Meer dan ooit kondigt de rally van Ieper zich aan als het hoogtepunt van het Belgische rallyseizoen. Behalve als confrontatie tussen 's lands beste rallyrijders is Ieper belangrijk in het kader van het EK 2003. Van dat EK heeft de Luikenaar Bruno Thiry (Peugeot 206 WRC) zijn voornaamste doelstelling gemaakt.
...

Meer dan ooit kondigt de rally van Ieper zich aan als het hoogtepunt van het Belgische rallyseizoen. Behalve als confrontatie tussen 's lands beste rallyrijders is Ieper belangrijk in het kader van het EK 2003. Van dat EK heeft de Luikenaar Bruno Thiry (Peugeot 206 WRC) zijn voornaamste doelstelling gemaakt. Bruno Thiry : Vorig jaar was het niet anders, met dat verschil dat ik toen niet op de Europese titel mikte. Maar ook toen was ik de te kloppen man en dat heeft me toch niet verhinderd te winnen. Ook nu ga ik voluit voor de zege. Met minder neem ik geen genoegen. Voor een deel wel. Pieter Tsjoen en Patrick Snijers reden ook vorig jaar mee. François Duval is inmiddels op WK-niveau bezig. En bij de buitenlandse deelnemers werd de Pool Janusz Kulig waardig vervangen door de Portugees Miguel Campos. Ik vind het bijzonder sportief van hem om me te komen uitdagen op een terrein dat grondig verschilt van wat hij gewend is. De rally van Ieper is zo specifiek dat het bijna onbegonnen werk lijkt al van bij de eerste deelname te kunnen winnen. Buitenlanders voelen zich vaak verloren in de Westhoek, omdat ze geen enkel referentiepunt hebben. Er zitten geen beklimmingen of afdalingen in, geen valleien, geen opeenvolging van bochten die naar de top van een helling leiden. Nee, alles is plat en lijkt op elkaar. Je komt van een kruispunt, trekt de snelheid op, gaat over naar plankgas tot je fors moet remmen voor een nieuw kruispunt, dat er identiek aan het vorige kruispunt uitziet. Maar terwijl je een paar seconden eerder bij het vorige kruispunt naar rechts moest draaien, moet je deze keer naar links. Het gevaar om verloren te rijden is op elk ogenblik aanwezig, temeer omdat alle huizen op elkaar lijken. Allemaal uit baksteen en met rode daken. En hetzelfde geldt voor de velden, de gewassen, de struiken langs de kant van de weg, de beken. Je moet inderdaad scherp in de bochten duiken, maar niet systematisch omdat je dan het risico op lekke banden verhoogt. Door de passages van de concurrenten voor je ontstaat er in de bochten een soort trapje tussen het asfalt en de berm. De zijkanten van de banden worden dan zeer zwaar op de proef gesteld. Soms is het beter enkele seconden tijd te verliezen door de bochten niet af te snijden, dan er scherp door te gaan en vijftien meter verder met een lekke band te staan. Want de antilekkebandsystemen, die in het WK worden gebruikt, zijn in het EK verboden. Nogmaals, de Belgische ploegen zijn gewend aan deze bolle wegen met veel putten in. De buitenlanders zitten vaak maar wat aan te modderen. Ik zie niet in hoe Miguel Campos zich hier tot op het niveau van de Belgische deelnemers kan hijsen. Maar je weet nooit. Toch vrees ik meer Tsjoen en Snijers. Tsjoen kent het parcours als zijn binnenzak en beschikt met zijn Toyota over een wagen die perfect aan deze rally is aangepast. In verband met Snijers twijfel ik niet aan zijn motivatie, zijn talent en zijn ervaring, maar ik vraag me af of hij zijn Subaru voor deze wedstrijd voldoende fijn kan stellen. Hij heeft gewonnen in Italië, op de Canarische eilanden en in Polen, terwijl ik de beste was in Turkije en Bulgarije. Miguel Campos telt nu zeshonderd punten, hij ligt veertig punten voor. Die race blijft één van de beste herinneringen uit mijn carrière. Tot aan de voorlaatste chronorit zat er nooit meer dan zes seconden tussen ons. Dan moest ik de voet van het gaspedaal halen omdat mijn koppeling het begaf. In Polen heb ik ook beseft over hoeveel capaciteiten Jean-Marc Fortin beschikt. Ik was mijn enige tegenstander. Normaal als je met zes minuten voorsprong eindigt. Maar ik moest me forceren om geconcentreerd te blijven. In dergelijke omstandigheden wordt de geest minder scherp. Je denkt aan de mecaniciens, aan de terugreis, aan de volgende rally en voor je het weet, ga je in de fout. Ik heb een revanche te nemen. In 2000 hielp ik Citroën weliswaar de titel voor de constructeurs winnen, maar in de individuele competitie moest ik het hoofd buigen voor Henrik Lundgaard. Die nederlaag heb ik nog altijd niet verteerd. Maar ik begrijp je vraag wel : op veertigjarige leeftijd moet ik aan mijn toekomst denken. Op dit moment heeft die toekomst de vorm van een vraagteken. Dat is mogelijk, maar een troost is deze constatering niet. Mijn toekomst hangt van vele factoren af. Er is sprake van dat men de WRC's, zoals mijn Peugeot 206, alleen nog tot het WK zal toelaten. Daar zouden de privé-teams dan een soort tweede klasse vormen, een aparte categorie onder de fabriekswagens. Als die maatregel doorgedrukt wordt, heb ik een probleem. Dan moet ik op zoek naar een team en een sponsor die wel geïnteresseerd zijn in een mondiale aanwezigheid maar van tevoren weten dat ze maar een tweederangsrol zullen spelen. Ik zou me ook kunnen laten inlijven als testrijder in het kader van rallyraids. Momenteel heerst de absolute onzekerheid en ik ervaar dat als bijzonder stresserend. Dat ze eerst maar hun studies afmaken. Daarna kunnen we nog zien. De oudste heeft onlangs met vrienden de 24 uren van Francorchamps karting gedaan. Voor mij was dat oké en ik heb hem ook advies gegeven, op voorwaarde dat hij zelf het financiële plaatje invulde en geen dwaasheden beging. Ja, maar niet de eerste jaren. Ik rijd zelf nog te graag, ik heb niet het gevoel dat ik al aan pensioen toe ben. Mijn snelheid is nog niet afgebot en ik ben nog even gemotiveerd en gepassioneerd als op de eerste dag van mijn carrière. Plus dat ik nu mijn ervaring als wapen kan uitspelen. Ik zie me dus nog niet meteen afhaken. door Eric Faure'Buitenlanders voelen zich vaak verloren in de Westhoek.'