Het regent hard in de nacht van 8 op 9 april als journalist Daniel Cassol op het busje staat te wachten dat hem van Porto Alegre naar Montevideo zal brengen. Daniel heeft zich via Facebook aangemeld bij een groepje fans van Felipe Gedoz. Hun missie: een wedstrijd bijwonen in de hoofdstad van Uruguay, een goeie 800 kilometer zuidelijker. Defensor, een van de kleintjes, speelt er 's anderendaags tegen Universidad de Chile in het kader van de Copa Libertadores, de Zuid-Amerikaanse Champions League. Een gelijkspel volstaat om de groep te winnen en door te stoten naar de volgende ronde. Het is Alex, bijgenaamd El Cabeça, die de trip organiseert. Hij is een jeugdvriend van Felipe. Beiden groeiden ze op in Muçum, een klein stadje in het binnenland van de staat Rio Grande do Sul. Een goeie vijfduizend inwoners, een onbetekenende stip in de grote oceaan die Brazilië is, ware het niet dat Muçum zich erop mag beroepen de trotse bezitter te zijn van een van de hoogste viaducten ter wereld, 143 meter boven de grond.
...

Het regent hard in de nacht van 8 op 9 april als journalist Daniel Cassol op het busje staat te wachten dat hem van Porto Alegre naar Montevideo zal brengen. Daniel heeft zich via Facebook aangemeld bij een groepje fans van Felipe Gedoz. Hun missie: een wedstrijd bijwonen in de hoofdstad van Uruguay, een goeie 800 kilometer zuidelijker. Defensor, een van de kleintjes, speelt er 's anderendaags tegen Universidad de Chile in het kader van de Copa Libertadores, de Zuid-Amerikaanse Champions League. Een gelijkspel volstaat om de groep te winnen en door te stoten naar de volgende ronde. Het is Alex, bijgenaamd El Cabeça, die de trip organiseert. Hij is een jeugdvriend van Felipe. Beiden groeiden ze op in Muçum, een klein stadje in het binnenland van de staat Rio Grande do Sul. Een goeie vijfduizend inwoners, een onbetekenende stip in de grote oceaan die Brazilië is, ware het niet dat Muçum zich erop mag beroepen de trotse bezitter te zijn van een van de hoogste viaducten ter wereld, 143 meter boven de grond. Op de bus naar Montevideo zit ook de pa van Felipe, Dejalma da Conceição. Zelf ook profvoetballer, herinnert Daniel zich. "Een getalenteerde middenvelder. Wel prof in de lagere regionen van het regionale voetbal, hij heeft geen grote carrière gemaakt." De man verdient nu de kost als metselaar. Felipe is zijn enige zoon. Serli, de mama, is er dit keer niet bij, zij verdient de kost op school. In haar leven heeft ze al veel moeten bemiddelen, bij ruzies op straat, als een partijtje weer eens uit de hand liep, of als er glas sneuvelde... Het gezelschap op de bus is gevarieerd: Daniel ontmoet familieleden, jeugdvrienden, sporters uit Muçum, jong en oud door elkaar. Allemaal met een doel: de nieuwe held live aan het werk zien. Goed voor zijn verhaal, over een nieuwe ster. Een ding valt direct op: niemand spreekt over Felipe. Het gaat constant over 'Tikata', of afgekort 'Tikta'. Het komt van een liedje van de groep Cravo e Canela, waarop de toen vijftienjarige Felipe constant danste: Lá vem o negão, cheio de paixão, te catá, te catá, te catá. Vrij vertaald als: daar komt het talentje, vol passie. Wat Daniel aantrekt, zegt hij, is het bijzondere van dit verhaal. Tot 11 maart 2014 en de eerste van twee duels tegen Cruzeiro, een andere tegenstander in de groep, was Felipe Gedoz een grote onbekende in zijn geboorteland Brazilië. Opgegroeid in het binnenland, zonder een noemenswaardig palmares. Wel gek van voetbal, een open karakter en tot alles bereid om zijn droom waar te maken. Met daarom één opvallend itempje in zijn biografie: een test, op zijn dertiende, in Qatar. Qatar? Daniel: "De details ken ik niet helemaal, maar wat ik hoorde, was dat hij er een paar wedstrijden in een