'Welkom op Wembley! Of wat ervan overblijft.' Enkele spelers van Leotar Trebinje lachen groen bij de boutade van hun ploegmaat. Ooit dartelde Luka Modric als 17-jarige snuiter hier over het veld met Zrinjski Mostar. Maar het Stadion Police, in 2003 nog het theater van de enige landstitel van Leotar en een paar maanden later gastheer voor de voorrondewedstrijd tegen Slavia Praag in de Champions League, is intussen rijp voor de sloop. De Servische driekleur die werd aangebracht op de ingangspoort blijft voorlopig overeind. Net als de muurschildering met de beeltenis van Aleksandar Maslesa. De 18-jarige Maslesa was lid van de Trebinjska brigada, een legereenheid van de Republika Srpska, en was het jongste slachtoffer uit Trebinje dat aan het front sneuvelde. Voor wie er nog aan twijfelt: Trebinje is een Servische enclave in het tweestatenland Bosnië en Herzegovina. De verwijzingen naar de Bosnische republiek zijn eerder schaars - overal hangen Servische vlaggen uit. Enkel de nummerplaten met de letters BIH doen aan Bosnië denken. De toeristen zien er geen graten in en hebben vlot de weg naar Trebinje gevonden. Dat vakantiegangers enkel eten en slapen in Trebinje en daarna hun geld uitgeven in Dubrovnik is achterhaald. 'Er wordt al lachend gezegd dat Dubrovnik dicht bij Trebinje ligt en niet omgekeerd', zegt Aleksandar Forkapic, woonachtig in de wijk Tina. Daar is ook Standarspeler Gojko Cimirot grootgebracht. Forkapic is een vriend van de familie.
...

'Welkom op Wembley! Of wat ervan overblijft.' Enkele spelers van Leotar Trebinje lachen groen bij de boutade van hun ploegmaat. Ooit dartelde Luka Modric als 17-jarige snuiter hier over het veld met Zrinjski Mostar. Maar het Stadion Police, in 2003 nog het theater van de enige landstitel van Leotar en een paar maanden later gastheer voor de voorrondewedstrijd tegen Slavia Praag in de Champions League, is intussen rijp voor de sloop. De Servische driekleur die werd aangebracht op de ingangspoort blijft voorlopig overeind. Net als de muurschildering met de beeltenis van Aleksandar Maslesa. De 18-jarige Maslesa was lid van de Trebinjska brigada, een legereenheid van de Republika Srpska, en was het jongste slachtoffer uit Trebinje dat aan het front sneuvelde. Voor wie er nog aan twijfelt: Trebinje is een Servische enclave in het tweestatenland Bosnië en Herzegovina. De verwijzingen naar de Bosnische republiek zijn eerder schaars - overal hangen Servische vlaggen uit. Enkel de nummerplaten met de letters BIH doen aan Bosnië denken. De toeristen zien er geen graten in en hebben vlot de weg naar Trebinje gevonden. Dat vakantiegangers enkel eten en slapen in Trebinje en daarna hun geld uitgeven in Dubrovnik is achterhaald. 'Er wordt al lachend gezegd dat Dubrovnik dicht bij Trebinje ligt en niet omgekeerd', zegt Aleksandar Forkapic, woonachtig in de wijk Tina. Daar is ook Standarspeler Gojko Cimirot grootgebracht. Forkapic is een vriend van de familie. In feite is Dubrovnik, op goed drie kwartier rijden van Trebinje, nog altijd dé aantrekkingspool van de streek. Mensen uit Trebinje, waar volgens ruwe schattingen 5000 van de 28.000 inwoners zonder werk zitten, pendelen massaal naar de Kroatische kuststad om er de kost te verdienen. In dit deel van Bosnië-Herzegovina ben je arm of bemiddeld. Je hebt werk of je zit thuis te niksen. En dat geldt zeker voor Tina. Bij gebrek aan beter rijden mensen er rond met auto's die twintig jaar of ouder zijn. 'De mensen zijn hier dus heel down-to-earth', zegt Forkapic. 'Ze beschouwen profvoetballers, en bijgevolg ook Gojko, niet als buitenaardse schepsels die aanbeden moeten worden. Je zal kinderen nooit een bekende kop zien omsingelen voor een handtekening. Wat is dat trouwens: bekend zijn? Roem komt en verdwijnt.'Terwijl het oude stadscentrum van Trebinje onder de voet gelopen wordt door toeristen, probeert Tina langzaamaan recht te krabbelen na de oorlog. Forkapic was vijftien jaar toen Kroatische granaten vanaf 1992 te pletter sloegen tegen de appartementsgebouwen van zijn wijk. Nu is de robuuste veertiger de wandelende encyclopedie en de hoeder van Tina. 