Bizar tafereel zaterdagavond 21 januari 2006 na AA Gent-La Louvière aan de eretafel in het Jules Ottenstadion. "En," vraagt Gentvoorzitter Ivan De Witte, "waarom heb je Cartier niet gehouden ?" Filippo Gaone, voorzitter van La Louvière, heeft weinig méér nodig om de remmen los te gooien. De scheiding van zijn trainer vorig seizoen is niet bepaald in der minne verlopen en de opgewonden Italiaan laat geen spaander heel van Albert Cartier. Terwijl de glazen rode wijn worden bijgevuld, vallen de namen van volgens Gaone verkochte wedstrijden : tegen Bergen (4-1) en tegen Lierse (7-0). Namen ook van spelers : Toyes, Espartero, Van Handenhoven en Brahami. Toeval of niet : dezelfde namen die het Canvasprogramma Panorama zondag noemde. De vier spelers zijn in de week voor Bergen-La Louvière, gespeeld op 9 april 2005, samen gezien in een kleedkamer van het Tivolistadion, in het gezelschap van Cartier en Pietro Allatta. Een makelaar in een kleedkamer : het blijft bizar.
...

Bizar tafereel zaterdagavond 21 januari 2006 na AA Gent-La Louvière aan de eretafel in het Jules Ottenstadion. "En," vraagt Gentvoorzitter Ivan De Witte, "waarom heb je Cartier niet gehouden ?" Filippo Gaone, voorzitter van La Louvière, heeft weinig méér nodig om de remmen los te gooien. De scheiding van zijn trainer vorig seizoen is niet bepaald in der minne verlopen en de opgewonden Italiaan laat geen spaander heel van Albert Cartier. Terwijl de glazen rode wijn worden bijgevuld, vallen de namen van volgens Gaone verkochte wedstrijden : tegen Bergen (4-1) en tegen Lierse (7-0). Namen ook van spelers : Toyes, Espartero, Van Handenhoven en Brahami. Toeval of niet : dezelfde namen die het Canvasprogramma Panorama zondag noemde. De vier spelers zijn in de week voor Bergen-La Louvière, gespeeld op 9 april 2005, samen gezien in een kleedkamer van het Tivolistadion, in het gezelschap van Cartier en Pietro Allatta. Een makelaar in een kleedkamer : het blijft bizar. "Er zijn géén namen of wedstrijden genoemd", is De Witte formeel. "Dat ontken ik in alle toonaarden. Gaone vertelde over zijn ondervraging vorig jaar door mensen van het bondsparket en dat hij daar niet gelukkig mee was. De naam van Cartier is inderdaad gevallen, maar alleen door mijn vraag. De rest behoort tot het rijk van de sprookjes. Want stel u voor dat het wél is gebeurd, dan zou ik wel anders opgetreden zijn : dan had ik het zeker onmiddellijk aan de procureur en zelfs aan de bondsvoorzitter gemeld."Enkele stoelen verder, aan een hoek van de tafel, zit een man naar het voetbal op tv te kijken. Als hij flarden van het gesprek over omkoping en het bondsparket opvangt, is zijn aandacht gewekt. Tot het hem te machtig wordt. Hij staat recht, stapt op Gaone af en vliegt uit. De man is René Verstringhe, bondsprocureur. "Gaone had het over het onderzoek van mijn mensen naar de wedstrijd in Bergen waar hij zijn B-elftal had opgesteld", zegt hij. "Hij noemde ons toen Gestapomensen en dat deed hij nu opnieuw. ' Ils se sont conduits comme des gestapos', riep hij. En hij maakte ons belachelijk : ' Ils viennent là comme des seigneurs, pour qui se prennent-ils ?' Enzovoort. Ik ben uit mijn krammen geschoten en heb hem gezegd dat hij beter zijn mond hield. ' Vous ferez mieux de vous taire.' Na een korte discussie ben ik weggegaan." Verstringhe : "Dat heb ik hem inderdaad gezegd. Dat hij in plaats van mijn mensen te beledigen beter zou opletten met wie hij omgaat, zoals met zijn vriend Allatta." Verstringhe : "Neen. Er zijn absoluut geen namen genoemd." Wanneer de bondsprocureur met zijn echtgenote door de deur is verdwenen, kijkt Gaone De Witte met grote ogen aan. " C'était