Hoe breng je slecht nieuws? Door direct met de deur in huis te vallen. De korte pijn.
...

Hoe breng je slecht nieuws? Door direct met de deur in huis te vallen. De korte pijn. Maandagavond rond half acht. Druppelsgewijs vallen vertegenwoordigers van de supportersclubs van Antwerp de Diamond Bar van de club op het gelijkvloers van de hoofdtribune binnen. Gejaagd door de storm, die ook stevig huis heeft gehouden op deze vlakte. De doeken die het oefenveld van de A-ploeg afschermen van nieuwsgierige blikken, hebben voor een zeileffect gezorgd. De helft van de omheining is geplooid en tegen de vlakte gegaan. Door de storm is trouwens de training van vandaag verlaat. De supporters zijn al binnen, als eerst assistent-trainers Vedran Runje en Wim De Decker het stadion verlaten. László Bölöni doet geruime tijd later het licht uit. Met aktetas in de hand en diep in gedachten verzonken trekt hij laat huiswaarts. Met een kleine honderd zijn ze, om de primeur te vernemen. Dat hun geliefde T2, de staantribune in de lengte van het veld, op termijn zou verdwijnen, was al bekend. Iconisch voor fotografen, maar hopeloos verouderd. Maar dat het al op het einde van dit seizoen zou zijn, is nieuw. Dimitri Huygen, business and communications manager, brengt het nieuws direct bij de start van zijn uiteenzetting. Een klein beetje geroezemoes in de zaal is de reactie. 'Gelieve dit nu niet direct op sociale media te gooien, maar luister eerst naar ons verhaal', vraagt Huygen. Maar nieuws is dezer dagen niet af te stoppen. Onze buurman kijkt, halverwege het verhaal dat de club brengt, op zijn slim horloge. Daar staat al een pushbericht: T2 gaat dicht. De eerste stroom aan reacties breekt los. Ze zal uiteindelijk de 100 niet halen, de mythische tribune van Antwerp. Op haar 97e gaat ze half mei achter zeil. Met zo'n tribune - houten banken, verlopen infrastructuur - haal je nooit je Europese licentie en dat is wat Antwerp wil. De naam van het stadion Den Dreef in Leuven zal midden februari nog als back-up in het licentiedossier ingediend worden, omdat de bouwwerken nog volop bezig zijn. Het is in principe niet de bedoeling om met de hele karavaan richting Leuven te trekken, maar men is op alles voorbereid, afhankelijk van wanneer Antwerp volgend seizoen Europees speelt. Vergeet niet dat The Great Old zijn eerstvolgende wedstrijd nog met 5000 supporters minder zal moeten aantreden (een straf van de UEFA na wangedrag van de fans tijdens Antwerp-AZ). De verbouwingen worden een heuse karwei, maar voor bouwheer Ghelamco is weinig onmogelijk: de hoofdtribune annex vernieuwde parking werd in 2017 gezet op 22 weken. Hugo, een van de aanwezige fans, heeft goeie en slechte herinneringen aan die oude tribune. Ze zorgde voor sfeer, zeker in de tijden dat Bengaals vuur nog was toegelaten en bierdouches de norm waren als Antwerp scoorde. Hij zat één keer in T1 en miste het lawaai dat ze op T2 maakten, maar tegelijk geeft hij toe dat de tribune compleet gedateerd is. Nu hij wat ouder is, kan hij bierdouches steeds minder smaken ('ze zagen over de prijs, maar dan gooien ze wel hun bier weg'), en naast drank waren ook drugs en onderlinge ruzies een probleem. 'Ik heb een vader door eigen fans tot bloedens toe in elkaar zien slaan, voor de ogen van zijn kinderen.' Maar wat hem vooral stoort: er was nul comfort. Geen plaats om te schuilen, tenzij in de winter dicht bij elkaar, en op sommige punten amper zicht op het veld. Hugo: 'Ik hoop alleen dat de fans het geschenk dat we nu krijgen naar waarde schatten en de boel achter het doel niet afbreken.' Stamnummer 1 zijn ze al, en de doortocht naar de top lijkt niet te stoppen: het derde budget in 1A inmiddels, in het eerste seizoen terug op het hoogste niveau achtste, vorig seizoen vierde en een Europees ticket, en straks bekerfinale en opnieuw play-off 1. Het