Januari 2011. De eindejaarsfeesten zijn nog maar net achter de rug, maar de diehards van FC Sankt Pauli maken zich grote zorgen. Aan de poorten van Millerntor gaat een petitie van hand tot hand en in de tribunes is de Jolly Roger - de zwart-witte piratenvlag - vervangen door de Jolly Rouge, zwart doodshoofd en gekruiste zwarte botten op een rode achtergrond, hét symbool voor de strijd tegen het Präsidium. 'Geef ons Sankt Pauli terug!', galmt het in de Südkurve, minuten later vult het verzet ook de andere tribunes.

De club, zo vindt protestbeweging Sozialromantiker, heeft sinds de promotie naar de Bundesliga enkele maanden ervoor zijn ziel verloochend. Te veel publicitaire boodschappen, te veel loges in de hoofdtribune, de nieuwe voorzitter - Stefan Orth - wil de naam van het stadion verkopen... En dat er tijdens matchen, in de loge van sponsor/stripteaseclub Susis Show Bar, naakte dames rond een paal kronkelen, druist in tegen alles waar de club voor staat: antiracistisch, antifascistisch, antiseksistisch. Het Präsidium bindt (zoals meestal) in en wanneer de club op het einde van het seizoen, na een 1-8-vernedering door Bayern München, voor een vol huis afscheid van de Bundesliga neemt, is er niemand die een traan laat. 'Je verkoopt jezelf niet voor sportief succes.'

Reeperbahn

Aan de zijlijn kijken Volker Ippig en Cornelius Littmann tevreden toe. De geest van de club is nog maar eens bewaard, vinden de twee boegbeelden. Ippig is een kind van het huis. Hij deed vrijwilligerswerk bij de linkse Sandinisten in Nicaragua en woonde jarenlang in een kraakpand aan de Hafenstrasse, waardoor de doelman in de jaren tachtig een cultstatus genoot. Corny Littman, theatereigenaar/acteur, had de club in 2003 met spitsvondige acties van het faillissement gered en durfde als voetbalvoorzitter voor zijn homoseksualiteit uit te komen. De diehards smulden van zijn oneliners ('Zo ontrouw ik mijn partners ben, zo trouw blijf ik mijn club'), regenboogvlaggen herinneren nog altijd aan zijn passage in de voetbalvrijhaven van links en progressief gedachtegoed.

Tot midden de jaren tachtig was FC Sankt Pauli nochtans een 'gewone' club voor de (haven)arbeiders en bewoners van de gelijknamige wijk, bekend van der Kiez - de rosse buurt rond de Reeperbahn. De wijk was arm en kon niet mee profiteren van de economische groei in de havenstad. Aan de boorden van de Elbe vielen de grote industriële panden in handen van links-radicale en anarchistische krakers, die hun weg vonden naar de club. Toen extreemrechtse hooligans overal in Europa de tribunes overnamen, werden Die Kiezkicker aangemoedigd door een bizarre mix van voetballiefhebbers, punkers, rockers, hippies, krakers en - veel - vrouwen. Alles en iedereen die discrimineert is de vijand, de club voelt zich een wezenlijk onderdeel van de wijk en toen de eerste skyboxen op Millerntor werden gebouwd, werden ze Séparées genoemd. Een knipoog naar het leven langs de Reeperbahn.

Piratenschip

De piratenvlaggen die jarenlang boven de kraakpanden wapperden, verhuisden naar het stadion, als ultiem symbool van verzet. Spelers stappen het veld op begeleid door Hells Bells van AC/DC, bij elk doelpunt wordt Song 2 van Blur door de boxen gejaagd en na de wedstrijd verhuist het feest naar de straten rond Millerntor. Voor jong en oud, arm en rijk, blank en zwart, katholiek en moslim, asielzoeker of Paulianer. 'Een club die voor al het goede staat, behalve voor de winst', klinkt het vaak. Een klein piratenschip in de grote zee van commercialisering.