qui ?"La Louvière verliest de wedstrijd in Gent met 3-0. De eindstand, toevallig of niet een zeer populair gokresultaat, is al na minder dan een halfuur bereikt. Volgens Panorama zijn alle ogen van het illegale Chinese gokmilieu dat weekend op dit onbetekenende duel uit de Belgische Jupiler League gericht. In de rust wil trainer Gilbert Bodart twee van zijn sterkhouders vervangen, maar Alexandre Teklak en Nordin Jbari verkiezen op het veld te blijven. Hun integriteit wordt door insiders niet in twijfel getrokken. Dat doet ook Panorama niet. Volgens de reportagemakers is van slechts vier spelers van La Louvière zeker dat ze geen deel uitmaken van Le Système : behalve Teklak en Jbari ook Michaël Cordier en Olivier Guilmot. De 21-jarige Cordier is de opvolger van Silvio Proto. Keeperstrainer Michel Piersoul noemt hem na het vertrek van Proto een op het technische vlak betere doelman dan zijn voorganger. Allatta ruikt zijn kans, maar onder druk van Piersoul, die weigert met hem te zullen werken als hij met Allatta in zee gaat, bevrijdt Cordier zich uit de klauwen van de opdringerige makelaar. Piersoul doet er in het tussenseizoen ook alles aan om te verhinderen dat Henri Sillanpaa als nieuwe doelman wordt aangeworven. Sillanpaa komt op proef van AC Allianssi, de club van Zheyun Ye en Olivier Suray, en landt in België de dag voor de fameuze 8-0 nederlaag van zijn Finse ploeg. Op de luchthaven wordt hij verwelkomd door Allatta. Guilmot is de aanvoerder van La Louvière. Rondde eerst zijn studies af en zette pas op 23-jarige leeftijd de stap naar het profvoetbal. De ideale schoonzoon, wordt gezegd. In Lierse-La Louvière, op de laatste speeldag van vorig seizoen, laat hij zich na goed een halfuur vervangen. Volgens insiders met een geveinsde blessure omdat hij het bedrog niet langer kan aanzien. Het staat dan al 4-0. Guilmot nuanceert het verhaal, zoals ook Teklak en Jbari dat doen met de tussenkomst van Bodart in Gent. Niet verwonderlijk misschien : enkele spelers van de Henegouwse club zouden ondertussen met de politie hebben gepraat en sindsdien bescherming genieten. "Een paar spelers hadden een probleem met de voorzitter en waren niet geneigd om zich helemaal te geven", zegt Guilmot over die bewuste Lierse-La Louvière. "Het is niet zo dat ik niet wilde spelen, maar misschien rekende ik er inderdaad wel op dat ik er in de rust af kon. Niet met een valse blessure, want ik was echt geblesseerd."Guilmot : "Dat heb ik niet gehoord. Ik weet wel dat we vooraf samen vergaderd hebben en dat enkele spelers te kennen gaven dat ze weinig zin hadden wegens hun probleem met de voorzitter. Het was meer een protestactie." In Bergen-La Louvière zou hetzelfde zijn gebeurd. Dieper kan een mens Gaone niet treffen dan door de vijand uit Bergen de punten cadeau te doen. Terug naar de in China druk gevolgde AA Gent-La Louvière. Wanneer de spelersbus van La Louvière die zaterdagmiddag vertrekklaar staat op Tivoli, staat één speler nog te praten met een Chinees. Panorama geeft hem een naam : het is Martin Ekani. De Chinees is niet Zheyun Ye. Ekani is een van de vier Fransen die in het weekend van STVV-La Louvière een contract tekenen bij de Henegouwse club, maar de enige die uiteindelijk mag blijven. Volgens een goedgeplaatste bron krijgen de drie anderen zwijggeld uitbetaald, hun contracten worden verscheurd. Op de voetbalbond vinden ze het maar een rare zaak : van alle vier heeft hen een aansluitingskaart bereikt - één keer belt zelfs advocaat Laurent Denis om op een snelle behandeling van hun dossiers aan te dringen - maar alleen Ekani en Habib Sissoko raken speelgerechtigd. Zonder ooit het La