Veel ontzag was er bij de spelers van Club Brugge toen Rik Coppens daar in oktober 1981 als trainer neerstreek. Hij was de opvolger van de al na drie maanden doorgestuurde Luxemburger Spitz Kohn. De voormalige spits, rad van tong, riep dat hij het voetbalplezier zou terugbrengen. Verbijstering was er tijdens het allereerste trainingspartijtje: Coppens deed mee en nam alle vrij- en hoekschoppen zelf. Hij wilde zijn virtuoze balbehandeling showen en speelde net zo lang tot het team waarin hij stond won. Coppens kon de draad met zijn spelersverleden niet doorknippen. Hij vertelde graag over zijn vroegere heldendaden en bewierookte zichzelf constant. Maar toen hij voor de eerste keer de ploeg van Club Brugge moest samenstellen, bleef er van die branie niet veel over. Dan trok Coppens zich met zeven spelers terug en werd er uren gediscussieerd. De Antwerpenaar kon n...

Veel ontzag was er bij de spelers van Club Brugge toen Rik Coppens daar in oktober 1981 als trainer neerstreek. Hij was de opvolger van de al na drie maanden doorgestuurde Luxemburger Spitz Kohn. De voormalige spits, rad van tong, riep dat hij het voetbalplezier zou terugbrengen. Verbijstering was er tijdens het allereerste trainingspartijtje: Coppens deed mee en nam alle vrij- en hoekschoppen zelf. Hij wilde zijn virtuoze balbehandeling showen en speelde net zo lang tot het team waarin hij stond won. Coppens kon de draad met zijn spelersverleden niet doorknippen. Hij vertelde graag over zijn vroegere heldendaden en bewierookte zichzelf constant. Maar toen hij voor de eerste keer de ploeg van Club Brugge moest samenstellen, bleef er van die branie niet veel over. Dan trok Coppens zich met zeven spelers terug en werd er uren gediscussieerd. De Antwerpenaar kon niet beslissen wie wel of niet speelde. Die twijfel hoorde niet bij de vorige week donderdag overleden Rik Coppens, het was als het ware zijn verborgen kant. Een onophoudelijke lofzang over zijn kwaliteiten en vreemde invallen liepen als een rode draad doorheen zijn carrière. Coppens die een keeper dribbelde, terugkeerde, nog eens dribbelde en pas dan scoorde. Of Coppens die een strafschop met de hiel trapte, terwijl hij met de rug naar het doel zogezegd aanwijzingen gaf aan zijn ploegmaats. Rik Coppens was een natuurtalent van het zuiverste soort, een publieksspeler zoals er weinig zijn geweest. Toen hij na een lange blessure eens zijn wederoptreden maakte bij de invallers van Beerschot kwamen er... 13.000 toeschouwers kijken. Over Rik Coppens worden veel onwaarschijnlijke verhalen en anekdotes - zie het document op p. 88 - verteld. Hij zou een halfuur voor iedere wedstrijd in zijn Cadillac op Beerschot arriveren, hij zou de dag voor een match zijn rechtstreekse tegenstander hebben opgebeld om hem de raad te geven thuis te blijven om niet belachelijk gemaakt te worden, hij zou maar één keer per week hebben getraind, Coppens sprak het allemaal niet tegen. Hij cultiveerde een bepaalde beeldvorming. En hij viel door niets uit zijn evenwicht te brengen, ook niet als er constant werd gelachen met zijn grote neus. Dan zei Coppens dat hij dit als een compliment opvatte. Omdat alle groten der aarde een grote neus hadden. Hij noemde ze meteen op: Napoleon, de Egyptische president Abdel Nasser, Charles De Gaulle en... Rik Coppens. Bescheidenheid bleek nooit aan hem besteed. En hij was verbaal even scherp als met de voeten. Coppens praatte nerveus en razendsnel, een salvo van woorden rolde uit zijn mond. Vreemd dat zo'n geniale voetballer zo'n schraal palmares heeft. Coppens werd nooit kampioen. Hij bleef te lang aan Beerschot vastgekluisterd waar hij een prof was maar net genoeg verdiende om te overleven. En hij moest aanbiedingen van Europese topclubs als Barcelona en Inter afslaan omdat het toenmalige reglement stipuleerde dat je eigendom was van de club waarbij je je eerste aansluitingskaart tekende. Erg vond Rik Coppens dat eigenlijk niet. Hij fladderde als een vlinder door het leven, vrij en blij. Na een training in zijn stamcafé in Hoboken een pintje gaan drinken, uit vakantie terugkeren als de competitie al bezig was, weigeren een wedstrijd tegen Verviers te spelen omdat hij niet tegen potstampers wilde aantreden, Coppens deed het en niemand die deze non-conformist op de vingers durfde te tikken. Slechts zelden trad Rik Coppens de afgelopen jaren nog in de publiciteit. Als dat wel gebeurde, dan praatte hij met verbittering over het niveau van het voetbal en zijn hart bloedde als het over Beerschot ging. Steeds meer leek hij zich af te keren van de club waar hij groot werd. Vanuit zijn appartement in Wilrijk had hij nochtans een zicht op de lichtmasten van het Kiel. Of ze daar voor hem geen ereloge moesten bouwen, wilde iemand ooit weten. Coppens haalde de schouders op. Beerschot? Ze hadden, zuchtte hij, in het boek over 100 jaar Beerschot zijn geboortedatum verkeerd geschreven. En een ereloge? Die moest dan wel gedraaid kunnen worden. Zodat hij eventueel naar iets anders kon kijken dan voetbal. Het was het icoon ten voeten uit. Zaterdag wordt Rik Coppens in Antwerpen begraven. De hele voetbalwereld zal aanwezig zijn. Als laatste hulde aan een vrijgevochten artiest. DOOR JACQUES SYSRik Coppens cultiveerde een bepaalde beeldvorming.