Tijdens de wintermaanden van vorig seizoen plukte KSV Roeselare een onbekende Belg van Syrische oorsprong weg bij de in degradatienood verkerende tweedeklasser Union Sint-Gillis. Week na week liet trainer Dennis van Wijk zijn nieuwe aanvaller iets langer proeven van het eersteklassevoetbal. In dertien optredens kon Sanharib Malki Sabah (22) één keer scoren, het winnende doelpunt op AA Gent. Voor zijn transfer naar Schiervelde verdedigde Malki 3,5 jaar de geel-blauwe kleuren van Union. In 101 wedstrijden vond hij 45 keer de weg naar de netten, een aardig gemiddelde.
...

Tijdens de wintermaanden van vorig seizoen plukte KSV Roeselare een onbekende Belg van Syrische oorsprong weg bij de in degradatienood verkerende tweedeklasser Union Sint-Gillis. Week na week liet trainer Dennis van Wijk zijn nieuwe aanvaller iets langer proeven van het eersteklassevoetbal. In dertien optredens kon Sanharib Malki Sabah (22) één keer scoren, het winnende doelpunt op AA Gent. Voor zijn transfer naar Schiervelde verdedigde Malki 3,5 jaar de geel-blauwe kleuren van Union. In 101 wedstrijden vond hij 45 keer de weg naar de netten, een aardig gemiddelde. "Van mijn jeugdjaren in Syrië herinner ik me bitter weinig. Op mijn zesde kwam ik samen met mijn ouders, twee broers en vier zussen in België wonen, door de ook toen al gespannen situatie in mijn geboorteland. Elk vrij moment was ik bezig met een bal en speelde ik tegen jongens die veel ouder en sterker waren. Toch duurde het tot mijn vijftiende voor ik me bij een club aansloot, Scup Jette. Een van mijn broers speelt daar nog altijd. Zolang ik niet in competitie voetbalde, waren mijn schoolresultaten behoorlijk, maar dat veranderde toen ik bij Jette ging spelen. Ik speelde er één jaar bij de jeugd, anderhalf jaar bij de beloften en even lang bij het eerste elftal, waarmee ik de promotie van tweede naar eerste provinciale mocht vieren. "Na mijn periode bij Jette, kon ik naar derdeklasser Union. De aanpassing aan het niveau van een derdeklasser duurde eventjes. In het tweede seizoen zat ik de eerste drie wedstrijden nog op de bank, maar daarna verdween ik niet meer uit de ploeg. Onder meer dankzij mijn 19 doelpunten promoveerden we naar de tweede klasse. In de loop van vorig seizoen toonde Roeselare interesse. Union wilde mij aanvankelijk niet laten vertrekken omdat de club onderin het klassement bengelde, maar door een opstapclausule in mijn contract kon de club mij niet tegenhouden. Roeselare betaalde het afgesproken bedrag zonder problemen. Het was beter dat ik in januari naar hier kon verhuizen dan dat ik moest wachten tot het nieuwe seizoen begon, zo ben ik nu al helemaal ingeburgerd. "Ook hier had ik enkele maanden nodig om mij aan te passen aan het niveau van eerste nationale. Op het tactische en technische vlak viel het verschil mee, maar vooral op het fysieke vlak moest ik een kloof overbruggen. Hier in Roeselare moet ik bijna dubbel zoveel trainen als in Union en de trainingen duren bijna twee uur. Het is een ideale club om mij verder te ontwikkelen. Iedereen droomt ervan om hogerop te raken, maar ik wil me eerst hier bewijzen. Het voordeel in de eerste klasse is dat de ploegen meer voetbal toelaten. In de tweede klasse wordt er op bijna elke strook van het veld druk gezet. De trainer liet me vorig seizoen met mondjesmaat proeven van het voetbal in de hoogste afdeling en ik mocht toch vijf keer in de basis starten. Ik hoop dit seizoen wel meer dan één keer te scoren. De integratie is vrij vlot verlopen. Ik rijd vaak met Sébastien Dufoor en Steve Barbé naar de trainingen, omdat we alle drie in de Brusselse regio wonen. Er zijn nog een viertal Franse spelers en dat maakt het contact wel gemakkelijker. Al moet ik zeggen dat bij Roeselare iedereen met iedereen