Begin jaren vijftig ondergingen de structuren van het Europees voetbal belangrijke wijzigingen. De bestuurders van het voetbal wilden hun horizon verruimen, er vond in het voetbal een verkeer van personen plaats dat nooit eerder was vertoond. De Atlantische Oceaan oversteken nam niet meer zo veel tijd in beslag. Het voetbal kreeg een almaar internationaler karakter. Tussen Europa en Zuid-Amerika - de twee onbetwiste leiders van het wereldvoetbal - werden ideeën en voetballers uitgewisseld. Internationale transfers zorgden voor een toestroom van beroemde voetballers in Europa, overwegend in Spanje en Italië omdat die twee landen de grootste affiniteit met Latijns-Amerika hadden.
...

Begin jaren vijftig ondergingen de structuren van het Europees voetbal belangrijke wijzigingen. De bestuurders van het voetbal wilden hun horizon verruimen, er vond in het voetbal een verkeer van personen plaats dat nooit eerder was vertoond. De Atlantische Oceaan oversteken nam niet meer zo veel tijd in beslag. Het voetbal kreeg een almaar internationaler karakter. Tussen Europa en Zuid-Amerika - de twee onbetwiste leiders van het wereldvoetbal - werden ideeën en voetballers uitgewisseld. Internationale transfers zorgden voor een toestroom van beroemde voetballers in Europa, overwegend in Spanje en Italië omdat die twee landen de grootste affiniteit met Latijns-Amerika hadden. Eén van die Zuid-Amerikaanse vedetten was Alfredo Di Stefano. Die had eerst River Plate, de club van zijn geboortestad Buenos Aires, verruild voor het Colombiaanse Millonarios Bogotá. Vervolgens stak Di Stefano de grote plas over naar Spanje : tussen de erfrivalen Real Madrid en Barcelona brak een hevige strijd los om de Argentijn bij hen te doen tekenen. De club uit de hoofdstad won het pleit. Eens de ruzie bijgelegd - al heeft Barcelona nooit in deze nederlaag berust - begon voor Real Madrid een gouden periode. Voorzitter Santiago Bernabeu leunde op de ster van Buenos Aires om de basis van zijn heerschappij te vestigen. In het begin van de jaren vijftig bestond er al een soort internationale competitie. Spaanse, Portugese, Franse en Italiaanse clubs ontmoetten elkaar, maar echt vaart in het internationale voetbal kwam er met de introductie van de Europese Beker voor landskampioenen van de Uefa in 1955. De eerste wedstrijd had plaats op 4 april 1955 : Sporting Lissabon en Partizan Belgrado speelden 3-3 gelijk. Maar trainers, spelers en supporters beseften dat de sleutelspeler van het Europees voetbal elders voetbalde. Met Alfredi Di Stefano zou Real Madrid op nadien nooit meer vertoonde wijze de eerste periode van de Europabeker voor landskampioenen gaan domineren. Alfredo Di Stefano : "Als er iets nieuws begint, doet er zich altijd een neiging tot twijfel voor. Maar natuurlijk bestaat er een hemelsbreed verschil tussen het begin van de Europabeker en wat die inmiddels is geworden. Het is ongelooflijk dat die competitie zich heeft ontwikkeld tot de Champions League die we nu kennen. Gelukkig voor het voetbal, vanzelfsprekend." "Zo gaat dat nu eenmaal : het leven verandert, de dingen evolueren. Niets blijft hetzelfde. Ik herinner me nog : toen ik de eerste keer naar Madrid kwam, kon je in de wijk El Viso, dicht bij het stadion, een huis kopen voor 400.000 à 500.000 peseta's, wat overeenstemt met 2400 tot 3000 euro. Nu kost hetzelfde huis daar 1,6 miljoen euro. Dat had zich toen toch niemand kunnen voorstellen.""In het begin was Real Madrid een ploeg zoals alle andere - een ploeg die gewoon aan die competitie deelnam. Maar het is waar, gaandeweg is het uitgegroeid tot één van de meest toonaangevende teams van de Europabeker, al zijn er natuurlijk nog andere belangrijke clubs.""Ach, weet u, de waarheid is simpel : als er een ploeg wint, is er een ploeg die verliest. Als de Europese bekercompetitie zo een succes heeft gekend, kan dat nooit aan één of twee ploegen te danken zijn. Veel clubs hebben hun bijdrage geleverd tot het welslagen van de Europabeker, zowel door te winnen als door te verliezen.""Het was moeilijk. Het was lastig, erg lastig. Je had om dit te kunnen een beetje van alles nodig. Maar zodra je een beker wint, wil je een nieuwe beker winnen. Als je dan die volgende beker wint, denk je niet aan ophouden. Je wil gewoon op die weg verder gaan. Maar willen alleen volstaat niet, dat is duidelijk.""Absoluut. We wilden alles, we leken wel een wervelwind. Maar ondertussen moet je altijd aan de anderen denken, mag je nooit vergeten dat niemand je taak lichter zal maken.""Iedereen vond dat Servette niet tot de beste Europese ploegen behoorde, maar dat betekent niet dat we niet hard voor die overwinning hebben moeten vechten. In Zwitserland konden we de score pas in de 79e minuut openen - een doelpunt van Muñoz. En Gento maakt de tweede goal in de allerlaatste minuut." "De terugmatch hebben we redelijk gemakkelijk gewonnen, dat is waar. Alles leek ons toen te lukken.""Dat was daar in Belgrado een ongelooflijke match. We hebben er gespeeld in sneeuw en ijzel, en bovendien