Niemand gelooft dat Club Brugge vanavond nog naast een ticket voor de Champions League grijpt. Het zou pas de vierde keer zijn en de eerste keer sinds 2005 dat een Belgische vicekampioen een uitnodiging versiert voor het miljoenenbal.
...

Niemand gelooft dat Club Brugge vanavond nog naast een ticket voor de Champions League grijpt. Het zou pas de vierde keer zijn en de eerste keer sinds 2005 dat een Belgische vicekampioen een uitnodiging versiert voor het miljoenenbal. In 2009 besliste de UEFA om de grootste voetballanden vier vaste deelnemers aan de Champions League te bezorgen. Moord en brand werd er geschreeuwd, maar het is een goede zaak voor ons voetbal. De kwalificatieronde werd immers gesplitst in een kampioenen- en een niet-kampioenenspoor. Door de achtste plaats op de landenranking mag onze kampioen rechtstreeks naar het lucratieve feestje en maakt onze nummer twee veel meer kans om zich te plaatsen. Het kan immers niet meer geloot worden tegen een ploeg van de Big Five, wat bijna zeker gelijk staat met uitschakeling, en treft als tegenstander de vicekampioen van een land dat lager op de ranglijst staat. Als Club zich straks van een toegangsbewijs voor de sterkste voetbalcompetitie in de wereld verzekert, is het minimaal 25 miljoen rijker. Er werd al geopperd dat dit wel eens een slechte zaak voor ons voetbal zou kunnen zijn, omdat Club dreigt al te zeer de competitie te gaan domineren. We zijn hoe dan ook nog ver verwijderd van toestanden zoals in landen als Spanje, Italië, Engeland en Frankrijk die bij de start van de competitie maximaal twee kanshebbers tellen. Wie had een jaar geleden voorspeld dat KRC Genk met de titel aan de haal zou gaan? En ook al is geld belangrijker dan ooit geworden in het voetbal, het bepaalt gelukkig niet alles. Kijk maar naar Manchester United, tot vorig jaar de club met het hoogste budget maar al zes jaar sportief op de dool. Het grootste gevaar dat ons voetbal bedreigt, is dat niet iedereen Club kan volgen. De Bruggelingen hebben de voorbije jaren vooral naast het veld een enorme sprong voorwaarts gemaakt. In de allereerste plaats wat scouting betreft, waar alleen KRC Genk gelijke tred kan houden. Het knappe transferbeleid van beide clubs heeft de voorbije maanden tientallen miljoenen opgeleverd. En hen daardoor de mogelijkheid gegeven om spelers (terug) te halen die niet voor mogelijk werden geacht zoals Simon Mignolet en mogelijk Victor Wanyama. Ook KRC Genk investeert de inkomsten van de vertrokken vedetten in - naar Belgische normen - grote namen. Club Brugge heeft echter op nog meer vlakken een voorsprong genomen. Denk maar aan het nieuwe oefencomplex en de manier waarop blauw-zwart via de (sociale) media een band met de aanhang smeedt. Dankzij de gouden jaren 70 en het avontuurlijke voetbal van Ernst Happel heeft Club ook supporters over het hele land. Het moet nog alleen zijn wedstrijden afwerken in een oud karkas, maar het is op Sclessin na wel het grootste en best gevulde stadion van het land. De opmars van Club Brugge houdt ook gevaren in. Bijna elke club heeft deze zomer zijn transferrecord gebroken en we moeten hopen dat niemand onverantwoorde risico's neemt. Ook dreigt de kloof tussen de zes topclubs en de rest steeds schrijnender te worden. De verschillen worden zo groot dat vroeg of laat een scheiding onvermijdelijk lijkt. Het allergrootste gevaar is dat Anderlecht (verder) wegzakt. Het Belgisch voetbal kan het zich niet permitteren dat de hoofdstad geen absolute topclub heeft. Conclusies worden al te snel getrokken in het voetbal, maar het is niet onmogelijk dat Sporting een foute weg is ingeslagen. James Gheerbrant stelde vorig weekeinde in The Times dat teruggrijpen naar een speler-trainer een stap richting het verleden is en dat Anderlecht zich blindstaart op het charisma van Vincent Kompany. De tijd van de grote leiders op het veld is voorbij, want alles is gebaseerd op het collectief. De eisen die aan speler en trainer gesteld worden, zijn bovendien zo groot dat de functies niet meer te combineren zijn. En op de koop toe is trainer een vak dat je moet leren. Kompany heeft tot nu toe alleen met de meisjes U16 van Manchester City gewerkt in het kader van zijn trainersopleiding. Dat lijkt nogal weinig om een groep jonge gasten het moeilijkste voetbal dat er bestaat te laten spelen. Toch moet ook Club Brugge hopen dat de gok van Marc Coucke niet mislukt.