Meer dan eens neemt Sef Vergoossen tijdens het interview aan het bord plaats om zijn betoog van pijltjes en kruisjes te voorzien. Dan blijkt hoe thematisch hij te werk gaat en waarom alle spelers hem om zijn duidelijkheid prijzen. Dan ook blijkt dat het collectief telt, zonder de specificiteit van elke speler te laten ondersneeuwen.
...

Meer dan eens neemt Sef Vergoossen tijdens het interview aan het bord plaats om zijn betoog van pijltjes en kruisjes te voorzien. Dan blijkt hoe thematisch hij te werk gaat en waarom alle spelers hem om zijn duidelijkheid prijzen. Dan ook blijkt dat het collectief telt, zonder de specificiteit van elke speler te laten ondersneeuwen. Hoe kijkt u terug op de voorbereiding op de competitie ?Sef Vergoossen : Van het eerste moment hebben we dingen aangegeven, zijn we doelbewust gaan trainen en is er een stijgende lijn geweest. Ik heb het programma van de hele voorbereiding ook echt op grote papieren in de kleedkamer ophangen : waar liggen de wedstrijden, wat is het gewicht ervan en waar liggen de trainingen. Ik heb ook heel bewust gekozen voor richting weekend een paar zware wedstrijden en daarvoor telkens een blok van vier, vijf dagen training. Dan kan je van daaruit weer op een aantal zaken werken. Ik heb in de loop der jaren zelf ervaren dat je door een wedstrijd te spelen, twee dagen te trainen, weer een wedstrijd, dag trainen, aan niks toekomt omdat je voortdurend bezig bent met van de vorige wedstrijd te herstellen. Nu is het elke keer richting weekend. Alleen de laatste elf dagen hadden we vijf wedstrijden gepland in de hoop dat de groep fit zou blijven, en dat is aardig gelukt. En alle mensen hebben volwaardige kansen gekregen - ook jongeren als Tibari en Vanbeuren - om zich in het toernooi van Den Helder op het hoogste niveau te bewijzen. Dus het was pas best een pittige voorbereiding. Maar de arbeid was aardig verdeeld over de groep. Kwestie van plannen én van rust, want die momenten bouw je ook in. Dat heb ik de spelers ook meegegeven : dat ze van die rustmomenten - meestal in het weekend, zodat ze ook nog iets met het gezin kunnen doen - gebruik moeten maken, anders schiet het niet op. Als je dan vijftig kilometer hard gaat fietsen, houdt het verhaal natuurlijk ergens op. Wat vooral uit uw aanpak blijkt, is dat spelers weten waarmee ze bezig zijn én zelfdiscipline aan de dag leggen.Wat ik absoluut niet wil, is me met allerlei randverschijnselen bezighouden, want dat vraagt zoveel energie dat het ten koste gaat van het voetballen. Brengen ze zelf die discipline op, dan ontstaat er geen irritatie. Ze moeten zichzelf corrigeren en daar hoort dan een boete bij. Maar tot nu toe hebben we nog geen vijfhonderd frank kunnen verdienen. Dat is wat me is opgevallen : dat de groep zelf veel discipline heeft. Blauw is blauw, wit is wit en kousen zijn kousen. Dat loopt gewoon.Die mentaliteit was een van de problemen vorig seizoen.Je moet daar als trainer zelf ook wat in doen, vind ik. Als je op trainingskamp gaat, kan ik er, als ik slecht plan, binnen het uur al een paar een boete geven. Ik plan ruim. Doe ik dat niet, dan gaan er dingen fout omdat de man met het materiaal nog niet klaar is, of de kinesisten nog bezig zijn met tapen... Dat programma krap in elkaar te duwen om ze erin te luizen, daar hou ik niet van.Vorig seizoen werd bekend dat u de nieuwe trainer werd, u kon sindsdien de club al van nabij volgen. Hebben er u nu nog dingen verrast ?Je kent de club een beetje, je hebt de spelers een aantal keer zien spelen, maar dat zijn toch momentopnamen vanuit een bepaalde situatie. Maar verrast was ik toch door de professionele structuur binnen de club en dan kijk ik puur naar de technische kant. Als ik zie hoe alles voor elkaar is, dat vind