De keuze van Oud-Heverlee Leuven voor Emilio Ferrera was een bewuste, hoe hard zijn profiel ook verschilt met dat van Fred Vanderbiest, die andere gegadigde voor de opvolging van Jacky Mathijssen. De overtuiging leefde in Leuven dat zowel de koele tacticus als de motivatiecoach de ploeg er op korte termijn bovenop kon helpen, ieder op zijn manier. Wat betreft Ferrera lijkt dat alvast een goede inschatting te zijn geweest. De Brusselaar overtreft de stoutste verwachtingen. Niet alleen pakt hij punten, hij doet het - in weerwil van zijn imago - ook met zelfbewust en doelpuntrijk voetbal. Vooral in eigen huis: drie wedstrijden, drie zeges, negen goals. 'Onze statistieken na zeven wedstrijden zijn indrukwekkend', sprak Ferrera zaterdagavond na zijn maar net misgelopen eerste uitzege tegen Zulte Waregem. Zaterdag komt het Standard van neefje Yannick Ferrera naar Den Dreef.
...

De keuze van Oud-Heverlee Leuven voor Emilio Ferrera was een bewuste, hoe hard zijn profiel ook verschilt met dat van Fred Vanderbiest, die andere gegadigde voor de opvolging van Jacky Mathijssen. De overtuiging leefde in Leuven dat zowel de koele tacticus als de motivatiecoach de ploeg er op korte termijn bovenop kon helpen, ieder op zijn manier. Wat betreft Ferrera lijkt dat alvast een goede inschatting te zijn geweest. De Brusselaar overtreft de stoutste verwachtingen. Niet alleen pakt hij punten, hij doet het - in weerwil van zijn imago - ook met zelfbewust en doelpuntrijk voetbal. Vooral in eigen huis: drie wedstrijden, drie zeges, negen goals. 'Onze statistieken na zeven wedstrijden zijn indrukwekkend', sprak Ferrera zaterdagavond na zijn maar net misgelopen eerste uitzege tegen Zulte Waregem. Zaterdag komt het Standard van neefje Yannick Ferrera naar Den Dreef. Ferrera zorgde van bij zijn aanstelling eind november voor iets wat ze niet meer hadden bij OHL: duidelijkheid. Hij installeerde een 4-4-2 als vast systeem en zette de spelers daarin op hun beste positie. Dat klinkt logisch: zeker voor een ploeg die het moeilijk heeft, zorgt herkenbaarheid voor belangrijk houvast. Mathijssen zag het anders. Hij koos er meestal voor zich aan te passen aan de tegenstander en zijn spelers te positioneren in functie van waar die van de tegenpartij stonden. Het gevolg hiervan was: veel geschuif. Jordan Remacle stond zowel links als rechts, net als Yohan Croizet, die ook nog op de tien speelde. Alessandro Cerigioni was spits, schaduwspits en flankaanvaller. Konstantinos Rougkalas, door Mathijssen gehaald als centrumverdediger, week soms uit naar de rechtsachter, wat niet bijdroeg tot zijn sportieve integratie. KennethHoudret of KevinTapoko draafden zelden op in een thuismatch. Wel soms buitenshuis, vooral tegen tegenstanders met veel gestalte, ten koste van de betere voetballer John Bostock. 'Met Bostock speel ik om te winnen,' zei Mathijssen, 'met Houdret om niet te verliezen.' Binnen de verschillende systemen vulde hij de posities vaak in met andere spelers. Romain Reynaud, Flavien Le Postollec en Pieterjan Monteyne waren zowat de enigen, die op een vaste positie speelden. Met Ferrera deden ook de linten hun intrede op het oefenveld. Spelers werden gedrild in waar ze moesten lopen en toonden zich enthousiast over de nieuwe aanpak. Repetitief trainen, altijd maar herhalen en zo steeds beter worden. Alles met het oog op vastigheid in de wedstrijden. Onder Ferrera weten de spelers precies wat er van hen wordt verlangd en slagen ze erin het ook te brengen. Bij zijn vorige club FCV Dender was Ferrera net geen jaar aan de slag. De wintermercato van 2015 stond voor de deur en hij kreeg er vijf spelers bij, van wie er maar twee bleken mee te vallen. Enkele vaste waarden mochten het schudden en hij voerde enkele verrassende positiewissels door, die goed uitpakten. In een handomdraai transformeerde Ferrera Dender van degradatieploeg naar een aardig voetballende subtopper in derde klasse. Een subtopper is OHL nog lang niet, maar de transformatie is onmiskenbaar. Ook naast het veld: de Hel van OHL brandt weer. