Waarom het in de corruptiezaak rond gokchinees Zheyun Ye stil blijft in La Louvière, is simpel : van hun advocaten mogen de toenmalige trainers, Gilbert Bodart en Frédéric Tilmant, niet praten met de voetbalbond zolang het federaal parket bezig is met zijn strafonderzoek. Voor de 'hobbyisten' van het bondsparket is dat lastig. Bewijsmateriaal boven spitten is tijdrovend werk, dus zonder spontane verklaringen of bekentenissen staan zij machteloos. Had Patrick Deman niet uit de biecht geklapt, dan waren er ook in het luik-Lierse van de zaak waarschijnlijk nog geen straffen gevorderd.
...

Waarom het in de corruptiezaak rond gokchinees Zheyun Ye stil blijft in La Louvière, is simpel : van hun advocaten mogen de toenmalige trainers, Gilbert Bodart en Frédéric Tilmant, niet praten met de voetbalbond zolang het federaal parket bezig is met zijn strafonderzoek. Voor de 'hobbyisten' van het bondsparket is dat lastig. Bewijsmateriaal boven spitten is tijdrovend werk, dus zonder spontane verklaringen of bekentenissen staan zij machteloos. Had Patrick Deman niet uit de biecht geklapt, dan waren er ook in het luik-Lierse van de zaak waarschijnlijk nog geen straffen gevorderd. Deman doet zijn verhaal bij bondsprocureur René Verstringhe in het derde weekend van februari. Op woensdag hebben huiszoekingen plaatsgevonden bij hem, Laurent Fassotte en Cliff Mardulier, waarna de gerechtelijke politie de drie meeneemt voor verhoor. Op donderdag ontslaat Lierse zijn assistent-trainer en de twee spelers. Wat in de dagen daarna precies gebeurt, is voer voor speculatie, maar zeker is dat Deman, via zijn advocaat, een spijtoptantenregeling treft met de KBVB : in ruil voor zijn getuigenis krijgt de ex-keeper van Verstringhe de belofte dat hij sportief niet zal worden gestraft. Een belofte à l'improviste, want het bondsreglement kent geen spijtoptantenregeling. Verstringhe begeeft zich op zeer glad ijs : ook in het gemene recht is het immers verboden iemand te laten praten tegen een voorafgaande belofte van immuniteit. Het interne ongenoegen aan de Houba de Strooperlaan is groot. Wanneer de deal een kleine week later bekend raakt, blijkt dat bondsvoorzitter Jan Peeters op de hoogte was van de constructie. Hij doet er meteen een schep bovenop en roept uit dat alle betrokkenen kunnen profiteren van de regeling. "Het reglement voorziet minstens één jaar schorsing voor vervalsing van het kampioenschap", zegt hij aan Sporza Radio. "Als we dat toepassen, gaan we geen bekentenissen krijgen. Maar als de spelers weten dat ze iets kunnen verdienen als ze eerlijk zijn, zullen ze veel meer zeggen." Van zoveel voortvarendheid is zelfs Verstringhe niet gediend. "Ik ga er geen lolletje van maken", citeert De Morgen hem een dag later. "Ik beslis geval per geval en dat gebeurt na ruim overleg." Met andere woorden : "De voetbalbond garandeert niet automatisch immuniteit voor iedereen die informatie verstrekt." Binnen de kortste keren staat ook Mardulier bij Verstringhe op de stoep. Ook Kris Masson, de advocaat van Put, vindt het vooruitzicht op immuniteit aanlokkelijk voor zijn cliënt. Masson is bevriend met Put sinds die in 1988 zijn trainerscarrière begon bij Tubantia Borgerhout, waar op dat moment zijn vader voorzitter is. Ondanks hun jarenlange vriendschap duurt het tot de dag van Puts ontslag in Moeskroen, voor Masson naar eigen zeggen het eerste woord over de intimidaties van Zheyun Ye te horen krijgt. Die 17de februari 2006 belt een totaal ontredderde trainer aan op het advocatenkantoor in Antwerpen. Masson stuurt hem direct naar de politie. "In tegenstelling tot wat altijd is beweerd, heeft Paul nooit gezegd in Moeskroen dat hij bij gemanipuleerde wedstrijden betrokken was geweest", aldus de advocaat. "Wél dat hij bedreigd werd en of hij, gezien de ernst van de bedreigingen, bescherming kon krijgen. Hij vroeg ook of hij de voorzitter kon bereiken. Ik zie de dringende reden voor zijn ontslag dus niet. Waarschijnlijk hebben ze gedacht : hij zal er wel mee