Een sprookje, mijnheer, een echt sprookje. Voor Beveren, voor de club, maar ook voor mij." Rik Pauwels wordt nog altijd emotioneel wanneer hij op zijn eerste seizoen aan de Freethiel terugblikt. Een mens zou voor minder. Vier jaar ervoor, in 1974, stond hij nog langs de zijlijn bij SK 's-Gravenwezel, een bevorderingsclubje uit het Antwerpse Schijnbekken, plots werkte hij met een groep voetballers die net de beker van België gewonnen had.
...

Een sprookje, mijnheer, een echt sprookje. Voor Beveren, voor de club, maar ook voor mij." Rik Pauwels wordt nog altijd emotioneel wanneer hij op zijn eerste seizoen aan de Freethiel terugblikt. Een mens zou voor minder. Vier jaar ervoor, in 1974, stond hij nog langs de zijlijn bij SK 's-Gravenwezel, een bevorderingsclubje uit het Antwerpse Schijnbekken, plots werkte hij met een groep voetballers die net de beker van België gewonnen had. Bijna drie uur lang zal Pauwels, die op de verjaardag van Beverens stunt tegen Internazionale 77 jaar geworden is, in zijn geheugen graven. In de flat, negen hoog in de Fruithoflaan in Berchem, luistert zijn echtgenote aandachtig mee. 'Mama', zoals Rik haar noemt, heeft voor chips en koekjes gezorgd, biedt een kopje koffie en 'iets fris' aan en vraagt - een flink stuk voorbij het middaguur - bezorgd: 'Moet ik geen boterhammeke smeren, mijnheer?' Voetbalromantiek. Om de hoek ligt het Ludo Coeckstadion, vroeger Het Rooi, waar Pauwels in de lente van 1974 de UEFA's trainde en de scouting voor de eerste ploeg deed. Tot hij een telefoontje uit de polders kreeg. "Beveren was in de kwartfinale van de beker van België uitgeloot tegen Tongeren, dat net als wij in tweede klasse speelde. Urbain Haesaert, de assistent van Urbain Braems, vroeg of ik hem wat informatie kon bezorgen. Geen probleem natuurlijk, dat gebeurde toen wel meer. Collegialiteit... 'Heb je geen zin om volgend seizoen naar Beveren te komen?', vroeg Haesaert terloops, want hij zou samen met Braems naar Lokeren vertrekken. Van Beveren naar Lokeren, in die tijd... (gooit de armen in de lucht) Vijanden, hé... Het bestuur was al op de hoogte, de supporters nog niet." Pauwels en Marcel Van Goethem, de secretaris van Beveren, bereiken vrij snel een akkoord. De Antwerpenaar wordt trainer van de UEFA's en de reserven, van de eerste ploeg is op dat moment geen sprake. "Het bestuur hoopte stiekem dat Braems bij bekerwinst toch zou blijven." SK Beveren wint de beker van België - 2-0 tegen Sporting Charleroi - maar Braems vertrekt toch. "Groot probleem, hé." De telefoon in de Fruithoflaan rinkelt opnieuw. "Mijnheer Van Goethem, of ik zo snel mogelijk naar Beveren wilde komen. 'Rikske, zou je onze eerste ploeg willen trainen?' Amai... (lacht) Ik besefte heel goed dat dit mijn kans was. Dóén. Ik vroeg wel of ze niemand naast mij konden zetten. Zeven jaar speler-trainer van 's-Gravenwezel, waarmee ik in derde provinciale gestart was, en plots Europees voetbal..." (blaast) Maar het geld is beperkt, daar in de Klapperstraat 151. Creatief zijn, zoals Jan Van Ussel, de apotheker-voorzitter van geel-blauw, die zich een oude studievriend uit Mechelen én lid van zijn... scoutsgroep herinnert: Robert Goethals, nóg een nobele onbekende in 'het wereldje'. De taakverdeling wordt opgemaakt: Goethals technisch-directeur en Pauwels, die onder Goethals nog zijn trainersdiploma behaald had, veldtrainer. "Duidelijk ja, maar Robert woonde in Ieper en gaf les in de sportschool van Brugge, aan de Gentse universiteit én aan de Heizelschool. (zucht) Robert kwam een, maximaal twee keer per week naar Beveren. Ik had óók nog een job, technisch tekenaar bij General Motors, maar stond wel bijna elke avond om halfzes met de jongens op het veld." Úren heeft hij gewerkt, zegt Rik Pauwels. "En in het weekend kreeg ik geregeld een telefoontje van onze voorzitter, mijnheer Van Ussel. 