Overeenkomsten zijn er wel, tussen het Lierse dat in 1997 verrassend de titel pakte en het Zulte Waregem van 2013. Beide teams drijven op samenhorigheid. Vedetten waren er niet, de collectieve gedachte stond voorop. Francky Dury waakt daar nu net zo fel over als Erik Gerets toen.
...

Overeenkomsten zijn er wel, tussen het Lierse dat in 1997 verrassend de titel pakte en het Zulte Waregem van 2013. Beide teams drijven op samenhorigheid. Vedetten waren er niet, de collectieve gedachte stond voorop. Francky Dury waakt daar nu net zo fel over als Erik Gerets toen. In zijn rijke trainerscarrière kijkt Erik Gerets het liefst terug op het sprookje dat hij tijdens de campagne 1996/97 met Lierse schreef. Hij kan er nog altijd met vertedering over praten. De Limburger was er bij de ingeslapen provincieclub in geslaagd het vuur weer aan te wakkeren. In zijn resolute stijl en met persoonlijkheden als de Nederlandse doelman Stanley Menzo of de Poolse middenvelder Andrzej Rudy, die zich helemaal voor de ploeg wegcijferden. De transfer van Menzo was hem nochtans afgeraden, maar Gerets had de donkere keeper een paar keer met de invallers van PSV aan het werk gezien, hij merkte hoe hij jonge spelers coachte en begeleidde, en twijfelde geen seconde. Ook de bij FC Köln in ongenade gevallen Rudy, een briljante technicus, smeekte om een nieuwe kans, in hem woekerde een haast onblusbare drang om zich opnieuw te bewijzen. Als je dan iedereen aan het voetballen krijgt, als je constateert dat ze na een goeie start de anderen meesleuren, dan ontstaat het gevoel dat je niet meer af te stoppen bent. Zo werd Lierse kampioen. Met twee punten voorsprong op Club Brugge en vijftien punten op de nummer vier, Anderlecht. Lierse was toen een haard van menselijke warmte. Die sfeer trof je ook in de ploeg aan. En dat terwijl de spelers aanvankelijk bang waren van Erik Gerets toen die in 1994 op het Lisp arriveerde. Ze dachten dat hun nieuwe trainer zich hautain en afstandelijk zou gedragen. Gerets, die van zichzelf vond dat hij zich altijd heel kwetsbaar opstelde, was verbaasd over dit (voor)oordeel, trok kort na zijn komst met de voltallige selectiegroep naar een studentencafé in Leuven en ging met hen op de banken staan. Maar de dag nadien werd er keihard gewerkt. Dat de spelers zich goed voelden, bleek voor Erik Gerets de barometer voor het succes. Zo was er bij Lierse bijvoorbeeld de Rus Denis Kljoejev,die werd gehuurd nadat hij bij Feyenoord was weggekwijnd. Hij groeide met zijn technische kwaliteiten en spelinzicht uit tot een van de dragende spelers, nadat hij in het begin spontaniteit miste en zo gesloten was als een oester. Tot Gerets hem eens meenam om een terrasje te doen. Kljoejev wilde water bestellen maar Gerets verplichtte hem een paar Duvelste drinken. Vervolgens zag je hem helemaal loskomen. In dat memorabele seizoen speelde Lierse altijd op dezelfde manier. Zoals Zulte Waregem steeds van hetzelfde concept uitgaat. Gerets streefde naar bewegingsvoetbal, met snelle, zuivere combinaties, met spelers die de vrijheid hebben om te voetballen. Hij vond het systeem niet zo belangrijk, maar doorslaggevend was voor hem wel dat je achteraan vier man neerzette. Met Eric Van Meir had Lierse toen een slot op de deur. De libero was bovendien een kwelling voor de tegenpartij. Hij had een vrije rol en haalde de tegenstander constant uit de organisatie door mee in te schuiven. En achteraan stond met Nico Van Kerckhoven nog een topper, die altijd in het belang van het elftal dacht en die je op drie plaatsen kon neerzetten. Hij viel bijna niet te passeren en hield bij balbezit steeds het overzicht. Vandaag is Lierse een verzameling van verschillende culturen, toen was het een idylle van familiaal geluk. Het klinkt zeemzoet maar het was niet anders. En Erik Gerets verdedigde zijn spelers door dik en dun. Toen de emotionele voorzitter Freddy Van Laer eens de kleedkamer wilde binnenstormen na een 1-6-nederlaag tegen Anderlecht, wees Gerets hem autoritair de deur. Vervolgens liet Van Laer zich veertien dagen niet meer zien. Na het kampioenschap met Lierse trok Erik Gerets naar Club Brugge. Hij werd kampioen met achttien punten voorsprong en met een ploeg waarin alles zat: snelheid, een vlotte balcirculatie, goed bijsluiten, pressievoetbal waardoor je heel snel in balbezit kwam, en heel veel acties in de zestien meter. Ze kunnen er op dit moment in het Jan Breydelstadion alleen maar van dromen. Net zoals er ook bij Lierse alleen maar mijmeringen zijn over betere tijden.