Tegenover het ouderlijke huis van de tweelingbroers Michael en Timothy Dreesen (19) in Geel ligt het voetbalveld van KFCV Alberta. Het was dan ook vrij voorspelbaar dat de twee jongens op een dag de straat met een sportzak zouden oversteken om kennis te maken met de groene mat. "Toen we zes waren begon ons voetballeven", herinnert Timothy zich. "Elk jaar werden we kampioen met Alberta en dat lokte scouts. Na drie jaar liet Roger Smets weten dat ik en mijn broer bij Lierse mochten testen. We deden dat en konden er aan de slag." Tien jaar later ontluikt Timothy in de geel-zwarte defensie. Michael verhuisde intussen naar de invallers van Geel. "Ik hoorde achteraf dat ze in Lier eigenlijk meer interesse in mijn broer hadden dan in mij", grijnst Timothy. "Maar om praktische redenen mocht ik meekomen. Het zou dus wel eens kunnen dat ik veel aan mijn broer te danken heb."
...

Tegenover het ouderlijke huis van de tweelingbroers Michael en Timothy Dreesen (19) in Geel ligt het voetbalveld van KFCV Alberta. Het was dan ook vrij voorspelbaar dat de twee jongens op een dag de straat met een sportzak zouden oversteken om kennis te maken met de groene mat. "Toen we zes waren begon ons voetballeven", herinnert Timothy zich. "Elk jaar werden we kampioen met Alberta en dat lokte scouts. Na drie jaar liet Roger Smets weten dat ik en mijn broer bij Lierse mochten testen. We deden dat en konden er aan de slag." Tien jaar later ontluikt Timothy in de geel-zwarte defensie. Michael verhuisde intussen naar de invallers van Geel. "Ik hoorde achteraf dat ze in Lier eigenlijk meer interesse in mijn broer hadden dan in mij", grijnst Timothy. "Maar om praktische redenen mocht ik meekomen. Het zou dus wel eens kunnen dat ik veel aan mijn broer te danken heb." Al vanaf zijn zestiende trainde Timothy af en toe met de A-kern. Tegen Germinal Beerschot mocht hij vorig seizoen debuteren in de eerste klasse. Maar zijn schoolse verplichtingen maakten het niet evident veel speelkansen te krijgen. "Ik volgde Latijn-Wiskunde. Mijn ouders zeiden me steeds dat ik voor het voetbal mocht kiezen, maar wilden dat ik mijn middelbaar afmaakte. Daar stond ik zelf ook achter. "De afgelopen jaren trainde ik enkel op woensdagnamiddag en op zaterdag met de eerste ploeg. Niemand op het Lisp maakte daar problemen rond. In mijn contract stond dat ik faciliteiten moest krijgen om mijn middelbare studies te voltooien. Het gevolg was natuurlijk wel dat ik weinig mocht spelen. Aan de ene kant was het logisch dat Put meer vertrouwen had in jongens die hij elke dag zag. Anderzijds wrong het toch een beetje." Nu heeft Dreesen geen spijt dat hij zijn studies toen voorrang gaf. "Als ik al jaren op het hoogste niveau had gespeeld, stond ik vermoedelijk al een heel eind verder. Dat is waar. Maar misschien was ik in dat geval nu al verbrand. Ik ben tevreden over het parcours dat ik aflegde."In juni klapte de schoolpoort achter zijn rug dicht. "Vanaf dat moment zou ik alles op het voetbal zetten, had ik vooropgesteld. Ik kwam wel tot het besluit dat ik vaak alleen thuis zou zitten op dagen dat er enkel in de voormiddag training is. Mijn vrienden gaan nog allemaal naar school. Spelers met een gezin hebben naast het voetbal een heleboel dingen te doen. Ik was bang dat ik me te veel zou vervelen en begon in oktober aan de universiteit van Leuven criminologie te studeren. "Het cruciale verschil met vroeger is dat het voetbal nu op de eerste plaats komt. Ik werk alle trainingen af en maak tijd vrij als de club op andere momenten om mijn aanwezigheid vraagt. Doorgaans raak ik hoogstens drie keer per week in Leuven. Gelukkig is criminologie een theoretische richting, waardoor ik in mijn eentje thuis de zaken kan bijhouden. Een vriendin bevoorraadt me met notities uit de lessen. Ik beloofde Eric Van Meir dat ze op de club niets zullen merken van mijn studies. Enkel in januari moest ik eens een training missen, omdat ik op maandagochtend om 9 uur examen