gaat vooruit. Om het vuur in de hel brandende te houden, krijgen de fans een gloednieuw speeltje. Met comfort, achter het doel. Een tribune helemaal voor zichzelf, met 3700 zitjes (bovenaan) en 3800 staanplaatsen (onderaan). Tijdens Europese duels worden die laatste verplicht zitplaatsen, zodat de capaciteit van de nieuwe Bosuil - voor competitie en beker 16.000 - Europees zakt naar 14.000. Na de Gelbe Wand de rood-witte muur, zoveel is duidelijk. Helemaal voorbehouden voor de gewone fan, want in de nieuwe tribune, waarvan de ruwbouw tegen de paasvakantie af moet zijn en de rest tegen de start van het nieuwe seizoen, komt geen business, wel lawaai en diehards. Veel lawaai, hopen ze. Met een maximale capaciteit van 7500 zou dat moeten lukken. De constructie tast de grenzen van het toegelaten stijgingspercentage af, om zo dicht mogelijk bij het veld te zitten, legt de bouwheer uit. De staanplaatsen hellen 25 graden, de zitplaatsen zelfs 35. Dat is het maximaal toegelaten percentage. Zo dicht als in Engeland is het nog niet, maar het effect moet groter zijn dan nu. Groot, groter, grootst (uiteraard, want dit is Antwerpen): in de nok van het dak gaat Ghelamco katrollen hangen om in topwedstrijden de grootste tifo ooit aan op te trekken. Een vraag van de fans, bij voorafgaand overleg. Helemaal bovenin komt het grootste scherm ooit in een Belgisch voetbalstadion: 100 vierkante meter. In Dubai lachen ze daarmee - daar staat op de renbaan een door Belgen geleverd scherm van 150 meter lang en 15 meter hoog - maar 100 vierkante meter, dat is toch al drie keer zo groot dan de schermen die in de Ghelamco Arena in Gent hangen. Aan comfort is dit keer ook gedacht. En veel veranderd. Aan de prijs ook. Die blijft onveranderd. Blij noteren de fans dat. Een abonnement op een staanplaats kost 325 euro, een zitplaats 395 euro, play-offs inbegrepen. Antwerp verkoopt alles in één keer, af te rekenen in de zomer. Slecht nieuws wel voor wie nog geen abonnement heeft: er zijn er na deze verbouwingen nog steeds geen te koop. T4 heeft, naast een eigen website, ook eigen drankstalletjes, een brasserie voor de snelle hap, aparte toegangen, een heus terras zelfs, en ramen die aan de ene kant uitgeven op het park en aan de andere kant op het veld. Aantrekkelijk en weinig claustrofobisch zelfs als er veel volk is, met de bedoeling om de fans, die nu lang in de cafés in de buurt blijven hangen als het koud is of regent, vroeger naar het stadion te trekken. T4 wordt ook het kloppend hart van de club tijdens de week, met 15 kleedkamers voor de jeugd, een nieuwe kleedkamer voor de A-ploeg, een revalidatiezwembad, fitnessruimte, hamam, sauna en jacuzzi, twee auditoria, en bureaus voor de administratie. Er is ook zeer creatief omgesprongen met de gang tussen het gedeelte van de A-ploeg en het gedeelte van de jeugd: die is 8,5 meter breed en zo'n 80 meter lang. Die gang kan worden gebruikt als indoorpiste. Op die manier kan de hele revalidatie van spelers in huis worden opgelost, daar waar dat nu nog vaak extern moet gebeuren. Of kan, als de weersomstandigheden tegenzitten, indoor worden getraind. Dinsdagmiddag, iets voor 11 uur. 'Antwerp Business Lunch' staat buiten op de grote videowalls aangegeven. Na de supporters krijgen ook de commerciële partners van de club het nieuws voor volgend seizoen aangereikt. Zij mogen straks over de hele hoofdtribune beschikken om te netwerken, met op sommige plaatsen qua comfort verbeterde zetels. Tussen de uiteenzettingen door wordt er vooral genetwerkt. Onze tafel wordt bemand door verzekeraars, een bouwheer - vooral historische verbouwingen en kleine werven, geen concurrent van Ghelamco -iemand die aan IT-beveiliging doet (booming business) en eentje die in hygiënische producten (mondmaskers, handschoenen) handelt en een zaak opstartte in EHBO-uitrusting. Mister