Zaterdag 12 juni belooft een mooie avond te worden in het stadion in het Idraetspark in Kopenhagen. Het is de eerste dag waarop de strenge covidregels hier versoepeld zijn en er weer volk wordt toegelaten in cafés en restaurants. Er zijn 15.900 kijkers opgedaagd voor de Scandinavische derby tegen Finland. Denemarken is een sterk team. 'Ze moeten de halve finales kunnen halen', voorspelt Jess Thorup in een interview met dit blad. Thorup staat er nochtans om bekend dat hij elk woord weloverwogen kiest.
...

Zaterdag 12 juni belooft een mooie avond te worden in het stadion in het Idraetspark in Kopenhagen. Het is de eerste dag waarop de strenge covidregels hier versoepeld zijn en er weer volk wordt toegelaten in cafés en restaurants. Er zijn 15.900 kijkers opgedaagd voor de Scandinavische derby tegen Finland. Denemarken is een sterk team. 'Ze moeten de halve finales kunnen halen', voorspelt Jess Thorup in een interview met dit blad. Thorup staat er nochtans om bekend dat hij elk woord weloverwogen kiest. Bondscoach Kasper Hjulmand heeft zich goed voorbereid. Een paar maanden nadat hij halfweg 2019 bondscoach werd, zocht hij een voormalige Deense premier op, een aantal CEO's van grote Deense bedrijven, een schrijver en enkele kunstenaars. Aan iedereen stelde hij dezelfde vraag: 'Wat betekent de Deense nationale identiteit voor u?' De 15.900 kijkers in het Parkstadion in Kopenhagen zien tot hun verbijstering hoe om 18 uur 42 middenvelder Christian Eriksen neerstort en blijft liggen. Hij brengt de twaalf minuten die daarop volgen zwevend tussen leven en dood door. Maehle loopt als eerste naar hem toe, maar slaagt er niet in de tong in de mond vrij te maken. Kapitein Simon Kjaer lukt dat wel in. Op dat moment arriveert ook de medische staf van Denemarken bij de speler en vraagt Kjaer en zijn ploegmaats om de armen in mekaar te haken en zo een kring rond de voor zijn leven vechtende Eriksen te vormen. Maehle en Kjaer kijken toe, de anderen wenden het hoofd af, sommigen huilen. 'Toen ik aankwam', zal Martin Boesen, de Deense arts, later zeggen, 'lag hij op zijn zijde en ademde hij nog. Plots verslechterde zijn toestand. Ineens stopte zijn hartslag en moesten we kunstmatige hartmassage toepassen. Gelukkig is hij weer tot leven gekomen.' In die twaalf minuten kun je in het stadion een speld horen vallen. Op de Deense bank rinkelt de telefoon van teammanager Christian Norkjaer. Die haast zich naar de tribune, en helpt een vrouw op het veld. Sabrina Kvist Jensen, Eriksens vrouw, heeft de tranen in de ogen. Een afgevaardigde van de UEFA probeert haar nog tegen te houden. Prompt verlaat kapitein Kjaer de kring die hij zelf gevormd heeft en snelt naar haar toe. Hij omarmt haar. Doelman Kasper Schmeichel vervoegt hen. Precies twaalf minuten nadat hij neerzeeg wordt Eriksen met ontbloot bovenlijf op een draagberrie met de ziekenwagen afgevoerd naar het Rigshospitalet dat amper een kilometer van het stadion verwijderd ligt, aan de andere kant van het park. Eriksen is volledig bij bewustzijn wanneer hij op de veertiende van de zestien verdiepingen aan allerlei onderzoeken onderworpen wordt. Bij hem bevinden zich op dat moment zijn vrouw en Deens bondsvoorzitter Peter Möller die de eerste woorden wisselt met de speler. De Deense internationals willen meer informatie vooraleer ze beslissen om al dan niet verder te voetballen. Möller zet een Facetimeverbinding op tussen de middenvelder en de wachtende ploeg in de kleedkamer. Eriksen stelt zijn ploegmaats gerust. Kasper Hjulmand brengt de jonge Mathias Jensen in zijn plaats maar kiest in de volgende wedstrijden voor de 19-jarige spits van Sampdoria, Mikkel Damsgaard, die hij nog kent uit zijn tijd als trainer bij Nordsjaelland en nu al de nieuwe Michael Laudrup genoemd wordt. 'Hij ziet het spel twee seconden eerder dan de anderen', weet de bondscoach. Damsgaard wordt een revelatie, maar Sampdoria wil hem alvast niet laten gaan onder de 40 miljoen euro. Bij de rust van die bewuste Denemarken-Finland, die na enige tijd toch hervat wordt, moet Kjaer van het veld, hij kan niet meer verder, na al wat gebeurd is. 