David Paas is weer voetballer bij RC Genk. "Nooit gedacht dat ik nog in de A-kern zou terugkeren", begint hij zijn verhaal. "Zelfs na de laatste match met de reserven waaide er nog niets. Het was echt een kerstcadeau. Drie dagen voor Kerstmis ving ik op dat het bestuur over een mogelijke terugkeer naar de A-kern had gepraat. Ik geloofde er niet echt in. Ik dacht : waarom nu wel en zes maanden geleden niet ? Toen de trainer me op tweede kerstdag belde om af te spreken, besefte ik waarover het zou gaan. Tijdens het gesprek heb ik vooral geluisterd. Van dat uur was de trainer vijfenvijftig minuten aan het woord, ik heb hooguit een vraag of twee gesteld.
...

David Paas is weer voetballer bij RC Genk. "Nooit gedacht dat ik nog in de A-kern zou terugkeren", begint hij zijn verhaal. "Zelfs na de laatste match met de reserven waaide er nog niets. Het was echt een kerstcadeau. Drie dagen voor Kerstmis ving ik op dat het bestuur over een mogelijke terugkeer naar de A-kern had gepraat. Ik geloofde er niet echt in. Ik dacht : waarom nu wel en zes maanden geleden niet ? Toen de trainer me op tweede kerstdag belde om af te spreken, besefte ik waarover het zou gaan. Tijdens het gesprek heb ik vooral geluisterd. Van dat uur was de trainer vijfenvijftig minuten aan het woord, ik heb hooguit een vraag of twee gesteld. "Het was de eerste keer dat ik met Sef Vergoossen praatte. Tevoren zegden we elkaar altijd vriendelijk goeiedag, maar meer niet. Ik had geen behoefte om hem om uitleg te vragen, hij evenmin om mij toelichting te geven bij wat ik wist van de transfercommissie : dat ik niet paste in zijn systeem. Of dat klopte ben ik niet gaan uitvissen, ook al vind ik het eigenaardig dat hij me een paar jaar geleden persoonlijk bij Harelbeke is komen scouten als mogelijke vervanger voor Bob Peeters bij Roda. Als wie het voor het zeggen heeft beslist om niet langer met mij te werken, houdt het op. Dan moet ik niet als een klein kind iedereen achternahollen om te vragen : waarom ? "Verbitterd was ik niet toen ik naar Vergoossen reed. Misschien was ik maar een tijdelijk lapmiddel dat ze nog in de hoek aantroffen, maar ik zag er het nut niet van in om daarover te gaan zeuren. Stel dat ik het hard zou spelen en zeggen dat ik na alles wat er gebeurd was, geen zin meer had om voor Genk te voetballen, dan ondermijn ik mijn eigen carrière. Ik heb me al die jaren té veel inspanningen getroost om dat door koppigheid kapot te laten gaan.""Dat Genk niet meer op mij zou rekenen, wist ik al van in het voorjaar, na de verloren halve finale van de beker tegen Lommel. Toen las ik dat Jos Vaessen zei dat er voor mij geen plaats meer was in de A-kern. Om ons daarvoor te waarschuwen hebben ze mij en een paar andere spelers ook eens naar boven geroepen. Fijn, dacht ik, zoeken jùllie dan maar een oplossing. "Op een bepaald moment sprak Nol Hendriks mij aan, Roda JC wilde mij voor een jaar huren. Ook al vind ik Roda een leuke ploeg, een tijdelijke oplossing vond ik géén oplossing. Op mijn dertigste wilde ik alleen een definitieve oplossing. Lommel belde ook, maar zei er meteen bij dat het mij niet hetzelfde loon kon betalen. Trouwens, Genk wilde mij niet verkopen aan de concurrentie en ook nog eens een deel van mijn salaris bijpassen. Ik wéét natuurlijk wat ze het liefst wilden : mij voor een aantrekkelijk bedrag verkopen aan een Duitse of een Engelse club. "Ik wilde daarin meedenken, maar niet te allen prijze. Bij Genk klopte alles : ik heb een goed contract, woon en werk dicht bij huis, zit bij een topclub, mijn vrouw