Ronde van Qatar

Start. Waaiertje maken. Treintje op poten zetten. Spurtje aantrekken. Handjes in de lucht. Eenvoudig, oppermachtig en oersaai. Je zal maar de sjeik zijn die de meest voorspelbare wielerronde aller tijden financiert. Het peloton legt zich al snel neer bij de suprematie van Tom Boonen en zijn Quick-Steparmada. Alleen de allermoedigsten en simpelen van geest stribbelen nog tegen. Nico Mattan roept in de woestijn : "Als je rijdt voor de tweede plaats, kan je toch beter niet starten ? Je moet ervan uitgaan dat je ook een goede ploeg hebt en dat je hem kan kloppen. Ik versta niet dat je met dertig renners een waaier trekt en dat iedereen volop meedraait om met Boonen naar de aankomst te rijden. Leg die waaier stil, zorg voor onrust, demarreer een keer. Duw Quick-Step in de verdediging. Neen, dat is niet tégen Boonen rijden, dat is rijden om te winnen."
...

Start. Waaiertje maken. Treintje op poten zetten. Spurtje aantrekken. Handjes in de lucht. Eenvoudig, oppermachtig en oersaai. Je zal maar de sjeik zijn die de meest voorspelbare wielerronde aller tijden financiert. Het peloton legt zich al snel neer bij de suprematie van Tom Boonen en zijn Quick-Steparmada. Alleen de allermoedigsten en simpelen van geest stribbelen nog tegen. Nico Mattan roept in de woestijn : "Als je rijdt voor de tweede plaats, kan je toch beter niet starten ? Je moet ervan uitgaan dat je ook een goede ploeg hebt en dat je hem kan kloppen. Ik versta niet dat je met dertig renners een waaier trekt en dat iedereen volop meedraait om met Boonen naar de aankomst te rijden. Leg die waaier stil, zorg voor onrust, demarreer een keer. Duw Quick-Step in de verdediging. Neen, dat is niet tégen Boonen rijden, dat is rijden om te winnen." Opluchting in de vierde rit : Bernard Eisel wint. Boonen eindigt slechts derde na hommeles met een onwillig versnellingsapparaat. Een vlakke massasprint winnen op de twaalf, dat lukt zelfs de wereldkampioen niet. In de vijfde en laatste rit van de Ronde van Qatar gaat Boonen weer over tot de orde van de dag. Hij pakt de rit, de eindzege en het puntenklassement. De kalender voert de wereldkampioen naar de Ruta del Sol, waar hij Alessandro Petacchi voor het eerst klopt in een rechtstreeks duel. Drie weken later wint hij spelenderwijs drie etappes in Parijs-Nice, de eerste Pro Tourwedstrijd van het jaar. Prestaties waar de gemiddelde wielerprof de rest van het jaar op kan teren, zijn voor Boonen maar details in een onstuitbare rush naar een plaats in de geschiedenis. Bij Quick-Step doen ze hun best om niet al te euforisch te klinken. "We moeten opletten dat we de andere ploegen niet vernederen", zegt Wilfried Peeters. In het Belgische openingsweekend vecht de wereldkampioen een robbertje uit met een verrassend sterke Gert Steegmans. Beulend op de Vlaamse kasseien worden de jeugdconcurrenten van weleer even weer jonge puppy's, wars van alle commerciële belangen en inclusief stoere praat achteraf. Achteraf heeft Boonen het over "een stomme koers" en "een domme tactiek" van Davitamon-Lotto. "Ik kan alleen maar blij zijn dat Steegmans noch Van Bon gewonnen hebben. Want de mannen van Davitamon hebben gereden om mij kapot te krijgen." Repliek van Steegmans : "Ik rij niet om Tom Boonen te doen verliezen, ik rij om zelf te winnen. Dat hij na Het Volk zei dat hij liever Gilbert dan iemand van Davitamon zag winnen, noem ik eerder een reactie uit frustratie." De rivaliteit tussen de twee kemphanen doet dromen van vele heroïsche duels in de toekomst, maar dat was buiten de ondernemingszin van Patrick Lefevere gerekend. If you can't beat them, join them. En dus rijdt Steegmans - de enige Belg die qua gestalte, snelheid en klasse enigszins in de buurt van Boonen komt - met geknipte vleugels