Je kunt er niet omheen: Gordan Vidovic (49) heeft een opvallende tronie. Zijn Paninisticker van het WK'98 is daar een mooie illustratie van. Gebeitelde mond, diepliggende ogen. De van oorsprong uit Bosnië afkomstige verdediger kon zijn tegenstanders wel intimideren. 'En ik schrok er niet voor terug om dat te doen', verzekert hij ons, meer dan twintig jaar na het ongelooflijke seizoen met Excelsior dat hem bekend maakte bij het Belgische publiek. 'Zelfs verbaal. Als Jan Koller, wiens Tsjechisch niet zo ver van het Bosnisch afstond, me iets smerigs toeriep, kreeg hij dat in tienvoud terug. Echt vuilbekkerij! Intimidatie is belangrijk.'
...

Je kunt er niet omheen: Gordan Vidovic (49) heeft een opvallende tronie. Zijn Paninisticker van het WK'98 is daar een mooie illustratie van. Gebeitelde mond, diepliggende ogen. De van oorsprong uit Bosnië afkomstige verdediger kon zijn tegenstanders wel intimideren. 'En ik schrok er niet voor terug om dat te doen', verzekert hij ons, meer dan twintig jaar na het ongelooflijke seizoen met Excelsior dat hem bekend maakte bij het Belgische publiek. 'Zelfs verbaal. Als Jan Koller, wiens Tsjechisch niet zo ver van het Bosnisch afstond, me iets smerigs toeriep, kreeg hij dat in tienvoud terug. Echt vuilbekkerij! Intimidatie is belangrijk.' In de loop van zijn carrière kwam Vidovic met zijn franke teut ook al eens in de media en dat draaide niet altijd goed uit... Op het moment dat hij zijn carrière bij de nationale ploeg stopzet, geeft de verdediger een groot interview aan een Vlaams dagblad. Hij heeft het onder meer over Luikse journalisten 'die altijd geprobeerd hebben me te kraken in het belang van spelers van Standard. Terwijl ik goed speelde. Voor mij zijn die twee assholes.' De dag erop staat er een grote kop in die krant: 'Walen zijn assholes.' De Moeskroener ontloopt maar nipt een zware schorsing door zijn club en vormt zich een definitieve mening over de media. 'Vanaf het begin had ik het moeilijk om met de pers om te gaan. Op een dag betrapte ik enkele fotografen achter mijn huis. Ik wist niet waar ik het had.' Al maakte Vidovic in zijn leven wel andere dingen mee... Gordan Vidovic, afkomstig uit Sarajevo, is 23 wanneer de Joegoslavische Burgeroorlog uitbreekt. Hij besluit zijn land te ontvluchten, met alleen wat voetbalspullen in zijn bagage. Een groot stuk van Bosnië doorkruist hij per bus. 'Ik had maar één doel: overleven. Tientallen militairen heb ik gekruist zonder te weten of ze me niet standrechtelijk zouden executeren.' Geholpen door enkele vrienden geraakt hij in Bulgarije en nadien in Zwitserland. West-Europa bereiken was onderdeel van het plan om zichzelf en zijn familie te redden. 'Ook al had ik maar één paar stads- en voetbalschoenen, toch hoopte ik snel een club te vinden. Maar zonder geld of papieren ben je niemand, ben je niks.' In 1992 arriveert de Bosniër in België. Hij zal hier vijf jaar moeten wachten vooraleer hij de Belgische nationaliteit verwerft. Zijn dossier loopt vertraging op door een administratief probleem dat hem uit de circulatie doet verdwijnen. 'Nochtans speelde ik op dat moment bij Tienen en verscheen mijn naam alle weken in de krant', grapt de opgeschoten man die zijn haar tegenwoordig in een staartje draagt. Alle zes maanden moet hij zich melden aan het vreemdelingenloket, hoewel hij geld verdient en belastingen betaalt. Zijn naturalisatiedossier komt in een stroomversnelling terecht in 1997, wanneer Vidovic op de drempel staat van de nationale ploeg. In tien dagen is alles geregeld. 'Als ze je nodig hebben, is alles mogelijk.' Tussen 1997 en 1999 wordt Vidovic zeventien keer opgeroepen voor de Rode Duivels. Hij speelt zelfs twee wedstrijden op het WK'98. 'Echt een mooie ervaring', zegt de stevige verdediger. 'Ik heb toen wel wat problemen gehad met Enzo Scifo (die hem verweet dat hij geen Frans sprak, nvdr), maar dat is eigenlijk een goeie gast, ik heb veel respect voor hem.' Dat hij in het centrum van de verdediging terechtkomt bij de Rode Duivels, heeft hij te danken aan Luka Peruzovic. In 1997 heeft Vidovic er net een seizoen in eerste klasse opzitten als aanvaller bij Excelsior Mouscron. Maar Georges Leekens vindt dat maar niks. Vooraan beschikt hij over de geweldige tweeling Mbo en Emile Mpenza. Heeft hij dan een gast nodig van bijna dertig? 'Peruzovic fluisterde Leekens in dat ik in Joegoslavië als verdediger speelde. Ook al scoorde ik in tweede klasse 56 keer in 60 matchen, ik ben toch terug in de verdediging gaan staan.' Rond de eeuwwisseling trekt de Rode Duivel de aandacht van scouts van Aston Villa, maar zijn transfer naar de andere kant van het Kanaal loopt spaak op een geldkwestie. Later komt Arsène Wenger hem nog persoonlijk bekijken. 'Als ik eerder in België was aangekomen en met papieren, dan had ik meteen naar een grote club gekund en nadien naar Engeland.' De carrière van Vidovic eindigt ten slotte in september 2003, door een aanslepende knieblessure. Vervolgens waagt hij zich aan een loopbaan als makelaar. 'Ik heb Edin Dzeko voorgesteld bij Mouscron, hij was toen zestien. Maar het bestuur wilde geen 50.000 euro voor hem betalen. Dzeko is dan naar Teplice in Tsjechië gegaan. Ik weet nochtans heel zeker dat hij een andere ontwikkeling zou doorgemaakt hebben als hij naar België was gegaan.' Gedegouteerd door het makelaarsmilieu probeert Vidovic een omscholing in de vastgoedsector. Zonder succes. Vervolgens opent hij een bar in Bosnië. Sommige Belgische kranten hebben het over een nachtclub. 'Het was geen stripteasebar of een bordeel. Ik ben zelfs nooit in zo'n zaak geweest', zegt hij. 'Wat voor de verwarring gezorgd heeft, is dat de bar een wat speciale sfeer had, donker, onder de grond. En ze was heel de nacht open.' Ook die ervaring is er een van korte duur: door administratieve problemen moet hij de zaak sluiten. Momenteel doet Vidovic wat scoutingwerk voor zijn vriend Milan Broceta. 'Het grootste deel van mijn tijd bekijk ik wedstrijden. Ik heb een hele hoop zenders, dus ik houd nooit op, van de Champions League tot de derde klasse van een dwergstaat.'