. Dan lijkt iedereen wel een topspeler.'

Voel jij je mee verantwoordelijk als het niet goed gaat?

BERGE: 'Absoluut. Ik kijk altijd eerst in de spiegel, ik ga nooit iemand met de vinger wijzen als het niet goed geweest is.'

Wat zie je vandaag, als je in de spiegel kijkt?

BERGE: 'Dat we nog moeilijk het evenwicht vinden tussen aanvallend en verdedigend voetbal, ondanks het enorme potentieel in deze kern en ondanks de zeges tegen Oostende en het goeie uur tegen STVV. Maar we worden van week tot week beter. Ik geloof echt in deze technische staf en in deze groep. Ik train elke dag met deze jongens en weet wat ze kunnen. Op een dag moet het eruit komen.'

Verwachten we te veel van jullie?

BERGE: 'Ik heb geen idee wat anderen van ons verwachten.'

Meedingen naar de titel, mooi voetbal brengen, tikitakagewijs.

BERGE: 'We zijn alvast geen kampioen geworden met tikitaka. De meeste matchen in play-off 1 domineerden we niet de hele tijd. Het Genk van play-off 1 was niet hetzelfde als dat in de competitie. In de reguliere competitie teerden we op individuele acties, in de play-offs presteerden we goed als een hecht blok dat dieper op de eigen helft stond. Voetbal gaat om winnen. Natuurlijk willen we liefst dominant voetballen, maar op het einde is het resultaat het belangrijkste. Ook al is het zo dat, hoe beter je voetbalt, hoe groter de kans is dat je wint. Ook daarom moet de kwaliteit van ons spel omhoog.'

Hoe hoger het niveau, hoe moeilijker de match en hoe steviger de duels, hoe beter ik ook word.' Sander Berge

Hoeveel op tien geef je Genk tot nu toe, in verhouding tot het potentieel?

BERGE: 'Vijf op tien. Hier zit ongelofelijk veel potentieel. Op Club Brugge haalden we in de tweede helft acht of negen op tien, daar toonden we echt tot wat we in staat waren. In de andere wedstrijden zag je bij vlagen wat we kunnen, maar vielen we ook terug. Daar mogen we niet in berusten. De schrik om te verliezen mag niet groter worden dan de vreugde om te winnen.'

Is dat het geval?

BERGE: 'Het gebeurt overal. Het mentale aspect speelt een grote rol in voetbal, zelfs op het hoogste niveau. Je ziet het zelfs bij Barcelona, als ze op Liverpool onderuit gaan. Hoe is dat mogelijk? Hoe kan Ajax in de slotfase drie goals slikken tegen Tottenham terwijl ze die wedstrijd gewoon onder controle hebben? Vaak voetballen ploegen die achter staan meer bevrijd, en teams die een voorsprong te verdedigen hebben verkrampt.'

Mazzu

Heeft de moeilijke start van Genk je verrast?

BERGE: 'Neen. Het is nog zoeken en tasten naar de beste manier van voetballen en de beste opstelling. Belangrijk is dat je van week tot week vooruitgang boekt. Dat begint met enthousiasme in de kleedkamer en op het veld. Wij hebben het mooiste beroep ter wereld, we moeten dat ook uitstralen.'

Legt Felice Mazzu andere accenten dan Philippe Clement?

BERGE: 'De manier van voetballen is dezelfde gebleven, maar we zijn veel automatismen van vorig jaar kwijt. Automatismen krijg je niet ineens, dat vergeet men weleens. Teams die winnen, of het nu om voetbal of basket gaat, zijn meestal al een paar jaar samen.'

Wat liep er verkeerd bij de start van de Champions League in Salzburg? Waren jullie té zeer onder de indruk?

BERGE: 'We vonden niet het juiste evenwicht. Je mag niet naïef voetballen op dat niveau. Als je daar een fout maakt, heb je het zitten. In de Jupiler Pro League mag je soms twee, drie fouten maken zonder dat die afgestraft worden. Salzburg strafte alle fouten af. Het was een goed leermoment voor ons allemaal. De pijn die we bij die 6-2 voelden, moet onze sterkte zijn voor de rest van het seizoen. Je zag al een heel ander Genk tegen Napoli.'

Heb je niet gedacht: oei, daar gaat mijn carrière? Sommige clubs die je op Salzburg aan het werk zagen, dachten waarschijnlijk: is dat die Sander Berge waar Genk 20 miljoen euro voor wil?