in de Quick-Stepformatie. Vorig jaar was om te proberen, dit jaar is het Boonen ernst in de Italiaanse klassieker. Iedere centimeter Poggio en Cipressa is verkend, de wereldkampioen heeft de finale tien keer geoefend. Plan A ligt vast. Tossato, Pozzato, Bramati, Trenti, Cretskens en Nuyens vormen allemaal wagonnetjes in de grote blauwe Quick-Steptrein die Boonen naar een keizerlijke sprint op de Via Roma zal piloteren, alwaar hij voor de tweede keer in zijn leven Alessandro Petacchi zal verslaan. Plan B luistert naar de naam PaoloBettini en mag proberen om weg te raken op de Cipressa. Het wordt plan C. Wanneer Alessandro Ballan bijzonder snedig aanzet op de Poggio, port Boonen Filippo Pozzato aan om mee te springen en die krijgt daar geen spijt van. Op enkele honderden meters van de streep slokt het peloton onder impuls van Rabobank en Milram het kopgroepje op, maar Pipo perst alles uit het tengere lijf en houdt aan de streep zowat een meter over op een indrukwekkende Alessandro Petacchi. Boonen steekt zijn handen vroeg in de lucht en verspeelt zo zijn podiumplaats aan ex-ploegmaat Luca Paolini. De scenario's liggen in de vuilnisbak, maar bij Quick-Step is iedereen blij. Vooral de sponsor, want die passeert nu twee keer langs de kassa. Terwijl de Boonenmania in België onverminderd voortduurt, kan men nu in Italië de boer op met populaire Pozzato. Een week later in de E3-Prijs is het opnieuw Alessandro Ballan die de beslissende ontsnapping forceert op de Patersberg, nadat Boonen al eens flink aan de boom geschud heeft op de Kruiskensberg. Boonen, dit keer niet in het keurslijf van de pure sprinter geduwd, springt gezwind mee en de twee stomen zorgeloos naar de Gentsestraat in Harelbeke. De geklopte mannen heten Andreas Klier, Peter Van Petegem, Gert Steegmans en Leif Hoste. Raspaardje Ballan loopt niet over van het zelfvertrouwen, zo leert Boonen al snel : "Hij kwam me onderweg vertellen dat hij problemen had met zijn positie op de fiets wegens een loszittend zadel. Daarna zei hij dat hij zichzelf kansloos achtte in de spurt en dat hij me er nooit kon afrijden."Boonen wint met groot gemak, de generale repetitie voor de Ronde van Vlaanderen is geslaagd. "Ik ben niet beter of slechter dan vorig jaar, maar niemand heeft de laatste weken indruk op me kunnen maken. Daarom zie ik weinig andere favorieten voor de Ronde van Vlaanderen. Als ik aanval, moeten ze allemaal passen." Het defaitisme in het peloton is totaal. Zelfs Marc Sergeant van aartsvijand Davitamon-Lotto moet het toegeven : "Boonen is van een andere planeet." Alle commentatoren zijn het erover eens : de enige die Boonen komende zondag van de overwinning kan houden in Meerbeke is Tom Boonen zelf. Of een van zijn ploegmaats. Met Pozzato, Nuyens en Bettini telt Quick-Step nog drie andere potentiële winnaars. Gelukkig is Boonen een slimme kopman en deelt hij op voorhand cadeaus uit aan het voetvolk. Nuyens kreeg Kuurne-Brussel-Kuurne, Pozzato Milaan-Sanremo. Rest alleen Bettini, maar die krijgt van de ploegleiding de garantie op het kopmanschap in Luik-Bastenaken-Luik en de Amstel Gold Race. De olympisch kampioen neemt er genoegen mee. Voor dit jaar althans. Tom Boonen, op de vraag waarom zijn tweede overwinning in de Ronde hem zoveel plezier doet : "Omdat ik wereldkampioen ben. En omdat ik win als de uitgesproken favoriet. Dat vind ik heerlijk, dat iedereen naar je kijkt. En dat niemand er iets aan kan doen."Woorden van een geboren winnaar en lefgozer. Hij heeft de druk weerstaan, het team heeft zich perfect van zijn taak gekweten. Boonen zelf leidt de eerste dans op de Molenberg, op de Kwaremont beult Bettini het peloton af, op de Patersberg mennen Cretskens en Baguet - u weet wel, de Belgisch kampioen die bij Davitamon-Lotto