23 september 1991, Whites Hotel, London. Thistle Hyde Park heet het nu, vlakbij Lancaster Gate. In de West End, uitkijkend over de Kensington Gardens. Lancaster Gate is niet alleen de naam van de dichtstbijzijnde halte van de tube, maar ook van de plaats waar de Engelse Football Association (FA) vroeger haar hoofdkwartier had. Het is in het Whites Hotel dat David Dein en Rick Parry op 23 september 1991 een fles champagne ontkurken. Na jaren van discussie hebben de eersteklassers daar besloten om zich af te scheuren van de rest van de FA. De geboorte van de Premier League is een feit. Even verder, in Lancaster Gate, likt de FA haar wonden.
...

23 september 1991, Whites Hotel, London. Thistle Hyde Park heet het nu, vlakbij Lancaster Gate. In de West End, uitkijkend over de Kensington Gardens. Lancaster Gate is niet alleen de naam van de dichtstbijzijnde halte van de tube, maar ook van de plaats waar de Engelse Football Association (FA) vroeger haar hoofdkwartier had. Het is in het Whites Hotel dat David Dein en Rick Parry op 23 september 1991 een fles champagne ontkurken. Na jaren van discussie hebben de eersteklassers daar besloten om zich af te scheuren van de rest van de FA. De geboorte van de Premier League is een feit. Even verder, in Lancaster Gate, likt de FA haar wonden. * * * Het proces van de scheiding was er een van lange duur. Al in 1980, ruim een decennium eerder dus, roept sir Philip Carter, voorzitter van Everton, zijn collega's van Manchester United en Tottenham samen om te bekijken hoe ze samen de commerciële inkomsten van het voetbal konden verhogen. Carter, van 1978 tot 1991 voorzitter van de tweede ploeg uit Liverpool, kreeg eerder zelf het bezoek van Rangers en Celtic, de twee Schotse topclubs, die droomden van een Super League, en speelt hun wensen door. De FA krijgt lucht van de meeting en zegt dat een coup geen kans maakt. Twee jaar later laat ze wel een studie maken waarin aanbevelingen moeten komen voor een nieuwe structuur. Zoals dat gaat met dit soort papierwerk wordt er met de conclusies weinig gedaan. Tenzij dit: clubs mogen vanaf de zomer van 1983 hun inkomsten uit thuiswedstrijden volledig voor zich houden. Tot dan kregen de bezoekers immers nog 30 pence (bijna een derde van een pond) per volwassene doorgestort. Financieel is de situatie inmiddels zorgwekkend. Hooliganisme is een ware plaag, de toeschouwersaantallen zijn in vrije val en de loonmassa stijgt op twee jaar tijd met ongeveer 45 procent. Al is, in vergelijking met nu, 'zorgwekkend' behoorlijk relatief. Kevin Keegan verdient in die dagen 3000 pond per week bij Newcastle, een goeie 4500 euro. Daarmee is hij de bestbetaalde speler in eerste klasse. De beker moet leeg tot de bodem, er sterven zelfs mensen rond het veld. Op 11 mei 1985 vieren ze in Bradford de titel in derde klasse. Het wordt een drama: de houten tribune vat vuur, nadat verzameld vuilnis eronder in brand schiet. Dodentol: 56. Nog diezelfde maand vallen er 39 doden in Brussel, tijdens een clash tussen Liverpoolsupporters en Juventusfans. Engelse clubs worden uitgesloten van Europees voetbal (en inkomsten). Vier jaar later overlijden 96 voetbalfans in Sheffield tijdens de halve finale van de FA Cup. Elk jaar schreeuwen de topclubs om veranderingen, maar de rest van de FA blijft doof. Het systeem laat veranderen niet toe. De Football League bestaat uit 92 clubs, en wil je wat doorvoeren, dan moet je 75 procent van de stemmen halen. Elk jaar maken de grote vijf (Everton, Man United, Tottenham, Arsenal en Liverpool) van de jaarmeeting van de FA gebruik om apart te vergaderen, maar ze vinden nooit voldoende steun. En de strot wordt steeds meer dichtgeknepen. Na het drama in Sheffield komt een overheidsrapport met aanbevelingen om stadions te moderniseren. Geschatte kostprijs: 455 