Roger Lemerre, zesvoudig Frans international, begon zijn carrière als bondstrainer bij de militaire ploeg, waarmee hij in 1995 de wereldtitel won. Vervolgens werd hij wereldkampioen als assistent van Aimé Jacquet in 1998 en won hij in 2000 zelf het Europees kampioenschap.
...

Roger Lemerre, zesvoudig Frans international, begon zijn carrière als bondstrainer bij de militaire ploeg, waarmee hij in 1995 de wereldtitel won. Vervolgens werd hij wereldkampioen als assistent van Aimé Jacquet in 1998 en won hij in 2000 zelf het Europees kampioenschap. In 2002 raakte hij echter in de eerste ronde uitgeschakeld op het WK in Japan/Zuid-Korea. Steun kreeg Lemerre van zijn zeer nauw kringetje intimi en daartoe behoort ook Zacharie Noah, de vader van voormalig tennisspeler Yannick Noah. Lemerre voetbalde begin jaren zestig met Noah bij US Sedan-Torcy. Hij hield er een vriend aan over naar wie hij zelfs zijn zoon, Zacharie, noemde. Niet hij, maar de ploeg was zwak geweest, had Noah hem een hart onder de riem gestoken. Tevergeefs. Behalve Lemerre bracht de vroege uitschakeling ook bondsvoorzitter Claude Simonet in verlegenheid : onmogelijk kon hij nu nog de mondelinge belofte hardmaken om Lemerre tot het EK in Portugal aan het roer te houden. Uit principe maakte Lemerre zelf ook geen aanstalten de samenwerking te beëindigen. Dat de bond hem alsnog ontsloeg met de belofte dat hij wel ergens in het technisch kader aanwezig kon blijven, heeft Lemerre zwaar gekrenkt. Hij, die sinds 1986 voor de bond werkte, brak met nagenoeg iedereen en trok naar Tunesië voor eerherstel. Voor hij er in 2002 het trainerschap aanvaardde, belde Roger Lemerre wel met zijn landgenoot en collega Henri Michel, die er vijf maanden had proberen te werken en teleurgesteld had besloten zelf te vertrekken. Een slavenleven, resumeerde Michel de tegenkantingen die hij zich in Tunesië had moeten laten welgevallen. Ça intervenait de tous les côtés, een slagveld van inmenging. Maar, had Michel Lemerre verzekerd, híj hoefde zich geen zorgen meer te maken : met een nieuwe bondsvoorzitter en de organisatie van de Afrikacup in het verschiet zou Tunesië er alles aan doen om de rust rond de nationale ploeg te bewaren. Aldus geschiedde en Tunesië won onder Lemerre, die er ook Espérance trainde, de Afrikacup van 2004. "Ik voel mij geprivilegieerd in Tunesië", zegt hij, die met de Afrikacup en het Europees kampioenschap als enige trainer een landenkampioenschap op twee continenten won. Zijn ervaringen in Frankrijk brachten Lemerre bovendien op het spoor van jonge talenten als Yahia, Namouchi en Benachour, die in hun prillere jeugd nog voor Frankrijk speelden, maar nu de kant van Tunesië kozen. Of het een daad van revanche tegen zijn vaderland is geweest hen daarvan te overtuigen, zal Lemerre zelf niet beweren, maar van de indruk dat hij sinds de mislukte WK-campagne in Japan/Zuid-Korea gedreven wordt door rancune, kan je je maar moeilijk ontdoen. Aan het hoofd van Tunesië staat un homme blessé, weet de Franse pers, met een masker van agressie.