'Serena Williams is de allerbeste uit de geschiedenis.' Zeg dat John McEnroe het gezegd heeft. 'Zelfs op haar 34e staat ze ver boven de anderen. Fysiek beter voorbereid, atletisch sterker en vooral mentaal uitzonderlijk. Zelfs als ze niet haar beste tennis speelt en onder druk staat, vindt ze nog altijd een manier om te winnen. Ze lijkt soms het hoofd te verliezen, vloekt en schreeuwt, tot ze erin slaagt om nóg beter te spelen. Zoals in de finale op Roland Garros, toen ze krijste en haar tegenstreefster, Lucie Safarova, bijna ineenkromp. Als ze haar beste niveau haalt, dan wint ze ook op Flushing Meadow.'
...

'Serena Williams is de allerbeste uit de geschiedenis.' Zeg dat John McEnroe het gezegd heeft. 'Zelfs op haar 34e staat ze ver boven de anderen. Fysiek beter voorbereid, atletisch sterker en vooral mentaal uitzonderlijk. Zelfs als ze niet haar beste tennis speelt en onder druk staat, vindt ze nog altijd een manier om te winnen. Ze lijkt soms het hoofd te verliezen, vloekt en schreeuwt, tot ze erin slaagt om nóg beter te spelen. Zoals in de finale op Roland Garros, toen ze krijste en haar tegenstreefster, Lucie Safarova, bijna ineenkromp. Als ze haar beste niveau haalt, dan wint ze ook op Flushing Meadow.' Het was op de vooravond van de US Open 2015, waar Serena Williams een dubbele rendez-vous met de tennisgeschiedenis had. Met haar 22e grandslamtitel zou ze op gelijke hoogte komen van Steffi Graff en bovendien de eerste vrouw zijn sinds 1988 (Graf) die de vier slams in hetzelfde kalenderjaar won. Wie kon haar bedreigen? Simona Halep, het nummer twee van de wereld? Onwaarschijnlijk. Van de 7 rechtstreekse duels won de Roemeense amper 1 keer. Maria Sjarapova? Opnieuw geblesseerd. Maar dan nog. De Russische won voor het laatst in... 2004 - haar enige twee zeges - waarna ze 17 (!) matchen op rij verloor. Iemand anders? Neen. De 'jongste' Williams had een fantastisch seizoen achter de rug. Winst op de Australian Open (Sjarapova), Roland Garros (Safarova) én Wimbledon (Garbiñe Muguruza). 48 matchen gespeeld, amper 2 keer verloren: op de Madrid Open van Petra Kvitova, op de Canadian Open van Belinda Bencic. Ongeslagen sinds 2012 op het hard court van het Arthur Ashe Stadium, waar ze in 1999 - zeventien jaar jong - haar eerste grandslamtitel pakte. Zestien jaar geleden, toen Britney Spears haar Baby one more time naar de top van de hitparades kweelde en de Backstreet Boys de meisjesharten op hol lieten slaan. Garbiñe Muguruza, tegen wie ze op Wimbledon haar 21e grandslamtitel won, moest toen nog zes jaar worden. Voor geen enkele tennisster lijkt winnen zo vanzelfsprekend. 279 matchen in vijf jaar, 258 keer gewonnen. Op de vooravond van haar US Open stond ze voor de 130e opeenvolgende week op nummer 1 en had ze net iets meer dan 65 miljoen euro bij elkaar gesmasht, gevolleyd en getimmerd. Door niets of niemand af te remmen. Operaties, de moord op haar halfzuster Yetunde Price in 2003, een gescheurde pees in de voet nadat ze in een restaurant in een stuk glas had getrapt (2010), een longembolie (2011) die haar carrière (en leven) bedreigde. Haar ranking leek op een rollercoaster: voor het eerst nummer 1 in 2002, weggezakt naar plaats 139 (2006), opnieuw op 1 (2008), afgegleden naar 169 (2011), aan kop sinds februari 2013. Persoonlijke trauma's, blessures, verliesmatchen of afgeschreven worden, het was haar geheime brandstof om de tennismotor opnieuw op gang te krijgen. Concurrenten werden steeds schaarser. MonicaSeles, Jennifer Capriati, Martina Hingis, Kim Clijsters, Victoria Azarenka, Justine Henin en haar zuster Venus: ziek, langdurig geblesseerd, pensioen, kinderwens, mislukte comeback, pensioen (bis)... Serena bleef en domineerde. Ze had al twee Serena Slams (2002-2003, 2014-2015), winst in de vier grote toernooien, maar ze kon na haar landgenote Maureen Connolly Brinker (1953), de Australische Margaret Court (1970) en Graf (1988) de vierde vrouw worden die de vier grand slams in hetzelfde jaar won. Een missie die niet kon mislukken. Tot 11 september 2015. Bethanie Mattek-Sands, de excentrieke dubbelspecialiste, en zus Venus hadden haar eerder in het toernooi al naar drie sets gedreven, de 32-jarige Roberta Vinci in de halve finale zelfs tot wanhoop. 