'Rikske, ga je naar de match van de reserven kijken? Kan ik meerijden?' Dan ging ik hem eerst in Beveren ophalen, waarna we naar bijvoorbeeld Mechelen of Antwerpen reden. Een enorm gemoedelijke mens, altijd met een sigaartje in de mond, maar 'hij deed overal de deur dicht'. Geen kwaad woord over de voorzitter, maar het was een spons. Tot op mijn 41e heb ik nooit iets anders dan cola of water gedronken, maar daar wilde hij niet van weten. 'Allee Rikske, word eens een echte vent, drink een pintje.' Dat heb ik dus ook geleerd van onze voorzitter. (lacht) Maar ik moest wel telkens rijden, hé." De vraagtekens zijn groot. Bij de supporters, het bestuur én de minzame Pauwels. "Ik besefte: hier mag niet veel mislopen of het zal snel gedaan zijn. Maar ik had bij Bell Telephone nog met Freddy Buyl samengewerkt. 'Freddy, op jou kan ik toch rekenen, hé?'" Natuurlijk, maar na een zomerse duurloop op het strand van Sint-Anneke blijkt de helft van de spelers spoorloos en komen ze pas een half uur na hun trainer in het stadion aan. "Wellicht plat gereden", lacht Buyl. De dag erna vraagt Pauwels aan de materiaalmeester om een bak bier in de kleedkamer te zetten, het ijs is gebroken. "Met boetes zwaaien had geen enkele zin. Natuurlijk kwam er wel eens iemand te laat, maar de meeste jongens hadden een job, hé?" En, benadrukt Pauwels: "Er zat geen kwaad in. Jean Janssens en Freddy waren de dominante figuren naar wie de anderen luisterden. Ook Jean-Marie Pfaff, een eenzaat binnen de groep.' 'De' Jean-Marie wilde dag en nacht trainen en eiste je volledig op. Soms stond ik 's morgens om zeven uur op Sint-Anneke met medicineballen naar Jean-Marie te gooien. Ik heb er mijn heup op kapot gesjot. (lacht) Hij was zó op zijn carrière gefocust dat hij een beetje naast de groep viel, maar op het einde van het seizoen had hij wel tien punten gepakt. En als hij te vervelend deed, dan zei Freddy Buyl, die ook van Beveren was: 'We gaan het kalm houden hé, Jean-Marie.' "Freddy voelde dat aan. Enorm intelligent, ontwapenende glimlach, maar tegelijk een beenharde verdediger. Nooit gemeen of vulgair, maar hij kon de centervoor bij manier van spreken uitbenen. En in zijn rug - we speelden toen nog met een libero - stond Paul Van Genechten, pompier in Antwerpen, die enorm goed anticipeerde. Die jongens kenden hun rol. Bal recupereren, zo snel mogelijk afgeven aan Heinz (Schönberger, nvdr) en vandaar konden we begin-nen te voetballen. Een rustige jongen in de kleedkamer, maar de motor van onze ploeg. Schön kon als geen ander met de rug naar het doel van de tegenstander spelen, zonder balverlies te lijden, waarna hij zichzelf in een positie manoeuvreerde dat hij het spel voor zich had." 27 september 1978. Na de 3-0 uit de heenwedstrijd trekt SK Beveren met een gerust hart naar Ballymena United, een clubje in het Noord-Ierse binnenland, waar onder anderen acteur Liam Neeson en dominee/politicus Ian Paisley geboren werden. "Ik herinner me nog goed dat we met de bus tussen de wegversperringen moesten slalommen. Ik heb mij in Noord-Ierland op geen enkel moment onveilig gevoeld, tot we de dag van de wedstrijd een ochtendwandeling maakten. Want toen ik onze plaatselijke begeleider een sigaretje aanbood en hij in zijn binnenzak een aansteker wilde nemen, zag ik dat hij een groot pistool bij zich had. Allee zeg, we kwamen toch om te voetballen?" Beveren kwalificeert zich met een 0-3-zege moeiteloos voor de tweede ronde, maar de terugreis wordt een expeditie. Pauwels: "Met het vliegtuig van Belfast naar Heathrow, waar onze tijd om over te stappen beperkt was. Aansluiting naar Zaventem gemist natuurlijk... (lacht) De hele nacht op banken in een luchthaventerminal moeten slapen... Dat was Europees voetbal in de jaren zeventig. Folklore." Net zoals het voetbal in Beveren dat in die periode was. "Gecamoufleerd amateurisme. Alleen onze drie