"Die derby, dat is een strijd op leven en dood, hé", lacht Harald Pinxten de tanden bloot. "Als je bij een 0-2-achterstand een doorgebroken speler onderuithaalt, is dat in het belang van de ploeg. Het was een rode kaart, ja, ik heb geen moeite om dat toe te geven. Gelukkig besliste de scheidsrechter er anders over. Dat ik daarna nog een lange bal verstuur naar Patje ( Goots, nvdr), zelf een doelpunt maak en een assist aflever, maakte de ontlading des te groter. Antwerp, hebben we daar bewezen, is een ploeg met een Engels karakter en een ongelofelijke winnaarsmentaliteit."
...

"Die derby, dat is een strijd op leven en dood, hé", lacht Harald Pinxten de tanden bloot. "Als je bij een 0-2-achterstand een doorgebroken speler onderuithaalt, is dat in het belang van de ploeg. Het was een rode kaart, ja, ik heb geen moeite om dat toe te geven. Gelukkig besliste de scheidsrechter er anders over. Dat ik daarna nog een lange bal verstuur naar Patje ( Goots, nvdr), zelf een doelpunt maak en een assist aflever, maakte de ontlading des te groter. Antwerp, hebben we daar bewezen, is een ploeg met een Engels karakter en een ongelofelijke winnaarsmentaliteit." Van Engeland gesproken : dáár, in Manchester, is het dat de Limburgse centrale verdediger van Antwerp FC het jongste hoogtepunt beleefde uit zijn nog jonge voetballeven. Drie andere gingen eraan vooraf.Mei 1988 : finale Beker voor Bekerwinnaars Ajax-KV MechelenHarald Pinxten : "Ik was elf jaar en was uitgenodigd door mijn nicht. Vooral de sfeer in het stadion en de inzet van de spelers overweldigden mij. Na de wedstrijd kon ik enkele Ajaxspelers een hand geven, maar de tijd ontbrak om hen om een handtekening te vragen. In die tijd speelde mijn buurman bij KV Mechelen : Marc Emmers. Die is altijd een beetje de sportman geweest naar wie ik opkeek. Hij was lange tijd mijn held en trainde me ook nog bij Hamont. Toen ik hem bezig zag in die finale, wist ik dat ik er alles aan moest doen om het ver te schoppen als voetballer - al hoort daar ook altijd een tikkeltje geluk bij. Dat was ook de boodschap van Marc : er blijven voor gaan, nooit opgeven en honderd procent voor het voetbal leven. Ik heb dat goed in mijn oren geknoopt. (grijnst) Nu loop ik nog geregeld langs bij de krantenwinkel van Marc. Altijd heeft hij nog wel wat goede raad voor mij." Mei 1999 : promotie met Heusden-Zolder naar tweede klassePinxten : "Het jaar voordien, na een mindere periode, was ik op een zijspoor gezet bij FC Turnhout. Ik werd er geflikt door het bestuur, dat de trainer, Gerard Plessers, opdroeg me niet op te stellen. Plessers zelf waardeerde mij wel, maar niemand durfde me in het gezicht te zeggen waarom ik niet speelde. Nog altijd ken ik de ware reden niet. Echt laf ! Dat vrat enorm aan mijn zelfvertrouwen. Gelukkig reikten Jos Meykens en Heusden-Zolder me een helpende hand. Ik was verplicht om een stap terug te zetten, maar had de vaste overtuiging dat ik later twee sprongen ineens vooruit zou nemen. Ik koos er bewust voor om opnieuw plezier te hebben in het spelletje en met de glimlach naar de training te trekken. Wij speelden toen in de reeks van torenhoog favoriet Bergen, waartegen we voor de eindronde een barragewedstrijd moesten spelen op Molenbeek. Toen we na het nemen van de strafschoppen wonnen en na nog een wedstrijd tegen KV Kortrijk op het veld van RC Mechelen de promotie vaststond, is er niet alleen champagne gevloeid maar ook traantjes. Ik voelde me weer voetballer en had wraak genomen op het verleden. Ik had