Als we Roger Vanden Stock mogen geloven, kan Anderlecht het zich niet veroorloven om zijn jongeren nu al voor de leeuwen te gooien. Want, lijkt de voorzitter te willen zeggen, jongeren en resultaten gaan niet samen. Supporters, pers, spelers en entourage, is hij overtuigd, zouden het niet pikken als de club jarenlang geen kampioen zou spelen of naast Europees voetbal grijpen.
...

Als we Roger Vanden Stock mogen geloven, kan Anderlecht het zich niet veroorloven om zijn jongeren nu al voor de leeuwen te gooien. Want, lijkt de voorzitter te willen zeggen, jongeren en resultaten gaan niet samen. Supporters, pers, spelers en entourage, is hij overtuigd, zouden het niet pikken als de club jarenlang geen kampioen zou spelen of naast Europees voetbal grijpen. Toch schuilt er heel wat talent in de kern van paars-wit. Twaalf jongeren tussen zestien en eenentwintig jaar zouden, volgens het hoofd van de scouting Peter Ressel, in de toekomst wel eens het mooie weer kunnen maken in het Astridpark. En dan heeft hij het niet alleen over Sherjill McDonald, Martin Kolar, Lamine Traoré, Junior en Goran Lovre, die (samen met Olivier Deschacht, die pas 22 werd) al mochten proeven van eersteklasse- en Europees voetbal. Nóg zes andere jongeren staan te trappelen om zich aan het grote publiek te tonen. Hun namen zijn Vincent Kompany, DennisCalincov, Anatoli Guerk, Sergio Hellings, Maarten Martens en Mark De Man. Maar wat is nu de werkelijke waarde van deze spelers, en kunnen ze in de toekomst hun weg vinden naar het eerste elftal ? Zes kenners van buiten Anderlecht die hun pad kruisten in hun nog prille voetbalcarrière, beantwoorden de vraag. Het zijn : Daniel Boccar, hoofd opleidingen en trainer van de reserven bij Standard, Geert Broeckaert, verantwoordelijk voor de jeugd van Excelsior Moeskroen, Jean-François de Sart, trainer van de nationale beloften, Marc Van Geersom, jeugdcoördinator bij de KBVB, Sef Vergoossen, trainer van Genk, en Daniel De Temmerman, ex-jeugdtrainer bij Anderlecht. Vincent Kompany, Belg (10 april 1986), als zevenjarige bij Anderlecht beginnen voetballen, verdediger.Marc Van Geersom : "Een verdediger met enorm veel talent. Toch heeft de trainer van de -17-jarigen, Patrick Klinkenberg, hem nog niet in zijn selectie opgenomen. Discipline in een groep is niet het sterkste punt van Vincent, maar zijn kwaliteiten als voetballer staan buiten kijf. Kan de bal aan de voet houden en blinkt uit in de balrecuperatie. Bovendien is hij erg rijp voor zijn leeftijd. Daardoor had hij weinig aanpassingsproblemen bij de reserven en viel hij dus ook niet uit de toon." Daniel De Temmerman : "Als ik op zijn spel afga, voorspel ik hem een carrière als zijn grote voorbeeld Marcel Desailly. En hij lijkt er nog heel sterk op ook. Zijn grote probleem is dat hij soms teveel wil doen. Altijd de mooie oplossing zoeken. Soms neemt hij onberekende risico's in het centrum van de verdediging. Maar hij is en blijft een grote in wording. Er staat hem bij Anderlecht een mooiere carrière te wachten dan een andere zwarte verdediger, Stephen Keshi." Dennis Calincov, Moldaviër (15 september 1985), pas sinds vorige zomer bij Anderlecht, aanvaller of aanvallende middenvelder.Sef Vergoossen : "Calincov is de kleinere versie van Robby Rensenbrink. Een verfijnde baltoets en een sierlijke stijl. Bovendien heeft hij een krachtig schot. Niet evident voor iemand van zijn postuur. Net als Rensenbrink is hij niet al te stevig gebouwd. Hij heeft één zwak punt : hij is te individualistisch ingesteld. Soms zoekt hij persoonlijk succes, terwijl een ploegmaat misschien in een betere positie staat. Maar dat krijg je er natuurlijk makkelijk uit." Geert Broeckaert : "Op technisch vlak is hij een streling voor het oog. Maar toch vind ik het nog te vroeg om hem nu al voor de leeuwen te gooien. Zeker bij Anderlecht. Als hij te vroeg in de eerste klasse debuteert, zou hij wel eens dezelfde weg op kunnen gaan als Jonathan Blondel. Iemand die bij ons iedereen overvleugelde, maar nu wegkwijnt bij Tottenham." Sherjill McDonald, Nederlander (20 november 1984), kreeg zijn opleiding