ik gewoon uniek. Ik denk dat je dat op heel weinig plaatsen tegenkomt. Een aanvoerder, daar hecht ik, in de goede zin van het woord, ook niet zoveel belang aan. Het is niet van : hij is aanvoerder, hij moet maar wat zaken opknappen. Een aanvoerder is het eerste aanspreekpunt voor mij, maar voor de rest draagt iedereen een stuk verantwoordelijkheid binnen en buiten het veld. Vandaar dat niet alleen wisselspelers het materiaal en de tassen moeten dragen. We gaan met z'n allen ! Wie het voor z'n voeten heeft staan, pakt het vast. En dat doet iedereen ook gewoon. Dat verraste mij wel wat, omdat er wat signalen bij mij terecht waren gekomen... Maar ik zeg : laat dat vorige seizoen maar zitten. Ik wil zoveel mogelijk blanco beginnen. Als de randvoorwaarden zó in orde zijn, kan ik ook beter eisen over dat voetballen gaan stellen.Vindt u dat niet evident, dat die randvoorwaarden in orde zijn ?Ik zit tweeëntwintig jaar in het voetballen en ik heb hele fijne clubs gehad met VVV, MVV en Roda, maar daar was dit niet zo. Ik heb er vaak naar gestreefd, maar het kwam er vaak op neer dat we als trainersstaf zelf dat soort dingen in de hand moesten houden. Hier pompt de materiaalman zelf de ballen op en er is er geen één te zacht. Bij Roda moesten wij er heel sterk op toezien dat het materiaal in orde was.Iedereen, ook in Nederland, klinkt heel positief over u en u klinkt heel positief over Genk. Er lijkt dit seizoen niet veel verkeerd te kunnen lopen.Wat je zelf in de hand hebt, moet goed zijn. Maar, en dat is de charme van het voetbal, als die wedstrijd begint, heb je het niet meer in de hand. Daarom blijf ik ook relatief rustig op de bank. Buiten die negentig minuten heb je alles in de hand en kan je het in heel veel gevallen vergelijken met een bedrijf. Alleen op het veld niet. Meer dan mensen zo goed mogelijk voorbereiden op de wedstrijd kan je niet doen en zorgen dat er geen fouten worden gemaakt die voorkomen hadden kunnen worden. Je speelwijze moet zo goed mogelijk zijn.Wat wil u daarin nog anders zien ?Wat nog verbeteren moet, vind ik, is vooral de organisatie en vooral ook de snelheid waarmee je de dingen uitvoert, de snelheid van omschakelen bij balverlies en balbezit. En, maar dat is heel erg moeilijk, de tempowisselingen. In staat zijn de bal in de ploeg te houden en van daaruit een versnelling brengen. Wat nog een beetje in de ploeg zit, is een stukje angst ook. Als je afspreekt dat je druk naar voren gaat zetten en van de goal af wil verdedigen en vervolgens loopt de voorste linie naar voren en de achterste naar achteren, dan krijg je een enorm groot gat. Tegen Roda zag je dat zij bijvoorbeeld met de lange bal gingen werken, omdat zij voorin meer kopkracht hadden dan wij achteraan. Als die ballen dan in die open ruimte vallen terwijl wij terug aan het lopen zijn en zij vooruit, dan rapen zij die dus allemaal op. Waardoor je permanent onder druk blijft staan omdat Josip ( Skoko, nvdr) en Bernd ( Thijs, nvdr) er ergens tussen hangen. Dus die achterlijn moet naar voren lopen, maar de angst zit er dus nog een beetje in. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen. Waarbij Wilfried Delbroek uitvoetballen niet als sterkste punt heeft en Didier Zokora vaak impulsief handelt.Nou, ik vind dat Wil best een behoorlijke inspeelpass heeft. Hij moet er alleen vertrouwen in krijgen dát hij die heeft. Op training zie ik dat gewoon terug. Dat is best goed hoor, hij moet alleen durven. Hij was de eerste die mij in de wedstrijden begon te overtuigen. Het geluk dat hij zo goed draaide, is dat Ervin Fakaj in de voorbereiding steeds weer opnieuw moest beginnen door blessures. En ik wil niemand de nek omdraaien, dus ik geef hem de kans om van nul weer op te bouwen. En Didier heeft