had. Trost opperde geen enkel bezwaar. "Mijn ouders willen graag dat ik een extra diploma haal. Zelf bedacht ik ook dat ik nog niet bijster veel matchen op mijn conto heb. Ik beschik over geen enkele garantie dat ik een carrière kan uitbouwen tot mijn 35ste. Ik zou volgend jaar eens een trap moeten krijgen waardoor ik niet meer moet denken aan een toekomst op de mat. Daar sta je dan. Zoiets speelt toch in je achterhoofd. Je moet iets achter de hand hebben. Met enkel een diploma van secundair onderwijs ben je later weinig. "Misschien wordt die manier van denken een trend, een gedachte die sterker leeft dan bij vorige generaties. Jeroen Simaeys van Sint-Truiden en Nicolas Lombaerts van AA Gent volgen ook al enkele jaren universitaire studies. Ik verwacht dat anderen in onze sporen zullen volgen. Bij Lierse zeggen spelers van 17 of 18 jaar me regelmatig dat ze die combinatie ook zien zitten. Ze polsen dan naar mijn ervaringen. Ik geef hen altijd mee dat het doenbaar is, op voorwaarde dat ze honderd procent gemotiveerd zijn. Want de combinatie is zwaar. Gelukkig is er het topsportstatuut, dat je toelaat examens te verschuiven en de vier studiejaren te spreiden over vijf of zes jaar." Dreesen kiende al de grote lijnen van zijn persoonlijk toekomstplan uit. "Met een diploma criminologie kan je mensen die uit de gevangenis komen, begeleiden bij hun terugkeer in de maatschappij. Je kan ook bij de politie terecht. Dat laatste spreekt me wel aan. Jongeren die enkel naar de politieschool gaan, beginnen als wijkagent. Maar als je eerst criminologie studeert en daarna anderhalf jaar politieschool afwerkt, start je enkele rangen hoger. Het is iets dat ik in mijn hoofd heb voor na mijn voetbalcarrière."Dreesen beseft dat het universiteitsdiploma nog lang niet boven zijn bed hangt en toont zich niet naïef. "Ik begon met de instelling dat ik het echt wil halen, niet met het idee dat ik wel zou zien hoever ik geraak. De motivatie om de studies af te maken, is groot. Maar ik hou er ook rekening mee dat ik op een dag misschien moet stoppen. Als ik bijvoorbeeld naar een andere ploeg zou gaan, waar topsport en universitaire studies minder vlot combineerbaar zijn. Dat weet je nooit."Pendelen tussen Geel, Leuven en Luik zou bijvoorbeeld al een heel ander verhaal zijn. Hij lacht. "De interesse van Standard charmeert me wel, maar ik denk dat een dergelijke stap voor mij te vroeg zou komen. Ik las het trouwens ook enkel in de krant, ik hoorde nog niets concreets. Bij de Rouches is de kans dat je op de bank belandt, tien keer groter dan bij Lierse. Ik voel nog niet de drang om Lierse te verlaten. Daar is geen reden toe. Ik wil hier rustig progressie maken en zoveel mogelijk spelen. Voor mij telt nu enkel Lierse."Geel-zwart wankelt. Maar intussen waait er een nieuwe wind op het Lisp, beweert Dreesen, die alsmaar vaker in de basis staat. "Veel buitenlanders vertrokken in de winterstop. Er wordt weer Nederlands gesproken, de groep hangt weer aan elkaar. De jongens zetten zich opnieuw in voor elkaar. Ook de komst van Karel Snoeckx mist zijn effect niet. Hij pept iedereen op. Daar was in de eerste ronde soms wel een gebrek aan, aan mensen die alles voor de ploeg willen doen. Met de vechtersmentaliteit die er nu is, gaan we in de terugronde onze manco's compenseren. Zo is het nog mogelijk om ons te redden." Maar wat als Lierse toch degradeert ? Wil Dreesen dan de kar in de tweede klasse helpen trekken ? "Dan zou ik echt graag mijn steentje bijdragen om de ploeg weer naar de eerste klasse te loodsen. Mijn voordeel is dat mijn contract tot 2007 loopt. Als het verblijf in tweede klasse zou uitlopen, kan ik op dat moment nog kiezen. Op zich verlies je niets door één jaar in de tweede klasse te voetballen. Het is meer vechten en bikkelen, maar zo leer je ook dat weer bij. Ik speel al tien jaar bij Lierse en heb met de club een heel sterke band. Het is mijn tweede thuis, en daar doe je wat voor."KRISTOF DE RYCK