Louvièreshirt te hebben aangetrokken wordt Sissoko enkele weken later alweer naar een Franse amateurclub getransfereerd. Zijn ploegmaats weten niet beter dan dat Ekani een transfer is van "Pierrot", de bijnaam van Allatta. Daarover ondervraagd de avond van STVV-La Louvière doet Gaone dit af als onzin. Navraag leert dat het Franse kwartet via ene Antar is gekomen. Antar is een schimmige makelaar uit de regio van Marseille, over wie niemand veel schijnt te weten. Zelfs zijn voornaam is een goed bewaard geheim. Wat wel zeker is : tijdens de hele Turkse winterstage van La Louvière vertoeft hij in hun hotel. Ook bij het wat verderop gelogeerde Charleroi wordt hij gesignaleerd. Moggi Bayat, wordt gezegd, is een vriend. Bayat : "Waarom vraagt u dat aan mij ?" Bayat : "U vergist zich van club, meneer. Ik ken hem helemaal niet. En hij is hoegenaamd niet op bezoek geweest bij ons." Bayat : " Ah, maar er gebeuren nu eenmaal vreemde dingen in het Belgische voetbal. Bel maar met de club waar hij wel zat in Turkije. Goeiedag." Tot veel commentaar is niemand in La Louvière echter nog geneigd, zodat alleen het hardnekkige gerucht overeind blijft dat Antar een stroman is van Allatta. Die houdt zich de laatste tijd wat meer op in de schaduw, zoals achter het glas van de loges van - jawel - Mambour, vanwaar hij vorige maand naar Charleroi-RC Genk keek. Allatta wordt ook gezien in het gezelschap van David Magri. Die bracht onlangs de Brusselse Griek Glouftsis Stavros van Verbroedering Geel naar La Louvière. Ook voor Geelspeler Michaël Van Geele treedt hij op, én in het verslag van de Controlecommissie van de KBVB over de omkoopzaak Geel-Waasland wordt hij de manager van Sébastien Dufoor genoemd. Geel zou geprobeerd hebben Dufoor, op dat moment bij Waasland (nu SV Roeselare), om te kopen. Uitgerekend in die periode sluit Geel een lucratieve deal met Zheyun Ye. Met Allatta heeft Magri zijn Siciliaanse roots gemeen. Tot de scholieren voetbalt hij voor Anderlecht, herinnert hoofd scouting Werner Deraeve zich, maar een groot talent is hij niet. Een auto-ongeval maakt een einde aan zijn carrière. Vandaag is hij de zaakvoerder van een schoonmaakbedrijf in Tubeke. En dus ook spelersmakelaar, zonder enige erkenning weliswaar. Wat let de KBVB om op te treden ? Bondsprocureur Verstringhe zucht diep : "Ik weet niet eens wie hij is ! Denkt u nu echt dat ik niets anders te doen heb dan daar achter te lopen ? Het gerecht moet zijn werk maar doen. En jullie. Ik wacht af en als jullie alles verzameld hebben, dan zullen wij wel zien wat we ermee kunnen doen. Zou u nu werkelijk willen dat ik het onderzoek voer zoals de mensen van Canvas hebben gedaan en naar China vertrek ? Waarvoor dient de politie, en het parket ? Die man is niet eens aangesloten bij de bond : als ik hem oproep, komt hij niet af. U zegt dat hij een vriend is van Allatta ? Vraag eens aan Dufoor waarom hij met die mens omgaat, hé ?" Wie Allatta zeer goed kent, is Yvon Hudsyn. In 1998 gaat zijn bedrijf Licensing Merchandising Promotion (LMP) failliet, waarmee hij sinds 1987 en tot een onverkwikkelijke contractbreuk in 2000 waarbij even de kop van secretaris-generaal Alain Courtois lijkt te gaan rollen, de exclusieve merchandisingpartner van de Belgische voetbalbond is. December 2001 wordt hij zelfstandig commercieel directeur van La Louvière. Hij zit in het buitenland als we hem bellen. Yvon Hudsyn(onderbreekt direct) : "Ik vrees dat ik weet waarom u mij belt, maar ik heb in mijn tijd nooit iets gehoord van Chinezen of gemanipuleerde wedstrijden. Ik lees in de pers over de vreemde gedragingen van Pietro Allatta tegenover Roland Louf : daar ben ik wél