Een dikke maand geleden, op de Golden Leaguemeeting in Parijs, gleed Tia Hellebaut (28) voor het eerst over 2 meter. Een nieuw Belgisch record, een bronzen medaille, maar vooral : een magische grens die overschreden werd. Door die kaap van de 2 meter te nemen, voegde de Limburgse atlete zich in één klap bij de internationale wereldtop én gaf ze zichzelf een serieuze confidence boost. Van het ietwat verlegen en twijfelende meisje dat we een jaar geleden interviewden, blijft tegenwoordig nog bitter weinig over. Je merkt het aan alles. De manier waarop ze haar aanloop neemt, met het publiek speelt, in de camera's kijkt. Tia is top geworden !
...

Een dikke maand geleden, op de Golden Leaguemeeting in Parijs, gleed Tia Hellebaut (28) voor het eerst over 2 meter. Een nieuw Belgisch record, een bronzen medaille, maar vooral : een magische grens die overschreden werd. Door die kaap van de 2 meter te nemen, voegde de Limburgse atlete zich in één klap bij de internationale wereldtop én gaf ze zichzelf een serieuze confidence boost. Van het ietwat verlegen en twijfelende meisje dat we een jaar geleden interviewden, blijft tegenwoordig nog bitter weinig over. Je merkt het aan alles. De manier waarop ze haar aanloop neemt, met het publiek speelt, in de camera's kijkt. Tia is top geworden ! In augustus 2005 hinkte Hellebaut nog op twee gedachten. De meerkampen (vijfkamp of zevenkamp) droegen haar voorkeur weg, daar beleefde ze - door de collectievere sfeer - meer plezier aan. Maar tegelijkertijd zag ze zelf wel in dat ze het verst kon komen als ze zich op één discipline zou focussen : het hoogspringen. Dus maakte ze een deal met zichzelf. Het Belgische record van Ingrid Didden op de zevenkamp zou sneuvelen en daarna stopte het meerkampen voorgoed. Op 28 mei 2006 in Oostenrijk was het zover. "De manier waarop ik dat hoofdstuk kon afsluiten, maakte het afscheid een stuk makkelijker", blikt Hellebaut terug. "Dat zevenkampen is nu gedaan, maar de vijfkamp zal ik in de winter toch blijven doen, ik zie dat als een ideale voorbereiding voor het hoogspringen. Bovendien heeft het mij tot nog toe geen windeieren gelegd, waarom zou ik dan iets veranderen aan mijn trainingsschema ?" Het heeft haar inderdaad geen windeieren gelegd. Op de Olympische Spelen van Athene, in 2004, oogstte de Vlaamse springveer nog lof voor haar twaalfde plaats. En een jaar later behaalde ze op het WK in Helsinki een schitterende zesde plaats. Maar de categorie waar Tia tegenwoordig bijhoort, is van een totaal andere orde. Samen met de Zweedse Kajsa Bergqvist (algemeen beschouwd als de beste hoogspringster van het moment), de Russin Yelena Slesarenko, de Kroatische Blanka Vlasic en de Amerikaanse Chaunte Howard bevolkt ze anno 2006 de top vijf van de IAAF world ranking, de officiële wereldranglijst is dat. Het voorbije seizoen stond Hellebaut in de drie Golden Leaguemeetings (Oslo, Parijs en Rome) driemaal op het podium, twee keer zilver en eenmaal brons. Dan mag een mens al eens ambities koesteren voor het komende EK in het Zweedse Göteborg. "Als de logica gerespecteerd wordt, zou ik inderdaad dicht bij een podiumplaats moeten eindigen", beseft Hellebaut. "Ik heb gepiekt naar deze afspraak, ik voel dat ik over de juiste benen beschik. Maar ik zal me niet fixeren op een medaille, ik zal vooral focussen op het behalen van een mooie hoogte. Sinds 1978 volstond het om over de 2 meter te springen om een EK-medaille te pakken, maar ik vrees dat dat met de huidige generatie anders ligt. Bergqvist is topfavoriet, zij sprong dit jaar al 2.04 meter en mag nu bovendien voor eigen publiek presteren. Ik zal vooral moeten hopen op een mindere dag van Vlasic. Het belangrijkste is dat ik door het bereiken van die tweemetergrens weet dat ik tussen die wereldtop thuis hoor. En zij weten dat ze rekening moeten houden met mij. Zowel Slesarenko, Vlasic als Bergqvist heb ik in het verleden immers al eens geklopt."Is er dan echt zo'n groot verschil tussen iemand die 2.04 meter springt en iemand die 2 meter springt ? Hellebaut legt uit : "Ja, hoor. Vier centimeter is gigantisch veel op dit niveau. Ik zie mezelf nog wel 2.01 of 2.02 meter halen, maar 2.04 meter ? Neen, dat is niet meteen voor mij. Van iemand die regelmatig 1.95 meter springt, weten wij bijvoorbeeld ook dat die niet ineens 2 meter zal halen."Nochtans is dat wel wat er met Tia Hellebaut gebeurde. Op een jaar tijd evolueerde ze van de subtop - de dames die doorgaans rond de 1.92 meter bengelen - naar de top - zij die de tweemeterlat trotseren. "De belangrijkste verandering is natuurlijk geweest dat ik me voluit op dat hoogspringen ben gaan concentreren. Vroeger dacht ik dat ik enkel die discipline te eentonig zou vinden, maar door mijn snelle succes bleek niets minder waar. Ik geniet van en ben nog meer gefascineerd geraakt door het hoogspringen. Ten tweede ben ik in vergelijking met vorige jaren nog wat afgevallen en heb ik spiermassa bij gekweekt. En ten derde ben ik op het mentale vlak enorm gegroeid. Door op training en op meetings zo vlot over die lat te gaan steeg het zelfvertrouwen. Tot nu toe was dit een ongelooflijk jaar : geen blessures en alles wat ik probeerde, lukte. Afgelopen winter ben ik op technisch gebied enorm geëvolueerd. Door die goede techniek als basis, spring ik als vanzelf veel regelmatiger. Met een goede afstootpositie ga je veel rechter naar boven, waardoor je makkelijker hoogte haalt. Ik kan nu, bij wijze van spreken, op automatische piloot aanlopen en springen. Ik hou er wel rekening mee dat na een hoogtepunt altijd een terugval komt, maar hopelijk valt die pas na mijn seizoen ( lachje)." Ondertussen geniet Tia Hellebaut met volle teugen van haar nieuw verworven status. Overal in de media verschijnt ze tegenwoordig aan de zijde van Kim Gevaert. Beide dames fungeren als uithangbord van een - zo lijkt het wel - herboren Belgische atletiekgeneratie. Maar meer aandacht betekent ook meer druk. Van Gevaert en Hellebaut worden straks de medailles verwacht op alle grote meetings. Hellebaut maakt er zich vooral niet te druk om : "Ik geniet van de erkenning. Dat je als uithangbord van je sport gebruikt wordt, betekent toch wat. En met Kim heb ik het sowieso altijd goed kunnen vinden. Wij zijn van hetzelfde jaar en gingen vroeger dikwijls samen op stage. Ik voel wel dat ik bekender ben geworden bij het brede publiek. Kinderen durven steeds vaker om een handtekening te vragen en in de supermarkt zie je mensen wel eens staren. Voorlopig vind ik het allemaal best aangenaam, zolang het maar geen Kim Clijsterstoestanden worden", besluit Hellebaut. Als dat maar goed komt wanneer ze straks eremetaal behaalt in Göteborg ... MATTHIAS STOCKMANS