Waarom? Waarom mijn kleine meisje? Waarom is dit gebeurd? Waarom heeft hij dit gedaan?" Emotionele woorden van June, de moeder van Reeva Steenkamp, in de Zuid-Afrikaanse Times, vier dagen nadat haar dochter op Valentijnsdag 2013 door haar vriend Oscar Pistorius doodgeschoten werd. Ze zocht naar antwoorden die ze niet kreeg. Nog altijd niet. Een batterij advocaten onderhandelt over een schadevergoeding, die tussen de twee en drie miljoen rand (140.000 en 200.000 euro) bedraagt, maar, snikte June bijna een jaar na de dramatische nacht in Pistorius' villa: "Ons leven is definitief verwoest."
...

Waarom? Waarom mijn kleine meisje? Waarom is dit gebeurd? Waarom heeft hij dit gedaan?" Emotionele woorden van June, de moeder van Reeva Steenkamp, in de Zuid-Afrikaanse Times, vier dagen nadat haar dochter op Valentijnsdag 2013 door haar vriend Oscar Pistorius doodgeschoten werd. Ze zocht naar antwoorden die ze niet kreeg. Nog altijd niet. Een batterij advocaten onderhandelt over een schadevergoeding, die tussen de twee en drie miljoen rand (140.000 en 200.000 euro) bedraagt, maar, snikte June bijna een jaar na de dramatische nacht in Pistorius' villa: "Ons leven is definitief verwoest." June en Barry Steenkamp, haar vader, vluchtten weg uit Seaview, een buitenwijk van Port Elizabeth, en kochten iets verderop in Greenbushes een kleine pub, The Barkling Spider, waar ze een nieuw leven proberen op te bouwen. "In Seaview was dat onmogelijk, misschien lukt het hier wel", zuchtte Barry in een van de ontelbare interviews, waarvoor een Londens bureau keer op keer grof geld vraagt. In de pub hangen foto's van Barry, ooit een succesvol trainer van renpaarden, op een krijtbord prijst het koppel Barry'sBreakfast voor 20 rand (1,33 euro) aan, niets verwijst naar hun dochter. De Steenkamps willen rust. En een antwoord: was het een ongeval of koelbloedige moord? Een spijtig ongeluk, vertelde Pistorius, toen rechters zeven dagen na de feiten over zijn voorlopige invrijheidstelling moesten oordelen. Hij was midden in de nacht door een geluid in de badkamer wakker geworden, vertelde hij. "Ik dacht aan inbrekers, nam het pistool dat onder mijn bed lag, strompelde naar de badkamerdeur en schreeuwde dat ze - de inbrekers - uit de badkamer moesten komen. Toen er niets gebeurde, schoot ik door de deur en riep ik naar Reeva dat ze de politie moest bellen. Ik keerde in het donker naar onze slaapkamer terug en zag dat mijn vriendin niet in bed lag. Toen dacht ik: misschien zat Rééva wel in het toilet. Ik beukte de deur met een cricketclub open en zag haar, badend in het bloed, liggen. Ze leefde nog... Ik belde naar de hulpdiensten, maar ze is even later in mijn armen gestorven." En, voegde hij eraan toe: "We hielden van elkaar en konden niet gelukkiger zijn." De openbare aanklager schilderde een ander beeld van de noodlottige nacht. "Waarom zou een inbreker zichzelf in een badkamer opsluiten? Neen. Pistorius heeft een wapen genomen en door de badkamerdeur naar juffrouw Steenkamp geschoten, drie van de vier kogels troffen raak. De avond ervoor was er een hoogoplopende ruzie tussen de twee, bevestigden buurtbewoners, die ook nog melding maakten van eerdere problemen tussen het koppel." Pistorius werd op borgtocht vrijgelaten, maar in de nasleep lekte een bron bij de politie dat er in zijn huis een cricketclub met bloedsporen werd gevonden en dat zijn vriendin hevige verwondingen aan de schedel had. Is er een verband