BERGE: 'Neen. Door één zo'n wedstrijd neemt mijn zelfvertrouwen niet af. Ik speel Champions League, waar zoveel andere goeie spelers van mijn leeftijd niet eens de kans toe krijgen. Het zijn leermomenten, omdat het een nieuwe ervaring is. Het is toch fantastisch dat we mogen voetballen tegen de winnaar van de Champions League van vorig jaar, en tegen de ploeg die hen een maand geleden klopte!'

Voel je: dit is mijn niveau? Of moet je op de toppen van je tenen lopen?

BERGE: 'Dat gevoel heb ik niet, los van het resultaat. Als je het te snel vindt gaan, kun je beter stoppen en Champions League kijken in je zetel thuis. Ik stap niet vrolijk van het veld in Salzburg, maar ik ben mijn techniek of mijn andere kwaliteiten niet ineens kwijt. Ik ben niet bang om fouten te maken. Het helpt ook niet om na een wanprestatie een ploegmaat met de vinger te wijzen. Wie dat doet, had maar een andere sport moeten kiezen.'

Voorheen gaf je aan dat je vaak naar voetbal kijkt, en als je kijkt, dat je dat nooit vrijblijvend doet. Is dat nog altijd zo?

BERGE: 'Ja. Voetbal is alles voor mij. Ik stop er al mijn energie in en zoek voor elke situatie de beste oplossing, of het nu om voeding gaat of om andere aspecten. Ik luister ook naar interviews van topspelers, om te begrijpen hoe ze over voetbal denken, en probeer te kijken hoe topspelers er telkens weer in slagen om wedstrijden of spelsituaties te lezen, ook als de match op slot zit. Sinds ik van Clement meer verantwoordelijkheid kreeg, praat ik ook vaker met de trainer. Gewoon wat trainen of een wedstrijd spelen doe ik nooit. Ik stap altijd het veld op om bij te leren.'

De les van Napoli

In Genk-Napoli was Sander Berge de speler die de meeste kilometers liep (11,7 om precies te zijn) en de meeste goeie passes verstuurde (meer dan 70 procent geslaagd). Kwam hij in Salzburg amper in beeld, dan bewees hij tegen de Italiaanse topclub wat hij in dit interview zegt: hoe moeilijker de uitdaging, hoe beter hij zich voelt. Vooral het feit dat Genk slim had gespeeld tegen de Italianen, stelde hem tevreden: 'Ze gaven ons ruimte. We hebben daar gebruik van gemaakt, maar we zijn er niet blind in gestormd zodat ze ons bij balverlies konden afmaken. Dat is iets wat we in vergelijking met de eerste match geleerd hebben.' Die prestatie bevestigde ook wat hij eerder zei over Genk: 'Ik train elke dag met die jongens, ik weet hoeveel talent hier is, ik weet dat het er op een bepaald moment uit komt.'

