Heel even maar komt deze competitie op de grens tussen oud en nieuw tot stilstand. Straks reizen de meeste clubs af naar zonnige oorden om zich voor te bereiden op het vervolg van deze competitie en wordt er tijdens de komende transferperiode gespeurd naar versterking. Het is het jaarlijkse (her)examen voor die clubs die vorige zomer hun huiswerk niet goed hebben gemaakt. Ook al leert de praktijk dat je, zeker op internationaal vlak, zelden een opportuniteit vindt maar voornamelijk spelers op de tweedehandsmarkt.
...

Heel even maar komt deze competitie op de grens tussen oud en nieuw tot stilstand. Straks reizen de meeste clubs af naar zonnige oorden om zich voor te bereiden op het vervolg van deze competitie en wordt er tijdens de komende transferperiode gespeurd naar versterking. Het is het jaarlijkse (her)examen voor die clubs die vorige zomer hun huiswerk niet goed hebben gemaakt. Ook al leert de praktijk dat je, zeker op internationaal vlak, zelden een opportuniteit vindt maar voornamelijk spelers op de tweedehandsmarkt. Ook Anderlecht wil van deze periode gebruikmaken om enkele hiaten op te vullen. Toen de kampioen vorige week zondag op Standard zes spelers onder de 21 jaar opstelde, leek de visie die in het begin van het seizoen werd ontvouwd - talent laten doorstromen - in de praktijk te worden omgezet. Plots leek het erop dat er sprake was van een nieuwe trend in het Belgisch voetbal. De vraag is in hoeverre die jongeren straks niet weer worden geremd door nieuwe spelers van wie het nog maar de vraag is of ze voor een meerwaarde zullen zorgen. Het is een steeds terugkerend verschijnsel: bijna altijd zijn het de omstandigheden die bepalen of jongeren al dan niet een kans krijgen. Zou Club Brugge bijvoorbeeld in het begin van het seizoen naar Brandon Mechele en Bjorn Engels hebben gegrepen indien Jim Larsen niet was geblesseerd en Oscar Duarte niet geschorst? Het is zeker zo dat de jeugdopleiding, zeker bij de topclubs, veel beter is gestructureerd. Ook Standard kon vissen in zijn eigen kweekvijver, terwijl RC Genk een paar weken geleden een nieuw jeugdcomplex opende waarin 3,5 miljoen euro werd geïnvesteerd. Vreemd dat de Limburgers, waar in het verleden veel talent de revue passeerde, voorlopig weinig spelers uit het eigen patrimonium naar de hoofdmacht doorsluizen. Voor veel clubs leek dit eerste competitieluik een zoektocht naar de juiste patronen. Club Brugge en Anderlecht brachten in de competitiewedstrijden respectievelijk 25 en 23 spelers op het veld, Standard is de kampioen van de rotatie, al stelde het niet meer spelers op dan Anderlecht (23), maar trad het zelden twee keer na elkaar met dezelfde ploeg aan. Met het roteren op zich is er niets verkeerd, maar Guy Luzon maakte de fout te gemakkelijk sleutelspelers te passeren terwijl hun vervangers nooit het verschil maakten. Het kwam de duidelijkheid in het spel niet altijd ten goede, al duikt Standard dus wel als koploper de winterstop in. Naar duidelijkheid streeft Michel Preud'homme bij Club Brugge. Er werd de afgelopen weken onder zijn regie collectiever gevoetbald, met minder afhankelijkheid van Maxime Lestienne, op dit moment niet echt aan zijn beste periode bezig. Maar de uitschuiver tegen Waasland-Beveren gooide veel overhoop. Verbijsterend hoe Club met hoge ballen bleef voetballen, ook al werden ze telkens moeiteloos geplukt door een zeer secure Colin Coosemans. Niemand op het veld vond een andere sleutel. RC Genk trok na de pijnlijke 0-3-nederlaag tegen Sporting Charleroi met een donker gevoel het eindejaar in. In het begin van het seizoen heette het nog dat de Limburgers het beste voetbal van het land brachten, een wellicht wat overdreven constatering, maar de terugval is opmerkelijk. Mario Been moet tot de vaststelling komen dat hij de ploeg niet aan het voetballen krijgt. Dan volstaat het niet om, zoals de Rotterdammer dat eerder na de lamentabele match op Cercle Brugge deed, te roepen dat iedereen keihard moet werken. Er is een grondige analyse nodig voor dat wat er verkeerd liep. Trainers zijn altijd de eerste schietschijf als het verkeerd loopt. Ten onrechte, want hun inbreng wordt zwaar overschat zoals uit de vier trainerswissels die er dit seizoen werden doorgevoerd blijkt. Nergens is de ommekeer spectaculair. Bob Peeters zei donderdag na de zege van Waasland-Beveren op Club Brugge dat hij wat dat betreft een knop had moeten omdraaien. Eerder dacht hij dat hij als trainer wedstrijden kon winnen, nu had Peeters moeten erkennen dat hij afhankelijk is van de spelers. Hij klopte zichzelf in het Jan Breydelstadion niet op de borst.De redactie van Sport/Voetbalmagazine wenst u een spetterend 2014. DOOR JACQUES SYSTen onrechte zijn trainers de eerste schietschijf.