Sinds dit seizoen zijn de Belgische eersteklasseclubs verplicht om elke wedstrijd vier Belgen op het scheidsrechtersblad in te vullen (waarop twaalf spelers mogen staan). Bedoeling was om zo de Belgische inbreng wat te verhogen, want de voorbije jaren evolueerde onze competitie steeds meer naar een veredeld B-kampioenschap van Amerikaanse interim-spelers. Zeker nu de limiet op Amerikaanse spelers niet meer van kracht is.
...

Sinds dit seizoen zijn de Belgische eersteklasseclubs verplicht om elke wedstrijd vier Belgen op het scheidsrechtersblad in te vullen (waarop twaalf spelers mogen staan). Bedoeling was om zo de Belgische inbreng wat te verhogen, want de voorbije jaren evolueerde onze competitie steeds meer naar een veredeld B-kampioenschap van Amerikaanse interim-spelers. Zeker nu de limiet op Amerikaanse spelers niet meer van kracht is. De ingreep van de BLB (Liga van eersteklassers) om verplicht vier Belgen in de kern op te nemen, is echter een maat voor niets, want in de praktijk worden toch bijna nooit meer dan acht of negen spelers gebruikt tijdens een basketpartij. Twee weken geleden organiseerde de BLB een vergadering waarop bijkomende maatregelen werden besproken, zoals de verplichting om minimaal vijf Belgische spelers in de wedstrijdkern op te nemen, waarvan er telkens permanent één op het veld moet staan. Clubs als Gent en Antwerp waren gewonnen voor het idee, maar Oostende, Luik en Bergen stemden tegen. Zij vrezen een devaluatie van het kampioenschap. "De gesprekken zijn nog lopende", verduidelijkt BLB-voorzitter Guy Vervaeke. "Als het van mij afhangt, spelen we vanaf nu onmiddellijk met acht Belgen en maximaal vier buitenlanders, maar het basketbal staat uiteraard niet boven de wetgeving. De legislatuur van de Europese Unie is duidelijk: vrij verkeer van arbeidskrachten. En wat doe je bijvoorbeeld met de Kroaten? Zij maken (nog) geen deel uit van de EU, maar worden wel beschouwd als Bosman B-spelers. Als wij een reglement uitvaardigen dat daarmee in strijd is, krijgen we meteen een proces aan onze broek, ... dat we zeker verliezen." "We moeten ook het systeem van de opleidingsvergoedingen grondig bespreken", gaat Vervaeke verder. "Ik begrijp dat clubs niet happig zijn om te investeren in eigen jeugd als ze weten dat die jonge talenten nadien gratis weg kunnen." Giovanni Bozzi, sportief manager van Luik en voormalig Belgisch bondscoach, verdedigt de obstruerende houding van zijn club: "Ik droom er ook van ooit met twaalf Belgen op het wedstrijdblad aan te treden, maar daar zijn we nu niet klaar voor. In de huidige situatie zal zo'n verplichting maar één gevolg hebben: dat de paar Belgen die het niveau van de eerste klasse halen nog duurder zullen worden. Dat we eerst eens beginnen met elke eersteklasser te verplichten een jeugdopleidingscentrum te starten." S