praat, er zijn geen kliekjes." Tijdens de Europese heenwedstrijd in Skopje kopte Malki een voorzet van Koen De Vleeschauwer binnen en gaf zelf de assist voor het doelpunt van Davy Oyen. De nieuwe trainer van Roeselare, Dirk Geeraerd, geeft zijn vertrouwen aan de spits, die in de voorbereidingswedstrijden vlot de weg naar de netten vond. "In de voorbereiding ging het goed. We verloren enkel tegen Litex, maar toen waren we pas enkele dagen aan het trainen. Iedereen wil zich bewijzen tegenover de nieuwe trainer, en door de goeie resultaten ziet iedereen de competitie met vertrouwen tegemoet en behalve Steve Barbé hebben we geen geblesseerden. De Europese wedstrijden zijn natuurlijk een hele belevenis, zowel voor mezelf als voor de club. Het gaf een euforisch gevoel te kunnen winnen in Skopje. Enkele jaren terug had ik absoluut niet durven dromen dat ik ooit zou mogen proeven van Europees voetbal. Het liep vrij goed de voorbije weken. De trainer posteert mij vaak naast de grote en sterke Dufoor, die als bliksemafleider kan fungeren. Hij vraagt om tussen de beide centrale verdedigers van de tegenstander post te vatten om het hen met mijn snelheid moeilijk te maken en de kortste weg naar doel te kunnen kiezen. We hanteren een beetje het principe van Koller en Radzinski indertijd bij Anderlecht. Zij zijn het beste voorbeeld van een samenwerking tussen twee spitsen. De ene speler houdt de bal bij of verlengt hem, de andere probeert klaar te zijn voor de tweede bal. Mijn snelheid en mijn aanwezigheid in het strafschopgebied zijn mijn sterkste wapens. Oyen en De Vleeschauwer hebben een goeie voorzet en Barbé en Vanderbiest kunnen me in de diepte sturen. "Ik stel voor mezelf geen concrete doelen over de wedstrijden die ik wil spelen of het aantal doelpunten dat ik wil maken. Ik wil gewoon het beste van mezelf geven, elke week opnieuw, en de trainer tonen dat ik het waard ben om in de ploeg te staan en niet de verkeerde keuze maakte door naar Roeselare te komen. Natuurlijk hoop ik veel te scoren, want als een spits drie of vier weken niet scoort, begint iedereen zich vragen te stellen. Elke speler wil naam maken in de eerste klasse. Vorig seizoen bewezen verscheidene spelers die uit de lagere afdelingen kwamen, dat ze het niveau van de eerste klasse aankunnen, en ik wil maar al te graag bewijzen dat ik daar bij hoor. Sinds vorige week is ook Eloi opnieuw aan het trainen, maar het zal waarschijnlijk nog tot september duren voor hij wedstrijdfit is. Enerzijds is hij een concurrent, maar anderzijds kan hij door zijn ervaring de ploeg sterker maken. Daarnaast zijn er nog Kevin Oris en Jürgen Raey- maeckers, die ongetwijfeld ook ambitie hebben." De situatie in zijn geboorteland volgt Malki wel, maar niet op de voet. Een reis naar Syrië zit er niet meteen in, omdat hij dan zijn militaire dienstplicht zou moeten vervullen. "Syrië steunt Libanon in het conflict met Israël, maar de politieke situatie houdt me niet echt bezig. Daarom is het logisch dat ik er niet terugga. Mijn vader doet dat wel geregeld, maar dan wel alleen. Misschien ga ik later wel eens naar Syrië, om te zien waar we opgegroeid zijn. Twee van mijn zussen wonen ondertussen in Duitsland en de rest van de familie in België. Elk jaar gaan we naar Duitsland om hen te bezoeken. In Syrië is het gebruikelijk dat de familie heel erg aan elkaar hangt. Wij zijn orthodoxe christenen, terwijl de meeste Syriërs moslims zijn. Toch zijn we heel gelovig. Mijn ouders gaan elke week naar de kerk. Het voetbal daar stelt er weinig voor, ik ken zelfs geen enkele Syrische speler die in Europa voetbalt. Het land kon zich niet kwalificeren voor het wereldkampioenschap voetbal, maar de aanwezigheid van Togo en Angola bewijst dat kleine landen toch ook kans maken."ARNE HOUTEKIER