Woensdag 29/10

Wat doet een pornoster na haar uren? De kwestie is opgeworpen door Tim Smolders in onze befaamde rubriek 'Doorgevraagd', waarin voetballers met ongebruikelijke vragen worden geconfronteerd. Of preciezer geformuleerd: met vragen om van door uw stoel te zakken.
...

Wat doet een pornoster na haar uren? De kwestie is opgeworpen door Tim Smolders in onze befaamde rubriek 'Doorgevraagd', waarin voetballers met ongebruikelijke vragen worden geconfronteerd. Of preciezer geformuleerd: met vragen om van door uw stoel te zakken. Wij hebben hier al vaker betoogd dat 'Doorgevraagd' de op één na beste rubriek is van ons blad. Na de 'Intro' van Jacques Sys uiteraard. Week na week raken wij daar meer van overtuigd. De reeks van Fibonacci van Frederik Boi, en hoe je daarmee kunt berekenen hoe snel ratten paren, dat vind je toch nergens anders? Van de helft van de mooie vrouwen die deze rubriek sieren, hebben wij nog nooit gehoord. Thandie Newton zeg, wij wisten niet beter of dat was die van de zwaartekracht. En van eureka, of slaan wij nu twee wetten uit de fysica door elkaar? Newton en Archimedes: wie van de twee zat in zijn bad en zag de zeep ondergaan, en wie van de twee zat onder een boom en kreeg een appel op zijn kop? Tim Smolders had ons eerst al verbaasd door feilloos de stelling van Pythagoras op te zeggen, wat in het verleden toch niet veel vedetten van Sporting Charleroi zonder haperen voor elkaar zouden hebben gebracht. Wij vragen ons af of iemand aan Georget Bertoncello of aan de lange Lucien Spronck ooit zou hebben durven vragen of ze al van Pythagoras hadden gehoord. Die hadden waarschijnlijk met de vuisten geantwoord. Collard, Colasse, Bissot, Boulet ... Zo heetten toen de spelers van Charleroi, en geen van die namen roept spontane associaties op met bollebozen in de wiskunde. Dat is blijkbaar veranderd. Smolders is nog student industrieel ingenieur geweest, stel je voor. Zo iemand werd vroeger op Mambourg voorzitter. Tijd nu voor het slot van 'Doorgevraagd': 'Stel dat je één vraag mag stellen aan een pornoster, welke zou dat worden?' U en ik zouden hier wellicht antwoorden: 'Hoeveel moet dat kosten, madam?' Maar Smolders reageert heel wat spitsvondiger: 'Ik zou wel eens willen weten wat die dan eigenlijk doet na haar uren.' Geef toe: dit verdient in meerdere opzichten nadere reflectie. Typisch voor een industrieel ingenieur. Wat uw Scout bij 'Doorgevraagd' nog altijd niet door heeft, is of er een rode draad doorheen die rare vragen loopt. En zo ja, welke? Je had vroeger bladen waarin 'de vraagstaart van Proust' aan een bekende medemens werd voorgelegd. De Proust in kwestie is de beroemde Franse schrijver Marcel Proust, van À la recherche du temps perdu. Die deze vragen overigens nooit heeft gesteld, maar wel twee keer zou hebben ingevuld. Het zijn er dertig. Wat is je lievelingskleur? Wat wil je worden? Wat is je grootste karakterfout? Welke eigenschap waardeer je het meest in een man? Enzovoort. Met andere woorden: flauwekul. Maar aan Proust werd nooit gevraagd wat hij zelf graag aan een pornoster had gevraagd. En of hij de stelling van Pythagoras kende. Wat ons doet veronderstellen dat Kristof De Ryck, de auteur van 'Doorgevraagd', een heel eigen en heel eigenaardige vraagstaart heeft samengesteld. Met: 'Waaraan stoor jij je het meest bij een verwijfde vent?' blijft hij nog wel dicht bij de staart van Proust, maar dat geldt niet meer voor: 'In hoeveel minuten strijk je een hemd?' Of: 'Wie is je favoriete Plopkabouter?' 'Wie was je favoriete assistente bij het Rad van Fortuin van Walter Capiau?' Dat hadden wij wél graag vernomen van die Proust, de auteur van Sodome et Gomorrhe. Of: 'Heb je ooit gespeeld met Barbiepoppen?' Want naar men fluistert was Marcel een fervent homofiel, maar hou dit stil. We zullen Jacques Sys toch een keer apart moeten nemen. Die vraagstaart van De Ryck baart ons zorgen. Straks blijkt die jongen nog uit de Kempen te komen. In De Morgen hebben ze ook zo een rubriek, daar heet die 'De binnenspiegel van ...' Deze week van Patrick Lefevere. Vraag: 'Voelt u zich aantrekkelijk?' Hier het antwoord: 'Ik lig niet slecht bij vrouwen van rond de zestig.' Zelfrelativering is natuurlijk goed, men beweert zelfs: ze is een bron van wijsheid. En in een sport als het wielrennen is ze levensnoodzakelijk. Niettemin mag men ook niet overdrijven. Aan wie ergert Lefevere zich? 'Aan Jean-Marie Dedecker.' Dat lijkt er al meer op. De vraag naar de slechtste journalist is hem niet gesteld. Wij hebben een klein ideetje van het antwoord. Sdoor koen Meulenaere