Ze ziet er stralend uit in de vierde maand van haar tweede zwangerschap. Kim Gevaert heeft nog altijd een even goede verstandhouding met Tia Hellebaut, want zij maakt dankbaar gebruik van Tia's persconferentie om tegemoet te komen aan de nog steeds talrijke aanvragen voor interviews. Omdat het moeder zijn haar momenteel te veel opslorpt, werkt Kim niet voltijds, maar toch staat haar agenda goed vol. Voor haar geen zwart gat, zo gevreesd door menig topsporter na afloop van zijn of haar carrière. Ze is halftijds aan de slag voor SOS Kinderdorpen, werkt mee aan de Memorial Ivo Van Damme en doet freelance werk voor de VRT. 'Tot mijn dertigste heb ik enkel voor de sport geleefd. Ik heb er mijn ambities waargemaakt en voel niet langer de behoefte mij te bewijzen. Ik wil me met mijn kinderen bezighouden en van de warmte van het gezinsleven genieten."
...

Ze ziet er stralend uit in de vierde maand van haar tweede zwangerschap. Kim Gevaert heeft nog altijd een even goede verstandhouding met Tia Hellebaut, want zij maakt dankbaar gebruik van Tia's persconferentie om tegemoet te komen aan de nog steeds talrijke aanvragen voor interviews. Omdat het moeder zijn haar momenteel te veel opslorpt, werkt Kim niet voltijds, maar toch staat haar agenda goed vol. Voor haar geen zwart gat, zo gevreesd door menig topsporter na afloop van zijn of haar carrière. Ze is halftijds aan de slag voor SOS Kinderdorpen, werkt mee aan de Memorial Ivo Van Damme en doet freelance werk voor de VRT. 'Tot mijn dertigste heb ik enkel voor de sport geleefd. Ik heb er mijn ambities waargemaakt en voel niet langer de behoefte mij te bewijzen. Ik wil me met mijn kinderen bezighouden en van de warmte van het gezinsleven genieten." Gevaert zal in Barcelona aanwezig zijn. Haar overzicht van de gekwalificeerde Belgen begint ze met Tia. "Haar fantastische start heeft haar vleugels gegeven, zij kan een uitstekend resultaat neerzetten. Een medaille? Nog meer dan in andere disciplines hangt in het hoogspringen alles af van de omstandigheden." De medaillekandidaten blijven over het algemeen dezelfde: de Borlées, de 4 x 400 m bij de mannen en de 4 x 100 m bij de vrouwen. JonathanBorlée (22) heeft in Parijs net het Belgisch record gebroken met een ronde in 44"77, terwijl Kevin in de halve finales van het Belgisch kampioenschap de zesde beste Europese tijd neerzette met 45"22. Gevaert: "De tweeling staat onder druk, maar ik denk niet dat dit voor hen een probleem vormt. Jacques, hun vader en trainer, is een goede mental coach. België heeft een reële medaillekans, want slechts weinig Europeanen hebben dit seizoen zulke goede tijden gelopen." De prestaties van de broers Borlée kunnen België nog een andere medaille opleveren in de 4 x 400 m, temeer omdat verschillende atleten de minima hebben gehaald. Arnaud Destatte (22) heeft de laatste vrije plaats op de 400 m individueel weggegrist en hij komt in beeld voor de aflossing, net zoals Antoine Gillet (22), Arnaud Ghislain (21) en Cédric Van Branteghem (31), een van de ouderdomsdekens van de Belgische delegatie. Omdat hij eind april een stressfractuur opliep, kwam hij niet meer uit in competitie en doet hij niet mee aan de individuele wedstrijd, maar hij blijft beschikbaar voor de aflossing. Kim Gevaert: "Hij kan trainen, maar zonder zich op de competitie te storten, want de belasting zou te hoog zijn. Het gaat goed momenteel en hij is eerlijk: indien hij zich niet goed voelt op het moment van de aflossing zal hij dat zeggen." Bij de vrouwen moet de 4 x 100 m schitteren zonder Kim Gevaert, maar zij is de eerste om haar eigen impact op de Spelen van Peking te minimaliseren. "Het verschil tussen mijn tijd en de tijden van mijn teamgenotes was minder dan een halve seconde en er spelen nog zo veel andere elementen een rol bij een aflossing: het engagement van elk, de kwaliteit van de wissels ... Het gaat er in de eerste plaats om klaar te zijn op het ogenblik van de wedstrijd. Hanna Mariën (28), Elodie Ouedraogo (29), Anne Zagré (20) en Olivia Borlée (24) hebben het voorbije jaar last gehad van blessures en moeten alles opnieuw beginnen, maar de kwaliteit is er, net als het enthousiasme en de wil om voor een topprestatie te zorgen." Olivia Borlée heeft zich ook gekwalificeerd voor de 200 m, maar zij die bestemd leek de fakkel van Kim Gevaert over te nemen, zit een beetje aan haar limiet. "Zij realiseert al vier jaar mooie tijden en is zeker in staat los te barsten op grote