33 matchen op een rij ongeslagen in een grandslamtoernooi, 4-0 in de onderlinge confrontaties, 8 sets gewonnen, 6/2 in de eerste set voor Williams, de 26e grandslamfinale lag binnen handbereik. Maar de sluwe en slimme Italiaanse verankerde zich op de baseline, na de tweede set (6/4) kegelde Serena haar racket op de grond. Gebroken. Net als haar grandslamdroom, toen de Italiaanse met een volleydropshot ook de derde set won. Ongeloof. Ze staarde in het ijle tijdens de verplichte persconferentie. Gevangen in een cocon. Geen zin om te praten. Yes en no. 'Ik wil niet vertellen hoe ontgoocheld ik ben. Als er geen andere vragen zijn...' De dag erna opende de New York Post met Arrivederci, Serena. Twee woorden waar het leedvermaak van afdruipt. Serena Williams, de kampioene waar (bijna) niemand van houdt. Zelfs haar landgenoten niet. Vreemd, in een land waar The American Dream nog altijd wordt gecultiveerd, en waar de familie Williams dé verpersoonlijking van is. Met dank aan een knotsgek plan van Richard Williams, die na een mislukt huwelijk bezweek voor de charmes van de tien jaar jongere Oracene Price. Het was een maandag in september, toen vader Williams op televisie zag hoe een Roemeense speelster - Virginia Ruzici - 40.000 dollar cashte op het toernooi van Salt Lake City, na winst in finale tegen de Argentijnse Ivanna Madruga. Tot daar de feiten, maar Richard zou het verhaal aandikken. 'We moeten nog twee kinderen maken en ze leren tennissen, zodat ze ook miljonair worden.' Maar Oracene, die uit haar eerste huwelijk al drie dochters (Yetunde, Lyndrea en Isha) had, wilde geen kinderen meer. Hij had, naar eigen zeggen, haar anticonceptiepillen verstopt. Want, klonk het: 'Ik ben een meesterplanner. Twee jaar voor de geboorte van Venus had ik mijn plan in werking gesteld.' Een leugen. Venus slaakte haar eerste kreet op 17 juni 1980, bijna drie maanden voor Ruzici in Salt Lake City won, Serena werd op 26 september 1981 geboren. Een bizarre man, Richard Williams, die in zijn boek (Black and White: The Way I See It) uitvoerig beschrijft hoe hij vanaf zijn achtste begon te stelen, zodat zijn alleenstaande moeder en haar vijf andere kinderen konden overleven. Hij was opgegroeid in Louisiana, bolwerk van de Ku Klux Klan, en had gezien hoe zijn beste vriend met afgehakte handen levenloos aan een boom was opgehangen. 'Mijn jeugd heeft mijn leven als echtgenoot en vader bepaald.' Hij was jarenlang het slachtoffer van racisme, maar vocht terug. 'Ik stal een wit gewaad van een Klanlid en knuppelde een blanke man en zijn zoon neer. Een onbeschrijfelijk gevoel. Louterend ook. Mijn haat en verlangen naar revanche waren voorbij.' Niet helemaal. Het waren de voedingsbodems waarop het talent van Venus en Serena kon kiemen. De twee zusjes werden geboren in Saginaw (Michigan) en verhuisden op jonge leeftijd naar Compton, een stad van 90.000 inwoners ten zuiden van Los Angeles. In de jaren vijftig een exclusief witte stad waar George Bush senior nog had gewoond, maar sinds midden de jaren tachtig in de greep van geweld en misdaad. Geterroriseerd door 8000 bendeleden - bijna een op de tien inwoners - verdeeld over Bloods, Crips (zwarten) en Varrio (latino's). 'Ik wilde dat mijn kinderen in het ergste getto opgroeiden, zo konden ze met eigen ogen zien wat er kan gebeuren als je geen goede opvoeding krijgt', vertelde vader jaren later. Richard Williams was eigenaar van een beveiligingsfirma, woonde met zijn gezin in een nette wijk op Lime Avenue en had bij een van de gangs bescherming gekocht. Nog voor ze vijf jaar waren, vertrokken de zusjes elke morgen om zes uur met vader naar de openbare tennisterreinen van East Rancho Dominguez Park. Twee hobbelige betonnen velden, die elke morgen met gebroken glas, lege blikjes, fastfoodverpakkingen en gebruikte injectienaalden bezaaid waren. 