mijn criticasters sportief van antwoord gediend. Geen woorden, maar daden. Wie iets wil regelen met zijn mond, die moet maar in de politiek gaan." Juni 2001 : profcontract bij R. Antwerp FCPinxten : "Antwerp was niet de enige club die zich aandiende. Vooral Lommel was lange tijd in de running, maar ook het Duitse Arminia Bielefeld en enkele Engelse tweedeklassers. Tot mijn makelaar Dan Lubelski plots een telefoontje kreeg van Eddy Wauters. Het was een vrijdagmiddag, ik zal het nooit vergeten. En zaterdagmiddag om drie uur was er al een akkoord. Prof worden was een kinderdroom die in vervulling ging : mijn hobby werd plots mijn beroep. Daarvóór heb ik vijf jaar lang gewerkt als lasser-monteur in ons familiebedrijf. Het is goed dat ik het echte leven daar heb leren ontdekken. Nooit heb ik geklaagd, al waren het soms bijzonder lange dagen : van zeven uur 's morgens tot elf uur 's avonds . Nooit heb ik schrik gehad om mijn handen vuil te maken, maar als je zo'n buitenkans aangeboden krijgt, mag je niet twijfelen. Dat was ook het advies van mijn familie. De overstap van werken naar voetbal is makkelijker dan die van voetbal naar werken. Profvoetballer zijn, blijft het mooiste beroep dat er bestaat. Voordelen genoeg : 's avonds meer ontspanning, veel rust én je maakt veel plezier, zeker bij Antwerp waar fratsen dagelijkse kost zijn." April 2002 : driedaagse stage bij Manchester UnitedPinxten : "Ik viel uit de lucht toen Paul Bistiaux me telefonisch op de hoogte bracht. Ik speelde niet eens al volledig seizoen op het hoogste niveau ! Maar blijkbaar had Alex Ferguson positieve dingen over mij opgevangen. Ik kwam er in een totaal andere wereld terecht. Manchester United is financieel en sportief the limit. Als je dat mag meemaken, ben je een gelukzak. Op en top professionalisme. Neem nu de trainingsinfrastructuur : zwembad, fitnessroom, overdekte sporthal, terreinen zo vlak als een biljartlaken... Ik moest me toen even in de arm knijpen, hoor. Na een korte rondleiding en voorstelling aan Sir Alex - die me verbazend genoeg meteen wist te typeren als voetballer - mocht ik een training van de invallers meemaken. Niet van de A-kern, want die waren volop bezig met de voorbereiding voor de halve finale van de Champions League tegen Leverkusen. Maar ik vocht toch lekker duels uit met Dwight Yorke, John O'Shea en Luke Chadwick, wat geen enkele andere Belg kan zeggen. Uniek, ik heb er met volle teugen van genoten. Dat is echt met open mond, hoor (lacht). "Wat me vooral opviel, was de hogere snelheid van uitvoering en de perfecte ingesteldheid. Als je enkele seconden treuzelde, kreeg je al een stamp. Alles gebeurt er op het scherp van de snee. Alles staat er ook in het teken van het voetballer-zijn. Het woord pintje staat niet in hun woordenboek. Je leeft als een prof, wat betekent : opstaan en gaan slapen met voetbal. De bedoeling was dat ik even kwam proeven van hun aanpak. Eigenlijk was ik het proefkonijn, wat in de toekomst zullen er nog andere jongens van Antwerp naar Manchester gaan. Over een contract hebben we nooit gesproken, ook al is het mijn bedoeling om ooit bij een Engelse ploeg te spelen. Als ik de kans krijg, hap ik toe. En of Manchester te hoog gegrepen is, weet je pas als je er effectief ook voetbalt. Maar, zoals gezegd, afspraken zijn daarover niet gemaakt. Rio Ferdinand en Laurent Blanc hebben toch nog wat meer in huis dan Harald Pinxten, hé (grijnst)." door Frédéric Vanheule'Als kind had ik een buurman die bij KV Mechelen speelde : Marc Emmers.'