getuige van geweest. Ik kan begrijpen dat Roland dat niet toegeeft omdat hij waarschijnlijk een beetje bang is, zoals iedereen. Pietro is geen personage waarvan je zomaar zegt : het is een slechte meneer." Hudsyn : "Mij niet, nee. Ik heb nooit problemen gehad met Pietro Allatta. Hij heeft me wel een paar keer om kaarten gevraagd omdat de voorzitter hem dat zogezegd beloofd had, maar dan antwoordde ik altijd : 'Weet ge wat, Pietro ? Ga het dan aan de voorzitter zelf vragen.' Ik was even koppig als hij." Hudsyn : "Dat verhaal is waar : dat was met Roland Louf. Ik was erbij, maar een revolver heb ík nooit gezien. Daar kan ik dus niet over meespreken. Van geweld wel, zowel in woorden als in daden. Met woorden kan je heel ver gaan en wat er toen is gebeurd, ging volgens mij héél ver. Dat was heus geen aangenaam moment : er kwam veel geweld aan te pas en de bedreigingen waren echt heel neig. Wat mij altijd heeft teleurgesteld, is dat Gaone toen niet tussenbeide is gekomen. Hij zat in zijn bureau, de deur naast de onze. Hij heeft alles gehoord, want het lawaai was vreselijk. Pas toen den andere weg was - en dat vergeet ik nooit -, heeft Gaone zijn deur geopend en heeft hij zomaar gezegd : ' C'est quoi ça ici ? Je suis chez moi, hein.' En dat was het." Hudsyn : " Bah, dat beschouw ik een beetje als een mop. Hij wist heel goed dat ik de secretaris-generaal van de voetbalbond kende. Hij heeft me toen gezegd : 'Voilà, als ik de vragen van het examen kan hebben, geef ik u een envelop met een pak geld voor u en voor hem.' Is dat serieus ? Ik weet het niet. Misschien wel, ja. Misschien past het wel bij zijn stijl." Dat hij ooit enige agressie ondervond van Allatta, kan David Delferrière dan weer niet zeggen. Beide mannen kennen elkaar nochtans al lang. "Dertig jaar, van toen hij zelf nog speelde bij een club uit derde provinciale. Ik was scheidsrechter en heb nog wedstrijden met hem gefloten. Later waren we concurrenten toen hij, net als ik, voorzitter was van een club. En nog later kwam ik hem tegen als makelaar. Zes maanden geleden hebben we elkaar voor het laatst gesproken : ik heb hem gezegd wat ik van hem denk, hij wat hij van mij denkt en we hebben samen een glas gedronken." Delferière is een zwaargewicht uit het Belgische voetbal : hij is ondervoorzitter van de KBVB en hij maakt deel uit van het Strategisch Comité onder leiding van Anderlechtvoorzitter Roger Vanden Stock, dat de bond moet hervormen. Van beroep is hij human resources manager bij Dexia Bank. Voorjaar 2005 meet Gaone de schade op die volgens hem door Cartier en de ontslagen manager Stéphane Pauwels is aangericht in zijn club. Hij vraagt Delferière om een administratieve structuur voor zijn club uit te werken. Begin juni begint de bobo eraan, als onafhankelijk consulent. "Ik héb de Chinees gezien," geeft hij vandaag toe, "maar ik zag hem ook in Charleroi. Met mijn vertrek had dat niks te maken. Ik had mijn conclusies over de toekomstige structuur van de club bij meneer Gaone neergelegd. Hij heeft ze niet aanvaard, en dus hield het op voor mij. De eerste keer dat ik over gemanipuleerde wedding- schappen hoorde praten, was na de wedstrijd in Sint-Truiden. Toen was ik net weg. Ik ben weggegaan op 26 oktober : ik weet dat nog goed, want het is mijn huwelijksverjaardag." Delferrières opdracht wordt een paar keer verlengd, omdat Gaone er maar niet toe komt een van de door hem voorgestelde namen als algemeen directeur aan te werven. "Uiteindelijk heb ik mezelf aangeboden. Ik diende een voorstel in voor vier jaar, maar Gaone zei dat ik hem zoveel zou kosten als twee spitsen en één doelman samen (lacht). Hij vond me te duur. Dus