'Ik voelde mij een beetje verantwoordelijk voor Gojko, zijn broer Milorad en de andere kleine mannen uit de wijk. Ik ging bijvoorbeeld met hen zwemmen. Met de oudere jongens daagden we hen ook uit om tegen ons te voetballen. De eerste ploeg die zes keer scoorde, won. We lieten hen expres tot vijf doelpunten uitlopen en dan begonnen we pas serieus te spelen. Gewoon om hen te jennen. Als weerwraak werden we geschopt door die gastjes. ( grijnst) Slaan en stampen is hier doodnormaal. In Tina kan het er ruw aan toegaan, hier worden ruzies met de vuisten beslecht. Door jongens én meisjes. Maar Gojko was de meest goedaardige van de hoop. Ik heb nooit geweten dat hij ooit heeft moeten uithalen. Hij was altijd beleefd en vriendelijk.' Forkapic slalomt lustig door de straten van Tina en houdt halt voor een appartementsblok met zicht op enkele feeërieke heuveltoppen. Hier wonen Radoslav en Milica Cimirot. Ze hebben hun drie kinderen Maja, Milorad en Gojko opgevoed in Tina en gaan hier wellicht niet meer weg. De ontvangst is hartelijk. Milica laat wijn en rakija, een soort cognac, aanrukken. Ten huize Cimirot zijn de rollen perfect gecast. Milica is de moederkloek en de guitige flapuit. Radoslav is iemand van weinig woorden, maar hij is wel to the point. Het gesprek dwaalt even af naar de positieve bijwerkingen van de oorlog. Wanneer de bommen insloegen, hadden de volwassenen niets anders omhanden dan dicht bij elkaar te kruipen. 'Gojko is ons oorlogskindje - aan het begin van de oorlog liep ik al met een buikje rond', aldus Milica, Mila voor de vrienden. 'Maja is net als Gojko een rustig type. Milorad is de belhamel van de familie.' Het was wel Milorad die zijn broertje aanstookte om te gaan voetballen. 'Gojko is beginnen te sjotten om zijn broer na te apen', zegt Radoslav, die in zijn geboortedorpje op recreatief niveau voetbalde. 'Toen Gojko klein was, draaide zijn wereld rond Milorad. Hij wilde altijd hetzelfde doen als Milorad. Eerst speelden ze op straat en op parkeerterreinen. We hebben Gojko pas bij Leotar ingeschreven toen hij een jaar of tien was. Mocht zijn broer zich niet bij een club hebben aangesloten, dan was Gojko misschien nooit voetballer geworden.' Radoslav geloofde dat een van zijn twee zonen het zou maken en hij had zijn hoop gevestigd op Milorad. Bij de jeugd mocht hij al eens een reeks skippen en heel de familie ging er gemakshalve van uit dat Milorad zou slagen. Met zijn talent kon het niet mislopen. Het nachtleven, de vrouwen en andere zaken hebben een grote carrière gefnuikt. 'Gojko liep altijd achter een bal, Milorad liep achter de meiden', zegt Forkapic. 'Milorad en Gojko zijn tegenpolen van elkaar', aldus Radoslav. 'Je moet niet lang zoeken naar het verschil tussen die twee. Als we Gojko vroegen om naar huis te komen, dan deed hij dat. Maanden we Milorad aan om zich naar huis te reppen, dan ging hij eerst stappen. Mijn vrouw en ik, en nog veel anderen, dachten dat Milorad het grootste potentieel bezat. Hij was sowieso de betere voetballer. Voor ons was the sky the limit - uiteindelijk bleek Trebinje zijn plafond. Zonde van het talent. Nu denken we dat Gojko ongelimiteerde mogelijkheden heeft. We weten niet waar het voor hem zal eindigen.' Kon Milorad de druk niet aan? Koos hij voor de gemakkelijkheidsoplossing? Of reikten zijn aspiraties niet verder dan Trebinje? Zelfs zijn entourage kent het antwoord niet. Na een intermezzo in het futsal bij Leotar, dat in de hoogste divisie in Bosnië uitkomt, heeft hij zijn voetbalschoenen weer aangetrokken. Hij wil Leotar helpen om terug te keren naar de eerste klasse in de Servische tabelhelft. 'Of ik het jammer vind dat ik niet alles uit mijn carrière heb gehaald? Dat hou ik liever voor mezelf', zegt Milorad Cimirot, die 2,5 jaar ouder is dan de middenvelder van Standard. 