Het is mooi geweest. Hoe de Rode Duivels in dit WK België hebben laten dromen. Van een finale, van een wereldtitel. Het is mooi hoe deze gouden generatie bij vlagen met frivool en aanvallend voetbal uitpakte en tegen Brazilië voor een prestatie zorgde die voor eeuwig zal gegrift blijven in de annalen van de Belgische voetbalgeschiedenis. En fantastisch is het wat deze ploeg bij de bevolking losmaakte. Een kaakslag voor de onmacht van de politiek moet het wel zijn, hoe de Rode Duivels het land hebben verenigd. Naarmate het toernooi vorderde werden meer en meer vlaggen en andere attributen bovengehaald. Alle gemeenschappen verzamelden zich rond dezelfde totem en feestten onder een palet van zwart, geel en rood. Het was wachten op de explosie, op de totale b...

Het is mooi geweest. Hoe de Rode Duivels in dit WK België hebben laten dromen. Van een finale, van een wereldtitel. Het is mooi hoe deze gouden generatie bij vlagen met frivool en aanvallend voetbal uitpakte en tegen Brazilië voor een prestatie zorgde die voor eeuwig zal gegrift blijven in de annalen van de Belgische voetbalgeschiedenis. En fantastisch is het wat deze ploeg bij de bevolking losmaakte. Een kaakslag voor de onmacht van de politiek moet het wel zijn, hoe de Rode Duivels het land hebben verenigd. Naarmate het toernooi vorderde werden meer en meer vlaggen en andere attributen bovengehaald. Alle gemeenschappen verzamelden zich rond dezelfde totem en feestten onder een palet van zwart, geel en rood. Het was wachten op de explosie, op de totale bevrijding. En in afwachting daarvan kon niemand zich voorstellen dat het niet zo verschrikkelijk lang is geleden dat bondscoaches in hun selectie een evenwicht moesten vinden tussen Vlaamse en Waalse spelers en dat communautaire spanningen de sfeer vertroebelden. Niemand die zich dat nog kan inbeelden nu er een multiculturele ploeg staat waarmee iedereen zich verzoent. Van een werkploeg zonder franjes groeiden de Rode Duivels in de loop van de jaren uit tot een frivool team dat baas is over de bal. België kon in de halve finale tegen Frankrijk de prestatie van tegen Brazilië niet doortrekken. Nadat de verrassende veldbezetting tegen Brazilië haast werd bestempeld als de vondst van de eeuw vertoonde het spel nu haperingen. De inbreng van Mousa Dembélé was niet echt een goede zet, ook andere spelers bleven onder hun niveau. En plots werden er wat kanttekeningen gezet bij de nu niet bijster geslaagde aanpak van Roberto Martínez. Zo gaat dat in een wereld waarin de meest recente wedstrijd de toon bepaalt. De ontgoocheling was gigantisch nadat deze droom aan diggelen werd geslagen. Het was een en al tristesse in Sint-Petersburg. Te groot bleek de overtuiging dat de finale gehaald zou worden. Maar de campagne is goed geweest. Tot in die halve finale waarin er te weinig werd gevoetbald en de Franse verdedigingslinie amper kon worden ontmanteld. Ook al omdat er op een gegeven moment te gemakkelijk werd meegegaan in het schaakvoetbal van de Fransen. En er amper centers kwamen. Als de ontgoocheling is weggespoeld, moet België niettemin met trots terugblikken op dit toernooi. Nooit was de sfeer zo goed. De eendracht waarvan de spelers op en naast het veld blijk geven is haast ontroerend om zien. Natuurlijk heeft dat ook te maken met een grotere maturiteit die in de groep schuilt, met het besef dat het nu eindelijk maar eens moest gebeuren en er diende afgerekend te worden met een bepaald cynisme over het potentieel van deze gouden generatie. Maar ook met de grotere mondigheid van deze spelersgroep. Bij Eden Hazard bijvoorbeeld die tot dan liever met de voeten sprak dan met de mond, maar tijdens het WK in de wedstrijd tegen Panama tijdens de rust aan Romelu Lukaku vroeg waarom die zich constant wegstak. De spits draaide meteen een knop om, maakte twee goals en groeide in dit toernooi lang boven zichzelf uit. De Rode Duivels hebben België op de wereldkaart gezet. Ze werden voor de halve finale ook in het buitenland net niet verpletterd onder de lofbetuigingen. Gezocht werd daar naar het recept van de Belgische school. Terwijl dat eigenlijk simpel is: deze lichting getalenteerde voetballers zette op de juiste moment de stap naar het buitenland en kwamen daar in een meer professionele constellatie tot ontwikkeling. Vincent Kompany in 2006 als eerste, de anderen volgden. Lang, te lang duurde het voor alles aan mekaar klitte. De ontgoocheling om de gemiste kans zal nu nog lang nazinderen. Heel moeilijk wordt het voor deze ploeg om zich voor de kleine finale op te laden.