te maken hebben gehad in Lier."Wegens Puts eerdere verklaring bij het gerecht wil Masson eerst de toestemming van Sylvania Verstreken, de Brusselse onderzoeksrechter die het strafonderzoek leidt, voor hij ook met de KBVB praat. Die toestemming krijgt hij, op voorwaarde dat het in alle discretie en sereniteit gebeurt en zonder dat de pers ervan in kennis wordt gesteld. Gedekt door dit document laat Masson Verstringhe schriftelijk weten dat Put in ruil voor immuniteit en onder de voorwaarden van Verstreken bereid is een verklaring af te leggen. Groot is zijn verbazing als Verstringhe afwijzend reageert. "U vraagt een ongelijke behandeling," aldus de bondsprocureur op 9 maart in zijn schriftelijke antwoord, "wij kunnen daar niet in meegaan." Bovendien, voegt hij eraan toe, "denk ik niet dat uw cliënt veel nieuwe informatie kan verschaffen dan deze welke reeds gekend is."Het is de wereld op zijn kop ! Eminente juristen hadden het voorspeld : zonder duidelijk kader voor zijn spijtoptantenregeling mocht niet worden verwacht dat de KBVB kwistig met immuniteit zou omspringen. Gevreesd kon dus worden dat alleen de snelste vogel van de gunstmaatregel zou kunnen genieten. "Maar de voetbalbond hééft al een ongelijke behandeling gegeven aan Patrick Deman", dient een verontwaardigde Masson Verstringhe van repliek, maar die heeft daar geen oren naar. Even essentieel voor goede rechtspraak is dat getuigenissen à charge en à décharge worden verzameld. Ook daarvoor hadden dezelfde juristen gewaarschuwd : dat een systeem van spijtoptanten staat of valt met de geloofwaardigheid van de getuige. Uit zijn antwoord blijkt dat Verstringhe genoegen neemt met "het evangelie volgens Patrick Deman", zoals Masson het noemt. Wat betreft Deman is tot vandaag geen enkele zekerheid over zijn geloofwaardigheid. Toch stelt Verstringhe - die is aangesloten bij AA Gent, de club waar Deman de helft van zijn carrière keepte - zich kennelijk geen vragen bij de betrouwbaarheid van zijn verklaringen. En dus kan Put hem inderdaad "niet veel nieuwe informatie" verschaffen. Masson : "Drie dagen later zie ik Verstringhe in Studio 1 bij Frank Raes zeggen dat hij het betreurt dat Paul Put nooit is opgedaagd op de verhoren. Ik wist niet wat ik hoorde : wij hadden zélf in alle vrijwilligheid aangeboden om een verklaring te komen afleggen, maar híj was niet geïnteresseerd. Kort nadien kwam dan de dagvaarding, zonder dat Put, net als vier andere verdachten, al één woord had gesproken." Verstringhe blijft ook daarna verrassend uit de hoek komen. Voor hij op 22 mei 2006 zijn requisitoir uitspreekt voor de controlecommissie, laat hij er tegenover de wachtende journalisten al geen twijfel over bestaan : Paul Put is dé spilfiguur. In de commissie herhaalt hij dat het bondsparket tegen de betrokken spelers straffen zal vorderen variërend van één tot drie jaar, en tegen Put nóg meer. Wat Lierse betreft, zegt hij af te wachten. De bondsprocureur blijkt uiteindelijk vijf jaar schorsing te eisen tegen Put. Tiens, denkt Masson, reglementair kan dit niet - drie jaar is het maximum - en dus vraagt hij hem om uitleg. Het antwoord komt per fax. "Ik ben in de fout gegaan", geeft de bobo begin juli laconiek toe. En dus zal hij er drie jaar van maken, "want anders moet ik de schrapping vragen van uw cliënt en dat vind ik te ver gaan." Echt barmhartig is Verstringhe pas voor Lierse. Hij vordert wel de degradatie tegen de club, maar slechts voorwaardelijk : hij laat het over aan de commissie om eerst zelf nader de rol te bepalen van Gaston Peeters, destijds op zelfstandige basis de clubmanager, de man ook die Ye chaperonneerde in Lier en met hem naar Finland reisde. Of hij op eigen houtje handelde, dan wel met medeweten van de clubleiding : daarvan hangt volgens de procureur de betrokkenheid van Lierse - en dus ook de strafmaat - af. Zo overtuigd Verstringhe is van de schuld van trainer en spelers, zo onzeker lijkt hij dus te zijn over wat hij met Lierse aanmoet. In zijn schriftelijke