Twee keer, in 1985 en in 1989, wonnen ze samen de zesdaagse van Gent. "Maar het hadden er gerust meer kunnen zijn", klinkt het in koor.
...

Twee keer, in 1985 en in 1989, wonnen ze samen de zesdaagse van Gent. "Maar het hadden er gerust meer kunnen zijn", klinkt het in koor. Voor ze mogen uitleggen waarom ze vaker hadden kunnen winnen in Gent, past het de, toch wel indrukwekkende, zesdaagsepalmares van Etienne De Wilde (47) en Stan Tourné (49) even te schetsen. Beiden staan ze immers in de top-5 van de succesrijkste renners in Gent. Etienne De Wilde won er maar liefst negen keer, werd zes keer tweede en twee keer derde - alleen Patrick Sercu deed beter. Voor Stan Tourné bleef het bij die twee overwinningen met De Wilde, maar hij eindigde ook zes keer als tweede, één keer als derde en drie keer als vierde. De Wilde won in zijn carrière 38 zesdaagsen, Tourné 7. Etienne De Wilde : "Zonder de combines bij het begin van onze carrière hadden we ongetwijfeld vaker gewonnen."Stan Tourné : "De gevestigde waarden beschermden elkaar en als jonge renner moest je echt al outstanding zijn om te kunnen winnen. Ik kwam over naar de profs als wereldkampioen puntenkoers bij de amateurs en mocht al blij zijn als ik overal mócht meerijden."De Wilde : "Ik herinner me nog heel goed - in 1984 was het - hoe Clark en Doyle, toen ze merkten dat ze niet konden winnen, de kaart trokken van Frank en Oersted. Clark was populair in Gent en wilde niet dat wij hem op dat vlak zouden voorbijsteken."Tourné : "Clark was ne speciale, hé. Een van mijn grootste ruzies op de baan had ik met hem, in Antwerpen - ik reed toen met Michel Vaarten. We wisten dat het duo Clark-Allan een ronde moest pakken om mee op kop te staan, we sprongen dus telkens met hen mee. Op het einde van de ploegkoers lanceerden ze opnieuw een aanval en bij de aflossing dwong Clark me opzettelijk naar de balustrade. De volgende keer als hij voorbijkwam, heb ik hem een serieuze slag gegeven. De rivaliteit met Clark is altijd gebleven (lacht). Het heeft me veel gekost, want hij zag veel liever iemand anders winnen dan ik en stak ons stokken in de wielen wanneer hij maar kon."De Wilde : "Risi en Betschart hebben het wat dat betreft veel gemakkelijker gehad. Hun voorganger, Freuler, hielp hen in plaats van het hen moeilijk te maken. Het is een tendens die zich voortzette : de renners in de zesdaagse zijn te veel vrienden geworden, ze sparen elkaar."Tourné : "God, in echte vriendschap geloof ik toch niet zozeer. Er komt al snel een kink in de kabel. Risi en Betschart vormen wat dat betreft een grote uitzondering. Mocht Betschart van hetzelfde niveau zijn, ze zouden niet zoveel samen hebben gereden, gewoon omdat de organisatoren het niet gewild zouden hebben. Wat dan weer niet wil zeggen dat je Betschart mag onderschatten. Hij mist snelheid, maar als hij zijn dagje heeft, dan volgt hij Risi zonder problemen."De Wilde : "Ouderdom lijkt geen vat op Risi te krijgen."Tourné : "Daar kun jij wel van meespreken, Etienne."De Wilde : "Met ervaring kan je veel oplossen op de piste. Als je ouder bent, heb je bovendien soms dagen dat je beter bent dan wanneer je jonger bent. Als je jonger bent, moet je ook opboksen tegen de gevestigde waarden, zoals we al aangaven. Mocht ik er alleen voor gestaan hebben bij het begin van mijn carrière, dan zou ik het allicht niet volgehouden hebben. Voor de start van de jachten stond ik te trillen op mijn benen van de zenuwen. Gelukkig was er Stan, die veel meer ervaring had, om mij te kalmeren."Tourné : "Toen Patrick Sercu een punt zette achter zijn carrière en zich vestigde als manager en directeur, zag hij het voordeel in van een Belgische ploeg. Hij stimuleerde Etienne om meer op de piste te komen rijden en mij om koppel te vormen met Etienne."De Wilde : "Het was ook de redding van de zesdaagse van Gent."Tourné : "Klopt, Patrick was gestopt, de mensen hadden het allemaal een beetje gezien. Maar een jong Belgisch koppel pompte nieuw leven in de zesdaagse. En ik deed er uiteraard ook mijn voordeel mee. Ik zag meteen dat Etienne iets meer kon dan iemand anders en heb dan ook geïnvesteerd om met hem te groeien. In het begin moest ik hem wegwijs maken in het milieu, hem tonen op welke manier hij zich kon opwerken. Je wordt voor de wolven gegooid, hé, het is keihard. Velen denken : we gaan hier even snel geld meepakken, maar dat is