Soms (zij het zelden) is de job van journalist gemakkelijk. Bijvoorbeeld bij een interview met een speler exact een jaar later op dezelfde plek. Wat doe je dan? Je neemt het interview van toen erbij en begint met dezelfde openingsvraag. De geïnterviewde is Sander Berge. Hij moet nog 22 jaar worden, maar hij is met een dienststaat van twee en een half jaar al een van de anciens bij KRC Genk. Hij is ook een intelligente voetballer én prater. Berge wees deze zomer de kans af om in de Premier League te gaan voetballen en koos ervoor om met Genk de Champions League te spelen, de competitie waar hij als kind al van droomde. Maar dus eerst die openingsvraag van een jaar geleden. Die luidde: 'Stel dat jij vandaag als journalist Sander Berge interviewt: wat zou je hem dan vragen?' Berge valt uit de lucht, begrijpelijk: 'Oei. Welke vraag heb ik mezelf een jaar geleden gesteld?'Wat is het voornaamste werkpunt voor Sander Berge? Sander BERGE: 'Mijn vraag zou ik nu in tweeën opsplitsen: waar sta je als speler een jaar later en waar staat het team?' Begin maar met jezelf. BERGE: 'Mijn taak is om de motor van het team te worden. Ik probeer meer creatief te zijn, meer te lopen in aanvallend opzicht, ook zonder bal. En ik moet nog gevaarlijker worden. Als centrale middenvelder mag ik niet langer tevreden zijn met gewoon mijn werk te doen tot de middenlijn, maar moet ik ook verder vooruit de bal vragen en in de zestien meter opduiken. Ik scoor al eens met Genk, en met de nationale ploeg, en voel me steeds beter als ik mee inschuif. Soms wordt van me gevraagd om verdedigend te spelen, soms meer aanvallend. Ik moet nog leren om die momenten beter te lezen. De bedoeling is dat ik, wat de vraag ook is, een constante in mijn prestaties leg. Jonge spelers tonen soms hun talent, maar vallen dan de volgende keer terug. Mijn sterkte is dat ik nooit helemaal wegval, maar een constante in mijn rendement behoud. Tenminste, dat vind ik zelf. 'De uitdaging voor het team is om onze zestien meter beter te beschermen, een goeie structuur neer te zetten en een solide basis te vinden. Op dit moment is het nog wat zoeken. We slikken te veel goals, hebben het juiste evenwicht tussen aanvallen en verdedigen nog niet gevonden. Vind je jezelf een betere voetballer geworden tegenover een jaar geleden? BERGE: 'Toch wel, ook al winnen we niet zo vaak als toen. We zitten in een bouwproces. Ik kwam hier tweeënhalf jaar geleden aan, het duurde meer dan twee jaar om dat kampioenenteam op te bouwen. Nu zijn we een nieuw team, dat kost opnieuw tijd. Toen ik twee jaar geleden aankwam, waren we nummer tien in de rangschikking, we haalden zelfs play-off 1 niet. Nu zijn we kampioen en staan we in de Champions League. Nu kijken anderen op naar ons, zoals wij toen opkeken naar de top. Het verwachtingspatroon ligt hoger, het is aan ons om over die lat te geraken. Vorig seizoen waren we nummer één, maar nu niet meer. We zijn een nieuwe weg ingeslagen, met veel nieuwe spelers en een nieuwe trainer.' Op welk vlak heb jij vooruitgang geboekt? BERGE: 'Qua leiderschap. Ik ben hier ondanks mijn leeftijd al een van de anciens. Maar ik weet dat dit een proces is dat tijd kost. Dat is geen probleem. Voor mij is de weg naar de top geen sprint, maar een marathon.' Wat vind je het fijnst? Lekker op de achtergrond blijven of in de spotlights staan? BERGE: 'Vroeger was iedereen al tevreden wanneer ik een bal afpakte en die goed doorspeelde aan een ploegmaat. Nu verwacht men veel meer. Ik moet niet alleen de bal veroveren, maar ook nog een goeie actie maken en het liefst nog scoren ook. Bij mij is het simpel: hoe moeilijker de match, hoe hoger het niveau, hoe steviger de duels, hoe beter ik word. Ik ben niet het type speler dat in een minder moeilijke wedstrijd gaat uitblinken. Tegen clubs als Napoli spelen, dat een van de beste middenvelden van Europa heeft, vind ik fantastisch.' De Champions League spelen is één van de redenen waarom je bleef. Valt het een beetje mee? BERGE: 'Als je Champions League kunt spelen en daarin beter wordt, bekijkt men je anders dan wanneer je je enkel kunt ontwikkelen in de Jupiler Pro League of de Europa League. Dat was één van de redenen waarom ik wilde blijven. Niet de enige. Ik vind dat ik me ook verder kan ontwikkelen in dit team, nog altijd een jong team met veel talent, en een club waar een prima mentaliteit heerst. Had je me op mijn 15e voorspeld dat ik op mijn 21e een van de leiders in een kampioenenploeg zou zijn én Champions League zou spelen, dan had ik je niet geloofd. Ik vind het nog altijd een