vordering van 15 juni 2006 verwijst de Gentse advocaat uitzonderlijk ook naar andere bronnen die, wat betreft de betrokkenheid van Lierse, de versie van Deman tegenspreken. Verstringhes bochtenwerk begint bij de opmerking dat volgens Laurent Fassotte "het bestuur op de hoogte was door tussenkomst van de trainers Paul Put en Patrick Deman". Hij vervolgt : "Daartegenover staat de verklaring van Patrick Deman, die voorhoudt dat het bestuur niet op de hoogte was." En besluiten doet hij met een verwijzing naar "verklaringen die Paul Put volgens zijn advocaat lastens (sic) de club kan afleggen". Nu nog móóier, denkt Masson. Waren Puts verklaringen niet interessant genoeg om naar te luisteren, plots vindt Verstringhe het wel nodig ze bestaansrecht te geven door ernaar te verwijzen. "Ik stel vast dat de bondsprocureur weinig moeite heeft gedaan om andere bronnen dan Patrick Deman te horen", aldus de advocaat. "In tegenstelling tot de sportrechtbank in Italië, die clubs heeft veroordeeld, pakt hij alleen maar de kleine garnalen aan. In zijn vordering lees ik niks over het contract dat op 20 januari 2005 tussen Lierse en Ye is getekend, waardoor Ye 76 procent van de aandelen in handen kreeg. Dus kan Lierse toch onmogelijk zeggen dat het van niks wist ? Wel vermeldt hij Ye's storting van 370.000 euro, waarvan hij zomaar aanneemt dat die heeft plaatsgevonden."Masson zegt nog meer eigenaardigheden te zien. "Opvallend is ook dat Leo Theyskens(de huidige voorzitter van Lierse, nvdr) op het einde van zijn verklaring aan de onderzoekscommissie zegt dat als ze meer wil weten over de rol van het bestuur, ze dat maar aan Patrick Deman moet vragen. Niet toevallig wellicht : Deman heeft het bestuur van Lierse altijd uit de wind gezet." Volgens Masson heeft Deman elke keer slechts stukken van de waarheid verteld. Ter staving verwijst hij naar een korte verklaring, ondertekend door Deman, waarin die bevestigt dat de beslissing om tegen Charleroi en Genk met een B-elftal te spelen, genomen was "in gezamenlijk overleg met het bestuur, de trainersstaf en de spelersgroep". Bovendien, zegt Masson, was Put op twee van de zogenaamd verdachte wedstrijden niet eens aanwezig. "Deman heeft toen zelf het geld aan de spelers overhandigd. Waarom heb ik hem dat allemaal nooit horen zeggen ?"En wat te denken van de opvolger van Jan Peeters ? Vorige week, tijdens zijn eerste buitenlandse trip met de Rode Duivels, viel KBVB-voorzitter François De Keersmaecker uit zijn rol door aan te kondigen dat vóór midden oktober een uitspraak valt in het luik-Lierse van de zaak-Ye. Eerder eiste Peeters al "levenslange straffen" tegen de valsspelers. Als juristen horen zij te weten dat onafhankelijkheid, onpartijdigheid en scheiding der machten basisprincipes zijn. Masson zucht. Hij begrijpt niet waar alle haast nodig voor is. "In het bondsreglement staat dat de bond tuchtsancties mag opleggen tijdens een lopend strafonderzoek, maar alleen om de continuïteit van het kampioenschap te waarborgen. In dat geval moest er een uitspraak zijn vóór 30 juni. Dat is niet gebeurd. De spelers die gesproken hebben, hebben er natuurlijk wél alle belang bij dat het snel gaat : zij hebben immers de laagste vorderingen gekregen."Masson doelt op Fassotte, Mardulier en Ninoslav Milenkovic. Tegen hen eist het bondsparket grotendeels straffen met uitstel. Put, Yves Van der Straeten, Marius Mitu, Laurent Delorge en Igor Nikolovski daarentegen konden, mochten of wilden hun verhaal niet kwijt en kijken tegen effectieve schorsingen van minstens twee jaar aan. Ook Hasan Kacic, die slechts in beperkte mate sprak, wordt zwaarder aangepakt. Masson : "Allemaal op basis van verklaringen, ook publiekelijk, van Patrick Deman. Hij praat zijn ex-collega's aan de galg, terwijl die, conform de wet, moeten zwijgen van de onderzoeksrechter en zich dus niet kunnen verdedigen. Degenen die dat aan hun laars lappen, worden echter beloond door de bond. Dat wilde ik namens mijn cliënt graag aan de kaak stellen."JAN HAUSPIE