uitgesloten. Je kan het niet vergelijken met een criterium, op de piste wordt er gekóérst."De Wilde : "Het vergde een aanpassing, maar op den duur was het heel plezant om zo goed op elkaar ingespeeld te zijn. We moesten niets meer tegen elkaar zeggen, wisten op voorhand wat we moesten doen, kenden elkaars sterke en zwakke punten."De Wilde : "Stan kon blijven gaan. Als iedereen kapot zat, was er één iemand die nog kan aanzetten."Tourné : "Voor mij kon het niet lang genoeg duren. Mijn grote nadeel was dan weer dat ik niet kon spurten. Het inbouwen van het puntensysteem en de verkorting van de ploegkoersen hebben me niet bevoordeeld, integendeel."Tourné : "Ik vind het wel positief, boeiender voor het publiek dat er meer afwisseling is, maar..."De Wilde : "... De ploegkoers is heel mooi, maar je moet het kennen. Voor niet-kenners is het vaak moeilijk om volgen. Ze houden meer van de kortere nummers, want die zijn overzichtelijker."Tourné : "Ja, het is soms vreemd welke vragen je krijgt als je met uitgenodigden naar de zesdaagse gaat kijken. Daarom is het ook belangrijk dat je een goede speaker hebt tijdens de zesdaagse. De man in Gent doet het zeker niet slecht, maar hij mist de echte kennis om in de ploegkoersen aan te geven wanneer er een belangrijke ontsnapping plaatsvindt."De Wilde : "Als er een ploeg een doublette neemt, een ongelooflijke inspanning, moet de speaker dat in de mot hebben. Een probleem in Gent is ook dat de speaker in het midden zit en daar geen goed zicht heeft. Daarvoor zit je beter in de tribune."De Wilde : "Maar goed, wat het programma betreft, zouden ze, vind ik, nog wel altijd één langere ploegkoers moeten organiseren tijdens een zesdaagse. Zo kan je ook andere types renners belonen."Tourné : "Juist. Vroeger hield iedereen zich fris voor de ploegkoers. Er werd aan de nevennummers nauwelijks belang gehecht, nu een beetje te veel."De Wilde : "In München heb je nog elke dag een ploegkoers van een uur, het zijn vaak die laatste 15 minuten die de doorslag geven. Maar goed, niet iedereen denkt er zo over. Het publiek komt ook meer en meer voor de ambiance, niet langer voor het sportieve. De zesdaagse van Gent is uitgegroeid tot de Gentse feesten in de winter."Tourné : "Anderzijds : het is een uitstekende manier om nieuwe mensen kennis te laten maken met het wielrennen. De aanpak is goed, dat kan je niet ontkennen, want er komt veel volk kijken. Chapeau voor wat ze hier doen. Alleen de media-aandacht bleef de voorbije jaren wat achterwege. Als je dan ziet hoeveel belangstelling er vanuit de pers is voor de cyclocross... Want : kwalitatief is de zesdaagse hoogstander dan het veldrijden. Wellens en Nys en dan houdt het eigenlijk op. In de zesdaagse kan je toch nog een vijftal topploegen opstellen die meedoen voor de overwinning. Positief is alvast dat de VRT ditmaal het laatste halfuur van de finale rechtstreeks zal uitzenden. Het is een geheel : je kan de renners maar warm maken voor de piste als er interesse bestaat, als er ook gelegenheid is tot fietsen."De Wilde : "De grote namen van de weg ga je niet meer krijgen. Vroeger reden alle wegrenners op de piste om geld bij te verdienen. Dat hebben ze nu niet meer nodig."Tourné : "Van de huidige generatie blijft er maar één meer over, Zabel. Die doet het echt nog uit liefde voor het vak. Ik kan Tom Boonen of andere renners begrijpen : waarom zouden ze nog twee maanden langer trainen ? Voor de centen alvast niet. Alleen uit liefde voor het publiek en de fiets ? Het is jammer dat de situatie zo gegroeid is, maar je kan het niemand kwalijk nemen."De Wilde : "Tja, mochten ze Boonen hier krijgen..."Tourné : "... Dan moeten ze twee pistes maken (lachje). Ze krijgen niet meer volk binnen."De Wilde : "Andere wegrenners betekenen daarom geen grote meerwaarde op de affiche."Tourné : "Het sportieve mag er ook niet onder leiden, door bijvoorbeeld ploegen aan te passen zodat ze niet te sterk zijn om pakweg Van Petegem of Vandenbroucke op tien ronden te rijden. Dat brengt ook niets op. We maakten het vroeger zelf ook mee dat we bijna achteruit moesten trappen, omdat de organisatoren ons zeiden : 'Je gaat die mannen toch niet van de eerste avond zes ronden aan de broek geven, want dan gaan ze morgen naar huis. En wij hebben er zoveel in geïnvesteerd om ze hier te krijgen.' Zo zaten we tussen twee vuren."De Wilde : "Niet dat we ons dat