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de omstandigheden Mathijssen niet meezaten. Lange tijd moest hij het stellen zonder Jovan Kostovski en Oleksandr Volovyk. Twee sterkhouders, maar geblesseerd. Kostovski had zich in het seizoensbegin onverwacht ontpopt tot een vlot scorende spits. Zijn vervangers Romero Regales en Kim Ojo vielen pijnlijk door de mand. Pas was hij terug of Kostovski scoorde vrolijk verder. Mathijssen lag toen al buiten. Tel daarbij de ontbolstering van Leandro Trossard, bij Mathijssen even vaak invaller als basisspeler, en de wederopstanding heeft er een verklaring bij. Ook Remacle krikte zijn niveau op, net als Croizet. Die gold tot dan intern als een aardige voetballer, maar met een te kleine motor, goed voor een uur actie en vervolgens rijp voor een wissel. Nu lijkt hij, als enige Leuvenaar, misschien nog een klein stapje hoger aan te kunnen. Kostovski en Volovyk waren meevallers voor Ferrera, maar in de transformatie van Trossard, Remacle en Croizet had hij een stevige hand. Die credits zijn voor hem. Spelers zijn het met een meerwaarde voor het elftal, zoals ook de vrije trappen van Bostock dat zijn. In de breedte echter heeft hij weinig wisselmogelijkheden zonder dat er kwaliteitsverlies mee gepaard gaat. Cerigioni, Houdret, Ojo, Regales: het is allemaal een stuk minder. In Thomas Azevedo en Samuel Asamoah zou Ferrera wel nog een goed oog hebben. Ondanks openlijk uitgesproken vertrouwen in zijn selectie drong Ferrera binnenskamers wel degelijk aan op versterking. Hij vroeg op alle posities een dubbele bezetting. Zijn prioriteiten lagen daarbij achterin. Met Jean Calvé kreeg hij de gevraagde rechtsback, met Kanu 'een beest' in het centrum. Dat laatste ten koste van Reynaud, naast het veld een dominante aanvoerder, die zijn status in de wedstrijden nooit kon verantwoorden. Een aanzienlijk deel van de spelersgroep was klaar met Mathijssen. Spelers stapten naar het bestuur en lieten het tegelijk opzichtig afweten in de wedstrijden. Ontslag werd onvermijdelijk. Vooral de conflictaanpak van Mathijssen stuitte tegen de borst, al zijn er die tegenspreken dat hij spelers tegen elkaar opzette. Sommigen zou hij juist tot het uiterste hebben verdedigd wanneer er weer eens vragen kwamen uit de bestuurskamer over waarom deze of gene nog werd opgesteld. In jongens als Croizet, Remacle en Reynaud investeerde hij met extra gesprekken en videobeelden. Ironisch genoeg waren zij de eersten die hem openlijk afvielen. Mathijssen was zeker hard en kritisch, maar doordingen tot zijn spelers deed hij niet meer. Van zijn stijl werd niemand vrolijk. De komst van Ferrera betekende ook op dat vlak een breuk. Zijn coaching is positief en hij moedigt spelers aan. Met Patrick De Wilde heeft hij dagelijks contact - de technisch 'coördinator' met wie Mathijssen zelfs maar weigerde in dezelfde kamer te zitten, waarna de club besloot de kant van zijn coach te kiezen en De Wilde degradeerde. De toenadering door Ferrera haalde een stuk kou uit de Leuvense lucht. Het klinkt haast als een sprookje: de vaak als communicatief stroef afgeschilderde Ferrera, die naast zijn voetbalkennis ook een stukje warmte injecteert in het hopeloos verdeelde OHL. Toch is het de realiteit. Ferrera lijkt zich meer dan vroeger open te kunnen stellen voor de boze buitenwereld. Ouder en wijzer geworden, of wie weet gelouterd door een kwakkelende carrière. Wie zich met zijn kwaliteiten en ambities plots in de kelder van de derde klasse terugvindt, wordt misschien vanzelf wat milder. Beter ook, en met hem ook zijn club. DOOR JAN HAUSPIE - FOTO BELGAIMAGEFerrera coacht positief en moedigt spelers aan. Een stijlbreuk met Mathijssen.