mocht opkrassen wegens te duur. Op de Koppenberg blijft Petacchi verdwaasd achter een kassei hangen en ranselt Boonen de boel verder uit elkaar. Een selecte groep scheidt zich af en dunt onder het sloopwerk van de Quick-Steppers verder uit, tot Leif Hoste ferm demarreert op de Valkenberg. Boonen aarzelt geen moment, Bettini laat slim het gat vallen en Van Petegem en co mogen de boeken sluiten. Wat Leif Hoste precies bezield heeft om met Boonen mee te werken tot op de Hallebaan, weten alleen hij, Boonen en God, maar een mogelijke verklaring zou als volgt kunnen klinken. Met de startsnelheid van een grasmaaier is Hoste sowieso kansloos in de spurt. Dat weet hij zelf ook en dus resten hem twee opties : a) weigeren om één meter kop te doen in de wellicht ijdele hoop om van achter de brede rug van Boonen weg te demarreren, maar met het risico opnieuw ingelopen te worden en heel België over zich heen te krijgen omdat pakweg George Hincapie wint of b) eieren kiezen voor zijn geld en de tweede plaats veiligstellen. Met mogelijk een financieel extraatje erbovenop. Hoste koos voor het laatste. Ter hoogte van het podium spelen zich Beatlesachtige taferelen af. Bakvissen en volwassen vrouwen gillen Zijn Naam, stoere venten blazen bewonderend. Er wordt gevochten om de bloemenkrans. Boonen laat het zich welgevallen en omarmt het succes met een weids armgebaar. Boonen de renner, Boonen de rockster. Een week later weet de wereldkampioen weer wat verliezen is. In Parijs-Roubaix woekert hij vroeg met de krachten op de stenen van het Bos. Boonen rijdt zijn eigen blauwe garde in de vernieling en zit tot groot jolijt van de verzamelde concurrentie op negentig kilometer van de streep compleet geïsoleerd. In volle finale kan hij de latere winnaar Fabian Cancellara niet volgen en moet hij ook Hoste en Van Petegem laten rijden. Dankzij het slagboomincident belandt de wereldkampioen alsnog op het podium, maar hij geeft zelf ootmoedig toe dat zijn reële vijfde plek beter zijn fysieke gesteldheid van dat moment weergeeft. Na een overwinning in de Scheldepijs - nog ééntje om het af te leren - gaat de riem er enkele weken af. In de aanloop naar de Tour wint Boonen twee etappes in de Ronde van België, de eendagswedstrijd Veenendaal-Veenendaal en de openingsrit in de Ronde van Zwitserland. Boonen vraagt en krijgt een trein à la Petacchi mee naar de Tour, met zes man die op het vlakke uitsluitend in zijn dienst rijden : Wilfried Cretskens, Steven de Jongh, Filippo Pozzato, Bram Tankink, Matteo Tossato en Cédric Vasseur. Het groen is bij wijze van spreken al binnen. Zo schrijft de pers, zo denkt de entourage en zo zeker is Boonen. "Ik ben de beste sprinter in de Tour", klopt hij zichzelf schalks op de borst tijdens de persconferentie in Straatsburg. Dat hij in het Belgisch kampioenschap op zijn waarde geklopt werd door Nico Eeck-hout - snel, maar toch niet van het kaliber van Robbie McEwen en Hushovd - is echter een teken aan de wand. De wereldkampioen is moe. Lichamelijk en geestelijk. Dat uit zich al in de eerste Tourweek, waar het maar niet wil lukken met dat sprinten. In de eerste rit in lijn botst Boonen op een camera, luttele seconden voor Thor Hushovd geveld wordt door een PMU-hand. Daags nadien valt Tossato, wordt Pozzato gepakt door de warmte, rijdt Cretskens zich stuk om een lange ontsnapping terug te halen en moet De Jongh eraf op de laatste klim. Boonen vat de massaspurt treinloos aan en wordt geklopt door McEwen, die zich als een vis in het water voelt in het ongeregelde gewoel. In Valkenburg spurt Boonen op een leeglopende tube, maar zijn vierde plaats levert hem wel de gele trui op. In rit vier speelt De Jongh Boonen op drie kilometer van de streep al kwijt en piloteert Gert Steegmans Robbie McEwen op