"Achteraf bekeken," zegt Walter Degreef, "heb ik te weinig uit mijn carrière gehaald. Ik ben op teveel verschillende posities uitgespeeld. Had ik een vaste plaats gehad, dan had mijn loopbaan er allicht helemaal anders uit gezien.
...

"Achteraf bekeken," zegt Walter Degreef, "heb ik te weinig uit mijn carrière gehaald. Ik ben op teveel verschillende posities uitgespeeld. Had ik een vaste plaats gehad, dan had mijn loopbaan er allicht helemaal anders uit gezien. "Toen ik nog bij Beringen speelde, kon ik naar New York Cosmos waar Swat Van der Elst actief was. Het was Raymond Goethals die mij van de belangstelling uit Amerika op de hoogte bracht. ' Gaai sprekt toch wa ingels,'zei Raymond, ' wel ge kunt in New York goan sjotten'. Via een manager kwam ik met Cosmos snel tot een persoonlijke overeenkomst. Sportief stelde het misschien niet al te veel voor maar ik kon er een pak geld verdienen. De clubs moesten zelf er nog wel zien uit te raken. In de bus op weg naar Standard hoorden we op de radio dat de transfer rond was, waarop onze trainer, Kees Rijvers, me vragend aankeek. In de kleedkamer kreeg ik te horen dat ik als linksbuiten zou starten. Linksbuiten ! Ik had daar nog nooit van mijn leven gespeeld, en dat met Erik Gerets als rechtstreekse tegenstander. Een vertegenwoordiger van Cosmos zat in de tribune. Na een kwartier al werd ik gewisseld. De transfer is niet doorgegaan. Achteraf vernam ik van een bestuurslid van Beringen dat als ik geweigerd had om linksbuiten te staan, de zaak wél was doorgegaan. Op dat moment was het vooral op financieel vlak een ontgoocheling." Slecht heeft de witte, die zijn dunne wapperende haren heeft ingeruild voor een kortgeschoren kopje, nochtans niet geboerd. In de tuin van zijn rustiek ingerichte woning annex restaurant in het Limburgse Heppen (Leopoldsburg) vertelt hij ons over zijn golfpassie. Bij twee clubs is hij aangesloten. "In mijn tuin oefen ik ook de korte slagen. Het werk in de tuin en het golfen houden me scherp. En ik mag dan al geruime tijd een restaurant hebben, eten en drinken doe ik amper. Ik soigneer me." Het voetbal volgt hij nog. "Ik ga nog geregeld kijken, vooral naar Anderlecht en Racing Genk. Maar overal waar ik ga, betaal ik mijn plaats zelf. Ook als ik hier naar Heppen ga kijken. De keuze tussen mijn zaak en een leven verder in het voetbal is echt verscheurend geweest. Doordat ik veel te vroeg ben moeten stoppen, viel het afscheid ook heel zwaar. Ik probeerde het als trainer en als spelersmakelaar, maar telkens bleek de combinatie met het restaurant moeilijker dan verwacht. Telkens als ik op televisie wat wedstrijden zag, kreeg ik het lastig, dan knaagde het verschrikkelijk. Toch ben ik voor de horeca heb gekozen. Een job in het voetbal is onzeker. Het leven als restaurantuitbater is weliswaar keihard, maar ik ben nog te jong om nu al niks te doen. Bovendien heb ik het harde werk nooit geschuwd."Zijn gemiste transfer naar New York werd gecompenseerd met een overgang naar Anderlecht. Daar kwam hij in een ploeg terecht die als de beste van de voorbije decennia wordt beschouwd. Walter Degreef : "Vergelijk de namen met die van het huidige Anderlecht. Ik denk niet dat er veel toen zouden mogen meespelen hebben. Zelfs Glen De Boeck niet, een degelijke maar heel gewone voetballer. "Kliekjesvorming in de kleedkamer, waar ik nu over lees, bestond vroeger niet. Dat de Denen buiten het voetbal met elkaar optrokken, daar is toch niks mis mee ? Ook op het veld klikte het. Het Ivic-systeem was niet bij iedereen geliefd, maar ik voelde mij er prima bij. Ik speelde naast Ludo Coeck en vóór Luka Peruzovic, onze centrale mandekker. Wij moesten de opkomende tegenstanders opvangen en pressen. In feite waren wij de verdedigende middenvelders van nu. Onze palmares mocht er zijn, twee Europese finales, waarvan één gewonnen. Anderlecht was toen een topclub in Europa. Ook de beruchte wedstrijd tegen Nottingham Forest ( wegens het omkoopschandaal, nvdr) maakte ik mee. Ik denk niet dat er iemand tijdens de match van op de hoogte was, maar ik ben wel overtuigd dat Anderlecht zich gelukkig mag prijzen dat die Spaanse scheidsrechter niet meer leeft. "1984 was niet over de hele lijn een goed jaar. Ik werd wel Rode Duivel, maar speelde amper vijf wedstrijden. Het EK in Frankrijk dat jaar was een ramp. Na mijn penaltyfout op Preben Larsen verloren we tegen de Denen, nadat we al tegen het gastland zwaar in de boot waren gegaan. Het was mijn laatste match als Rode Duivel. Het volgende seizoen raakte ik ook bij Anderlecht nog moeilijk in de ploeg en wilde ik weg. Ik zocht het avontuur en belandde in Oostenrijk bij Wiener SC. Een klein clubje in de schaduw van Austria en Rapid met een gekke voorzitter die met zijn geld geen blijf wist. Ik kwam er aan op de derde speeldag. De ploeg had de eerste twee matchen verloren, bij mijn debuut wonnen we met 0-2. Toen ik na de match op de massagetafel lag, stopte de voorzitter me vijfduizend shilling in de hand. "Maar hij was compleet onberekenbaar. Toen hij op zoek was naar goeie middenvelder, tipte ik René Vandereycken. René was op de afspraak, maar de voorzitter stuurde zijn kat, waarna Vandereycken naar Blau Weiss Berlin trok. In de spits stond Hans Krankl. Liever lui dan moe, een houding waar ik het moeilijk mee had. Nu nog kan ik geen luiheid verdragen. Ik ben een ochtendmens. In de zomer sta ik op om zes uur en werk ik tot elf uur in de tuin. Daarna ga ik werken in het restaurant. En dat gemis van het voetbal blijkt toch niet zo erg te zijn als pakweg tien jaar geleden." door Stefan Van Loock'Doordat ik veel te vroeg moest stoppen, viel het afscheid heel zwaar.'