Pieter Gerkens: 'Ik voel me hier goed. Als je bij een nieuwe club aankomt en je mag direct meedoen, onmiddellijk ook het vertrouwen van de coach en de club krijgt, dan ben je blij. In mijn eerste match kon ik direct scoren, mijn tweede won ik. Maar net als voor de ploeg is er ook voor mij nog veel ruimte voor progressie. Het voorbije jaar heb ik amper gespeeld, ik mis nog wedstrijdritme. Zodra we als ploeg op elkaar zijn ingespeeld, zal ik me wel nog meer in de picture kunnen voetballen, denk ik.
...

Pieter Gerkens: 'Ik voel me hier goed. Als je bij een nieuwe club aankomt en je mag direct meedoen, onmiddellijk ook het vertrouwen van de coach en de club krijgt, dan ben je blij. In mijn eerste match kon ik direct scoren, mijn tweede won ik. Maar net als voor de ploeg is er ook voor mij nog veel ruimte voor progressie. Het voorbije jaar heb ik amper gespeeld, ik mis nog wedstrijdritme. Zodra we als ploeg op elkaar zijn ingespeeld, zal ik me wel nog meer in de picture kunnen voetballen, denk ik. 'We zijn met veel middenvelders, maar nagenoeg allemaal andere profielen. Ik denk dat het mijne nog het dichtste aanleunt bij Alexis de Sart. Het verschil moet ik maken met mijn loopacties in de box. Met Lior Refaelov en Dieumerci Mbokani hebben we niet direct spelers met diepgang in hun spel en dat is net een van mijn kwaliteiten. In balbezit ben ik degene die de loopacties moet maken in de rug van de verdediging, om daar wat ruimte te creëren. Voor mezelf, of voor Rafa. In balverlies zakt Faris Haroun wat in en is het aan Rafa, Mbo en mij om de druk op te starten. Energie brengen in de pressing is de bedoeling, waarbij ik alles op gang moet brengen en de hele ploeg mee moet zien te krijgen. Dat is, in grote lijnen, de idee achter mijn wedstrijden. 'Ondankbaar? ( lacht) Ik denk dat het altijd mijn voetbal geweest is, iets meer zonder bal de loopacties maken dan mét de bal het verschil. Een ploeg heeft nood aan voetballers die ruimte creëren voor anderen, dynamiek brengen in een ploeg. Ik kan wél begrijpen dat je als fan, of als toeschouwer, naar een wedstrijd zit te kijken en bedenkt: 'Zeg, die Gerkens, die heeft geen twee ballen geraakt, waar zit die eigenlijk?' Maar als niemand die loopacties maakt, krijgt een verdediging het wel héél gemakkelijk, dan kan ze op één lijn blijven en telkens naar voren drukken. Dan moet ze zich geen zorgen maken over ruimtes in haar rug en is het zéér moeilijk voetballen. Vanuit het middenveld bijna onmogelijk. Tegenwoordig kan iedereen verdedigen. Dat zie je bij ons, maar ook in andere competities. Sinds corona zag je in Duitsland of Engeland in het begin niet echt mooi voetbal en die lijn trekken we in België door. Het was voor iedereen zoeken, ook vanwege die andere beleving, zonder supporters. Voor een goeie match moet Pieter Gerkens niet noodzakelijk veel aan de bal zijn, neen. Als ik meer aan de bal komt, is het wel positief, want dat wil zeggen dat ze mij hebben kunnen bereiken in de hogere posities op het veld. Het is alleen negatief mocht ik de bal laag komen vragen om in de wedstrijd te zitten. Dan ben ik mijn job niet goed aan het doen. Een aanval eindigt beter bij mij, dan dat hij passeert via mij, want in dat geval is er iets minder diepgang of iets minder dreiging van een actie die iets kan creëren. 'Ondankbaar dus? ( lacht) Veel voetballers hebben graag de bal aan de voet om te laten zien wat ze kunnen. Ik heb daar geen nood aan, deze rol past meer bij mijn natuur. De sterren, de figuren naar wie iedereen opkijkt, zijn niet de types zoals ik, dat zijn de mannen van de actie, de bal aan de voet. Maar moet je je daaraan spiegelen? Ruud Vormer won er de Gouden Schoen mee. Als ik zijn statistieken kan brengen, assists, goals, is iets gelijkaardigs misschien ook mogelijk.' 'Ik kon genieten van de Duitse revolutie. Het is de gemakkelijkste manier om een resultaat te halen, op voorwaarde dat je zeer fit bent. Wie hoog een ploeg kan vastzetten en van daaruit de counters kan creëren, heeft de snelste weg naar de goal gevonden. Ik zou bijna zeggen dat dit het voetbal van de toekomst is. Dan moet je al bijna een topploeg zijn, van hoog niveau, om daar onderuit te geraken. Het gaat sowieso mis bij de tegenstander en je krijgt kansen. Je zit dan wel heel ver van je eigen goal. Als er dan eens een lijn wordt gepasseerd, moet je ook wel veel snelheid in de ploeg hebben. Die mannen aan de top hebben dat, veel fysiek vermogen om foutjes in de pressing te herstellen. 