miljoen pond, meer dan een half miljard euro. Veel geld kan van de overheid komen, maar de clubs moeten zelf ook investeren. De inkomsten moeten absoluut omhoog, concluderen ze. Maar hoe? Het probleem is dat de eersteklassers niet meteen op één golflengte zitten over hoe dat dan concreet moet. Vooral Ken Bates (toen Chelsea, nu Leeds) en David Dein (Arsenal) lusten elkaar op vergaderingen rauw. Bates ziet heil in meer wedstrijden en slaagt er in 1990 in om een meerderheid te krijgen achter een voorstel om het aantal ploegen in eerste klasse op te trekken naar 22. De grote drie, Man. United, Arsenal en Tottenham, stemmen tegen. De FA lanceert in een reactie een nieuw plan, waarin eerste klasse wordt teruggebracht naar ... 18 en er meer vrije zaterdagen moeten komen, om de nationale ploeg beter te kunnen voorbereiden op interlands. De spelers willen ook inspraak, zoniet dreigt een staking. Bij de FA beseffen ze dat de verandering nog moeilijk kan worden tegengehouden. Ze zelf beheersen wordt de nieuwe koers. In december 1990 ontvangt Graham Kelly, de CEO van de FA, een delegatie onder leiding van David Dein. Er wordt beslist om Rick Parry bij de zaak te halen. Parry werkte als consultant een paar jaar eerder al voor de Engelse voetbalbond. Men raakt het ook eens over het principe. De Duitse structuur zal worden overgenomen: een Engelse Bundesliga binnen de FA, zoals de Duitse voetbalbond daar eerder al in slaagde. In het boek Glory, Goals and Greed doet Parry tegenover schrijver Joe Lovejoy het verhaal van zijn eerste meeting met Kelly. "Onze ontmoeting moest geheim blijven, dus reisde ik niet naar Londen, maar kwam Kelly naar Manchester, zogezegd in het kader van de kandidatuur van de stad voor de Olympische Spelen. We spraken af in de lobby van het Midland Hotel. Bleek daar de hele Football League verzameld voor een kerstdiner. Iedereen wist het direct." Zes maanden later is de afscheiding een feit. Elke topclub bewerkt wat bevriende voorzitters en Parry, die als onafhankelijke op 13 juni 1991 een vergadering van de 22 eersteklassers leidt, verkrijgt tot zijn en eenieders verbazing in één vergadering een principeakkoord over een afscheiding. Het plan om onder de koepel van de FA te blijven, wordt afgeschoten. Niet iedereen is het daarmee eens: de voorzitters van Oldham, Blackburn en Norwich willen onder de paraplu van de FA blijven. Rick Parry wordt de nieuwe sterke man, Kelly blijkt een Trojaans paard binnengehaald te hebben. Waarom slaagt Parry in iets waar anderen tien jaar over praatten? Omdat hij het momentum heeft, dat gecreëerd werd door twee factoren: nieuwe bazen bij de topclubs en televisie. De Engelse clubs waren - met enige zin voor overdrijving - tot de jaren tachtig in handen van bakkers en beenhouwers, maar de nieuwe lichting - Martin Edwards (Man. United), David Dein (Arsenal), Phil Carter (Everton) of Irving Scholar (Tottenham) - bestaat uit zakenlui die het niet langer kunnen aanzien hoe de FA amper winst maakt en hoe het geld ook nog eens evenredig wordt verdeeld over alle profclubs. Daarnaast duikt een nieuw fenomeen op: satelliettelevisie (en later digitale). De Engelse televisie leeft tijdens de donkere jaren tachtig niet direct op goeie voet met de voetballeiders. In 1985 blijven de Britten zelfs een paar maanden verstoken van beelden uit de First Division, bij gebrek aan een akkoord. Commercieel een ramp, geen Match of the Day van augustus tot januari. In 1988 verdwijnt het programma zelfs bijna helemaal (alleen de FA Cup is nog te zien), als ITV het tv-contract van de BBC afsnoept. Een jaar later duikt een nieuwe speler op in het spel: Sky TV, van de Australiër Rupert Murdoch. Dat wordt niet meteen een succes. Om zijn product populair te maken, heeft Murdoch een hefboom nodig. Dat is niet film of nieuws, maar