Wim, die zijn containers met mondmaskers - made in China - in Dubai moest terugsturen naar de plaats van herkomst. Hij is nieuw op Antwerp, de businessclub van de ploeg breidt steeds verder uit en telt nu al 84 leden. Geen man van 't Stad, ook daar breidt de ploeg zijn hinterland uit. Mister Wim komt uit Westerlo, maar zit niet met de voeten in het Kempische zand. Zijn dochter studeert in Los Angeles, zij wil actrice worden, en zelf noemt hij zich - na er twintig jaar te hebben gewoond - een 'pionier van Dubai' vooraleer het toerisme de Golfstaat ontdekte. Om de zeven jaar verandert hij van job en doet hij zijn zaak van de hand om een nieuwe op te starten. Gemeenschappelijke deler: verkoop. Telkens wat anders. Sportdrank voor mensen, voor paarden, videoschermen, nu mondmaskers en kits die je in ziekenhuizen aantreft... Een boeiend verteller en ontwapenend eerlijk wanneer hij zegt dat hij niks van voetbal kent. Verder dan buddy zijn met Jan Ceulemans, zijn buur, gaat het niet. Voor een match ziet hij te slecht, hij kan bal en spelers amper volgen. Daarom bleef hij in het verleden liever na de eerste helft binnen, om er te netwerken. Maar Wim is wel scherp en alert, hoort ons op zijn beurt uit, over de evolutie van de club en haar beleid. 'Als ik dit zo zie, denk ik wel: goed bezig.' Dinsdagavond, iets voor 19 uur. Na de supportersclubs en de businessleden zijn de buurtbewoners aan de beurt. Ze werden verwittigd met flyers en ze zijn talrijk aanwezig. Het is het meest luidruchtige publiek. Terwijl de mensen van de club een derde keer enthousiast hun verhaal delen, laat geregeld eentje zijn glas bijvullen. Het is de tweede keer dat ze hier een rondleiding krijgen, zegt Frank, een dakdekker uit de Jan Welterslaan die acht jaar geleden in de buurt is komen wonen. En pas dan supporter werd. Al een tijdje zou hij graag een abonnement nemen, maar hij moet wachten. Wel zouden er meer tickets in de losse verkoop komen. Frank is meteen een enthousiast kandidaat. Zijn vriendin woont in Waasmunster en met zijn stiefzoon was hij vorig seizoen op de Freethiel toen Antwerp kwam. 'Bangelijke sfeer, tussen allemaal Antwerpfans maar in het thuisvak van de bezoekers. Dat is ons helaas dit jaar niet gelukt. Iedereen moest zijn pas tonen en met eentje van Deurne kwam ik er niet meer in.' Pierre woont hier al 47 jaar en trekt grote ogen als wordt opgesomd hoe de profvoetballers in de watten worden gelegd. 'Amai, verwende gasten!' Veroorzaakt het voetbal overlast? Pierre: 'Je moet dat niet overdrijven. Er is wat meer lawaai in de cafés, voor en na de wedstrijd. Het meest storend is nog de politiehelikopter, maar verder?' Frank: 'Op wedstrijddagen time ik mijn aankomst thuis wat beter. Vroeger woonde ik in de buurt van de luchthaven. Dan weet je dat er vlieglawaai is. En hier weet je dat er supporters rondlopen. Maar echt last heb je daar niet van, tenzij je dom doet. Een paar jaar geleden waren ze aan het werk recht over mijn huis. De werf werd afgedekt met... een paarse doek. Ik zei tegen de arbeiders: dat zou ik niet doen, mannen. Het moest van hun baas, was het antwoord. Tja, dat doek heeft er niet lang gehangen. Paars in deze buurt...' Of er nog vragen zijn, sluit Dimitri Huygen af. Wij hebben er eentje, voor Pierre en Frank. Vanwaar de naam Bosuil? Ze kijken elkaar aan: dat hadden ze zich nog nooit afgevraagd. Frank, in zijn sappig Antwerps: 'Ooit zal hier in het park nen oël hebben gezeten zeker? Eentje. Dé Bosuil.' De website Schatten van Deurne bevestigt zijn vermoeden. De Oude Bosuilbaan, langs waar bezoekers en een deel van de harde kern nu nog het stadion betreedt, 'werd genoemd naar de zeventiende-eeuwse herberg 'De Boschuyl'. En die naam verwees naar de vele uilen in de nabijgelegen bossen.' Pierre: 'Uilen? Dat kan. Maar dat zijn die van Ghelamco duidelijk niet.'