Pep Guardiola strooit nog wat Parmezaanse kaas op zijn pastagerecht. Bayern München heeft net weer een van zijn thuiswedstrijden gewonnen en de Catalaanse coach praat over voetbal in het restaurant van de Allianz Arena. Tegenover hem zit en luistert Patricia González, selectieverantwoordelijke van de U17 van Azerbeidzjan. Ze wil praktische tips. Pep geeft er één. De allerbelangrijkste, volgens hem: 'Zet altijd de beste spelers op het veld. Altijd.' Op de vraag wie dat dan zijn, de besten, antwoordt Pep: 'Zij die nooit de bal verliezen. Zij die de bal afspelen en hem noot kwijtraken. Dat zijn de besten, die moeten altijd spelen.'
...

Pep Guardiola strooit nog wat Parmezaanse kaas op zijn pastagerecht. Bayern München heeft net weer een van zijn thuiswedstrijden gewonnen en de Catalaanse coach praat over voetbal in het restaurant van de Allianz Arena. Tegenover hem zit en luistert Patricia González, selectieverantwoordelijke van de U17 van Azerbeidzjan. Ze wil praktische tips. Pep geeft er één. De allerbelangrijkste, volgens hem: 'Zet altijd de beste spelers op het veld. Altijd.' Op de vraag wie dat dan zijn, de besten, antwoordt Pep: 'Zij die nooit de bal verliezen. Zij die de bal afspelen en hem noot kwijtraken. Dat zijn de besten, die moeten altijd spelen.' In drie wedstrijden van de Champions League heeft Sven Kums de bal welgeteld drie keer verloren. Misschien drie keer te veel, volgens de strenge normen van Pep Guardiola, maar toch: na België ontdekt ook Europa de man die de Gentse voetbalfeesten animeert. De deejay van de mooie avonden in de Ghelamco Arena. Sven Kums bepaalt het ritme van hoe er gevoetbald wordt in Gent. Daarom is Gent 'de meest Spaans ogende ploeg van België', zoals trainer Hein Vanhaezebrouck voor de match tegen Valencia stelde. Om te omschrijven waar de kapitein van de Buffalo's voor staat, moet je de Pyreneeën over. Sven Kums is een voetballer uit La Liga die verdwaald is in een opleidingsfabriek voor de Premier League. In het Belgische voetbal tellen centimeters en spieren, waarbij men weleens wil vergeten dat talent niet altijd van een meetlat afgelezen kan worden. Kums is een ander soort speler. Eén die in een land als Engeland nooit doorgebroken zou zijn. Een valse nummer zes, een voetballer die het spel maakt, net voor de verdediging. Zoek ze maar in de hele Premier League: je zal er geen vinden, sinds Xabi Alonso Anfield Road heeft verlaten. Om de voetbalfilosofie van de topfavoriet voor de komende Gouden Schoen te begrijpen, moet je naar het zuiden. Richting Spanje, het land van de toque. Daar waar de uitkomst van een wedstrijd altijd beslist wordt door ideeën in het hoofd en een bal in de voeten. Sven Kums is wat men in La Liga een mediocentro noemt. Mediocentro is geen plaats op het veld, maar een rol. Die van de man die de aanvallende impulsen geeft, en die de tijd beheerst door ploeg én bal te sturen. Sven Kums kiest waar de bal naartoe gaat wanneer hij zich in de rangen van de Buffalo's bevindt. 'Ik probeer het spel te verdelen en de anderen te laten voetballen. Dat is mijn belangrijkste taak', vertelt de man die de Gentse voetbalgedachte vorm geeft. 'Ik tracht vooral aanspeelbaar te zijn en ervoor te zorgen dat anderen beslissend kunnen zijn.' Zo aanspeelbaar is Kums dat hij de bal de hele tijd raakt: met gemiddeld 81 balcontacten tijdens een Champions Leaguematch vormen zijn voeten het epicentrum van het balbezitvoetbal van Hein Vanhaezebrouck. Zodra Kums de bal raakt, komt het spel op gang. In de eerste plaats omdat het onmogelijk is om hem die bal af te nemen. Het is een gave, de bal zo af te schermen dat de tegenstander er net niet bij kan, en hem toch dicht genoeg te houden om nooit de controle te verliezen. Dan is er het moment waarop de kapitein zich draait, en alles begint. 