Sport als vluchtweg uit de realiteit. In deze tijden waarin de beurzen trillen en de financiële malaise nauwelijks te overzien valt, hing er zaterdag een opmerkelijke sfeer van vrijheid en blijheid in en rond het Koning Boudewijnstadion. Het hernieuwde enthousiasme rond de nationale ploeg, een paar maanden geleden nog een oord van kommer en kwel, zorgt voor licht in de duisternis. René Vandereycken leek er zich in zijn 25ste wedstrijd als bondscoach door te laten inspireren. Voor het eerst joeg hij een elftal het veld op waarin enige logica zat, met spelers die op de positie stonden die bij hun kwaliteiten passen. Voor het eerst ook werden de contouren zichtbaar van een nieuw elftal, jong en fris, met een gemiddelde leeftijd van 23,7 jaar. En vooral: een ploeg die...

Sport als vluchtweg uit de realiteit. In deze tijden waarin de beurzen trillen en de financiële malaise nauwelijks te overzien valt, hing er zaterdag een opmerkelijke sfeer van vrijheid en blijheid in en rond het Koning Boudewijnstadion. Het hernieuwde enthousiasme rond de nationale ploeg, een paar maanden geleden nog een oord van kommer en kwel, zorgt voor licht in de duisternis. René Vandereycken leek er zich in zijn 25ste wedstrijd als bondscoach door te laten inspireren. Voor het eerst joeg hij een elftal het veld op waarin enige logica zat, met spelers die op de positie stonden die bij hun kwaliteiten passen. Voor het eerst ook werden de contouren zichtbaar van een nieuw elftal, jong en fris, met een gemiddelde leeftijd van 23,7 jaar. En vooral: een ploeg die naast kracht en loopvermogen ook overgoten is met techniek. Vooral dat is de grote vooruitgang die het elftal heeft geboekt. Of dat zal volstaan om een WK-ticket te pakken, moet worden afgewacht. De Rode Duivels zijn ontegensprekelijk bezig aan een revival, maar de tot dusver gespeelde wedstrijden moeten wel in hun juist perspectief worden geplaatst. Dat is in een tijd waarin iedere nuancering ontbreekt wel eens moeilijk. Terecht waarschuwde René Vandereycken vóór de partij tegen Armenië voor euforie en zei hij dat het elftal nog moet evolueren. Dat bleek zaterdag inderdaad. Ruim twintig minuten zochten de Rode Duivels tevergeefs naar ruimte, tot een misverstand in de defensie tot het eerste doelpunt leidde. Een kortstondig opflakkerende nonchalance zorgde bijna voor de Armeense gelijkmaker, maar nadien zetten de Rode Duivels de partij helemaal naar hun hand. Met kansen, met een paar fraaie combinaties, maar ook met balverlies. En met een paar heerlijke dribbels van Moussa Dembélé. Na zijn wereldgoal tegen Willem II wordt er over Dembélé erg lyrisch gedaan, maar gelukkig is de spits nuchter genoeg om al die lof te relativeren. Hij heeft bij AZ ook een voetbaldocent, Louis van Gaal, die hem met de voeten op de grond zal houden. Internationaal topvoetbal is gebaseerd op techniek en snelheid. Vooral dat laatste was in het verleden de achilleshiel van de nationale ploeg, die versmachtte wanneer het tempo werd opgevoerd. Ook daarom is de wedstrijd van woensdag tegen Spanje een eerste groot examen, een test die moet tonen waar de grenzen van dit elftal liggen. Juist Spanje toonde tijdens het EK hoe het voetbal verder evolueert: vanuit een goed georganiseerd en hardwerkend blok werd er hoog verdedigd en weinig ruimte weggegeven. Er was naast techniek en snelheid heel veel beweging op het middenveld, er is tactische flexibiliteit en er is natuurlijk opportunisme met twee killers als Fernando Torres en David Villa. In feite sloeg Spanje een paar jaar geleden de weg in die België nu probeert te bewandelen. Het trok de kaart van een nieuwe generatie, met dat verschil dat het de vruchten kon plukken van een uitmuntende jeugdopleiding waarin techniek en discipline de sleutelwoorden zijn. Hier verleggen voetballers alleen hun grenzen als ze naar het buitenland kunnen. Opmerkelijk bijvoorbeeld was zaterdag de branie waarmee Jan Vertonghen, de regelaar en ontregelaar, voetbalde. Het is de vraag wat er woensdag overblijft van het herkenbare concept waarmee de nationale ploeg tegen Armenië aantrad. Andere accenten liggen vanuit de behoudende denkwijze van de bondscoach in de lijn van de verwachtingen: dichter bij de eigen goal spelen en zo proberen ruimte te scheppen voor jezelf. Ze botsen met de eigenheid van deze ploeg die eigenlijk naar voren wil voetballen. Vandereycken hult zich graag in de rol van tacticus en pleegt ook daardoor beslissingen te nemen die weinigen kunnen volgen. Dat mag als je zo wedstrijden beslist. Maar juist dat is de tegenvaller in de tweeënhalf jaar dat de Limburger nu aan het roer staat: met zijn vaak verstikkende en verstrikkende veldbezettingen heeft hij het elftal geen tactische meerwaarde gegeven. S door JACQUES SYS