bij Ajax, aanvaller.Daniel Boccar : "Bij ons zou hij een onbetwistbare basisplaats hebben. Op om het even welke positie. Bij Anderlecht is er natuurlijk een grote concurrentie op rechts met Aruna Dindane en Ivica Mornar. Zijn kwaliteiten ? Die heeft hij getoond in de Uefacupwedstrijd tegen Stabaek. Hij zorgde in zijn eentje voor de kwalificatie voor de tweede ronde. Daarna heeft hij zich naar verluidt een beetje laten gaan. Dat gebeurt spijtig genoeg wel meer met spelers die in de jeugd er met kop en schouders bovenuit steken. Op een hoger niveau hebben ze het moeilijk met de concurrentie. Hetzelfde geldt voor Mohamed El Yamani bij Standard. Om de concurrentie aan te gaan met anderen, moet je mentaal heel sterk staan. Ik ken McDonald niet goed genoeg om hem op mentaal vlak in te schatten." Anatoli Guerk, Rus (20 november 1984), pas anderhalf jaar bij Anderlecht, aanvaller.Geert Broeckaert : "Guerk is zonder twijfel een groot talent. Hij heeft een mooie toekomst voor zich. Maar je mag geen mirakels verwachten van een achttienjarige. Vergeet niet dat de positie van diepe spits de moeilijkste is. Je moet mentaal sterk staan en voldoende rijpen om je aan het hoogste niveau aan te passen. Neem nu Stein Huysegems van Lierse : op zijn zeventiende liet hij al schitterende dingen zien, maar hij heeft wel drie jaar nodig gehad om zich helemaal te bewijzen. Men verwacht bij Anderlecht veel van deze jonge Rus. Maar ik denk niet dat hij in de nabije toekomst al het beste van zichzelf zal tonen." Sergio Hellings, Nederlander (11 oktober 1984), kreeg zijn opleiding bij Ajax, verdediger.Geert Broeckaert : "Een menselijke muur. Hij lost de tegenstander voor geen meter, maar bij balbezit moet hij zijn man meer los durven te laten. Een zwak punt dat je ook terugvindt bij de andere mandekkers van Anderlecht de laatste jaren : Olivier Doll, Aleksandar Ilic en nu ook bij Hannu Tihinen. Melvin Fleur, de andere Nederlander van Anderlecht, die ondertussen uitgeleend werd, had hetzelfde gebrek. Ik meen dat Anderlecht hem kon aantrekken omdat zijn vorige club, Ajax Amsterdam, hem geen contract aan wou bieden. Als je er rekening mee houdt dat het in Amsterdam krioelt van de talenten, kan ik begrijpen dat hij bij Ajax geen prioriteit was. Voor mij mist hij iets om een basisplaats af te dwingen bij een club als Anderlecht." Maarten Martens, Belg (2 juli 1984), als preminiem bij Bassevelde weggehaald, linkerflankspeler.Jean-François de Sart : "Een polyvalentere speler als hij vind je niet. Hij trekt op alle posities op de linkerflank zijn streng : flankverdediger, middenvelder en zelfs aanvaller. In de 3-4-3 die de jeugd van Anderlecht opgelegd wordt, speelt hij meestal op het middenveld. Hij heeft een schitterende techniek. Bovendien schrikt hij er niet voor terug om één en zelfs twee tegenstanders in de wind te zetten. En ook dan vergeet hij niet het overzicht te bewaren. Maarten blinkt uit in de passing. Hij heeft een mooie lange en korte pass in de voeten. Enorm veel inhoud, maar wel tenger gebouwd. Daardoor heeft hij het moeilijk om zijn niveau te bereiken als een wedstrijd op een fysieke uitputtingsslag uitdraait. Op de linkerflank heeft hij bij Anderlecht met Martin Kolar een grote concurrent. Die bevindt zich een beetje in hetzelfde schuitje, maar staat steviger op zijn benen. Maar Martens toonde de afgelopen maanden zijn kunnen. Als hij deze lijn door kan trekken, krijgt hij zeker zijn kans bij de Brusselaars."Mark De Man, Belg (24 april 1983), als tweedejaarsknaap bij Oud-Heverlee weggehaald, verdediger of middenvelder.Daniel De Temmerman : "Ik kan me het moment nog goed herinneren toen hij bij de jeugd van Anderlecht aankwam. Na zes maanden wilde hij terug naar zijn oude club, Oud-Heverlee. Hij voelde zich niet op zijn gemak in Brussel. Mark heeft in het eerste seizoen hard op zijn tanden moeten bijten. En plotseling kwam de declic er, op het einde van de herfst. Sindsdien is hij niet meer uit de ploeg weg te slaan. Hij is enorm gegroeid op alle gebieden, ook in zijn positiespel. Verdediger of aanvaller, het maakt hem allemaal