'Die dag realiseerden we ons weer wat echt belangrijk is', geeft de bondscoach nadien aan: 'De mensen rondom ons, familie en vrienden.' Terwijl de wedstrijd doorgaat, scanderen de Finnen: 'Chris!', en antwoorden de thuisfans in koor: 'Eriksen!' De stadionomroeper laat weten: 'Eriksen is bij bewustzijn in het ziekenhuis.' De volgende ochtend hangen aan de ingang van het ziekenhuis bloemen. Een meisje toont een bord waarop staat: 'God bedring Christian!' ofte 'Goeie genezing, Christian!' Er staan vier camerateams voor het ziekenhuis. Christian is de nacht goed doorgekomen. Zijn ouders, Thomas en Dorthe, zijn bij hem. De telefoon rinkelt, Eriksen praat met zijn ploegmaats, met een paar spelers van Inter, en met zijn manager Martin Schoots, evenzeer vriend als manager. Schoots zegt later: 'We hebben vanmorgen gepraat, hij was goed gezind, we maakten grapjes. We willen allemaal weten wat er precies gebeurd is, er komen nog onderzoeken.' De manager fungeert als go-between met de buitenwereld. In de tussentijd heeft alleen de arts van de nationale ploeg een korte verklaring afgelegd: 'Hij was helemaal weg', zegt Martin Boesen. 'Hij had een hartstilstand en is daarna teruggekeerd in het leven. Vraag me niet hoe we dat gedaan hebben. We weten alleen dat hij vandaag helder praat.' De dag na de match gaat de training bij de Denen niet door. Vier psychologen staan de spelers bij, die in deze uitzonderlijke omstandigheden ook familiebezoek mogen ontvangen. Op de persconferentie in het Hotel Marienlyst in Helsingor, 45 kilometer ten noorden van Kopenhagen, moet bondscoach Hjulmand regelmatig zijn betoog onderbreken, overmand door emoties. 'Christian wilde weten hoe het met ons ging. 'Ik heb de indruk dat jullie er erger aan toe zijn dan ik', lachte hij. Typisch Christian, eerst aan anderen denken en dan pas aan zichzelf.' Op maandagmiddag vraagt Eriksen of hij een verse pizza kan krijgen. Per Thostesen, de kok van de nationale ploeg, tevens restauranthouder in Kopenhagen, laat een vers exemplaar naar de kamer op de veertiende verdieping brengen in een tweede opeenvolgende dag vol onderzoeken. Waarna het bericht doorsijpelt dat de middenvelder misschien al 's anderdaags het ziekenhuis al mag verlaten. Na de middag komt ook de Deense ploegdokter Martin Boesen langs, en een paar ploegmaats. Kjaer en Schmeichel vertellen opgelucht: 'Hem live zien heeft me goed gedaan. We hebben gebabbeld over alles en niets. Hier is een mirakel gebeurd.' Christian Eriksen groeit op in het stadje Middelfart, aan de oostkust van Jutland, het Deense vasteland. De Storebaeltsbren, de immense brug die Jutland met het eiland Flynt verbindt, is even verderop. Middelfart, met zijn 15.900 inwoners, ligt op 200 kilometer van Kopenhagen. Kim Frank Pedersen is vandaag nog altijd leraar op de school waar hij ook Christian als leerling had. Hij was tevens zijn eerste trainer bij diens voetbalclub en is ambassadeur van het Cruijff Court dat zich bevindt tussen de school waar de middenvelder dagelijks vertoefde en zijn allereerste clubje. Aan de afsluiting hangen de veertien regels die je aan elk Cruijff Court vindt. Naar verluidt kon Eriksen zich vooral in regel zeven terugvinden: ' Personality: be yourself. ' De Cruijff Foundation bekroont elk jaar het grootste talent uit het Nederlandse voetbal. De prijs is zo'n synthetisch veld op een locatie die de winnaar zelf mag aanduiden. Toen Eriksen in 2011 de trofee won, koos hij voor deze plek tussen zijn oude Lillebaelt Skolen en zijn eerste club. 'Als kind leefde hij met de bal aan de voet', herinnert Kim zich. 