altijd aantrokken. Ik weet nog hoe Vanderaerden voor het eerst meereed in Rotterdam en het alles behalve vlotjes ging. Peter Post was wedstrijdleider en wilde ons wat temperen. Hij had echter geen vat op ons, we vielen aan tot Post er woedend van werd. Maar jongens, toch (lacht)."Tourné : "Tja, dan kan je beter opteren voor de echte baantoppers."Tourné : "De ideale combinatie is altijd geweest : een fondrenner die ook een beetje kan spurten samen met een spurter die een beetje fond heeft. Op dat vlak is het duo Gilmore-Keisse zeker klaar voor de top. Gilmore bewijst al enkele jaren zijn waarde en Keisse heeft in elk geval alles in zich om het te maken : de kwaliteiten, de allure, hij is van Gent ook. Hij maakt bovendien gestaag progressie. Gilmore en Keisse pakten een medaille op het WK, wonnen al in Grenoble. Dat is weliswaar een zesdaagse van een lager niveau, maar toch : ze zouden niet misstaan als winnaar in Gent. Als de topploegen hier echter voluit gaan... Tegen Risi-Betschart en Slippens-Stam op hun best komen ze volgens mij nog net dat kleine tikkeltje tekort. Maar mits een beetje geluk kunnen ze zeker winnen."De Wilde : "Vorig jaar werd Keisse samen met Beikirch al tweede, maar je mag niet vergeten dat de omstandigheden toen meezaten. Gilmore ziek, problemen voor Risi-Betschart... Dan schuif je automatisch op, natuurlijk. Hij is niet dé grote klasbak, maar hij heeft veel wilskracht en dat is héél belangrijk om het te maken. Hij heeft bovendien één groot voordeel : hij heeft er niet zozeer voor moeten vechten om er te geraken. Uiteraard moest hij ook hard trainen en zich verzorgen, maar de bikkelharde strijd om een plaatsje te bemachtigen bestaat niet meer. Dat is nu eenmaal de evolutie die het zesdaagsecircuit meemaakte."Tourné : "Er is een periode geweest dat er een tekort was aan baanrenners, maar nu zit je toch met verscheidene talentvolle renners. Er is ook het WK, de wereldbekers... Er is de laatste jaren wat bewogen. Cavendish eindigde met Hayles weliswaar als laatste in München, maar geef die jongen wat tijd en hij zal er komen. Hij kán iets en wíl het ook maken. Die wil is heel belangrijk. Ikzelf ben geboren aan het Sportpaleis, heb het baanwielrennen met de pap meegekregen. Als die voorliefde er niet is, is het moeilijk om de grote interesse los te weken. Voor Keisse geldt een beetje hetzelfde : ook als hij een carrière kan uitbouwen op de weg, zal hij altijd nog op de piste komen rijden. Dat zit in het bloed."De Wilde : "Toen ik met hem begon, had ik verwacht dat hij nog veel beter zou worden, beter dan wat hij tot nu toe liet zien. Ik denk dat het bij hem ook voor een groot deel in zijn karakter zit, hij is volgens mij te snel tevreden. Hij is een topper, laat daar geen misverstand over bestaan, maar de vraag is of er niet nóg meer in zit. De piste in Gent past wel bij Gilmore-Keisse, omdat ze wat minder lang en meer technisch is dan bijvoorbeeld München. Daar zijn de ploegkoersen ook langer."Tourné : "De laatste jaren is Gent door het gewijzigde programma in elk geval niet meer de zwaarste zesdaagse van het seizoen. Vroeger was dat wel zo. Het programma was hetzelfde van de andere zesdaagse, maar door de korte en technische baan was het heel moeilijk en fysiek belastend."De Wilde : De zwaarste zesdaagse is volgens mij op dit moment Dortmund. Je krijgt er eerst een ploegkoers van 40 minuten voorgeschoteld en dan nog één van een uur."Tourné : "Maar laat ons chauvinistisch zijn : Gent blijft een topper, met eindelijk weer een Belgisch duo dat zal meespelen voor de overwinning en... De Wilde : "... Het zou misschien nog beter zijn, mochten Keisse en De Fauw samen rijden, twee rasechte Gentenaars (lacht)."Tourné : "De Fauw en Keisse zouden dan wel niet meedoen voor de overwinning, met Gilmore is dat wel zo. Toen Etienne een punt zette achter zijn carrière bleef Gilmore alleen over als Belg. Als halve Belg sprak hij misschien even minder aan dan voorheen. Nu hij met Keisse rijdt, gaan de mensen er zich toch weer meer mee vereenzelvigen. Ze zien opnieuw een Belgisch duo rijden. Qua populariteit zullen ze dus, denk ik, wel op hetzelfde peil komen te staan als wij destijds. Vroeger werd een Brusselaar of een Antwerpenaar in Gent al beschouwd als een vreemdeling. Dat speelt nu veel minder (lacht)."ROEL VAN DEN BROECK'GENT IS NIET MEER DE ZWAARSTE ZESDAAGSE.' STAN TOURNé