'Fysiek vermogen, fit zijn, was bij mij vorig seizoen hét aanslepende probleem. Al van in het begin had ik last van de voet. Net voorbij het hielbot, een pees die ontstoken raakte. Ik ben blijven doorspelen, in de voorbereiding, later in de competitie, blijven forceren, tot het in oktober te veel pijn deed. Toen het begon te regenen, kon ik geen ijzeren studs verdragen. Pas dan ben ik gestopt. De revalidatie was ambetant, het was de bedoeling om af te bouwen tot de ontsteking verdween, maar bij elke heropbouw kwam ze terug. Uiteindelijk bleek de pees te kort. Pas toen ze vanzelf, niet na een operatie, scheurde, genas het probleem. Had ik in het begin een klein sneetje laten maken, ik was eind december weer aan het voetballen. Nu niet. Corona viel in die zin moeilijk, ik was net drie weken terug met de groep aan het trainen. Kut. Voor iedereen. Ik heb er dan wel van geprofiteerd om me fysiek weer in orde te zetten. Als je vier maanden niet kunt lopen, is er werk aan de winkel. Nu is het opbouwen naar wedstrijdritme.' 'Achteraf bekeken waren de drie jaar Anderlecht niet de mooiste periode voor de club, noch voor mij. Over het aantal wedstrijden kan ik niet klagen, maar sfeer en resultaten bleven uit. Herstructureringen zijn voor geen enkele club of speler makkelijk. Ik had nooit verwacht dat zoiets kon gebeuren. Geen Europees voetbal twee jaar geleden, geen top zes vorig seizoen, niemand kan zich dat inbeelden bij Anderlecht, toch een instituut in het Belgisch voetbal. Ik heb de grote periodes nooit meegemaakt, maar dat aanvaarden was voor de spelers die kampioen werden niet makkelijk. Het eerste jaar was nog best oké en werden we derde, maar net voor de winterstop nam Marc Coucke over en was er een probleem met de transfers. De ene wilde geen meer doen, de andere wilde ze nog niet doen. Daar hebben we een spits gemist, anders hadden we voor de prijzen kunnen meedoen. Daarna ging het bergaf, al die trainers...'Tijd verloren? Zeker en vast niet. Ik heb Champions League mogen spelen, Europa League, en heb er veel geleerd over mezelf. Voortdurend een nieuwe start, als ploeg, voor jezelf. Uiteraard tast je in het duister. Wat als? Wat als ik had mee gevoetbald in een Anderlecht waar alles goed ging? Je weet niet hoe je carrière er nu dan zou uitzien. Maar dat is gissen. Ik heb er veel geleerd. Zoals? Kijk vooral naar jezelf en probeer op en top fit te zijn, mentaal in goeie staat. Hoe omgaan ook met teleurstellingen en onzekerheden, omgaan met het hele proces van revalideren. Ik was voordien nooit langdurig buiten strijd. Sneller stoppen is de les. Uiteindelijk is een week of twee missen geen ramp, als je er zes maanden inactiviteit mee kunt uitsparen. Maar in topclubs speelt concurrentie mee, je laat niet zomaar je plaats aan een ander. Aan stoppen zijn consequenties verbonden. Achteraf bekeken is het niet slim, maar dat is altijd achteraf. 'Ik ontdekte er ook een rol als valse 9. Dat kan werken, dat geloof ik echt. Het niveau van voetbal dat we brachten, met momenten, daar zat zeker een idee achter. Alleen: je moet er wel komen, niet staan, én het was voor iedereen nieuw. Wat zoeken. Op bepaalde momenten klikte het goed, maar op heel veel momenten was er te weinig diepgang, waardoor we wel goed voetbal speelden, maar we creëerden geen kansen. Eigen aan Anderlecht is ook: het merendeel van de spelers waarvan je denkt 'dat is er eentje voor Anderlecht', zijn voetballers die met de bal, met een actie, een kans kunnen creëren. Vaak zijn zulke jongens iets minder complementair.' 'In mijn geval zijn de ambities groot. Net als die van de club. Deze nieuwe start had ik nodig, ergens met een schone lei kunnen beginnen. Dit is niet de slechtste plaats om dat te doen. De ploeg zit nog in transitie, maar we hebben wel ambitie. Mijn voordeel is: ik ken de trainer uit mijn tijd bij STVV. Een en ander is zeer herkenbaar. Geen copy paste, maar veel elementen komen terug. De tactiek, de manier van trainen, besprekingen. Voor mij is er niet zoveel veranderd. Bij Anderlecht lag dat anders. Ik ging niet zoveel kansen meer krijgen, het was meer middenveldvoetbal en balbezit. Daar hebben ze logische keuzes gemaakt, mijn kwaliteiten als voetballer zijn anders dan wat zij nodig hadden of wilden. Hier kan dat wél tot zijn recht komen. Hoge flanken, meer loopacties, meer ruimte. Dat moet mij liggen.'