eer dat ik voor KRC Genk mag voetballen. Het is zo gemakkelijk om onderweg je focus te verliezen. Rond mij wordt al tweeënhalf jaar gespeculeerd waar ik naartoe ga. RoeslanMalinovski en AlejandroPozuelo waren ouder, ik ben nog maar 21. Ik had niet echt het gevoel dat het nu of nooit was. Genk en ik, dat is een goeie match, vind ik.' Je kunt ook zeggen dat je hier in je comfortzone zit. BERGE: 'Dat ook, maar voetballen kan op veel plaatsen moeilijker en minder leuk zijn dan hier. Uiteindelijk krijg je wat je verdient. Wat je geeft, krijg je meestal ook terug. Was ik onzeker of onvoldoende goed geweest, dan had ik hier niet met jou zitten praten, als sterkhouder van de Belgische kampioen in de Champions League. Ik kom uit Noorwegen, dan is het niet vanzelfsprekend om in het voetbal dit niveau te halen. Ik vind het nog steeds fantastisch om hier te voetballen en ik ben trots dat ik op mijn achttiende de stap heb durven te zetten, niet wetende waar ik terecht zou komen. Soms moet je, om vooruit te geraken, uit je vertrouwde omgeving weg, om nieuwe indrukken op te doen.' Je bent geen clubhopper die elk jaar een nieuwe omgeving opzoekt. BERGE: 'Continuïteit is misschien wel het allerbelangrijkste in het voetbal, zeker om een winnend team te worden. Als je elk jaar van alles verandert, is het moeilijk om een goeie structuur te behouden. Hier kan ik mezelf zijn, Genk is een fijne omgeving waar je een goeie dialoog hebt met de mensen in de entourage van de club, over wat goed is en wat nog beter kan. Genk is op dat vlak naar mij toe altijd erg open geweest. Ik vind dat een gezonde basis om een succesvolle club te runnen.' Ben je graag een leider of voel je dat als een extra rugzakje? BERGE: 'Dat gaat vanzelf. Het eerste anderhalf jaar deed ik dat amper, waren er ook oudere spelers die die rol vertolkten, maar sinds Philippe Clement overnam, ben ik in die rol gaan groeien. Ik let erop dat iedereen goed in zijn vel zit, graag komt trainen. Wat je geeft, krijg je vaak terug, het is tweerichtingsverkeer. Ik praat veel met elke ploegmaat en ik krijg reacties terug. We gaan fijn met elkaar om, we proberen elkaar omhoog te trekken. Sommigen vinden me iemand die meer begaan is met het team dan met mijn eigen prestatie. Dat is belangrijk als je verondersteld wordt een leider te zijn. Je zet jezelf dan niet op de eerste plaats, je zet het teambelang voor het eigenbelang. Soms ben ik zelfs te veel een teamspeler, ben ik méér met de anderen bezig dan met mezelf, maar ik vind dat een sterkte. Je krijgt er respect voor terug, en een goed gevoel. Dat is ook de reden waarom ik voor voetbal koos. Je mag in je eentje zo goed voetballen als je wilt, zonder team stel je niets voor.' Kan dat nog, anno 2019, een echt team vormen met al die egootjes? BERGE: 'Ja, hoor. Wij hebben een erg fijne groep.' Too nice, wordt gezegd. BERGE: 'Misschien te aardig, ja. Het is in elk geval de fijnste kleedkamer die ik ooit meemaakte. De uitdaging is het juiste evenwicht vinden tussen elkaar respecteren en toch op leven en dood strijden. Op dit moment zijn we naast het veld maar ook in de wedstrijd nog te aardig voor elkaar, én voor de tegenstander. We moeten elkaar meer uitdagen. Niet door kritiek te geven. We moeten elkaar te helpen om de lat hoger te leggen. Al mag er soms wat meer spanning hangen op training, het mag al eens dat iemand zijn woede uitschreeuwt. De lat laten waar ze ligt, en hopen dat het vanzelf goed komt, is geen optie.' Waar leer je als speler het meeste van: van een succesvol jaar, zoals vorig seizoen, of wanneer het moeilijk gaat, zoals nu? BERGE: 'Van de manier waarop je overeind komt uit een moeilijke situatie. Als je niet kunt opstaan wanneer het moeilijk gaat, heb je een probleem. Als alles goed gaat, is het makkelijk. Dan lijkt iedereen wel een topspeler.' Voel jij je mee verantwoordelijk als het niet goed gaat? BERGE: 'Absoluut. Ik kijk altijd eerst in de spiegel, ik ga nooit iemand met de vinger wijzen als het niet goed geweest is.' Wat zie je vandaag, als je in de spiegel kijkt? BERGE: 'Dat we nog moeilijk het evenwicht vinden tussen aanvallend en verdedigend voetbal, ondanks het enorme potentieel in deze kern en ondanks de zeges tegen Oostende en het goeie uur tegen STVV. Maar we worden van week tot week beter. Ik geloof echt in deze technische staf en in deze groep. Ik train elke dag met deze jongens en weet wat ze kunnen. Op een dag moet het eruit komen.' Verwachten we te veel van jullie? BERGE: 'Ik heb geen idee wat anderen van ons verwachten.' Meedingen naar de titel, mooi voetbal