tussen de twee? Is het bloed van Pistorius of van Steenkamp? Die vraag wordt beantwoord op het proces, dat op 3 maart in Pretoria begint. Een staatszaak. MultiChoice, de grootste Zuid-Afrikaanse kabelmaatschappij, zal in zijn pop-upkanaal 24 uur op 24 zeventien dagen lang 'nieuws' van het proces brengen. Een unicum in het zwarte continent, maar gemakkelijk te verklaren: Blade Runner is een held, het ultieme rolmodel. Pistorius, betoverd door snelheid. Zijn need for speed is legendarisch, roekeloosheid zonder grenzen. In 2009 knalt hij met een speedboot op een pier: twee ribben, kaak en oogkas gebroken, 172 hechtingen in het aangezicht. Of die keer dat hij met zijn crossmotor op een poortje botste en zag hoe een van zijn kunstbenen aan het prikkeldraad bengelde. "Een grappig beeld", relativeerde Pistorius. "Een van de weinige keren dat het een voordeel was om geen onderbenen te hebben." Michael Sokolove, die voor The New York Times in december 2011 een paar dagen met hem optrok, omschreef Pistorius als "een leuke gast", maar tegelijk "meer dan een beetje gek". Zéker wanneer hij in een auto stapt. "De eerste keer dat ik met hem meereed, stond de naald van de snelheidsmeter op een bepaald moment op 250 kilometer per uur. Meerijden in zijn Nissan GTR was... apart." Zijn entourage gruwt van zijn risicovolle gedrag, niemand kan tot hem doordringen. Peet van Zyl, zijn manager: "Zo is Oscar nu eenmaal." Een adrenalinejunkie, gulzig slikkend van het moment. Zoals tijdens die nacht in New York, wanneer hij doelloos de metro neemt, een tattooshop binnenstapt en op zijn linkerschouder een vers uit 1 Corin-thians 9: 26-27 laat zetten. I do not run like a man running aimlessly I do not fight like a man beating the air I execute each strike with intent I beat my body and make it my slave...Een nachtje, helemaal alleen in een gevaarlijke achterbuurt, een ingeving van het moment. "Een mooie herinnering. De tatoeëerder was, denk ik, een jongen uit Puerto Rico, die er van 2 uur 's nachts tot halfnegen 's morgens aan bezig was. Great fun..." Ook daarom is het competitieseizoen voor hem een marteling. Trainen, eten en slapen, véél te saai voor de Zuid-Afrikaan. "Wat doe je op je hotelkamer? Googelen of naar stomme YouTubevideo's kijken." Lichaam en hoofd die voortdurend met elkaar vechten. Ooit, verklapte hij, had hij zijn tv uit de slaapkamer weggehaald, zodat hij niet urenlang naar films zou kijken en zijn smartphone had hij zo geprogrammeerd dat hij vanaf een bepaald uur geen sms'jes meer kon versturen. "Maar toen betrapte ik mezelf erop dat ik tot een flink stuk in de nacht gelezen had. Ik ga rond acht uur slapen en sta nooit voor 7 uur op, maar effectief slapen? Misschien de helft van de tijd." En soms, zo zei hij in The New York Times, reed hij midden in de nacht naar de schietbaan in zijn buurt. Want: Pistorius houdt van wapens. Op 28 november 2011 pochte hij op Twitter over zijn dodelijke accuraatheid: "Had a 96 % headshot over 300 meter from 50 shots! Bam!" Vrij vertaald: 50 schoten vanop 300 meter, 96 procent van de kogels in het hoofd... Zijn 'wapens' liggen, binnen handbereik, in de slaapkamer: cricketclub en honkbalknuppel achter de deur, pistool bij zijn bed, machinegeweer op de vensterbank. "Hij was stomverbaasd dat ik nog nooit geschoten had, waarop ik meteen naar de schietbaan mee moest", schreef de journalist. "Oscar was een goede leermeester en toen hij zag dat ik een paar keer