kon uit werken gaan... Dat geef je niet zomaar op. Ik wilde niet van een mooie naar een grijze club. In Engeland waren een aantal tweede- en derdeklassers in beeld, maar niet concreet. Ik vind me te oud om met me te laten leuren in het testcircuit. Ik zit lang genoeg in het voetbal om aan te voelen of een club mij écht wil of dat ik een nummer ben in een lange rij waaruit ze er dan één pikken. "Op een avond belde de manager van de nummer laatst in de Bundesliga, Sankt Pauli. Of ik 's anderendaags om negen uur het eerste vliegtuig naar Hamburg kon nemen. Ik verwees hem door naar Genk, dat zijn toestemming moest geven. Hij zou 's anderdaags terug bellen, maar pas een week later hoorde ik iets van Paul Heylen. Of ik naar Genk kon komen en 's anderdaags naar Sankt Pauli doorreizen ? Niet dat de Bundesliga me niet aantrok, maar op basis van die ervaring maakte ik al op dat ze mij niet echt wilden. "Het was tijdens mijn vakantie in Spanje dat ik in de krant las dat ik niet uitgenodigd was voor de eerste training. Ik heb toen Paul Heylen gebeld, die mij bevestigde dat ik niet opgenomen werd in de A-kern, maar in de speciaal voor mij opgerichte A-plus-kern. Toen ik vroeg wanneer ik me moest aanmelden, kreeg ik een fax : woensdag 4 juli. Maar dat kon niet : het was óf dinsdag 4 óf woensdag 5 juli. Dus belde ik nog eens. Dinsdag, heel zeker. Kom ik dinsdag op Genk, hoor ik dat ik een dag te vroeg ben, want dat het toch woensdag was. Dat was geen vergetelheid van hun kant, maar een beetje jennen, zie je ?""De eerste twee maanden trainde ik in mijn eentje rond het trainingsveld met de trainer die me toegewezen was - Roland Janssen, Jos Daerden of Pierre Denier. Veel duurwerk, balletje terugleggen, trappen naar een leeg doel. Héél veel gescoord in die periode (grijnst). Ik had de keuze : als ik met tegenzin ging trainen, was het niet aangenaam voor mij en voor die trainer. Dus besliste ik om het mezelf en de anderen zo aangenaam mogelijk te maken en mijn best te doen. Voor mij én voor hen was het een verplicht nummer, maar uiteindelijk zijn de mensen met wie je dagelijks te maken hebt - de vrouw die de was doet, de ploegverantwoordelijke, de trainer - niet verantwoordelijk voor jouw situatie. Zij voeren maar uit wat er boven hun hoofden beslist wordt. "Tainen deed ik doorgaans om vijf uur in de namiddag, als de kern al naar huis was. Ik kreeg een weekprogramma en een kleedkamer waar ik alleen zat. In de fitnessruimte en het medisch kabinet geraakte ik niet, omdat de toegang via het spelershome na de gewone trainingen afgesloten werd. De dokter en de kine belden me op om te zeggen dat ik, indien nodig, bij hen thuis terecht kon. Na een tijdje besliste ik om ook 's morgens iets te doen en te gaan fitnessen. "Dit was geen profsituatie meer. Ik kon aanvaarden dat ik niet speelde met de A-kern omdat de trainer het niet in me zag zitten; maar dat ik niet mocht meetrainen, dat kon niet. Toen heb ik beslist om een rechtszaak aan te spannen. In mijn contract stond dat ik mijn conditie op peil moest houden en zelfs verbeteren, maar ik had niet het gevoel dat ik iets nuttigs deed. Na twee maanden zonder zelfs maar een trainingspartijtje vond ik dat mijn carrière dermate ondermijnd werd dat ik iets moest doen. "Een speler die zijn club een proces aandoet, dat klinkt zwaar. Maar ik had gewoon een scheidsrechter nodig in een situatie waarin twee partijen het niet eens waren. Ik vond dat ik niet correct behandeld werd, de club vond dat ze het recht had zo met mij om te gaan. Dan kan je als werknemer