'Mijn leven is nu hier: ik ben vorig jaar getrouwd en ik ben onlangs vader geworden van een jongen. Ik zal mijn zoon leren voetballen. Daar zal genoeg tijd inkruipen. Weet je wat? Ik heb mijn droom waargemaakt door samen met Gojko bij Leotar te voetballen. Hij op het middenveld en ik voornamelijk op links. In het prille begin heb ik hem moeten beschermen, maar daarna is het losgelopen. Toen we jong waren, was er wat rivaliteit tussen ons. We vochten het dan uit op het speelpleintje. ( lacht) Slechts één keer hebben we tussen de lijnen mogen uitmaken wie de beste was. Hij zat toen bij FK Sarajevo en ik speelde nog bij Leotar ( de match werd gespeeld op 17 augustus 2012, nvdr). Sarajevo won met 1-2. We zijn elkaar een paar keer tegengekomen en ik kon het niet laten om hem wat tikjes te verkopen.' Zijn ex-ploegmaats herinneren zich dat Gojko een lolbroek was in de kleedkamer en dat hij als jonge kerel bereid was om te leren van de oudere spelers. Op het veld kreeg de verdedigend middenvelder maar een taak: de bal veroveren en zo snel mogelijk afgeven aan Milorad. 'Milorad heeft zijn jongste broer alles aangeleerd', aldus Rajko Miceta, coach van Leotar en ook afkomstig van Tina. 'Hij heeft hem een wijze les gegeven: voetbal moet plezant blijven. Maar hij weet op welk moment hij zich een fantasietje mag veroorloven en wanneer hij normaal moet doen. Hij heeft in zijn hoofd alles goed geordend. Ik moet zeggen dat het succes van Gojko afstraalt op Tina en de rest van de stad. Leotar heeft destijds een statement gemaakt: kijk hoe wij erin geslaagd zijn om een jochie van hier de weg naar het eerste elftal te wijzen. Toen Gojko aan het doorbreken, was voetbalden er veel buitenlanders bij Leotar - vooral gasten uit Servië en Montenegro. Dat was voor Gojko een bijkomende moeilijkheid. Ik ben zelf van Tina en ik weet hoe beperkt de toekomstperspectieven daar zijn voor de jongeren.' Karakterieel zitten Milorad en Gojko helemaal anders in elkaar, maar ze delen wel hun passie voor futsal. Ze speelden meer dan drie jaar samen in de eerste ploeg van KMF Leotar Trebinje en wonnen in 2009 de voorlopig laatste landstitel van de club. Het bestuur van voetbalclub Leotar was op de hoogte dat Gojko en Milorad aan futsal deden en na smeekbedes van tientallen supporters stemde de voorzitter ermee in om de twee broers de topmatchen te laten spelen. Nu, de hoogmis van de futsalgemeenschap in Trebinje is de Trebinjska olimpijada, een jaarlijks voetbalfestival waarin de verschillende wijken van de stad het tegen elkaar opnemen. Milorad: 'Enkel ploegen uit Trebinje zijn toegelaten - je moet hier wonen om te kunnen deelnemen - en dat is het moment om al je kunstjes te tonen. En de eer van je wijk te verdedigen. Meer staat er niet op het spel. Het is not done om voor een andere wijk te voetballen. Ik schat dat Gojko en ik dat tornooi een vijftal keer hebben gewonnen.' Met Leotar gaat het al jaren bergaf. Trigrovi, de tijgers, zijn intussen weggezakt naar de derde klasse. Er wordt met weemoed teruggedacht aan de periode dat Gojko Cimirot het stadion in vuur en vlam zette. 'Gojko was heel geliefd bij de supporters', zegt Ratomir Mijanovic van Radio Trebinje. 'Wanneer het hele stadion zijn naam scandeerde, kon hij er als een tgv vandoor gaan met de bal. Hij was best een agressief baasje. Ik vraag mij een ding af: waarom is hij niet eerder vertrokken bij Leotar? Naar Sarajevo, Zenica, Belgrado, om het even waar. Mijat Gacinovic, wereldkampioen in 2015 met de U20, was een jaar of tien toen hij naar de jeugdacademie van Vojvodina Novi Sad vertrok en hij speelt nu bij Eintracht Frankfurt. Gojko was bijna 21 toen hij naar FC Sarajevo ging. Daar is kostbare tijd verloren gegaan. Nog een geluk dat hij hier is weggeraakt. In deze stad kan je onmogelijk carrière maken. No way. Was hij hier gebleven, dan was hij nu ober in een restaurant.' Toch koestert Radoslav Cimirot nog een droom: Gojko voor Partizan Belgrado zien spelen. Het hele gezin is fan van Partizan, maar Gojko opteerde voor Rode Ster Belgrado. De vele fresco's in Tina die verwijzen naar Delije, de beruchte supportersgroep van Rode Ster Belgrado, zijn het levende bewijs dat Gojko lang niet de enige is met een extreme sympathie voor de meest gelauwerde club uit ex-Joegoslavië. Forkapic: 'Als je onze wijk binnenrijdt, kan je niet naast Rode Ster kijken. Toen Gojko zich begon te verdiepen in het voetbal, was Partizan de slokop in Servië. Hij pikte er echter het zwakkere team uit. We hebben tevergeefs geprobeerd om hem om te praten... Of hij ooit het shirt van Partizan zal dragen? Je weet nooit welke richting het uitgaat met een voetbalcarrière, maar de kans is klein.'