dicht bij een perfect schot zat, zei hij: 'Mocht je wat meer oefenen, dan zou jij ook dodelijk kunnen zijn.' Een opmerking waarmee hij zelf nog kon lachen..." In maart 2012, in volle aanloop naar de Olympische Spelen van Londen, vertelde hij aan een Zuid-Afrikaans televisiestation dat hij zijn drang naar snelheid probeerde te kanaliseren. De supersnelle Nissan werd voor een zware BMW ingeruild, de boot waarmee hij ooit crashte en elf motoren werden verkocht, ski's, snowboards, bokshandschoenen en fietsen bleven in de garage. "Niet gemakkelijk om er afstand van te nemen. Zeker niet van de motoren, die mis ik nog het meest. Ik ben ermee opgegroeid, race al vanaf mijn zesde." Een van zijn verste herinneringen gaat terug naar een heuvel in de buurt van het ouderlijk huis in Sandton, Johannesburg. Tientallen keren per dag, samen met zijn één jaar oudere broer Carl, op een go-kart naar beneden scheuren. "Carl is, nog meer dan ik, een actiefreak. En als we te snel gingen, dan gebruikte hij een van mijn protheses om te remmen." Zijn handicap was nooit een taboe, medelijden was niet op zijn plaats bij de middenklassefamilie. Hij herinnert zich de woorden van zijn moeder, terwijl hij met zijn broer op de schoolbus wachtte. "Ze zei: Carl, trek je schoenen aan. En jij, Oscar, neem je benen en vertrek." 22 november 1986, op die dag wordt Oscar Pistorius, de tweede zoon van Sheila en Henke, geboren. Zonder kuitbenen. Dokters adviseren hen een volledige amputatie van de onderbenen, ze volgen hun raad nog voor Oscars eerste verjaardag op. Wanneer hij meer dan twintig jaar erna over zijn jeugdjaren spreekt, herinnert Pistorius zich bijna alleen maar mooie momenten. "Ik was geen zes jaar toen ik een prijs in het Grieks-Romeins worstelen won, ik begon op mijn negende te boksen. Alles kon en mocht." Waterpolo, tennis, triatlon, cricket, rugby... "Hij trainde hier al meer dan zes maanden, toen ik merkte dat hij geen onderbenen had. Doodnormale tiener", aldus Jannie Brooks, eigenaar van de gym waar Pistorius nog altijd traint. Zijn ouders scheiden wanneer hij zes jaar is, de drie kleine kinderen - Carl, Oscar en hun jonge zusje Aimee - worden door moeder opgevoed. Aan haar, herhaalt Pistorius, dankt hij zijn drive. De brief die ze aan hem schreef, toen hij op elf maanden onder het mes ging, en die hij pas op latere leeftijd las, koestert hij als een relikwie. "De loser is niet de persoon die als laatste over de finish komt. Neen, de loser is diegene die niet deelneemt en geen moeite doet om te vechten." Zijn mogelijkheden worden nooit onderschat, moeder houdt hem voor dat hij voor iets buitengewoon is voorbestemd. Zij, zo schreef Time, had de spirit van de Afrikaanse pionier - toegewijd en koppig - in haar zoon 'gestampt'. "Haar liefde en no-nonsenseattitude, maar vooral haar weigering om mij ánders te bekijken, gaven me het zelfvertrouwen om alles uit het leven te willen halen. Ik heb mijn talent van God gekregen, daarom moet ik nederig zijn en het op de best mogelijke manier gebruiken." Maar wanneer Pistorius vijftien jaar is, overlijdt Sheila na een allergische reactie op medicijnen. "In haar testament stond dat we dankbaar moesten zijn voor de tijd die we met elkaar konden doorbrengen." Na haar overlijden laat hij haar geboorte- en sterfdatum in Romeinse cijfers op zijn arm tatoeëren. LVIII V VIII - II III VI (8 mei 1958, 6 maart 2002). "Mijn moeder is altijd bij me." Oscar Pistorius houdt van