'Ik herinner me nog de voorbijrijdende auto's waaruit werd geschoten. Of gasten die met automatische geweren door onze straten liepen. Dan wist je dat je beter zo snel mogelijk weg kon rennen', zei Serena ooit. De trainingen waren spartaans, pedagogisch onorthodox. Richard betaalde schoolkinderen om zijn twee dochters tijdens de training uit te schelden. Hoe grover, hoe beter. Nigger! Hij wilde hen harden, 'wapenen tegen de negatieve reacties van het witte establishment'. Decennia ervoor, in de jaren dertig en veertig, hadden de zusjes Margaret en Matilda Peters naam gemaakt in de American Tennis Association, de enige tennisfederatie waar Afro-Amerikaanse spelers en speelsters werden toegelaten. Althea Gibson had jaren gevochten tegen de United States Lawn Tennis Association, waar wedstrijden tussen blanken en zwarten vóór 1950 waren verboden. Toen ze uiteindelijk werd toegelaten, won ze vijf grand slams. Drievoudig grandslamkampioen Arthur Ashe moest naar Saint Louis verhuizen omdat de indooraccommodatie in zijn geboortestad Richmond verboden terrein was voor donkere jongens. Zwarten waren niet welkom in de tenniswereld. Vroeger niet. Nu niet. In haar tienerjaren was Serena Williams second best, na haar vijftien maanden oudere zuster. Ongeslagen als junior, eerste profwedstrijd gewonnen, in de volgende ronde een set gepakt tegen Arantxa Sánchez Vicario, het nummer twee van de wereld. 'Venus was the next big thing, ik was the next big thing's kleine zusje.' Serena's eerste wedstrijd werd een afknapper: 1/6 , 1/6 tegen het nummer 149 op de ranking, Anne Miller. Klein voor haar leeftijd, zeker in vergelijking met haar vier zussen. 'Zij waren de mooie zwanen, ik het lelijke eendje.' Serena moest met haar kleine gestalte een arsenaal aan slagen ontwikkelen om aan de hoge eisen van vader Richard te voldoen. Toen ze op haar zestiende haar groeispurt kreeg en 1m75 werd - haar huidige lengte -, kon ze fysiek met de besten mee. Haar all-court game deed de rest. Een slecht karaktertje, die citroenen en sinaasappels met haar racket tot moes sloeg. 'Ik was vreselijk. Een echte heks', gaf ze in haar autobiografie Queen of the Court (2009) toe. Fruit vernietigen, net zoals ze dat later met haar tegenstanders zou doen. 'Een irrationeel killersinstinct. Je moet duidelijk maken dat je meedogenloos en onvoorspelbaar bent. Aan de anderen, maar nog meer aan jezelf.' Vader leerde zijn dochters om vooral niet aardig te zijn. 'Sociaal zijn is geen goede eigenschap.' Een schild dat hen moest beschermen tegen de twijfel en het ongemak, tegen de minachting van een gehele cultuur. The hell with everybody! Het idee dat niemand hen wilde, moest ze naar de tennishemel leiden. In 1995 tekende Venus een contract van 12 miljoen dollar met Reebok, waarna de familie in het chique Palm Beach Garden (Florida) een villa op 10 hectare grond kocht. Vier jaar erna won Serena als eerste Afro-Amerikaanse speelster sinds Althea Gibson (1958) een grandslamfinale, na een indrukwekkend parcours via Kim Clijsters, Conchita Martínez, Monica Seles, Lindsay Davenport en Martina Hingis. En toch: geen lieveling van de natie. Nooit geweest. Vader, moeder, de zussen: altijd controversieel. Zoals op Indian Wells in 2001, toen Venus niet kwam opdagen voor haar halve finale tegen Serena en de jongste zus in haar (gewonnen) finale tegen Clijsters werd uitgejoeld. Richard stak een gebalde vuist naar boven - de Black Powergroet - en schreeuwde: 'Ik voelde wat de mensen in de tribune dachten: nigger, blijf weg. We willen je hier niet.' De diskwalificatie op de US Open van 2009, toen een lijnrechter op matchpunt een voetfout riep en Serena haar toesnauwde: 'Ik zou deze fucking ball door je strot willen duwen.' De beschuldigingen van matchfixing aan het adres van Richard, die zelf zou bepalen welk zusje mocht winnen. De woedeaanval tijdens de verloren finale (Sam Stosur) op de US Open in 2011, waar ze scheidsrechter Eva Asderaki van partijdigheid beschuldigde. 'Jij bent niemand en bovendien lelijk vanbinnen.' Altijd polariserend. Tot in Rusland, waar de voorzitter van de tennisfederatie (Shamil Tarpisjev) de twee zusjes als de Williams brothers omschreef. 'Ik vind het angstaanjagend om naar hen te kijken.' Vergeet de controverses, wat rest is het portret van de Muhammad Ali of Michael Jordan van de tenniscourts. De allergrootste uit de tennisgeschiedenis. Tot de volgende eraan komt. Binnen een jaar of twintig. DOOR CHRIS TETAERT - FOTO'S BELGAIMAGE'Ik stal een wit gewaad van een lid van de Ku Klux Klan en knuppelde een blanke man en zijn zoon neer. Een onbeschrijfelijk gevoel.' - RICHARD WILLIAMS 'Je moet duidelijk maken dat je meedogenloos en onvoorspelbaar bent. Aan de anderen, maar nog meer aan jezelf.' - SERENA WILLIAMS