meetings, als haar lichaam haar wil volgen. Zij heeft hetzelfde probleem aan de achillespees als ik. Ik heb mijn slechtste moment gekend in 2008. Het is een ingewikkelde en zeer pijnlijke blessure. Een pees wordt weinig doorbloed en medicatie heeft weinig effect, uitgezonderd de pijnstillers die bijna onmisbaar zijn. Je moet een peesblessure hebben gehad om te begrijpen hoeveel pijn die kan doen. De peesstructuur verandert, de pijn wordt chronisch. Olivia weet wat ik gedaan heb om die blessure te verzorgen. Zij wordt behandeld, maar het is niet makkelijk om - afhankelijk van de exacte plaats van de blessure - de goede methode te vinden. Je moet natuurlijk ook je training aanpassen. En dan plots komt de klik. Mag zij de finale ambiëren? Ja, als zij echt in supervorm verkeert." In het hinkstapspringen mag Svetlana Bolshakova (26) hopen op een topvijfplaats. De echtgenote van Stijn Stroo-bants, een specialist hoogspringen die zich niet wist te plaatsen voor Barcelona, verzamelde in het Russische shirt tal van internationale medailles bij de juniors en beloften. Dit seizoen springt zij geregeld verder dan 14,20 m. Gevaert: "In deze delegatie zitten veel atleten met enorme mogelijkheden, maar ze moeten er op het juiste moment uitkomen. Alles gebeurt in een fractie van een seconde, vooral in de technische disciplines en de sprint. Neem nu Eline Berings (24) op de 100 m horden. Zij heeft de top van haar kunnen nog niet bereikt, zonder dat daar een echte reden voor te vinden is. Zij is nog niet honderd procent, vooral qua techniek. Dan is er nog Anne Zagré, die aan hetzelfde nummer deelneemt. Zij is jong, heeft een blessure gehad en ik denk dat deze kampioenschappen voor haar een waardevolle ervaring zullen zijn. Elodie Ouedraogo mag mikken op de finale op de lage horden." De Belgische delegatie is ruim en vooral zeer jong, ook al hebben sommige geselecteerden de voorkeur gegeven aan de wereldkampioenschappen voor juniors in het Canadese Moncton. Gevaert: "Wij mogen geen grootse prestaties verwachten van de vele jongeren in Catalonië, zij zullen er vooral ervaring opdoen voor een toekomst die er rooskleurig uitziet." Welke verklaring is er voor die gunstige ommezwaai na jaren van schaarste? Er is het statuut van topsporter, dat zowel in de Franstalige als in de Nederlandstalige gemeenschap is ingevoerd. Een statuut waarvan ook Kim heeft genoten. Het verschaft de atleet een maandloon waardoor hij/zij zich volledig aan de sport kan wijden zonder financiële zorgen en het biedt ook logistieke steun. Los van dit statuut wijst Kim Gevaert op de talrijke veranderingen die er op tien jaar tijd zijn gekomen, beleidswijzigingen waaruit net de jongeren voordeel halen op het ogenblik waarop zij de moeilijkste jaren uit hun carrière beleven, zo rond hun twintigste, wanneer ze sport en studie combineren en geneigd zijn het eerste op te offeren om hun toekomst niet op het spel te zetten. Gevaert: "Topatleten kunnen hun studie over meerdere jaren spreiden. Een andere wijziging is de invoering van twee minima voor EK en WK: een voor de seniors van ouder dan 23 jaar en een voor de beloften, die hun inspanningen sneller beloond zien. Door deze selectie kunnen zij zonder druk een ander niveau ontdekken en kunnen zij zich inwerken. Over het algemeen heeft België zijn eisen naar beneden herzien: ik moest 11"30 lopen om geselecteerd te zijn voor een EK, terwijl de minima nu op 11"45 liggen voor iemand van ouder dan 23 en op 11"50 voor een jongere. Een gunstige evolutie, die wij ook in de aflossing zien: vroeger moesten minstens twee atleten gekwalificeerd zijn om een ploeg in te schrijven. Veel sporters waren fysiek en mentaal uitgeput door hun jacht op de minima, ze moesten zelfs hun vormpiek bereiken vóór de kampioenschappen." De liga's volgen alles ook veel beter op en ze geven de trainers een loon. Wanneer wij de lijst van topatleten overlopen, keren de namen van vier of vijf coaches vaak terug. Toch dringt Kim Gevaert aan op meer: "Er is nog werk aan de winkel. Sport op school wordt nog steeds verwaarloosd, het aantal uren is nog altijd niet veranderd en ligt belachelijk laag tegenover andere landen, het opsporen van talent moet ook versterkt worden. Te veel atleten beginnen er op het laatste nippertje aan. Dat was zo bij mij, maar in sommige disciplines is het een nadeel: je hebt geen basis." door pascale piérardHet gaat erom klaar te zijn op het ogenblik van de wedstrijd. Kim Gevaert