Het waren andere tijden. Toen AA Gent tijdens het seizoen 1991/92 doordrong tot de kwartfinale van de UEFA Cup en thuis aantrad tegen Ajax achtte het zichzelf kansloos. Tot verbijstering van de toeschouwers kroop de ploeg massaal achteruit en schiep geen enkele kans. René Vandereycken was toen trainer, het werd 0-0 en Frans Verheeke, de topman van sponsor VDK, zei achteraf dat hij beschaamd was om Gentenaar te zijn. Tijdens de terugmatch werden de Buffalo's met 3-0 weggeveegd.
...

Het waren andere tijden. Toen AA Gent tijdens het seizoen 1991/92 doordrong tot de kwartfinale van de UEFA Cup en thuis aantrad tegen Ajax achtte het zichzelf kansloos. Tot verbijstering van de toeschouwers kroop de ploeg massaal achteruit en schiep geen enkele kans. René Vandereycken was toen trainer, het werd 0-0 en Frans Verheeke, de topman van sponsor VDK, zei achteraf dat hij beschaamd was om Gentenaar te zijn. Tijdens de terugmatch werden de Buffalo's met 3-0 weggeveegd. In hetzelfde seizoen speelde AA Gent twee rondes eerder tegen Eintracht Frankfurt. De Duitse televisie bood veel geld voor een rechtstreekse uitzending, maar dan moest er wel om 18 uur worden afgetrapt. AA Gent, dat op dat moment niet echt baadde in financiële weelde, zwichtte voor het aanbod en verhoogde ook nog eens de toegangsprijzen. Daar plaatste de Nederlandse aanvaller Eric Viscaal, de koning van de kapbewegingen, de nodige vraagtekens bij. Hij zou, zo declameerde hij, als supporter geen 1000 frank (25 euro) betalen om AA Gent te zien spelen. Waarop de toenmalige voorzitter Jean Van Milders droog repliceerde dat het met dat geld was dat ze voetballers als Viscaal betaalden. Het zal woensdagavond anders zijn als de hymne van de Champions League in de Ghelamco Arena weerklinkt. Het is telkens weer een indringend, emotioneel moment. Tegen VfL Wolfsburg gaat de kampioen nog maar eens op zoek naar zijn grenzen. De dubbele nederlaag tegen Club Brugge werd vrijdagavond tegen Mouscron-Péruwelz rechtgezet, maar het kostte moeite en energie om de Waalse verdedigingsmuur te slopen. De vloeiende combinaties zijn wat weggesijpeld uit het spel van AA Gent. Maar Europese wedstrijden hebben hun eigen wetten. Ook voor VfL Wolfsburg. De Noord-Duitse club mag dan in een crisis verkeren, clubs uit de Bundesliga blijven ook in mindere tijden drijven op fysiek, engagement en tactische discipline. AA Gent bewees eerder al dat het geen problemen heeft om in een hoog tempo mee te gaan. Het is een van de grootste progressies die dit seizoen werden geboekt, naast het proces dat meer dan ooit heeft geleid tot dominant voetbal. In de Belgische competitie waren er vrijwel geen wedstrijden waarin AA Gent niet het meeste balbezit had. Al hoort dat niet altijd een indicatie te zijn en kadert het soms ook in de manier waarop de tegenstander zich instelt. Maar ook in de Champions League lag AA Gent op dat vlak niet onder. Of die dominantie ook in een nieuwe titel resulteert, moet worden afgewacht. Meer dan ooit blijkt dat deze competitie slechts een voorgerecht is op play-off 1. Anderlecht stak de afgelopen weken in een diepe crisis maar de nieuwe spelers passen zich verrassend snel in. Ze verhogen de concurrentie en het rendement. Ook Club Brugge valt steeds beter in de juiste plooi. Het roteren is voorbij, de intentie om tegen play-off 1 een typeploeg te hebben bestond kennelijk al langer. Ook in Oostende presenteerde Club zich weer als een granieten blok. Op dit moment lijkt Club de te kloppen ploeg te zullen worden. Maar juist dat soort conclusies waait in deze grillige competitie snel weg. Wat blijft er bijvoorbeeld nu nog over van de achtervolgingsrace die Standard een paar weken geleden met succes inzette? De dood van Dominique D'Onofrio is binnen de voetbalwereld hard aangekomen. De voormalige garagist was een authentiek man die in een opgezwollen trainerswereld niet de behoefte had zich te verkopen. Hij voelde zich door zijn verleden niet altijd even gerespecteerd en leed er bijvoorbeeld zwaar onder dat hij in mei 2006, toen hij Standard naar de tweede plaats had geloodst, als enige met graszoden werd bekogeld. Maar doorgaans was Dominique D'Onofrio een goedgeluimde man, die als het moest ook harde analyses kon geven. Hij werd op persconferenties vaak met stekelige vragen geconfronteerd, maar na afloop ging hij met journalisten gewoon een glas drinken. Dan werd de toon lichter. En hij stond dag en nacht klaar om voetballers te helpen en slaagde er bijvoorbeeld in de bij Anderlecht ontspoorde Dieumerci Mbokani weer op het juiste spoor te krijgen. Dominique D'Onofrio was een clubman in hart en nieren. Hij leefde voor Standard, dacht altijd aan het welzijn van de club en was nooit met zijn eigen carrière bezig. Een product uit andere tijden. DOOR JACQUES SYS'Dominique D'Onofrio was een authentiek man.'