buitenlanders - Erwin Albert, Gustavo Lisazo en Karl-Heinz Wissmann - hadden een profcontract, de andere spelers werkten overdag." Lisazo, de Argentijnse aanvaller, was een fenomeen in het Waasland, maar gaf zijn leven na zijn voetbalcarrière een totaal andere wending en maakte als Saúl Lisazo naam als acteur in soaps en langspeelfilms en was in Zuid-Amerika jarenlang het gezicht van Bacardi. Mevrouw Pauwels: "Mooie gebronsde man." Opvallend: van de drie profs staat enkel Erwin Albert, het seizoen ervoor op de bank bij Hertha Berlijn, wekelijks in de basis. "Nog een onderschatte voetballer. Hij liep houterig, ja, maar hij is dat seizoen met 28 goals wel topschutter in de competitie geworden. Een vat vol vuur, enorme winnaarsmentaliteit. Op training wilde hij altijd tegen Freddy Buyl spelen. Legendarische duels, de vonken sprongen eraf, maar naast het veld waren ze de beste vrienden. Ach, het waren stuk voor stuk mooie mensen. Als er iemand verjaarde, dan zat iedereen samen. Die vriendschap lag voor een groot deel aan de basis van het succes, iedereen ging voor elkaar door het vuur. We waren een grote familie. Vrienden. En 'we' konden nog sjotten ook." Dat blijkt in de terugwedstrijd tegen Rijeka, nadat geel-blauw in Joegoslavië een uitstekende uitgangspositie (0-0) bij elkaar gevoetbald heeft. Pauwels: "2-0 op de Freethiel, twee goals van Marc Baecke. Linksback, hé! Goede voetballer, die zelfs international geworden is (Baecke speelde vijftien keer voor de Rode Duivels, nvdr). Altijd maar de flanken afdweilen, net zoals Eddy Jaspers dat op de rechterkant deed." Beveren mag Europees overwinteren - een onwaarschijnlijk succes - en gaat de winterstop in als herfstkampioen, met vier punten voorsprong op Anderlecht. "Thuis gewonnen van paars-wit, ik zie Rob Rensenbrink nog altijd zijn sporttas op de grond gooien. 'Boeren, boeren, boeren...' Maar Anderlecht was in de tweede ronde met de strafschoppen door Barcelona uitgeschakeld, terwijl wij in de kwartfinale tegen het grote Inter Milaan mochten spelen. Ongelofelijk, hé?' Een Italiaanse journalist van La Gazzetta dello Sport wil alles weten over dat kleine Belgische clubje en zakt naar de Freethiel af. De oogst is mager. Met Erwin Albert praten lukt niet, want hij spreekt alleen Duits. Hij is geïnteresseerd in het verhaal van Jean Janssens, die blijkbaar in de dokken van Antwerpen werkt. Ook moeilijk, want Janssens is alleen het Nederlands machtig. De Italiaanse journalist wil weten of Goethals het geen vernedering vindt om, na zijn job bij de nationale ploeg, nu in Beveren te moeten werken. Neen, fluisteren ze hem in, want de trainer van Beveren is Robért Goethals, niet Raymond. Of ze dan misschien met hem kunnen spreken? Ook niet, want tijdens de week geeft hij les in een school... Nooit eerder meegemaakt. 7 maart 1979, de geel-blauwe semiprofs trekken naar San Siro, waar ze in de kwartfinale Internazionale in de ogen moeten kijken. "Dat was de eerste keer dat we onze tegenstander vooraf gescout hadden. En net zoals tijdens al onze andere verplaatsingen kwam Robert Goethals pas op de dag van de wedstrijd, met het vliegtuig van de supporters, naar Milaan. Ik herinner me nog goed dat Robert met een taxi in ons hotel arriveerde op het moment dat wij met de bus klaarstonden om naar het stadion te vertrekken. En na de match meteen weer terug naar België, terwijl wij nog een nachtje bleven slapen." San Siro, indrukwekkend. "Helse sfeer. Toen we langs de zijlijn naar onze dug-out stapten, stonden die gasten achter de hekken - als leeuwen in een kooi - naar ons te roepen. Cinque! Cinque! We zouden met 5-0 verliezen. (lacht) We waren zó bang, dat we tijdens de wedstrijd geen enkele keer uit onze dug-out gekomen zijn. Jean-Marie pakte alles, in dat decor steeg hij boven zichzelf uit. 0-0. Na de match, toen we in de hoek van het stadion naar de