niet anders dan de mening van een derde persoon te vragen. Sommigen noemden het een strijd van David tegen Goliath, dachten dat ik niets te winnen had, maar ik zag het anders. Na het kortgeding werd ik opgenomen in de beloftenkern en werd met de voorzitter en de advocaten afgesproken om naar een oplossing te zoeken. "Toen ik voor het eerst de kleedkamer van de beloften binnenstapte, zag ik die jonge jongens denken : oei, dat is de man die een rechtszaak heeft aangespannen tegen de club. Mijn eerste wedstrijd met de reserven, tegen GBA, scoorde ik meteen twee keer. Ik was opgelucht. Doorgaans bekijkt een A-kernspeler die met de reserven moet aantreden dat als een stap terug, maar voor mij betekende het een stap vooruit. Ik was gedegradeerd, maar heb me nooit laten gaan. Want als ik het bij de reserven slecht deed, zou er nooit een oplossing komen. Dus deed ik erg hard mijn best, voor mezelf en als steun voor die jonge spelers. Zelfs al wist ik dat ik na een goede wedstrijd niet in aanmerking zou komen voor het eerste elftal. Alles samen scoorde ik iets meer goals dan het aantal wedstrijden dat ik meespeelde - tien. Elke keer stond de trainer aan de kant, maar ik deed het voor mezelf, niet om hem te overtuigen." "Dat Genk het zonder mij zo goed deed, stoorde me niet. Het verbaasde me evenmin. Dat het vorig jaar vierkant draaide ondanks zoveel kwaliteit, dàt heeft mij verbaasd. Alleen stonden er toen elf individuen op het veld, en geen team. Nu wel. Dat heeft veel met de trainer te maken. Ik ben ook blij dat Wesley Sonck het zo goed doet. Ik hoop dat hij de Gouden Schoen wint. "De reacties van de ploegmaats waren meestal : met jou erbij was het ook goed gegaan. Ik maakte vorig jaar niet als enige een slecht seizoen, hé. Nu zijn de anderen ook blij met mijn terugkeer. Ze beseffen dat het hen ook had kunnen overkomen. "Sinds 2 januari train ik weer mee. De eerste dagen zat ik stikkapot door de omschakeling van één training naar twee trainingen per dag. Ik weet dat ik er meteen moet staan, maar mag niet de fout maken te forceren. Nu moet ik vooral naar mijn lichaam luisteren, mijn grenzen aftasten. Anders ben ik over een paar weken al geblesseerd. Mijn grenzen verleggen betekent vandaag zestig minuten alles geven, volgend week zeventig minuten. Over drie weken moet ik negentig minuten aankunnen. "Er is hier niemand die ik geen hand meer geef. Onze meningen stonden recht tegenover elkaar, maar er was altijd respect voor elkaars standpunt. Zo'n uitspraak van Robert Raes, dat een speler die naar de rechtbank stapt zijn eigen ruiten inslaat, vond ik jammer. Dat is stemmingmakerij. Maar ik liet me nooit verleiden om via de pers te reageren. Alleen als er foute insinuaties verschenen, waarbij de club zich goedpraatte en de schuld naar mij schoof, zette ik daar mijn mening tegenover. Bijvoorbeeld, dat ik het niet gepast vond dat ik een aantal zaken via de pers moest vernemen. Ik wil niet in de krant lezen wanneer ik moet gaan trainen, ik wil dat ze me zelf op de hoogte brengen. "Was de situatie niet opgeklaard, had ik Genk een voorstel willen doen om toch iets om handen te hebben. Toetreden tot een vennootschap buiten het voetbal, of opnieuw gaan studeren. Vandaag wil ik niet meer achterom kijken, want daar haal ik geen positieve energie uit. Het komt er nu voor mij op aan zo snel mogelijk op het veld te reageren. Ik heb nog een contract voor twee en een half jaar en ga ervan uit dat ik dat hier uitdoe. Ik denk niet dat ze mij maar voor twee maanden hebben teruggehaald."door Geert Foutré