voetbal. Vanaf april 1990 wil Murdoch maar één ding: wedstrijden live brengen in pay per view. De grote vijf zien hier een kans om hun clubkas te spijzen. Het in 1988 met ITV gesloten contract loopt in 1992 af. Zij hebben trouwens de indruk dat ITV en BBC, alhoewel concurrenten, een geheim akkoord sloten om de tv-gelden bewust laag te houden. Onderhandelingen worden opgestart, en dit keer willen ze het spel hard spelen. ITV voelt nattigheid en komt ook met een plan aanzetten om live tv te brengen. Achter decoder. De commerciële nationale zender wil daarvoor 262 miljoen pond (nu 300 miljoen euro) op tafel leggen, ruim meer dan de 50 miljoen euro uit 1988. De topploegen gaan akkoord en geven hun fiat. Maar dan springt Alan Sugar in de dans. Sugar heeft net Tottenham gekocht en is een zakenpartner van Murdoch via Amstrad, de voornaamste leverancier van schotelantennes aan BskyB. Murdoch heeft met andere woorden een inside man aan boord, die weet van de omvang van het bod van ITV. Sky doet plots ruim beter, voor vijf jaar 304 miljoen pond. De topclubs laten ITV prompt vallen. Een goeie keuze, want de rechten zijn nooit meer uit de handen van Murdoch gegaan. 16 augustus 1992. De eerste wedstrijd van de nieuwe Premier League die Sky live brengt, is die tussen Nottingham Forest en Liverpool. Het is een zomer waarin de Engelse topklassers voornamelijk Engels kopen. Sheffield Wednesday haalt Chris Waddle terug uit Marseille. Man. United gokt op Dion Dublin, de spits van Cambridge, godbetert. De belangrijkste transfer van Liverpool is de u allicht zeer bekende Paul Stewart van Tottenham. Het nu sexy Chelsea gaat voor Robert Fleck (Norwich), Mick Harford (Luton) en John Spencer (Rangers). De hiërarchie ziet er op dat moment nog heel anders uit. Leeds begint als kampioen, Man. United was in mei tweede, Sheffield Wednesday derde. Chelsea eindigde in het laatste jaar van de First Division op een veertiende stek, Tottenham was vijftiende. Waarom Forest-Liverpool? Vanwege Brian Clough, meer dronken dan nuchter. Sky trekt voor de match alle registers open: een omkaderend programma van vijf (!) uur, inclusief de introductie van de Sky Strikers, veertien jonge meisjes met lange benen. Er is ook een hymne die dat hele eerste seizoen lang zal worden herhaald: Alive and kicking van de Simple Minds! Goochelaars, sumoworstelaars, vuurspuwers en een parachuteteam: het geeft de openingswedstrijd de allure van een circusact. Sky was duidelijk niet zo zeker van het product voetbal. De wedstrijd eindigt op 1-0, een doelpunt van Teddy Sheringham. Clough zou met Forest dat jaar als laatste eindigen en stoppen als manager. In het boek van Lovejoy zegt Sheringham over die wedstrijd: "We hadden geen flauw benul van de historische context. Premier League of First Division, voor ons was er geen verschil. Zelfde tegenstanders, zelfde spelers, alleen wat meer animatie. Wat ik me wel herinner, was dat ik tijdens de rust binnenkwam, dorst had en het dichtstbijzijnde fruitsap van tafel griste." Sheringham drinkt en spuwt het goedje meteen uit. Hij blijkt het bekertje van de manager vast te hebben, met meer rum dan fruitsap ... Geen verschil. Zich zwaarder vergissen dan Sheringham kan een mens amper. Het geld stroomt binnen, zowel voor spelers als voor clubs. Dé succescoach wordt Alex Ferguson, die tot dusver met Manchester United 12 van de 19 titels vergaarde en dit seizoen alweer door de competitie dendert. Nochtans heeft Sheringham niet zo'n hoge pet op van de man met wie hij de Champions League won. Althans, niet als trainer. Tactisch laat hij het werk over aan zijn assistenten, en wie niet in het gareel loopt, vermorzelt de Schot. Met het binnenstromende geld bouwen en verbouwen veel clubs. En dat was broodnodig. Een paar anekdotes. Toen Alan Shearer in 1992 Southampton