kleedkamer stapten, werden we met appelsienen bekogeld." Pauwels herinnert zich nog altijd de ontvangst op General Motors. "Boven aan de roltrap stond zeker honderd man klaar, mijn tekenplank was met geel-blauwe strikken versierd, iedereen begon spontaan te applaudisseren. Totaal geen jaloezie, al was ik in die periode toch geregeld afwezig. Meer dan zestig dagen verlof zonder wedde moeten nemen, maar ik probeerde wel altijd iets mee te brengen. Twee flesjes slivovitsj, brandewijn, uit Joegoslavië bijvoorbeeld. En: de bedrijven die onze spelers tewerkstelden, pronkten met de successen van de club." Veertien dagen na de 0-0 in San Siro zakken de Italiaanse profs af naar het Waasland, waar ze de avond voor de wedstrijd op het tweede terrein trainen. "Ik zie de mannen van het bestuur van Inter daar nog altijd staan, met hun mooie kasjmieren 'frakken'. Toen de training al een tijdje bezig was, passeerde een landbouwer met zijn koeien, waarvan er eentje zijn staart ophief. Zó'n fonoplaat, mijnheer! (schatert) Wij gingen zoals altijd op afzondering naar een hotel in de haven van Antwerpen, waar we 's morgens nog een fikse wandeling maakten." Beveren is op volle sterkte. Pauwels, over de ploeg: "Baecke, Van Genechten, Buyl en Jaspers, met daarvoor Wim Hofkens, Schönberger en de twee lopers op de flanken - Bert Cluytens en Janssens -, vooraan Bob Stevens en Albert, onze twee torens." Het wordt een onvergetelijke avond op de Freethiel, geteisterd door sneeuwval en zware storm. "Spannend, spannend. Ondraaglijk bijna." En dan, vijf minuten voor tijd: doelpunt Bob Stevens, na een assist van Hofkens, door de legendarische Rik De Saedeleer omschreven als "een actie à la Piet Keizer". Het stadion gaat uit zijn dak, de Beverse bank trilt mee. Mevrouw Pauwels lacht. "Rik rookte toen nog en had om de twee dagen een nieuwe aansteker nodig. Weer eentje verloren, door recht te springen of weg te gooien." (lacht) Beveren mag/moet naar FC Barcelona, mét Johan Neeskens, de laatste halte op weg naar de finale. Pauwels: "Fortuna Düsseldorf was in de andere halve finale, tegen Banik Ostrava, favoriet. General Motors Antwerpen was toen afhankelijk van de Duitse vestiging in Bochum en natuurlijk was het voetbal hét gespreksonderwerk tussen de bazen van de verschillende fabrieken. Mannen onder elkaar praten over voetbal, hé? Toen onze afgevaardigd bestuurder tegen zijn Duitse collega vertelde dat de trainer van Beveren bij hem werkte, viel zijn mond open. Hoe kan dat nu?" 10 april 1979, de spelers van Beveren werken op het tweede veld van FC Barcelona de dag voor de wedstrijd hun laatste training af. "Daar stond zeker 10.000 man te kijken. We moesten zelfs handtekeningen uitdelen. En dan die kleedkamers. (gooit de armen nog maar eens in de lucht) We zagen elkaar amper zitten, zó groot." Beveren verliest na een dubieuze strafschop, omgezet door Carlos Rexach. "Geflikt door de scheidsrechter, want we kwamen in negentig minuten amper in de problemen." Ook daarom is het geloof voor de return groot. Beveren domineert, maar scoort niet. Goethals neemt risico's, maar op een dodelijke counter haalt Baecke de Oostenrijker Hans Krankl neer. Strafschop, terecht. "Einde verhaal." En toch wordt het nog een onvergetelijk seizoen voor de geel-blauwe dorpsploeg, die voor het eerst in haar geschiedenis landskampioen wordt. "Beveren kampioen... Spelers en bestuur werden op General Motors uitgenodigd. Schitterend banket, iedereen kreeg een mooie vulpen. En 's avonds laat hebben ze zelfs nog mijn moustache afgeschoren. Met crèmefraîche! (stilte) Schone herinneringen... Maar weet je wat het mooiste van allemaal is? Dat ik van de meeste spelers rond Nieuwjaar nog altijd een kaartje krijg."?DOOR CHRIS TETAERT - BEELDEN: BELGAIMAGE"Freddy Buyl was nooit gemeen of vulgair, maar hij kon de centervoor bij manier van spreken uitbenen."