'Sven is een echte nummer zes, een bruggenbouwer', herinnert Ron Jans zich, voormalig trainer van Standard, maar tevoren ook Kums' coach bij Heerenveen. Kums bouwt erg snel: één controle volstaat om zich in de richting van het spel te plaatsen, met één oogopslag heeft hij gezien waar die bal naartoe moet, en hop, de pass is vertrokken. Meestal naar voren (66 % van zijn passes in de Champions League gaat die kant op), en altijd geïnspireerd. Een gemakkelijk ogende routine, én accuraat bovendien, gemiddeld zo'n 70 keer in een Europese match. Zijn meesterschap over de bal is de meest Spaanse eigenschap van Kums. Een technische kwaliteit die minder in het oog springt dan een dribbel, maar minder voorspelbaar is dan de meeste technische gestes. 'Qua balcontrole is hij een van de besten in België', pochte Hein Vanhaezebrouck nog, kort voor Kums in het Mestallastadion aantrad. 'Hij is onze Dani Parejo, en ik ben zeker dat hij bij een Spaanse topclub zou meekunnen. Was hij geboren in Valencia, hij had hier vanavond gespeeld.' Op het terrein in Valencia voelde Kums zich gewoon thuis. Het zal geen toeval geweest zijn dat hij er voor het eerst in drie Europese matchen geen enkele keer de bal verloor. Een goeie maestro weet wanneer hij het tempo moet wijzigen: opdrijven of vertragen. De nummer veertien van Gent verandert in een oogopslag het ritme. 'Ik ben degene die het tempo van Gent bepaalt', zegt hij. De uitvoeringen staan op de Gentse partituur: naar links, richting de balvaste passeur Thomas Matton (goed voor 87 % aangekomen passes in de Champions League), waardoor Gent heel hoog balbezit kan spelen. Of naar de andere kant, naar de opkomende Thomas Foket, of diep, wanneer Laurent Depoitre de bal vraagt. Kums kiest afwisselend voor diepgang en zekerheid. Goed voor 91 geslaagde passes naar links en 108 naar rechts in de tot nog toe gespeelde Champions Leaguewedstrijden. Hij zorgt voor ritmeveranderingen zonder sprints. 'Hij versnelt het spel zonder zelf sneller te lopen', zegt Ron Jans. Kums geeft geen pass om te passen, maar speelt de bal door met een bepaalde intentie, altijd weer. Ook daarvoor heeft het Spaans een welbepaalde term: jugador con pausa. Een speler die als het ware met de afstandsbediening van buiten het veld bepaalt wat er op het veld gebeurt, en in welk tempo, met de toets 'vertragen' of 'versnellen' binnen handbereik. Play, pause, versneld afspelen: Kums' passes zijn verantwoordelijk voor wat het wordt. Een kwaliteit die enkel weggelegd is voor voetballers die snel kunnen spelen. 'De meerwaarde die ik aan de Rode Duivels kan bieden, is mijn handelingssnelheid', vertelde Kums, net nadat hij international werd. 'Ik denk en voer sneller uit dan sommige anderen, omdat ik vaak in één of twee tijden speel, niet meer.' Die eigenschap viel vooral in de Champions League op, wanneer Kums de bal controleert, en hem vervolgens met een kruispass naar de andere kant van het terrein stuurt, links of rechts vooruit, zonder zelfs even na te denken of een extra stap te zetten. Die snelheid van uitvoering maakt het verschil. Op die manier overbrugt de Gentse spelmaker met één pass één of twee linies, met bestemming Depoitre of Foket. Kums speelt zo snel dat hij gemiddeld 2,7 fouten per wedstrijd uitlokt. Dat is evenveel als Eden Hazard of Alexis Sánchez, die op een hoger niveau in de Premier League nochtans de naam hebben vaak tegen de vlakte te gaan. Om het ritme te veranderen, helpt een goeie lange bal. Ook in die materie is Kums een expert. Met 9,3 lange ballen per match is hij dit seizoen in