Van de 100 à 110 miljoen euro omzet die de Tour jaarlijks draait, wordt zowat 10 miljoen opgehaald bij de gemeenten en regio's waar de Tour halt houdt. Voor de Grand Départ zaterdag aan de Mont-Saint-Michel en de twee dagen erna in La Manche rijft ASO 2 miljoen euro binnen. Buitenlandse steden, zoals Utrecht vorig jaar, betalen het dubbele. Brussel stelde zich al kandidaat voor de Grand Départ van 2019, vijftig jaar na de eerste Tourzege van Eddy Merckx; Antwerpen mikt op 2020, honderd jaar na de Olympische Spelen. Voor de start ...

Van de 100 à 110 miljoen euro omzet die de Tour jaarlijks draait, wordt zowat 10 miljoen opgehaald bij de gemeenten en regio's waar de Tour halt houdt. Voor de Grand Départ zaterdag aan de Mont-Saint-Michel en de twee dagen erna in La Manche rijft ASO 2 miljoen euro binnen. Buitenlandse steden, zoals Utrecht vorig jaar, betalen het dubbele. Brussel stelde zich al kandidaat voor de Grand Départ van 2019, vijftig jaar na de eerste Tourzege van Eddy Merckx; Antwerpen mikt op 2020, honderd jaar na de Olympische Spelen. Voor de start van een 'gewone' rit bedraagt de vraagprijs in Frankrijk 65.000 euro, voor een finish 110.000 euro. De bedragen voor buitenlandse steden liggen stukken hoger en zijn de laatste jaren spectaculair de hoogte in gegaan: tot 360.000 euro voor een start en 500.000 euro voor een aankomst. Er is sprake van dat Verviers volgend jaar, wanneer de Tour vanuit Düsseldorf vertrekt, op het parcours ligt, en ook Brugge is kandidaat-etappestad. Een andere belangrijke inkomstenbron voor de Tourorganisatie zijn de sponsors, samen goed voor ongeveer 40 miljoen euro. Le Crédit Lyonnais, partner van de gele trui sinds 1987, telt jaarlijks ruim 7 miljoen euro neer. Skoda, dat vorig jaar PMU afloste als partner van de groene trui, en Carrefour, sinds 2009 sponsor van de bolletjestrui, betalen ongeveer 3,5 miljoen euro. Dan zijn er nog de reeks nevensponsors én de kleurrijke reclamekaravaan, waar een veertigtal merken elk 120.000 tot 1,5 miljoen euro inbrengen, opgeteld zowat 15 miljoen euro. Maar de grootste verdieping van de drietrapsraket die de Tour vormt, is gebouwd op de verkoop van de uitzendrechten. Die zouden - afhankelijk van de bron - jaarlijks 50 tot 60 miljoen euro opleveren. Honderd tv-stations kopen de rechten aan, waarvan er zestig de rechtstreekse beelden mogen uitzenden. France Télévisions betaalt het leeuwendeel: circa 25 miljoen euro. Het Duitse ARD, dat vanwege de dopingperikelen de Tour de rug had toegekeerd en pas vorig jaar terugkeerde, betaalt een 'gunsttarief' van 2,5 miljoen euro per jaar. Hoeveel de VRT en de RTBf betalen, is een staatsgeheim. Binnen het wielerstelsel vliegt de Tourraket financieel gesproken hoog boven iedereen uit, maar binnen de sportwereld cirkelt ze toch nog steeds in een veel lagere baan dan pakweg de Premier League in het voetbal. Vergeleken met de Engelse competitie, zijn de tv-rechten van de Tour peanuts: met de nieuwe televisiedeal die straks ingaat, krijgen de twintig deelnemende clubs drie jaar lang bijna 4 miljard euro door de verkoop in binnen- en buitenland van de uitzendrechten van hun 380 onderlinge duels. Gemiddeld levert iedere wedstrijd dus ruim 10 miljoen euro op.