FC SANKT PAULI

Opgericht

15 mei 1910

Kleuren

wit-bruin

Stadion

Millerntor-Stadion (29.546)

Januari 2011. De eindejaarsfeesten zijn nog maar net achter de rug, maar de diehards van FC Sankt Pauli maken zich grote zorgen. Aan de poorten van Millerntor gaat een petitie van hand tot hand en in de tribunes is de Jolly Roger - de zwart-witte piratenvlag - vervangen door de Jolly Rouge, zwart doodshoofd en gekruiste zwarte botten op een rode achtergrond, hét symbool voor de strijd tegen het Präsidium. 'Geef ons Sankt Pauli terug!', galmt het in de Südkurve, minuten later vult het verzet ook de andere tribunes. De club, zo vindt protestbeweging Sozialromantiker, heeft sinds de promotie naar de Bundesliga enkele maanden ervoor zijn ziel verloochend. Te veel publicitaire boodschappen, te veel loges in de hoofdtribune, de nieuwe voorzitter - Stefan Orth - wil de naam van het stadion verkopen... En dat er tijdens matchen, in de loge van sponsor/stripteaseclub Susis Show Bar, naakte dames rond een paal kronkelen, druist in tegen alles waar de club voor staat: antiracistisch, antifascistisch, antiseksistisch. Het Präsidium bindt (zoals meestal) in en wanneer de club op het einde van het seizoen, na een 1-8-vernedering door Bayern München, voor een vol huis afscheid van de Bundesliga neemt, is er niemand die een traan laat. 'Je verkoopt jezelf niet voor sportief succes.'Aan de zijlijn kijken Volker Ippig en Cornelius Littmann tevreden toe. De geest van de club is nog maar eens bewaard, vinden de twee boegbeelden. Ippig is een kind van het huis. Hij deed vrijwilligerswerk bij de linkse Sandinisten in Nicaragua en woonde jarenlang in een kraakpand aan de Hafenstrasse, waardoor de doelman in de jaren tachtig een cultstatus genoot. Corny Littman, theatereigenaar/acteur, had de club in 2003 met spitsvondige acties van het faillissement gered en durfde als voetbalvoorzitter voor zijn homoseksualiteit uit te komen. De diehards smulden van zijn oneliners ('Zo ontrouw ik mijn partners ben, zo trouw blijf ik mijn club'), regenboogvlaggen herinneren nog altijd aan zijn passage in de voetbalvrijhaven van links en progressief gedachtegoed. Tot midden de jaren tachtig was FC Sankt Pauli nochtans een 'gewone' club voor de (haven)arbeiders en bewoners van de gelijknamige wijk, bekend van der Kiez - de rosse buurt rond de Reeperbahn. De wijk was arm en kon niet mee profiteren van de economische groei in de havenstad. Aan de boorden van de Elbe vielen de grote industriële panden in handen van links-radicale en anarchistische krakers, die hun weg vonden naar de club. Toen extreemrechtse hooligans overal in Europa de tribunes overnamen, werden Die Kiezkicker aangemoedigd door een bizarre mix van voetballiefhebbers, punkers, rockers, hippies, krakers en - veel - vrouwen. Alles en iedereen die discrimineert is de vijand, de club voelt zich een wezenlijk onderdeel van de wijk en toen de eerste skyboxen op Millerntor werden gebouwd, werden ze Séparées genoemd. Een knipoog naar het leven langs de Reeperbahn. De piratenvlaggen die jarenlang boven de kraakpanden wapperden, verhuisden naar het stadion, als ultiem symbool van verzet. Spelers stappen het veld op begeleid door Hells Bells van AC/DC, bij elk doelpunt wordt Song 2 van Blur door de boxen gejaagd en na de wedstrijd verhuist het feest naar de straten rond Millerntor. Voor jong en oud, arm en rijk, blank en zwart, katholiek en moslim, asielzoeker of Paulianer. 'Een club die voor al het goede staat, behalve voor de winst', klinkt het vaak. Een klein piratenschip in de grote zee van commercialisering.