Vrijdagochtend, even buiten het centrum van Hamont, Noord-Limburg. In de Stationsstraat 20 is het de hele voormiddag een komen en gaan. Iemand verdwijnt met Het Belang van Limburg onder de arm, een ander met Het Laatste Nieuws. Van De Standaard en Het Nieuwsblad geen spoor - de VUM-groep staakt die dag. Ook De Telegraaf en Het Eindhovens dagblad - Hamont ligt op een steenworp van de Nederlandse grens - maken deel uit van het aanbod.
...

Vrijdagochtend, even buiten het centrum van Hamont, Noord-Limburg. In de Stationsstraat 20 is het de hele voormiddag een komen en gaan. Iemand verdwijnt met Het Belang van Limburg onder de arm, een ander met Het Laatste Nieuws. Van De Standaard en Het Nieuwsblad geen spoor - de VUM-groep staakt die dag. Ook De Telegraaf en Het Eindhovens dagblad - Hamont ligt op een steenworp van de Nederlandse grens - maken deel uit van het aanbod. De man achter de toonbank wuift elke klant uit met het typische "houdoe". "Vanwaar dat precies komt weet ik niet," zegt Marc Emmers, "maar het is onze manier om te zeggen : tot ziens. Ik run de zaak hier sinds 2 april, maar heb ze daarvoor wel een stevige opknapbeurt gegeven. Ik droomde er altijd al van om na mijn voetbalcarrière een eigen zaak te beginnen, het liefst in de horeca. Omdat mijn kinderen nog te klein zijn, zag ik dat niet zitten en werd het deze krantenwinkel. Bijna iedereen in de familie is zelfstandige, het zit dus in ons bloed. Het is niet te onderschatten : van 's morgens zes tot 's avonds zes constant rechtstaan. Ik had het mij inderdaad makkelijker kunnen maken en rentenieren, maar daar voel ik me te jong voor." "Het is ook een zekerheid voor de kinderen", vertelt Emmers terwijl hij een sigaret opsteekt ("Iets wat ik vroeger niet mocht"). "Ik wil deze zaak een jaar of twintig openhouden, tot één van mijn kinderen ze wil overnemen, al ga ik ze daar niet toe verplichten." Het meeste werk krijgt hij van de Lottospelers die zijn deur platlopen. De valideringsmachine heeft geen geheimen meer voor de ex-voetballer. "Onlangs ben ik in Brussel een dag op cursus geweest, maar eigenlijk kende ik alles al." Het topvoetbal behoort inmiddels al een tijdje tot het verleden. Emmers sloot zijn loopbaan op nationaal niveau af bij derdeklasser FC Diest. "Daar ben ik helemaal gedegouteerd geraakt van het voetbal, en vooral van de mensen errond. Sommigen kwamen hun beloftes niet na. Toen hoefde het voor mij echt niet meer. Ik had er een contract voor zes maanden, van nieuwjaar 2000 tot het einde van het seizoen. Er was afgesproken dat we voor de verlenging van het contract zouden uitgaan van een bepaald bedrag. Maar toen puntje bij paaltje kwam, zagen ze mij - ondanks mijn goeie wedstrijden - liever vertrekken dan dat bedrag te betalen. Toen ben ik er maar helemaal mee gestopt."De carrière van Marc Emmers kende met transfers van Hamont naar Waterschei, KV Mechelen en Anderlecht een droomparcours, maar eindigde in mineur. Na Anderlecht volgden vier maanden Perugia in de Italiaanse serie B, en nadien nog twee jaar Lugano in de Zwitserse hoogste klasse. "Wat daar allemaal gebeurde, hou je niet voor mogelijk. Twee dagen voor de start van mijn tweede seizoen, stonden er in de kleedkamer enkele Italianen die de club hadden overgenomen. Zij brachten hun eigen spelers mee, waardoor de gevestigde waarden van de ene op de andere dag vanuit de tribune moesten toekijken. Die Italianen, op overschot bij enkele clubs uit de serie A, moésten spelen want de club kreeg er een vergoeding voor. Aangezien er maar vijf buitenlanders opgesteld mochten worden, was het ook met mij gedaan. De nieuwe trainer, een Italiaan op witte turnsloefkes, kwam even uitleggen hoe het moest. "Van dat moment af vond ik het voetbal plots niet interessant meer. Toen werd mij echt duidelijk dat het niet de kwaliteit op het veld is die telt, maar wel alles wat errond gebeurt. Bovendien moest ik wel elk weekend mee op afzondering, zonder dat ik nog kon spelen. Toen heb ik tegen mijn vrouw gezegd : "Kom, we zijn hier weg". Toch speelde ik nadien nog enkele maanden op lager niveau in België. Van alle clubs die toen interesse hadden, straalde Diest het meeste vertrouwen uit. Daar heb ik me dus deerlijk in vergist." De spelvreugde vond Emmers wel terug bij derdeprovincialer Hamont. Wekelijks nog behoort hij tot de uitblinkers, al speelt de fysiek hem nu en dan wel parten. Maar de ellende met de rechterknie is helemaal vergeten. "Nu en dan nog wat rugklachten, maar dat komt allicht door het lange rechtstaan in de winkel. Zulke kwaaltjes zijn even snel weer vergeten als ze gekomen zijn. Over mijn blessures ga ik nu niet verbitterd doen. Marco van Basten, bijvoorbeeld, is er veel erger aan toe. Die zal best wel een pak meer verdiend hebben, maar hij kan nooit meer voetballen. Uiteindelijk is dat het enige aan het voetbal dat me interesseert. Voetbal kijken op TV doe ik haast nooit, ook vroeger niet. Er worden ook zoveel onwaarheden gezegd en geschreven; dat kan ik echt wel missen. "Hoe vaak is er niet gezegd dat ik geen karakter had ? Dat ik een te zacht eitje was ? Ik weet verdorie wat ik er allemaal voor gedaan heb om terug te komen. En ik bén teruggekomen."door Stefan Van Loock