Voor columnisten zonder inspiratie is de Pro League een godsgeschenk. Deze week snelde Ivan De Witte ons ter hulp. De voorzitter van AA Gent heeft een nieuwe competitieformat in het hoofd. De Witte is de geestelijke vader van het gedrocht dat we nu kennen en hij bedacht iets dat er nog afgrijselijker uitziet. De Gentse psycholoog wil de eerste klasse afslanken van zestien naar veertien ploegen en tweede klasse beperken tot tien clubs.
...

Voor columnisten zonder inspiratie is de Pro League een godsgeschenk. Deze week snelde Ivan De Witte ons ter hulp. De voorzitter van AA Gent heeft een nieuwe competitieformat in het hoofd. De Witte is de geestelijke vader van het gedrocht dat we nu kennen en hij bedacht iets dat er nog afgrijselijker uitziet. De Gentse psycholoog wil de eerste klasse afslanken van zestien naar veertien ploegen en tweede klasse beperken tot tien clubs. Welke stappen zetten we hiermee vooruit? De competitie zou vier speeldagen minder tellen en dat is een belangrijk pluspunt. Er hoeft dan niet meer gepanikeerd te worden als er eens een paar sneeuwvlokjes vallen. Een stap in de goede richting is ook de vermindering van het aantal profclubs van 34 naar 24. Deze formule is beslist ook positief voor de topclubs. Zij worden verlost van vier duels tegen de grootste kneusjes van de bende. Het plan-De Witte verhelpt echter de andere knelpunten van zijn eerste bedenksel niet. Integendeel. Als de punten na de reguliere competitie gehalveerd blijven (om de spankracht te verhogen), weegt play-off 1 straks nog zwaarder door en wordt de competitie voor de clubs van play-off 2 nog minder aantrekkelijk. Zij verliezen immers twee thuisduels die ergens om gaan. De vermaledijde play-off 3 wordt afgevoerd, maar met de twee bodemclubs gaat het van kwaad naar erger. Zij komen na 26 speelrondes terecht in de nacompetitie met de tweedeklassers, die 36 wedstrijden spelen. Dat betekent dat ze tien weken met hun duimen moeten draaien vooraleer ze de strijd op leven en dood aan kunnen gaan. De vier beste tweedeklassers zouden dan nog eens tien matchen moeten afwerken: een totaal van 46. Na het laatste duel beginnen ze dus het best meteen aan de voorbereiding van de volgende campagne. Kwalijk aan de opzet is dat er alweer niets gedaan wordt aan de ellende van tweede klasse. Het zal de topclubs een zorg zijn, maar voor alle andere ploegen komt vroeg of laat het ravijn in zicht. Zelfs Zulte Waregem, de jongste jaren een van onze betere teams, keek de voorbije maanden het vuur van de hel in de ogen. Het enige positieve voor tweede klasse is dat de teams die geen toekomst hebben in het betaald voetbal naar het amateurvoetbal worden verwezen. De echte tweedeklassers krijgen echter geen cadeaus. Voor vier keer Eupen - Cercle Brugge of Mouscron-Péruwelz - Lierse per seizoen gaat het echt niet storm lopen. Er zit heel wat meer muziek in de omgekeerde formule: namelijk een topklasse met tien en een tweede divisie met veertien ploegen. Vooral als we daarbovenop de afspraak maken dat beide afdelingen evenveel tv-geld mogen verdelen. Maar laten we ons geen begoochelingen maken. Alles blijft gegarandeerd bij het oude. Sinds er beslist werd dat er een meerderheid van tachtig procent nodig is om de regels te veranderen, is het status quo in de Pro League gebetonneerd. Ons profvoetbal wordt gedicteerd door de dictatuur van de minderheid. Drie clubs hebben altijd alle sleutels in handen. In plaats van te morrelen aan de competitieformule zouden beter de echte problemen worden aangepakt. Om te beginnen moet er afscheid worden genomen van die dwaze 80 procentregel. Vervolgens moet werk worden gemaakt van een grotere autonomie tussen het prof- en het amateurvoetbal. Niet onbelangrijk lijkt ook de aanwerving van een nieuwe voorzitter van de Pro League. Sinds oktober is de plaats vacant, maar niemand ziet een verschil. De voorbije twee jaar passeerden drie voorzitters de revue, maar niemand kent hun naam nog en nog minder hun verwezenlijkingen. Terwijl de voorzitter van de Pro League de belangrijkste man in ons voetbal zou moeten zijn. Zoals in Nederland. Daar draait alles rond Bert van Oostveen (en vroeger rond zijn voorganger Henk Kesler). Laat de voorzitter van de Pro League naar Amerikaans model een beleid uitwerken dat geïnspireerd wordt door het algemeen belang en niet door de kleinste gemene deler. Kies daarbij vooral voor een echte voetbalman. Geen figuur met een tv-achtergrond zoals zijn voorgangers. Als het voetbal floreert, volgt het tv-geld automatisch. DOOR FRANÇOIS COLINHet nieuwe plan-De Witte ziet er nog lelijker uit dan het vorige gedrocht.