de Champions League de vierde veldspeler die het snelst het spel van de ene kant van het terrein naar de andere verlegt, enkel voorafgegaan door Bonucci (Juventus), Casemiro (Real Madrid)en Schneiderlin (Man Utd).Maar waar de verdediger van Juventus vaak de bal mis trapt (met slechts 62,5 % passes die aankomen) komen bij Kums 80 % van de ballen aan. Zo'n precisie halen ook Schneiderlin (77 %) en Casemiro (74 %) niet. Voor de eigen verdediging is Kums de Gentse deejay, die zijn ploegmaats in beweging zet, voor een rumba of, als het moet, een slow. Hein Vanhaezebrouck mag dan wel de choreograaf zijn, maar het is de kapitein die aangeeft wat het volgende nummer is dat wordt gespeeld. De beste omschrijvingen voor het spel van Sven Kums zijn diegene die weleens aangehaald worden bij de typering van een nummer tien. En toch is het als verdedigende middenvelder dat de speler uit Asse zich definitief heeft geïnstalleerd, nadat hij bij de jeugd van Anderlecht gevormd werd achter de spitsen. 'Vroeger, toen ik erg mager was, wilde ik op de tien spelen, nu voel ik me op mijn best voor de verdediging.' Dat is een positie die doorgaans voorbehouden wordt voor pitbulls, maar die vandaag ook opengesteld is voor spelmakers. Dat had Sven Kums meteen door toen hij bij Heerenveen arriveerde: 'Ik ben een soort spelmaker, maar ik moet ook mijn deel van het verdedigend werk opknappen, dus moet je me niet als een nummer tien omschrijven. Daarvoor scoor ik te weinig. Laat me het spel verdelen, naar voren toe, en ik voel me op mijn best.' Bij AA Gent is Kums' ideale voetbalrecept niet veranderd. De kapitein is er altijd om zijn verdedigers bij te staan bij de omschakeling van balverlies naar aanval. Want Kums verdedigt ook mee. Met 4,7 tackles per match is hij een van de tien spelers in de huidige Europese campagne die het meest zijn truitje en zijn short vuil durven maken. Voeg daar nog aan toe dat hij perfect het spel leest, waardoor hij gemiddeld 1,3 ballen per match onderschept (waarmee hij de beste Gentenaar is, op de verdedigers na) en je krijgt een waardevolle pion in het defensieve netwerk van de Buffalo's. En niet te vergeten: Sven rent. Hij rent vaak en veel, een beetje à la Andrea Pirlo,die behoorlijk wat kilometers afmaalt maar nooit de indruk geeft veel te lopen. Qua afgelegde kilometer is Kums na kilometervreter Renato Neto de tweede Buffalo, en in de Champions League maakte hij op 20 spelers na de meeste meters, gemiddeld 10,866 kilometer per wedstrijd. Meer dan atleten als Paul Pogba of Radja Nainggolan. Het is de prijs die Kums graag betaalt om zijn verdedigers te helpen om de aanval op te zetten en de aanvallende spelers naar best vermogen aan te spelen in de laatste 30 meter van het veld. Leider word je ook door kilometers te vreten. Over drie maanden viert Kums zijn 28e verjaardag. Men kan zich afvragen waarom zijn talent zo lang onder de radar is gebleven terwijl zijn goeie voeten al het brein vormden bij het Zulte Waregem van Thorgan Hazard. Kums was toen al de auteur van het scenario van tal van wedstrijden zonder dat zijn naam achteraf genoemd werd. Een ghostwriter, kortom. Niet het type schrijver dat zijn boek in de ik-vorm giet. Maar Sven Kums schrijft geen boeken, hij speelt voetbal. En soms wil men hem dat beletten. Zoals onlangs op Mouscron-Péruwelz, toen hij uit de val die men voor hem had gespannen ontsnapte, en een compliment kreeg van zijn trainer: 'Sven heeft hier gespeeld zoals hij al heel zijn leven doet: hij draagt de match. Alleen is hij dit seizoen nog meer beslissend omdat hij vaker in de zone van de waarheid opduikt.' Voorlopig zit Kums al aan zes goals en drie assists in de drie competities