Na de editie van de Gouden Schoen 2018-2019 blijf ik, en met mij vele anderen, met een wrang gevoel zitten. De verkiezing van Hans Vanaken kan ik wel volgen. Hij heeft een prima jaar achter de rug en verdiend deze bekroning dan ook.
...

Na de editie van de Gouden Schoen 2018-2019 blijf ik, en met mij vele anderen, met een wrang gevoel zitten. De verkiezing van Hans Vanaken kan ik wel volgen. Hij heeft een prima jaar achter de rug en verdiend deze bekroning dan ook. Voordien was er twijfel tussen hem en AlejandroPozuelo, die ook een uitstekend jaar achter de rug heeft. Het verwonderd mij wel dat de afstand zo groot was en dat MehdiCarcela nog vóór Pozuelo op plaats twee eindigde. Ongetwijfeld is hij ook een goede voetballer, maar dat hij zelf het niet nodig vond om aanwezig te zijn, typeert wel zijn instelling. Wat de andere prijzen betreft: die kan ik ergens volgen, al is dit wel een kwestie van persoonlijke voorkeur. Bij de trainer van het jaar ( Ivan Leko) kan ik evenwel níet meer volgen. Zowel de analisten als alle andere voetbalkenners waren het er roerend over eens dat er maar één trainer kon winnen: Philippe Clement. Ook de statistieken (Clement bleef in 37 wedstrijden zonder nederlaag - Leko 32) wijzen duidelijk in het voordeel van de Genkse trainer. Leko heeft een prima jaar achter de rug, in zowel de competitie als de Champions League, maar Clement óók: Genk is in de competitie leider, heeft het beste doelsaldo en last but not least: het werd groepswinnaar in de Europa League in een groep met onder meer Besiktas. Misschien voor de volgende editie toch iets verder kijken wat betreft de verkiezingen in de diverse categorieën.