'Zijn schoenen hingen altijd vol modder, van het voetballen.' Twee jaar geleden was Eriksen voor het laatst hier. Kim Frank: 'Het mooie is dat hij voor ons altijd de Chris van vroeger is gebleven.' Vijfhonderd meter verder ligt Middelfart Boldklub. Clubverantwoordelijke Claus Hansen wil in deze omstandigheden niet praten. Een vrouw opent het clubhuis en toont een oude foto van Eriksen met zijn klasgenoten op de tribune bij een interland van Denemarken. Overal hangen foto's van de ex-speler, een truitje van Ajax en Tottenham, dat hem in 2013 weghaalde uit Amsterdam. Op het veld van Middelfart Boldklub woonden die bewuste zaterdag 200 man op een groot scherm Denemarken-Finland bij. Na het incident ging iedereen in stilte naar huis. Ook de 46-jarige burgemeester Johannes Lundsfryd Jensen bekeek samen met zijn zoon en wat vrienden de wedstrijd elders in het stadje. Een paar kilometer dichter naar de kust ligt in een villawijk het ouderlijk huis waar de straat stopt bij het nummer 58. Hier wonen nog steeds zijn ouders en zus Louise, die zelf ook voetbalt en net als haar broer Deens international is. In de hoofdstraat, de Algade, baat Charlotte Rasmussen café Guldkronen uit, waar de burgemeester de vermaledijde wedstrijd tegen Finland bekeek. 'Hier kent iedereen de familie. Zaterdag zat het hier stampvol. Het moest een feestavond worden. Christian maakt deel uit van onze familie, en één van ons is iets vreselijks overkomen. Zo voelen wij dat hier aan.' Dinsdagmiddag om één uur mag Eriksen vanuit het ziekenhuis naar huis in Odense, de geboortestad van sprookjesschrijver Hans Christian Andersen, 168 kilometer van Kopenhagen. Maar eerst gaat het naar Helsingor, het Deense trainingskamp, waar hij met zijn ploegmaats luncht. Om vier uur vertrekt het gezin naar de sjieke wijk Hunderup, op een kilometer van het trainingscentrum van Odense BK, waar dit blad een paar jaar geleden het rootsverhaal van Jess Thorup maakte. Bij die club kreeg Eriksen, net als Thorup, zijn jeugdopleiding en in de stad staat zijn huis, met als huisnummer 24. Toevallig (of niet) ook zijn rugnummer bij Inter. Om zes uur arriveert een zware monovolume met Sabrina aan het stuur, Christian op de passagiersstoel, en de twee kinderen achterin. Terwijl hij binnenstapt, pakt zij de koffers uit en zegt: 'Het gaat goed met hem, we hebben nu enkel een paar dagen rust nodig.' Pas wanneer hij thuis is, communiceert de Deense bond en de speler zelf stuurt via social media een bedankje. 'De operatie is goed verlopen. Ik maak het goed. Het was fijn om mijn ploegmaats terug te zien.' Zo vaak hij kon, keerde Eriksen van Milaan terug naar Odense, soms zelfs voor één dag, met een privévlucht die rechtstreeks op het kleine vliegveld van de stad landde. Bij zijn oude club toont communicatieverantwoordelijke Rasmus Nejstgaard het trainingscomplex waar de middenvelder tot zijn zeventiende vertoefde. 'Alles was klaar voor zijn debuut in de eerste ploeg toen Ajax hem hier plots weghaalde. Zelfs het truitje met zijn naam was al gedrukt, maar het was zo'n goed bod dat we het niet konden weigeren.' In Amsterdam werd Eriksen meteen op Nederlandse les gestuurd. Toen de taalschool, die buiten Amsterdam gevestigd was, Ajax vroeg hoe de jonge Eriksen het naburige stadje zou bereiken, antwoordde de verantwoordelijke: 'Nou, gewoon met de fiets.' Van Ajax, dat 1,3 miljoen voor hem betaalde, ging hij voor veertien miljoen naar Tottenham en in januari 2020 voor 27 miljoen naar het Inter van Antonio Conte. Zijn voorstelling was met een fotosessie in de Scala van Milaan, indrukwekkend, het vervolg aanvankelijk een stuk minder. Net toen iedereen verwachtte dat hij tijdens de wintermercato van het afgelopen seizoen weer zou vertrekken, wierp Eriksen zich toch nog op tot een onmisbare pion die Inter aan de titel hielp. Of hij nog gaat voetballen, weet vandaag niemand. Alleen als de ingeplante defibrillator tijdelijk is, kan hij verder aan de slag in Italië. Moet die definitief in het lichaam blijven, kan dat niet volgens een sportdecreet uit 2017 dat bepaalde dat contactsport verboden is voor sporters met een defibrillator. Toen Khalilou Fadiga, de Senegalese international die bij Club gevoetbald had, in 2003 bij de medische tests bij Inter vernam dat hij een hartprobleem had, werd de transfer meteen geannuleerd. Fadiga voetbalde wel nog in Engeland, en later in België, terwijl ook Daley Blind bij Ajax en Oranje op het veld staat ondanks hartproblemen.