Stomverbaasd waren ze in Beveren, toen op 13 augustus 1986 Liverpoolcultheld David Fairclough een testwedstrijd speelde in de halve finale van de beker van Vlaanderen, tegen KV Kortrijk. Fairclough maakte de enige goal en tekende een contract bij de geel-blauwen, een club waarvan hij nog nooit gehoord had.
...

Stomverbaasd waren ze in Beveren, toen op 13 augustus 1986 Liverpoolcultheld David Fairclough een testwedstrijd speelde in de halve finale van de beker van Vlaanderen, tegen KV Kortrijk. Fairclough maakte de enige goal en tekende een contract bij de geel-blauwen, een club waarvan hij nog nooit gehoord had. Liverpool was toen dé topploeg in Europa, en Fairclough had met de Reds vier titels gewonnen, twee keer de Europacup I en één keer de UEFA Cup. Alsof morgen ineens een bekende naam van Real Madrid of FC Barcelona zou tekenen op de Freethiel. Fairclough, die na een seizoen bij het Zwitserse FC Luzern einde contract was, belandde in Beveren via een Belgische zakenman. Dat de Belgische club Europees speelde trok hem wel. Zo belandde hij in het Motel Beveren op de provincieweg van Sint-Niklaas naar Antwerpen, in the middle of nowhere. Alle tijd had hij er voor een interview, in gezelschap van zijn vrouw Jane. Verder had hij daar toch niets omhanden. Een auto had hij nog niet, hij werd opgehaald voor training. Groot was zijn verbazing toen hij op de ochtendtraining maar een paar andere profs aantrof, omdat de meeste spelers nog een dagtaak hadden naast het voetbal. Bij Liverpool kreeg Fairclough, een aanvaller met een neus voor goals, vanaf zijn debuut in 1975 een etiket waar hij nooit meer van af geraakte, dat van supersub. In de acht jaar bij Liverpool stootte hij in de spits op concurrenten als Kevin Keegan, John Toshak, Kenny Dalglish en in zijn laatste jaren op Ian Rush. In de 92 matchen waarin hij aan de aftrap kwam, maakte hij 37 goals, plus nog eens 18 in 62 invalbeurten. Niet voor niets heette zijn biografie ook ' Supersub'. In de finale van Europacup I in 1978 op Wembley tegen Club Brugge (Liverpool won met 1-0) stond hij wel aan de aftrap. In Beveren speelde hij voorin meestal samen met de Poolse spits Marek Kusto. Vooral het eerste jaar onder Ladislav Novák was hij beslissend. Met zijn Europese doelpunten bereikte Beveren de achtste finales tegen Torino. In drie jaar maakte hij er veertien competitiegoals in zeventig wedstrijden. Samen met Erwin Albert is hij met zes doelpunten nog altijd Beverens Europees topschutter aller tijden.