stopte het voor mij : ik kon dit niet blijven maken tegenover de bank. Dat ik zelf een voorstel deed, geeft nog het best aan dat ik geen vermoeden had dat er iets aan de hand was. Ik verheel niet dat ik graag was gebleven." Delferrière : "Mijn voorwaarde om aan de opdracht te beginnen, was dat ik me niet met het sportieve beleid moest bezighouden. Dat is ook niet gebeurd. Pas op de derde ontmoeting met Gilbert Bodart was ik aanwezig, op uitdrukkelijke vraag van Gaone. Ik had de indruk dat alles op dat moment al geregeld was. Ik heb Gaone dan ook gezegd achteraf dat ik vond dat ik er mijn tijd had verspild." Delferrière : "Neen. Ik wist nergens van, maar ik las ook de kranten natuurlijk en trok mijn ogen open in de tribune. Ik héb er ook over gepraat met Gaone : ' Mais qu'est-ce qui se passe, Filip ?' Hij heeft me altijd gezegd dat er niks van aan was, dat het allemaal geruchten waren. Het enige wat hij toegaf, was dat enkele maanden voordien een Italiaan de club had willen kopen, maar over de weddenschappen zei hij alleen dat hij er zijn buik vol van had en stappen zou ondernemen met Maître Denis. Nu ik er niet meer ben, is het mijn probleem niet meer, maar uiteraard maakte ik me op dat moment zorgen door mijn functie bij de bond. Voor mezelf en mijn reputatie was dit niet goed. Ik ben hier dan ook altijd erg open over geweest met meneer Peeters(de bondsvoorzitter, nvdr). Dat ik wegging bij La Louvière om andere redenen dan men zou kunnen denken, en dat ik nooit iets heb gehoord over gemanipuleerde wedstrijden." Delferrière : "Ik heb mij er van buitenaf altijd over verbaasd dat men een man als Albert Cartier zomaar liet vertrekken. Gisteravond (vorige week donderdag, nvdr) ben ik nog met hem weggeweest en ik heb hem nog steeds hoog zitten. Ik weet niet wat er tussen hem en Gaone is gebeurd. Gaone was erg ontgoocheld in hem : hij vond dat Cartier buitensporige financiële eisen stelde. Maar het zou me verbazen als Brussels hem drie of vier keer zoveel kan betalen als La Louvière. Er moet dus vast iets anders hebben gespeeld ook." Ondertussen blijft de carrousel draaien. Vorige zaterdag was het weer prijs : bij Betfair bedroeg de inzet op Charleroi-Brussels om 20.00 uur 668.881 euro (meer dan het dertigvoudige van een gemiddelde Belgische competitiewedstrijd), waarvan 659.678 euro - bijna het integrale bedrag dus - op een zege van de thuisploeg. Zelfs met een man méér ging de ploeg van Cartier in het slot nog onderuit ook. Zeker bij de bookmakers BetAtHome, Interwetten en Globet was de wedstrijd op dat moment al lang geschorst. " Took a slice of the home win myself for 1,90 elsewhere," schreef iemand op het forum van Betfair, " shortly after the game was removed nearly everywhere." Een klassieke ingreep van bookmakers als ze onraad ruiken. Ook in Azië blijkt massaal te zijn gegokt op het duel. In La Gazette des Sports liet Pietro Allatta vorige vrijdag weten dat hij het voorzitterschap van La Louvière ambieert. Insiders vermoeden echter dat hij zijn zinnen op Griekenland heeft gezet en vrezen dat zich bij de ambitieuze tweedeklasser Ethnikos Asteras een nieuw AC Allianssi-scenario voltrekt. Yannick Vervalle, in La Louvière in onmin geraakt met voorzitter Gaone, vervoegde er vorige maand zijn ex-ploegmaat Rafik Djebbour en Patrick Zoundi (ex-Lokeren). De Marokkaanse Belg Khalid Karama, voormalig hulptrainer van Charleroi en bekend als een goede vriend van Allatta, is er trainer. Voor Gilbert Bodart, weet weer een andere bron, zou Allatta twee clubs in de aanbieding hebben, waaronder het ook al Griekse Aris Saloniki en Málaga. Als technisch directeur. Faut le faire. JAN HAUSPIE