Als bondscoach kan je op weinig zaken trainen. Op standaardsituaties, zo zou je denken, kan dat wel. Tijdens de interland die de Rode Duivels op 31 maart in Duitsland speelden, liep er op dat vlak veel mis. In het centrum van de verdediging, bevolkt door Didier Dheedene en Vincent Kompany, was het chaos troef. Bij elke hoekschop ontstond er gevaar. De Duitsers verzuimden het om het gestuntel op die standaardsituaties volledig af te straffen. Ze wonnen wel met 3-0.
...

Als bondscoach kan je op weinig zaken trainen. Op standaardsituaties, zo zou je denken, kan dat wel. Tijdens de interland die de Rode Duivels op 31 maart in Duitsland speelden, liep er op dat vlak veel mis. In het centrum van de verdediging, bevolkt door Didier Dheedene en Vincent Kompany, was het chaos troef. Bij elke hoekschop ontstond er gevaar. De Duitsers verzuimden het om het gestuntel op die standaardsituaties volledig af te straffen. Ze wonnen wel met 3-0. Vijf maanden en twee interlands later heeft de nationale ploeg niets geleerd uit eerdere fouten. Nadat in de thuiswedstrijd tegen Turkije bij een stilstaande fase een domme goal werd geslikt, was het helemaal ontluisterend om zien hoe gemakkelijk de Rode Duivels in Noorwegen bij standaardsituaties werden afgetroefd. Telkens weer zorgde de Noorse luchtmacht voor paniek. Vincent Kompany stond vaak te ver van zijn man, Timmy Simons is dan niet de man die dan het voortouw neemt, alleen Philippe Clement ergerde zich dood aan het gebrek aan concentratie en maakte zijn ongenoegen verbaal kenbaar. Aimé Anthuenis stelde achteraf nogal gemakkelijk : "We zijn veel te braaf in onze eigen backlijn." Terwijl het in dat soort situaties om concentratie en duidelijke afspraken gaat. Nochtans, benadrukte Anthuenis later toen de commotie bleef duren, is er niets waarover er tijdens de tactische besprekingen zoveel wordt gepraat als juist die standaardsituaties. Dan kan de conclusie alleen maar zijn dat de directieven van de bondscoach worden genegeerd. Professioneel kan je dat niet noemen. Dat soort defensieve hiaten staat haaks op de eigenheid van het Belgische voetbal. Het succes stoelde in het verleden altijd op een stevige organisatie die achteraan begon en waarvan een doelman die punten pakte het sluitstuk vormde. Ook Aimé Anthuenis bouwt zijn ploeg vanuit die achterste gelederen graag op. Het is vreemd dat hem dat bij de nationale ploeg niet lukt. En het is bizar om de bondscoach na de wedstrijd in Noorwegen luidop te horen denken over het bijsturen van de verdediging. Er valt nu te horen dat er meermaals getraind zal worden op stilstaande fases. Is daar dan in het verleden onvoldoende op geoefend ? Ook op offensief vlak wordt er niet bijster veel uit standaardsituaties gehaald. Te snel werd na het 2-2-gelijkspel in Noorwegen de conclusie getrokken dat België klaar is voor Litouwen, te nadrukkelijk werd het fraaie spel in de eerste helft in de verf gezet en heette het dat de veldbezetting zijn waarde heeft bewezen. Terwijl er tegen het stugge Litouwen een heel andere klus wacht. Dan moet er aangevallen worden, dan moet het spel worden gemaakt. Het laat zich aanzien dat de ploeg dan een meer offensief gezicht krijgt en dat er uit de wedstrijd in Noorwegen maar één les te onthouden valt : dat Anthuenis defensief de gaten moet dichten. Dat de verdediging scherper voetbalde vanaf het moment dat Daniel Van Buyten voor Vincent Kompany op het veld kwam, is ook al heel vreemd. In het verleden was Van Buyten altijd de ongekroonde koning van de nonchalance. (JS)Op standaardsituaties kan je trainen.