onnavolgbare wijze naar winst. In rit vijf is er een communicatiestoornis met De Jongh, waardoor die zijn eigen kopman klem rijdt. Boonen strandt opnieuw op de tweede plaats, achter Oscar Freire. In rit zes doet de tandem McEwen-Steegmans zijn kunstje nog eens over en wordt Boonen gefrustreerd derde. Quick-Step kondigt een persstop af omdat de vaderlandse pers niet positief genoeg schrijft over de wereldkampioen, maar dat weerhoudt Patrick Lefevere er niet van om Steven de Jongh ervan langs te geven. Lefevere zondigt daarmee tegen zijn eigen wet : l'equipe est à la hauteur du leader. De ploeg is maar net zo goed als de leider. Twee dagen later verliest Boonen knullig de pelotonspurt om de vierde plaats, wat hem inspireert tot het fijnzinnige : " Ik verkijk mij op die bordjes, jong. Wa veu ne nieuweling zenne kik na ?" Een rustdag moet de nodige kalmte brengen, maar ook in rit negen lukt het niet voor de wereldkampioen. Te vroeg op kop gedwongen door Marco Velo, luidt de uitleg deze keer. Zes dagen later, in de etappe naar l'Alpe d'Huez, stapt Boonen uit de Tour. Op. Leeg gereden. Tom Boonen leert harde, belangrijke lessen. Dat ook een godenkind al eens pech kan hebben. Of simpelweg niet goed genoeg is. Dat ook hij wel eens kan kraken onder de druk die hij zo hard probeert weg te denken. En dat verliezen verdomd veel pijn doet. Bovenal heeft de Tour Tom Boonen misschien enige nederigheid bijgebracht. Niet altijd meer en hoger willen, maar ook eens - heel even maar - tevreden zijn met wat je hebt. Vier gele truien bijvoorbeeld. Bij de vorige Belgische geletruidrager hangt het ding pal in het midden van de living, boven de eettafel, achter een dikke laag glas. Zo belangrijk zou een gele trui moeten zijn. Stond bij Marc Wauters het hele land op zijn kop en was men in Lummen het delirium nabij, dan was het geel van Boonen bijna een fait divers. In die zin is Boonen het slachtoffer van zijn succes. Ook, en misschien vooral, in zijn eigen hoofd. Na een stuk of wat lucratieve na-Tourcriteriums trekt Boonen naar de Eneco Tour, waar hij bijna per ongeluk rit één en drie wint en de leiderstrui mag aantrekken. In de tijdrit speelt Boonen het kleinood met opzet kwijt, enkel en alleen om 's anderendaags in zijn regenboogtrui door Balen te kunnen rijden. In zijn dorp staan twintigduizend mensen - precies het aantal inwoners van Balen - urenlang in de gietende regen om hun keizer naar de overwinning te schreeuwen. Boonen, man van het volk : "Deze overwinning komt voor mij net onder de Ronde van Vlaanderen. Ik realiseer me dat niet altijd, dat ik gewoon mensen gelukkig maak door te winnen. Ook nu weer schrik ik ervan. Zelfs al win ik nog vijf keer de Ronde van Vlaanderen, dit blijft hier nog jaren en jaren hét gespreksonderwerp."Na de Eneco Tour trekt Boonen niet zoals vorig jaar naar de Vuelta om zich voor te bereiden op het nakende wereldkampioenschap. Hij verkiest de luwte van de Ronde van Groot-Brittannië, waar hij en passant nóg een rit wint, en enkele eendagswedstrijden in eigen land. Dat hij in Parijs-Brussel door Robbie McEwen geklopt wordt en in de GP Van Steenberg door Nico Eeckhout, wordt met liefde onder de mat geveegd. Was Boonen vorig jaar in de Vuelta ook niet minder ? De wereldkampioen boekte het afgelopen jaar 21 overwinningen en won daarmee ruim een kwart van alle wedstrijden en ritten waar hij aan de start kwam. Hij was de eerste wereldkampioen na Merckx die de Ronde van Vlaanderen op zijn naam kon schrijven en droeg vier dagen geel in de Tour. Hij presteerde van januari tot september en hij eindigt straks zo goed als zeker in de top vijf van de Pro Tourstand. En voor het komende WK is hij opnieuw topfavoriet. Beseffen wij eigenlijk wel hoe fenomenaal die Boonen is ? LOES GEUENS