Op zich is het best gek dat je wel weken zit te twijfelen over welk racket je gaat kopen, terwijl je geen seconde nadenkt over het type bespanning dat je daar best bij neemt. Tenslotte raak je de bal toch nog steeds met je snaren en niet met je frame. Of vergissen we ons?
...

Op zich is het best gek dat je wel weken zit te twijfelen over welk racket je gaat kopen, terwijl je geen seconde nadenkt over het type bespanning dat je daar best bij neemt. Tenslotte raak je de bal toch nog steeds met je snaren en niet met je frame. Of vergissen we ons? Wat lang niet elke tennisser weet, is dat een slecht bespannen racket algauw zijn spanning verliest en daardoor liefst de helft van zijn kwaliteiten kan verliezen. Slechte bespanning of slecht geplaatste bespanning werkt ook blessures - denk bijvoorbeeld aan de alom gevreesde tenniselleboog - in de hand. Hieronder vind je een overzicht van de basiszaken die je moet weten vooraleer je de juiste bespanning voor je racket kunt kiezen. De drie basiskenmerken zijn elasticiteit, weerbaarheid en houdbaarheid van de spanning. Onder elasticiteit verstaan we de mate waarin de bespanning vervormt op het moment van impact bij de slag en de mate waarin de bespanning meteen weer op haar plaats terechtkomt. Dankzij de elasticiteit wordt een groot deel van de energie opgeslorpt en meteen ook weer vrijgegeven, eigenlijk hetzelfde mechanisme als een trampoline. Afhankelijk van de elasticiteit zul je meer of minder comfort en meer of minder kracht ervaren. De weerbaarheid hangt uiteraard af van het gebruikte materiaal, maar ook van de manier waarop de bespanning is vervaardigd. Wanneer we het over de weerbaarheid van een bespanning hebben, doelen we op de levensduur ervan. Niet iedereen weet dat een bespanning aan spanning inboet zodra ze is geplaatst, zelfs wanneer je er nog niet mee hebt gespeeld. Met de houdbaarheid van de bespanning bedoelen we dus de tijd dat een bespanning over de volledige kwaliteiten blijft beschikken. Wanneer je 24 kilo op je racket zet, is het uiteraard de bedoeling dat dat zo lang mogelijk 24 kilo blijft. We kunnen de verschillende types bespanning opdelen in een viertal categorieën: er is de natuurlijke bespanning, de synthetische meerdradige bespanning, de synthetische omklede bespanning en de synthetische enkeldradige bespanning. Het zal u niet verrassen dat de natuurlijke bespanning het neusje van de zalm is. Babolat geldt als de uitvinder van de natuurlijke bespanning en daar bestaat die bespanning uit runderbuikvlies en schaapingewanden. De volledige samenstelling wordt uiteraard angstvallig geheim gehouden. De natuurlijke bespanning zorgt voor de perfecte combinatie van kracht, comfort en houdbaarheid. Enig (groot) minpunt is de enorm hoge kostprijs. De meerdradige synthetische bespanning is vervaardigd uit een verzameling van honderden synthetische microvezels en die combinatie benadert het gevoel van een natuurlijke bespanning het meest. Groot voordeel is dat dit type merkelijk goedkoper is. De synthetisch omklede bespanning bestaat uit een centraal punt met enkeldradige bespanning met daarrond vezeldraad geweven. De bespanning wordt daarna in elkaar geweven en met siliconen bewerkt. Het centrale gedeelte geeft het geheel wat extra stijfheid mee en de andere vezeldraden zorgen voor de kracht. Belangrijkste kwaliteiten van dit type zijn het comfort en de levensduur. Zoals de naam al doet vermoeden, is de synthetische enkeldradige bespanning opgebouwd uit een enkele draad die soms in elkaar geweven is. Het gaat hier om een iets stijver type draad dat vooral uitblinkt qua levensduur en de mate waarin hij effect weergeeft. De absolute wereldtoppers gebruiken soms ook hybride bespanning. Daaronder verstaan we verticale snaren, die verschillen van de horizontale snaren. Gebruik je zulke hybride bespanning dan is het aan jou om in overleg met de stringer af te spreken welke combinatie het best bij jouw speltype past. De synthetische bespanning bestaat doorgaans uit een combinatie van onder meer nylon, polyester en kevlar. Zodra je weet bij welk type bespanning je je het best voelt, blijven er nog maar twee keuzes over: de hoeveelheid spanning en de dikte van de snaren. Hoe dikker de snaar, hoe langer ze meegaat. De dikte kan variëren van 15 (1,43 mm dik) tot 18 (1,10 mm dik). Het aantal kilo dat je op je bespanning zet, bepaalt samen met het type welk gevoel je racket jou geeft. Elk racket heeft een soort standaardbespanning die middelmatige en beginnende spelers maar beter kunnen respecteren. Algemeen gesproken kunnen we stellen dat wanneer je kiest voor een hogere bespanning dan gemiddeld (24 à 25 kilo) dat meer controle oplevert. Je boet dan wel in aan kracht en comfort. Ga je voor een lagere bespanning, dan verlies je de controle wat sneller, maar win je wel aan kracht en comfort. Amateurtennissers wachten vaak tot er een snaar springt vooraleer ze hun bespanning vervangen, maar dat is eigenlijk geen goed idee. Je bespanning verliest na verloop van tijd ook een aantal kwaliteiten. Elke tennisser die minimaal twee keer per week speelt, kan zijn racket maar het best twee keer per jaar opnieuw laten bespannen. DOOR PATRICK HAUMONT