brengen, tikitakagewijs. BERGE: 'We zijn alvast geen kampioen geworden met tikitaka. De meeste matchen in play-off 1 domineerden we niet de hele tijd. Het Genk van play-off 1 was niet hetzelfde als dat in de competitie. In de reguliere competitie teerden we op individuele acties, in de play-offs presteerden we goed als een hecht blok dat dieper op de eigen helft stond. Voetbal gaat om winnen. Natuurlijk willen we liefst dominant voetballen, maar op het einde is het resultaat het belangrijkste. Ook al is het zo dat, hoe beter je voetbalt, hoe groter de kans is dat je wint. Ook daarom moet de kwaliteit van ons spel omhoog.' Hoeveel op tien geef je Genk tot nu toe, in verhouding tot het potentieel? BERGE: 'Vijf op tien. Hier zit ongelofelijk veel potentieel. Op Club Brugge haalden we in de tweede helft acht of negen op tien, daar toonden we echt tot wat we in staat waren. In de andere wedstrijden zag je bij vlagen wat we kunnen, maar vielen we ook terug. Daar mogen we niet in berusten. De schrik om te verliezen mag niet groter worden dan de vreugde om te winnen.' Is dat het geval? BERGE: 'Het gebeurt overal. Het mentale aspect speelt een grote rol in voetbal, zelfs op het hoogste niveau. Je ziet het zelfs bij Barcelona, als ze op Liverpool onderuit gaan. Hoe is dat mogelijk? Hoe kan Ajax in de slotfase drie goals slikken tegen Tottenham terwijl ze die wedstrijd gewoon onder controle hebben? Vaak voetballen ploegen die achter staan meer bevrijd, en teams die een voorsprong te verdedigen hebben verkrampt.' Heeft de moeilijke start van Genk je verrast? BERGE: 'Neen. Het is nog zoeken en tasten naar de beste manier van voetballen en de beste opstelling. Belangrijk is dat je van week tot week vooruitgang boekt. Dat begint met enthousiasme in de kleedkamer en op het veld. Wij hebben het mooiste beroep ter wereld, we moeten dat ook uitstralen.' Legt Felice Mazzu andere accenten dan Philippe Clement? BERGE: 'De manier van voetballen is dezelfde gebleven, maar we zijn veel automatismen van vorig jaar kwijt. Automatismen krijg je niet ineens, dat vergeet men weleens. Teams die winnen, of het nu om voetbal of basket gaat, zijn meestal al een paar jaar samen.' Wat liep er verkeerd bij de start van de Champions League in Salzburg? Waren jullie té zeer onder de indruk? BERGE: 'We vonden niet het juiste evenwicht. Je mag niet naïef voetballen op dat niveau. Als je daar een fout maakt, heb je het zitten. In de Jupiler Pro League mag je soms twee, drie fouten maken zonder dat die afgestraft worden. Salzburg strafte alle fouten af. Het was een goed leermoment voor ons allemaal. De pijn die we bij die 6-2 voelden, moet onze sterkte zijn voor de rest van het seizoen. Je zag al een heel ander Genk tegen Napoli.' Heb je niet gedacht: oei, daar gaat mijn carrière? Sommige clubs die je op Salzburg aan het werk zagen, dachten waarschijnlijk: is dat die Sander Berge waar Genk 20 miljoen euro voor wil? BERGE: 'Neen. Door één zo'n wedstrijd neemt mijn zelfvertrouwen niet af. Ik speel Champions League, waar zoveel andere goeie spelers van mijn leeftijd niet eens de kans toe krijgen. Het zijn leermomenten, omdat het een nieuwe ervaring is. Het is toch fantastisch dat we mogen voetballen tegen de winnaar van de Champions League van vorig jaar, en tegen de ploeg die hen een maand geleden klopte!' Voel je: dit is mijn niveau? Of moet je op de toppen van je tenen lopen? BERGE: 'Dat gevoel heb ik niet, los van het resultaat. Als je het te snel vindt gaan, kun je beter stoppen en Champions League kijken in je zetel thuis. Ik stap niet vrolijk van het veld in Salzburg, maar ik ben mijn techniek of mijn andere kwaliteiten niet ineens kwijt. Ik ben niet bang om fouten te maken. Het helpt ook niet om na een wanprestatie een ploegmaat met de vinger te wijzen. Wie dat doet, had maar een andere sport moeten kiezen.' Voorheen gaf je aan dat je vaak naar voetbal kijkt, en als je kijkt, dat je dat nooit vrijblijvend doet. Is dat nog altijd zo? BERGE: 'Ja. Voetbal is alles voor mij. Ik stop er al mijn energie in en zoek voor elke situatie de beste oplossing, of het nu om voeding gaat of om andere aspecten. Ik luister ook naar interviews van topspelers, om te begrijpen hoe ze over voetbal denken, en probeer te kijken hoe topspelers er telkens weer in slagen om wedstrijden of spelsituaties te lezen, ook als de match op slot zit. Sinds ik van Clement meer verantwoordelijkheid kreeg, praat ik ook vaker met de trainer. Gewoon wat trainen of een wedstrijd spelen doe ik nooit. Ik stap altijd het veld op om bij te leren.'