'Hoe ik in aanraking kwam met The Great Old, dat is een straf verhaal dat ik nooit eerder vertelde. Mijn ouders zijn gescheiden. Ik woonde gedurende de week in Antwerpen, maar in het weekend vertoefde ik vaak bij mijn vader. Die wilde centraal wonen tussen Antwerpen en Brussel. Daardoor werd mijn broer fan van KV Mechelen, tijdens de succesperiode van Aad de Mos. Ik trok weleens mee, maar zonder speciaal gevoel daarbij. Als basketprof ging ik wel regelmatig eens naar de fitness in Mortsel. Er was daar een heel toffe kerel, blijkbaar een stevige Antwerpsupporter, die me eens meevroeg voor een match op Club Brugge. Ik dacht meteen: waarom niet? Het enige wat hi...

'Hoe ik in aanraking kwam met The Great Old, dat is een straf verhaal dat ik nooit eerder vertelde. Mijn ouders zijn gescheiden. Ik woonde gedurende de week in Antwerpen, maar in het weekend vertoefde ik vaak bij mijn vader. Die wilde centraal wonen tussen Antwerpen en Brussel. Daardoor werd mijn broer fan van KV Mechelen, tijdens de succesperiode van Aad de Mos. Ik trok weleens mee, maar zonder speciaal gevoel daarbij. Als basketprof ging ik wel regelmatig eens naar de fitness in Mortsel. Er was daar een heel toffe kerel, blijkbaar een stevige Antwerpsupporter, die me eens meevroeg voor een match op Club Brugge. Ik dacht meteen: waarom niet? Het enige wat hij niet had meegegeven, was dat ze voor de match in het bos hadden afgesproken om te vechten. (lacht) We waren dus vertrokken in colonne, met zeker honderd tot honderdvijftig wagens. En plots zat ik dus midden in twee rivaliserende clans. Maar ik ben geen meter achteruit gegaan, hé. Daarmee heb ik hun respect verdiend. 'Wat me het meest bijbleef, dat waren de mannen die me achteraf kwamen opzoeken en op hun borst klopten. Niet om te vechten, maar als wij-gevoel van een groep die achter zijn ploeg staat. Nadien, in dat supportersvak, met duizenden scanderen: 'Wat is de prijs van patatten?', dat vond ik magistraal. 'Tribune 2, dat is de place to be tussen de Kempenboys van mijn veel meer fanatieke zeventienjarige zoon Lex. Die jongen is nu al bloednerveus voor de terugkeer op het hoogste niveau. Dat abonnement kon er niet snel genoeg zijn. In die tribune zit iedereen: advocaten, ministers, dokwerkers, junkies, topsporters, professors, havenarbeiders. Dat is mooi. Antwerp is de enige club die wordt gecatalogiseerd als die van de zware jongens. En die zitten ook op tribune 1, maar evengoed in de loges of in de familietribune. Patrick Decuyper vergaloppeerde zich door na de titel uit te halen naar die gasten. Dat doe je niet, vooral niet op die manier en op dat moment. 'Het meest magische moment was die penalty van Geoffry Hairemans op de Bosuil tegen Lommel United. Grote klasse, want ik beleef dat mee als ex-topsporter. Een ander hoogtepunt is de 5-3 tegen onze buren van Beerschot. We kwamen 0-3 achter, maar panikeerden nooit. Ik was toen one of the boys, want regelmatig ging ik eentje drinken met krijgers als Patje Goots, Darko Pivaljevic, Dragan Siljanoski en Harald Pinxten. Op de momenten dat ze er moesten staan, stonden ze er, ook al rookten ze graag eens of zaten ze vaak in de velvet lounge. Snap je? Dat was de periode van Regi Van Acker als coach. Die gaf me eens een high five, nadat ik tegen Club Brugge de aftrap had gegeven en met de bal aan de voet Dany Verlinden vloerde. Die was wel pissed, omdat ik waarschijnlijk zijn ritueel had doorbroken. Maar ik was uitgedaagd door die spelers, het toonde mijn verbondenheid. 'Antwerp, daar hangt een vleugje rock-'n-roll aan vast. Dat moet gewoon zo. Luciano D'Onofrio en Paul Gheysens, die me spontaan doet denken aan Arnold Schwarzenegger, hebben daar de stijl en uitstraling voor. D'Onofrio zit nu bij een tweede Standard qua passie en vurigheid. Onderschat nooit de kracht van het legioen op de Bosuil. We zijn echt klaar voor nieuwe mirakels.' door Frédéric Vanheule - foto's Belgaimage'Toen ik Dany Verlinden had gevloerd, kreeg ik een high five van Regi Van Acker.' Pieter Loridon