samen. Niet slecht voor iemand die aan het begin van het seizoen aangaf nog vatbaar te zijn voor verbetering, omdat hij nog 'te weinig scoort en onvoldoende assists aflevert'. Dit seizoen is de bewonderaar van Xavi getransformeerd tot de Iniesta van de Ghelamco Arena. Er zit veel van Don Andrés in de unieke manier waarop Kums, bal aan de voet, de linies overschrijdt, zonder technische gestes waarmee hij YouTube haalt. Kums geeft de indruk zijn tegenstanders uit te schakelen zonder te forceren, zelfs zonder ritmeveranderingen, alsof hij zijn directe tegenstander gewoon een fractie van een seconde verlamt. Overdrijven doet de maestro niet, met gemiddeld 1,3 key passes (die leiden tot een schot op doel) per match: evenveel als Danijel Milicevic,die zijn statistieken omhoog krijgt door de vrije trappen te nemen, maar minder dan pakweg Renato Neto. Afwerken doet Kums nog minder: in drie Europese wedstrijden schoot hij maar twee keer op doel. Zelfs Nana Asare doet beter. Het genie van Kums ligt elders. In die lange minuten waarin hij vaak aan de bal komt zonder hem te verliezen, om te beginnen. Op dat punt lijkt de metronoom van Gent nog het meest op Xavi. Het soort speler waar de Catalaan het in het Spaanse voetbalblad Panenka over heeft wanneer hij aanhaalt hoe vreselijk hij het vindt een bal te verliezen. 'Ik haat het om de bal kwijt te raken. Ik vind het zelfs nog erger de bal te verliezen dan een goal te missen. Als ik een bal verlies, verwijt ik me dat ik er niet genoeg zorg voor gedragen heb.' Ook Kums vindt het erg de bal te verliezen. Net als Xavi heeft hij daarom geleerd op het juiste moment op de juiste plek te staan, met zijn lichaam zo goed mogelijk geplaatst opdat de bal hem niet afgenomen wordt, om zich ervan te verzekeren dat het contact met de bal geen slotnoot is van een stuk van de partituur, maar de aanzet tot een nieuwe strofe in het Gentse voetballied. Dan is er ook nog Sven Iniesta, degene die oplossingen vindt in het voorste derde van het terrein. In de Champions League belandde 36 % van Kums' passes in de diepste 30 meter van het veld. Meer dan één op de drie passes is dat. Daar zitten twee sublieme acties bij, één pass voor Milicevic en één voor Matton, goed voor twee goals. Twee goals waarvan men zich vooral het voorbereidende werk herinnert, omdat niemand de opening had gezien voor de bal van de voet van de maestro vertrok. Zelfs niet de tv-regisseur, die een oog heeft op alle camera's en van wie men verwacht dat hij alles ziet. Alles, behalve de onvoorspelbare passes. Daarom is Sven Kums geen scenarioschrijver als een ander. Zijn ogen zagen altijd al alles, maar niemand merkte hem ooit in die rol op, tot Hein Vanhaezebrouck hem tot orkestmeester van de Ghelamco Arena benoemde, en de tien andere spelers aanmaande om zich ten dienste te stellen van de kapitein en mee te spelen in diens partituur. Met een titel op zak en een verhoogd zelfvertrouwen lijkt Sven Kums met enige jaren vertraging op weg naar de absolute top, met demonstratievoetbal in de Champions League, een hattrick in de Slag om Vlaanderen (tegen Club), en een optie op de Gouden Schoen. Wat volgt? Een transfer naar de Liga waar hij wonderwel zou passen? Of een uitnodiging voor het grote voetbalfeest in Frankrijk komende zomer, met de nationale ploeg? Als de Rode Duivels, die soms traag voetballen, nog behoefte hebben aan iets, dan wel aan een maestro die sneller denkt dan de anderen. DOOR GUILLAUME GAUTIER - FOTO'S KOEN BAUTERSDit seizoen is de bewonderaar van Xavi getransformeerd tot de Iniesta van de Ghelamco Arena. Sven Kums is een voetballer uit La Liga die verdwaald is in een opleidingsfabriek voor de Premier League.