ruilde voor Blackburn, had die eersteklasser niet eens een vast oefencomplex. Anderhalf jaar lang vertrok Shearer 's ochtends naar de training zonder te weten waar hij ging trainen. Elk beschikbaar veld was meegenomen. Na de training moesten de spelers hun uitrusting weer naar huis meenemen, om die zelf te wassen. Toen Club Brugge Europees tegen Chelsea voetbalde, trokken we zelf naar het oefencomplex van de Londense club voor een interview met Glenn Hoddle. Oefencomplex is een groot woord voor de paar velden in de schaduw van opstijgend vlieggeweld op Heathrow, met containers die dienden als kleedkamers. Zowel bij Blackburn als bij Chelsea ziet het er vandaag heel anders uit. Het Engelse voetbal wordt een gigantisch sportief en commercieel succes, over de hele wereld. En toch zit het in financiële problemen. Leeds, Southampton, Portsmouth, de twee teams uit Sheffield, allemaal werden ze al eens heel ver teruggeslagen. Aston Villa kan niet meer volgen, Everton moest onlangs het oude oefencomplex verkopen en zag alle centen gaan naar afbetalingen van leningen bij banken. Oorzaak: overspending, vooral aan salarissen. In 1992 komt Ryan Giggs naar de training in een Ford Escort. Hij moet 25 wedstrijden voor de A-ploeg spelen voor hij recht heeft op een wagen van de club. Als Giggs die gaat vragen bij Ferguson, wordt hij eerst uitgemaakt dat het niet mooi meer is. Daarna zegt Ferguson: "Ik zou je verdomme nog geen clubfiets geven." Giggs verdient in zijn beginperiode eerst 30 (!) en daarna 170 tot 200 pond per week. Daarvan geeft hij aan zijn ma 40 pond, voor kost en inwoon. Ter vergelijking: het loon van Wayne Rooney op zijn achttiende bij Everton bedraagt al 13.000 pond per week. Volgens (onbevestigde) berichten bedraagt het gemiddelde loon bij Man. United nu ongeveer 70.000 euro ... per week. En een Ford Escort vind je niet meer op de spelersparking. Financiële problemen komen er ook door een gebrek aan regelgeving bij buitenlandse overnames. In de VS is de regel dat je bij een overname slechts 20 procent van het kapitaal dat je daarvoor nodig hebt, mag lenen. In Engeland is die regel er niet. Amerikaanse sportinvesteerders stortten zich de laatste jaren en masse op ploegen uit de Engelse top. De meesten lenen daarvoor het geld en het zijn de clubs die moeten afbetalen. De buitenlandse overnames brachten soms succes - Chelsea en Manchester City - maar ook frustratie. Zo beloofden de Amerikanen TomHicks en George Gillett Liverpool een nieuw stadion, maar het werd niks. Carson Yeung zit met Birmingham City in tweede klasse, Randy Lerner merkt dat Aston Villa financieel niet kan volgen, en sinds de komst van Stan Kroenke doet Arsenal het financieel goed dankzij de immobiliën van Highbury, maar gingen de investeringen in een nieuw Emirates ten koste van sportief succes. Bovendien lijkt de sportieve kloof steeds groter te worden. Het kan dat Man. United op een slechte dag uit bij Wolves verliest, maar het gebeurt niet vaak. En met tachtig procent van alle beschikbare tv-gelden voor de eersteklassers en slechts twaalf procent voor tweede is stijgen en daarna het behoud afdwingen steeds moeilijker. Kan het zo doorgaan? Arsène Wenger toonde zich twee weken geleden heel pessimistisch. Om de hoek leunt de Europese economische recessie die het voetbal zwaar onder druk zal zetten, voorspelt hij. Bijt het goddelijke monster straks zichzelf in de staart? Glory, Goals and Greed (2011) van Joe Lovejoy werd gepubliceerd bij de Mainstream Publishing Company in Edinburgh. DOOR PETER T'KINTOm Sky TV populair te maken, heeft Murdoch een hefboom nodig: voetbal.In 1992 komt Ryan Giggs naar de training in een Ford Escort.Kevin Keegan verdient in de jaren tachtig 4500 euro per week bij Newcastle. Daarmee is hij de bestbetaalde speler in eerste klasse.