een bepaalde kwaliteit waarvan wij gebruik moeten maken : hij moet inschuiven, maar wat daarná gebeurt, moet goed zijn. Dat betekent dat Josip en Bernd terugzakken en goed passen, dan maak je gebruik van zijn kwaliteiten. Praat je over balans in het elftal, dan heb je op elke positie taken die moeten worden ingevuld. Speel je, zoals wij, in een viermansmiddenveld, dan gaan de buitenspelers en de backs naar voren. Dus heb je daar mensen nodig die fysiek en mentaal het vermogen moeten hebben om niet allen de bal in de voeten te vragen, maar ook diepte te maken. Ik heb hen aangegeven dat ze elkaar sterk moeten maken.In hoeverre kan u het niveau van de nieuwkomers inschatten ?Wamfor is een heel gedreven manneke. Heel goed in het onderschéppen van ballen - hij pakt ook ballen af, dat is ook een kwaliteit -, er tussin komen, zien dat mensen een pass gaan geven. Mirsad ( Beslija, nvdr) laat gewoon zien dat hij heel goed kan voetballen. Wat hij als extra kwaliteiten heeft is het zicht in de grote ruimte. Hij gaat aan de zijkant door, staat onder druk van de verdediger, maar maakt dan toch de beste keuze als hij de achterlijn heeft gehaald en legt de bal daar neer. Dat zicht heeft hij als extra waarde. Ervin moet vooral ritme opdoen en is sterk in de lucht. Rogerio moet gaan voor die positie op het middenveld. Hij is het type speler dat graag naar de bal toe voetbalt. Alleen : in onze speelwijze op die plaats doe je die beweging één keer en moet je drie keer de anderen ondersteunen. Daar moet hij dus in omschakelen. Hij is daar vreselijk mee bezig. Grenzen van spelers kan je niet inschatten, maar Moumou ( Dagano, nvdr) is fysiek sterk en staat open voor dingen. Hij had het natuurlijk wel even moeilijk met omschakelen toen hij hier kwam, want het was : actie en klaar. Dat gaat dus niet. Maar hij is pas 19, dus hij moet de tijd krijgen om het op te pakken. En de vraag blijft : hoelang houden jonge gasten dat niveau tijdens een seizoen vol ? Er zijn ook een groot aantal jeugdspelers in de A-kern opgenomen.Rachid Tibari is heel gedreven, snel en dynamisch. Die moet juist rustiger worden, niet de eigen ruimte dichtlopen, maar het spel breed houden om kruispasses toe te laten, bijvoorbeeld. Maar als ik zie wat hij, net als een Cédric Vander Elst of een Jeroen Coppens, oppakken... Tja, die kunnen gewoon verschrikkelijk goed voetballen. Dat heb ik hen ook als opdracht meegegeven : forceer nou niet, maar probeer het eerste half jaar dichterbij het gemiddelde van de groep te komen. Ik heb ook op het bord staan : voetballen is je beroep, maar maak er wel iets moois van. Vanmorgen zijn we bijvoorbeeld om halftien met trainen begonnen en kwamen we om tien voor twaalf binnen. Vanmiddag zijn we om halfdrie begonnen en om kwart voor vier lukte er geen sodemieter meer. Dan raken ze een beetje in paniek. Dat hoeft dus niet, zeg ik. Je betaalt nu de tol, maar je bent aan het investeren. Als ze maar de intentie hebben om te presteren, dan mag er in de uitvoering best eens iets mis gaan. Dat pakken ze allemaal fantastisch op. In alles wat je doet, moet wel een doel zitten en dat geef ik hen ook aan. Dus er zit wel wat variatie in.Zal dat gevarieerde ook op het veld te zien zijn ?Dat hoop ik. Kijk, we hebben in de voorbereiding heel wat afgepraat omdat ik het belangrijk vind dat spelers weten wat ik van hen verlang. Dan kan ik hen ook corrigeren en zeggen wat ze goed hebben gedaan. Als dat zít, ja, dan worden mijn besprekingen vanzelf korter. Het heeft geen zin om elke week te vertellen dat je twee keer naar de bal toe moet, drie keer ondersteunen en één keer diep. Dus over onze eigen speelwijze hoef ik dadelijk niet zoveel meer te vertellen en op de tegenstander kom ik maar even terug. Kijk, ik had