maakte Milutinovic een vroeg doelpunt." "Nee, die finale in Parijs was niet het moeilijkste. De lastigste wedstrijd was die tegen Milaan. Dat was onze derde Europese finale. Milaan had toen een fameuze ploeg, met spelers als Maldini, Bergamaschi, Radice, Danova, Liedholm, Grillo, Cucchiaroni... We hebben in de wedstrijd nooit voorgestaan, tot Gento in de verlengingen het beslissende doelpunt maakte. Schiaffino had in de 59e minuut de score ge- opend. Ik zorgde in de 75e minuut voor de gelijkmaker, Milan kwam in de 78e minuut opnieuw op voorsprong en één minuut later stond het weer gelijk. Drie doelpunten in vier minuten tijd. Een wedstrijd om nooit te vergeten." "Zeker niet. Denk aan die wedstrijd in Belgrado. Of tegen Rapid Wenen, dat ook een stevige ploeg had met Zeman in het doel, Happel als centrale verdediger, Hanapi op het middenveld en de broers Korner voorin. Thuis hadden we met 4-2 gewonnen, maar ginds stonden we al na 42 minuten met 3-0 achter. Dankzij mijn doelpunt in de 60e minuut konden we een derde wedstrijd afdwingen. In Madrid kwalificeerden we ons met doelpunten van Joseíto en Kopa." "En of ! Een schitterend doelman, hij was altijd van kop tot teen in het zwart uitgedost. Die namiddag werd ik uitgesloten. We wonnen met 2-0 tegen Besiktas. In Istanbul hadden we 1-1 gelijk gespeeld.""Memorabel op basis van het resultaat. Tien doelpunten in een Europese bekerfinale - zeven voor ons, drie voor de Duitsers -, dat was natuurlijk een ongelooflijk spektakel. Eigenlijk blijft die match louter door die score in de annalen. Nogmaals, onze moeilijkste en tegelijk beste finale was die tegen Milaan in Brussel.""In 1957 hadden we Manchester United uitgeschakeld, maar het was een prima team met schitterende voetballers : Bobby Charlton, Denis Violet, Bill Foulkes, Jackie Blanchfower, Duncan Edwards, Roger Byrne, Bill Whelan, Tommy Taylor, Eddie Colman. En de onvergetelijke trainer Matt Busby. Hoe zou die ploeg geëvolueerd zijn zonder dat vliegtuigongeval ? Geen mens kan daarop het antwoord geven." "We hadden een ploeg die wist wat ze wou : winnen. En we wisten hoe we dat moesten doen. Het elftal speelde perfect georganiseerd, zowel vooraan als achterin. Gemakkelijk ? Ogenschijnlijk, ja. Het was zeker niet zo gemakkelijk als het eruitzag. Soms waren we maar wat opgelucht dat we een bal in het doel van de tegenstander kregen. Als we onze supporters een plezier konden doen, deden we dat. Maar het gebeurde ook dat we met 2-0 leidden en als we dan dachten dat het beter was om het spel te vertragen, dan deden we dat ook. Onze belangrijkste troef was dat we altijd tot het uiterste wilden gaan. En dat we altijd voetbalden alsof we op achterstand waren geraakt.""Alle ploegen wilden ons verslaan, dat is begrijpelijk. En het was een uitstekend team dat daar uiteindelijk in geslaagd is. Coluna, José Augusto, Eu- sebio en Simoes speelden toen bij Benfica. Het heeft ons uiteraard niet geholpen dat Casado in die wedstrijd uitviel met een blessure (er waren in die tijd geen vervangingen toegestaan, nvdr)." "Dat is niet waar. Het was in die tijd net moeilijker, want er werd volgens het systeem van de directe uitschakeling gespeeld. Nu kun je je zelfs met twee nederlagen nog kwalificeren. In onze tijd lag je er dan onherroepelijk uit. Er zijn nu meer wedstrijden en meer tegenstanders, dat is waar, maar ik zie toch ook zwakke ploegen in de Champions League spelen. Natuurlijk was het Real Madrid van toen niet de perfecte ploeg. De perfecte ploeg bestaat niet. Tegen Rapid Wenen, Atletico Madrid of Juventus hadden we een derde wedstrijd nodig, dat bewijst dat we niet perfect waren. Om nog te zwijgen van al die andere ploegen die ons pijn hebben gedaan.""Nee, de mensen hebben ongelijk wanneer ze dat denken. Ze geloven dat we al die bekers zonder moeite wonnen, dat we tegen zwakke teams speelden. Het is net het tegenovergestelde. We wonnen omdat we er hard voor hadden gewerkt. Als ploeg, bedoel ik. Want voetbal is een collectieve sport. Was voetbal een individuele sport zoals zwemmen, tennis, boksen enzovoort, dan zou je over individuen mogen praten. In het voetbal is de winnaar altijd een ploeg.""Akkoord, maar rond die grote individuele talenten lopen altijd andere spelers, die zeer goed werk verrichten. In een ploeg heb je die twee soorten spelers nodig.""Wie zoiets beweert, bewijst alleen maar zijn onwetendheid. Dat zijn mensen die ons nooit hebben zien spelen.""Voetbal is misschien te professioneel geworden, maar dat is natuurlijk niet alleen een negatieve zaak. De omgevingsfactoren zijn ook enorm gewijzigd. De media krijgen nu veel meer informatie dan in mijn tijd. Maar de persoonlijkheid van de spelers is niet veranderd. Er zijn er die hard werken en nooit in de belangstelling komen en anderen die net het omgekeerde presteren. Zo is dat nu eenmaal altijd geweest."Luis Arnaiz'Wij wisten wat we wilden : winnen. En we wisten hoe dat moest.''Met Real schreven we geschiedenis, maar de essentie van het voetbal werd bij River Plate bedreven.'