toernooi speelde. Op zich hoeft dat niet te verbazen, jonge Brazilianen vind je overal. Zeker als ze, zoals Felipe, tactisch slim zijn. Dat vertelde een van zijn jeugdtrainers bij Guarani die ik sprak: Anderson Lima. Die had Felipe in 2011 onder zijn hoede en vond hem een goeie dribbelaar, intelligent, met een goeie pass. Hij was snel en nam nagenoeg alle vrije trappen, omdat hij die zo goed omzette. Hij trainde er ook constant op. Bovendien kon hij hem overal posteren in de aanval: links, rechts én centraal. Een sleutelpion." Ondanks al die lof opende de weg naar de top zich niet, want Felipe had ook een zwak punt: hij was alleen sterk in balbezit. Eenmaal de bal kwijt, liet hij de rest lopen. Voetbal moest het worden, de school was niks voor hem. Met overhoringen was hij snel klaar, om de tijd te doden tekende hij op de achterkant van de papieren het logo van Grêmio, zijn droomclub. Op zijn elfde ging hij voor Juventude de Caixas do Sul - ook de ex-ploeg van Fernando Menegazzo - voetballen. Hij verliet het huis en ging inwonen bij Ramiro, een ploegmaat van toen die nu bij Grêmio voetbalt. Bij Guarani vertrok hij op zijn zeventiende, richting Uruguay. Hij ging in Pocitos wonen, in zijn eentje, in een wijk van Montevideo dicht bij zijn nieuwe ploeg Defensor, hoewel hij geen woord Spaans sprak. De eerste maanden was het verlangen om naar huis terug te keren groot, maar hij overwon de saudade, werd een atleet en slaagde. Nu, in Brazilië lopen ze niet hoog op met het voetbal in Uruguay. Een zwakke competitie, signaleert Eduardo Barraza, die het volgt vanuit Buenos Aires en samen met wat vrienden blogt over het Zuid-Amerikaanse voetbal. Pasión Libertadores heet hun site. Barraza: "Elk jaar verhuizen de beste spelers naar Brazilië, Argentinië of Europa. De Uruguayaanse competitie is wel stevig, met veel duels, voor jongeren de ideale leerschool. De coach van Defensor was zeer te spreken over Gedoz. Hij scoorde geregeld en stond fysiek zijn mannetje. Hij viel zelfs zo op, dat de beloftecoach van Uruguay hem in het vizier had voor de ploeg." Uruguay plaatste zich in 2013 namelijk voor het WK U20 in Turkije. In een interview met Barraza deed Gedoz een bekentenis: van de beloftecoach van Uruguay, Juan Verzeri, had hij te horen gekregen dat die hem voor het WK wilde selecteren. "Maar", aldus Gedoz tegenover Barraza, "dat mocht niet van de bond, vanwege mijn Braziliaanse nationaliteit." Toch, zo herhaalde hij nog eens begin september dit jaar, kon hij niet wachten om voor Uruguay te voetballen. Helaas voor dat land raakte de carrière van de Brugse spits annex aanvallende middenvelder in 2014 plots in een stroomversnelling. Een paar goeie wedstrijden in de Copa Libertadores zorgden voor een hype. Een hype die Daniel Cassol met de bus van Porto Alegre naar Montevideo bracht en terug, voor een reportage over een nieuw wonderkind. Aanleiding: drie goals in twee matchen tegen Cruzeiro, de Braziliaanse landskampioen. Een keer vanaf links, een keer vanaf rechts en een keer op vrije trap. Toen Defensor na de groepsfase nog eens doorstootte tot de halve finale, was Gedoz op een gegeven moment de enige Braziliaan in de running voor winst. Cassol: "Dat intrigeerde me. Het verhaal van nog maar eens iemand die via een andere weg dan de klassieke naar de top reikte." Zijn droom was de nationale ploeg. Aanvankelijk die van Brazilië, daarna Uruguay. Wellicht wordt het toch Brazilië want... Barraza: "Hij is opgeroepen voor de olympische ploeg. Op 10 oktober speelt die tegen Bolivia. Brazilië wil zich geen tweede geval Diego Costa veroorloven." Gedoz accepteerde de uitnodiging. Uiteraard... DOOR PETER T'KINT - BEELDEN: BELGAIMAGE"Brazilië wil zich geen tweede geval Diego Costa veroorloven." Eduardo Barraza