best kunnen weten hoe Valencia speelde - ik had de avond voor die oefenmatch een vergadering van de Coaches Betaald Voetbal en Thijs Libregts had die ploeg zien spelen. Maar we moeten godverdikke een organisatie hebben die kan inspelen op een tegenstander die met één spits speelt, of met twee, of drie. Dus : heren, Valencia komt eraan, los het op vanuit de gedachte die wij hebben. Ik zal wel iets meegeven, maar het is toch veeleer vertrekken uit onszelf. Dus Genk is zo sterk dat het niet naar de tegenstander hoeft te kijken.Kijk, welk systeem je ook toepast : met alles kan je winnen en verliezen, als je het niet goed doet. Ik ben ervan overtuigd dat je met een vaste speelwijze ook kan verliezen, maar dat je er over vierendertig speeldagen voordeel uit haalt, omdat je terugvalt op voor de spelers herkenbare patronen en taken. Ik reik spelers handvatten aan. Verander je dat, dan krijgen een heleboel spelers ineens andere taken en dan moet ik weer herbeginnen. Twee spitsen die naast of achter elkaar spelen, bijvoorbeeld, nou, die hebben bij balverlies al een heel andere taak. Dus verrassingen in de zin van ineens drie spitsen of die eruit en die in de plaats : daar voel ik weinig voor. Het is altijd terugkomen op dat vaste stramien. Het verrassende van de tactiek moet zijn : de duidelijkheid die er is. Zo zijn we het sterkst. Of dat altijd sterk genoeg is om te winnen, dat is een ander verhaal.De resultaten gaven hen ongelijk, maar bij Roda keerden een deel van de supporters zich naar verluidt tegen u omdat de ploeg hen een beetje te voorspelbaar en risicoloos was geworden.Dat is niet zo. Het verhaal is het volgende. Die harde kern die zich tegen mij keerde, dat waren twintig mensen. De rest vond het best jammer dat ik wegging. Maar we hadden bij Roda een veel te ruime middenveldbezetting. Ik had zes spelers voor twee posities. Een van hen was Doomernik, een beetje een boegbeeld geworden van de club, 29 en nog een contract van twee jaar. Ik had zoiets van : dat zal moeilijk worden. Toen heb ik hem gezegd : ik hoop dat je blijft, je krijgt volop je kansen, maar de beste speelt, en wat ik niet wil, is dat ik gedonder krijg als ik een andere keuze maak. Dus heb ik hem bijna letterlijk gezegd : ik hoop dat je blijft, maar als er zich een mogelijkheid voordoet, willen we daaran meewerken. Ik wist dat NAC belangstelling had getoond. Hij kon een contract van drie jaar krijgen en een salaris van bijna honderd procent hoger. Hij heeft dat gevoeld als : de trainer wil van me af. Hij is toen binnen zijn kring - hij heeft matchen bezocht dat hij niet op de tribune ging zitten, maar tussen de supporters ging staan - en in het clubblaadje wat stemming gemaakt. Wat die speelwijze betreft had ik het jaar daarvoor een elftal waarmee ik heel snel pressing kon spelen en opportunistisch kon voetballen met onder anderen Van de Luer, Valgaeren, Peeters, Van Hout en Nygaard. Maar ineens kreeg ik Anastasiou, Soetaers, Van Dessel, Vandenbroeck : dat zijn heel andere types. Van hen kon ik niet hetzelfde vragen of ze waren na twee maanden helemaal op. Ik eis van spelers alleen wat ze kunnen. Dus dan komt er een verzorgder voetbal met minder opportunisme en minder sensatie. En dat had tijd nodig. Ik heb dan ook tegen die groep gezegd : voorlopig gaan we slecht voetballen, trek het je niet aan, speel vanuit je taak, het komt vanzelf. Dat zeg ik hier ook in Genk. Scoren is een gevolg van. Wesley ( Sonck, nvdr) moet niet in paniek raken als hij twintig muinuten niet in de buurt van de goal kan komen. Ga op zoek naar het voetbal waarover we hebben gesproken en waarop we hebben getraind. Dus ga nou niet het veld in met de idee dat we moeten scoren. Wel met de idee : wat is de taak ? door Raoul De Groote