D imitri Mbuyu : "De eerste keer dat ik een shirt kreeg, gebeurde dat niet tijdens de traditionele truitjeswissel na een wedstrijd. Mijn eerste shirt werd me gewoonweg cadeau gedaan door een van de meest legendarische voetballers die ooit bij Lokeren heeft gevoetbald : de Pool Wlodek Lubanski. Hij speelde daar toen samen met de andere Pool Gregorz Lato, de Deen Preben Larsen en de IJslander Arnor Gudjohnsen, de vader van Eidur, die nu bij Barcelona zit. Ikzelf kwam toen pas kijken als jonge belofte. Dat waren...

D imitri Mbuyu : "De eerste keer dat ik een shirt kreeg, gebeurde dat niet tijdens de traditionele truitjeswissel na een wedstrijd. Mijn eerste shirt werd me gewoonweg cadeau gedaan door een van de meest legendarische voetballers die ooit bij Lokeren heeft gevoetbald : de Pool Wlodek Lubanski. Hij speelde daar toen samen met de andere Pool Gregorz Lato, de Deen Preben Larsen en de IJslander Arnor Gudjohnsen, de vader van Eidur, die nu bij Barcelona zit. Ikzelf kwam toen pas kijken als jonge belofte. Dat waren hoogdagen voor het voetbal in Lokeren en gedurende jaren heb ik vol bewondering naar Lubanski opgekeken. "In een latere fase van mijn carrière als voetballer belandde ik bij Club Brugge en toen heb ik simpelweg een shirt gevraagd aan een van mijn ploegmaats : Jan Ceulemans. Ik vind het normaal dat ik zijn truitje vroeg. Ceulemans is niet meer of niet minder dan de beste voetballer met wie ik heb samengespeeld tijdens de acht seizoenen, van 1983 tot 1991, dat ik meedraaide in de eerste klasse van het Belgische voetbal - na één campagne bij Antwerp zat mijn verblijf bij de elite erop. "De samenwerking met Jan Ceulemans was helaas van korte duur. Ik bleef namelijk maar één seizoen (1988/89) bij Club Brugge. Toch bewaar ik er een goede herinnering aan, want op een voorzet van de Caje maakte ik de enige Europese goal uit mijn carrière. Dat gebeurde thuis tegen AC Monaco en dankzij dat doelpunt wonnen we thuis met 1-0. De terugmatch verliep minder glorieus : we verloren met 6-1. De enige troost die ik aan die avond overhield : ik kreeg het shirt van Patrick Battiston, de verdediger die op het WK van 1982 met een draagberrie werd afgevoerd na een aanslag van de Duitse doelman Harald Schumacher. "Van alle shirts die ik op een voetbalveld heb gekregen, is dat van Ruud Gullit me het dierbaarst. Ik kreeg het ter gelegenheid van het toernooi van Rotterdam, waaraan ik in de zomer van 1987 deelnam met Standard. Op dat moment was Gullit al zeer beroemd in Nederland. Later zou hij de voetbalgeschiedenis ingaan als de Zwarte Tulp, samen met zijn landgenoten Marco van Basten en Frank Rijkaard heeft hij enkele gouden bladzijden geschreven in het nochtans rijkelijk gevulde boek van AC Milan. "Een ander shirt dat ik als een relikwie koester, is er een van strikt persoonlijke aard. Het is het truitje dat ik droeg bij mijn enige wedstrijd voor de Rode Duivels. Dat was op 4 februari 1987 in Braga voor een match tussen Portugal en België, die we met 1-0 verloren. Na een uur viel ik in, ter vervanging van Nico Claesen. Na het laatste fluitsignaal had ik mijn shirt kunnen ruilen voor een Portugees, want dat stelde Antonio Veloso, de verdediger van Benfica Lissabon, me voor. Maar ik wou per se mijn eigen shirt bewaren. Dat shirt heeft nu eenmaal historische waarde. Niet alleen voor mezelf, zeker omdat naderhand zou blijken dat het meteen ook mijn enige match als international zou zijn. Maar evengoed van historische waarde voor het Belgische voetbal. Op die 4de februari van 1987 was ik immers de eerste kleurling die met de nationale A-ploeg van België speelde." BRUNO GOVERS