niets uit." Marc Van Geersom : "Hij speelt zonder te morren op om het even welke positie : centraal in de verdediging, centraal op het middenveld, als rechterflankverdediger. In die positie wordt hij de laatste maanden ook het meest uitgespeeld bij Anderlecht. Waarschijnlijk als wissel op de toekomst voor Bertrand Crasson. Mark is enorm gedisciplineerd en heeft een voorbeeldige mentaliteit. Door zijn leiderskwaliteiten werd hij bij de nationale -17-jarigen vrijwel onmiddellijk aanvoerder." Lamine Traoré, Burkinees (10 juni 1982), in 1999 ontdekt bij Planète Champion, verdediger.Sef Vergoossen : "Hij maakt deel uit van de nieuwe generatie Afrikanen die hun streng kunnen trekken in de verdediging. Hun voorgangers vormden eerder de aanvalslinies of het middenveld. Zoals Didier Zokora of Seyfo Soley bij ons, loopt dat leerproces niet zonder slag of stoot. In het kampioenschap en in de Champions League hebben wij ongetwijfeld punten verloren door ons centrale verdedigersduo. Bij Anderlecht is dat met Lamine Traoré niet anders. Als ik me het goed herinner, ging hij vorig seizoen in de Champions League in de fout tegen AS Roma. Vervolgens veroorzaakte hij een strafschop in de cruciale wedstrijd tegen Brugge. Daardoor maakte Anderlecht geen kans meer op de tweede plaats. Die fouten maken deel uit van het leerproces. Je moet hen die foutjes vergeven en hen zeggen dat ze niet veel betekenen. Gewoon accidents de parcours. De jongens kunnen er veel uit leren. En ik ben er zeker van dat Lamine Traoré de kwaliteiten heeft om het te maken bij Anderlecht." Gabriel 'Junior' Ngalula Mbuyi, Belg (1 juni 1982), als eerstejaarsscholier ontdekt op het pleintjesvoetbal in Evere, verdediger of middenvelder.Daniel Boccar: "Als Junior bij Standard speelde in plaats van bij Anderlecht, had hij al lang in de basis gestaan. Hij moet niet jaloers zijn op de kleurlingen bij ons, zoals Rabiu Afolabi of Joseph Enakarhire. Eerlijk gezegd, ik begrijp niet waarom zo'n waardevolle speler zo weinig speeltijd krijgt in het eerste elftal. Elke keer hij op het hoogste niveau mee mocht doen, stelde hij niet teleur. Ik herinner me de wedstrijd Club Brugge-Anderlecht van vorig seizoen : hij stak niet alleen Andres Mendoza in zijn achterzak, maar hij had ook recht op een strafschop : Josip Simic stopte hem foutief in de zestien meter, maar hij kreeg niet waar hij recht op had. Persoonlijk heb ik hem al veel aan het werk gezien. Elke keer maakte ik me dezelfde bedenking : waarom komt een speler met zoveel klasse in het Astridpark niet op de voorgrond ? Voor mij is het een mysterie. Er zijn in de kern van Anderlecht toch geen zesendertig spelers die beter zijn dan hij ? Eén zaak is zeker : als ze hem niet willen in Brussel, zal ik hem bij Standard met open armen ontvangen." Goran Lovre, Serviër (23 maart 1982), als vijftienjarige gehaald bij Partizan Belgrado, middenvelder.Geert Broeckaert : "Men durft hem wel eens vergelijken met Lorenzo Staelens. Daar zit iets in. Hij heeft net als de Lorre de gave om snel de omschakeling te maken van verdediging naar aanval. Lovre is ook een valse trage, alhoewel hij het precies een beetje moeilijker heeft om zijn positie te vinden. Hij moet ook nog aantonen dat hij kan scoren. Als middenvelder scoorde Lorenzo in zijn periode bij Brugge zo'n tien doelpunten per seizoen. En dat heeft Lovre inderdaad nog niet bewezen op het hoogste niveau. Bij de reserven van paars-wit zag ik hem wel regelmatig zijn doelpuntje meepikken. Al blijft het verschil tegen de invallers van Beveren en een wedstrijd op het hoogste niveau in onze eerste klasse natuurlijk groot. In mijn ogen heeft Goran Lovre het potentieel om uit te groeien tot een vaste waarde. Zelfs al loopt zijn ontwikkeling enige vertraging op. Lorenzo Staelens speelde op zijn eenentwintigste ook nog bij WS Lauwe in derde klasse." door Bruno Govers'Ik voorspel Vincent Kompany een carrière als zijn grote voorbeeld Marcel Desailly.''Er zijn bij Anderlecht toch geen zesendertig spelers beter dan Junior ?''Mark De Man is waarschijnlijk de wissel op de toekomst voor Bertrand Crasson.'