rugby, tot hij in juni 2003 - zestien jaar - de ligamenten van zijn linkerknie scheurt en dokters hem naar het High Performance Centre van Pretoria sturen. Daar, op de atletiekpiste, merkt trainer Ampie Louw dat hij uitzonderlijk snel is. Tijdens een schoolwedstrijd loopt hij de 100 meter in 11.72. "Ik keek naar zijn tijd en zag dat hij beter deed dan het paralympisch record", getuigde zijn vader, met wie hij amper contact heeft. Na zes maanden atletiektraining klopt hij Brian Frasure, elfvoudig wereldkampioen, op de 200 meter, nog eens drie maanden erna pakt hij op de Paralympics in Athene brons op de 100 en goud op de 200 meter. Een geslaagde reconversie, maar hij wil meer. Zijn eerste medailles wint hij in de categorie T44 (enkelvoudige amputatie), terwijl hij eigenlijk mag deelnemen aan de T43, voorbehouden aan atleten bij wie beide benen geamputeerd zijn. Hij voelt zich nooit geremd of minderwaardig. Ook niet als kind van negen, toen hij voor het eerst een prothese met tenen kreeg, bij zijn grootmoeder op bezoek ging en trots riep: "Kijk oma, ik heb nu ook tenen." In 2005 wordt Blade Runner op de Zuid-Afrikaanse kampioenschappen zesde op de 400 meter en begint van de 'gewone' Olympische Spelen te dromen, maar in atletiekmiddens zijn de Flex-Foot Cheetah - protheses met de J-vorm - een onderwerp van discussie. In januari 2008, na testen aan de universiteit van Keulen bij dokter Peter Brüggeman, hakt de Internationale Atletiekfederatie (IAAF) de knoop door. Pistorius mag aan geen enkele IAAF-meeting of Olympische Spelen deelnemen. "25 procent minder energieverbruik, een enorm voordeel." De beslissing rakelt pijnlijke herinneringen op. Aan de wedstrijd waarin zijn eerste blades, ontworpen door een lokale ingenieur, doormidden braken bijvoorbeeld. De modellen van Össur, een firma uit IJsland, zijn onverslijtbaar en beenhard, maar tegelijk moeilijk om het evenwicht op te bewaren en oncomfortabel. "Onmogelijk om er dag in dag uit mee te stappen." Pistorius en zijn advocaten gaan in beroep bij het Tribunal Arbitral du Sport (TAS), dat op 16 mei 2008 - een paar maanden voor de Spelen in Peking - de knoop doorhakt. "Professor Brüggeman heeft hem alleen getest wanneer hij in een rechte lijn liep, terwijl zijn rapport ook geen rekening hield met de nadelen tijdens de startprocedure en de moeilijkheid om tijdens de race te versnellen." Pistorius' olympische queeste gaat verder, maar hij moet de focus naar Londen 2012 verleggen. "Te weinig tijd en te weinig wedstrijden in gewone meetings. Dan maar de Paralympics, waar ik alles wil winnen." Niet eens overdreven: drie disciplines, drie keer goud. "Binnen vier jaar ben ik nog altijd maar 27 jaar. Ideaal voor de Spelen én de Paralympics..." Samen met Ampie Louw, een coach met dertig jaar ervaring, verzamelt Pistorius een team van specialisten rond zich. "Hij heeft een ongelofelijke wil om te winnen en doet daar alles voor", klinkt het begin 2012, wanneer Pistorius zichzelf een spartaans trainingsregime oplegt, nadat hij enkele maanden ervoor met het Zuid-Afrikaanse estafetteteam op de 4x400 op het WK in Zuid-Korea - als eerste andersvalide atleet - zilver pakte. Negen uur slapen, ontbijt om zeven uur, gym en stabilisatieoefeningen tot elf uur, sponsorverplichtingen (Chevron Oil, Nike, Oakley, Nedbank, Volvo, Nashua...) en interviews tot halfvier, wanneer hij op de piste aan zijn snelheid begint te werken. Alles en altijd onder het goedkeurend oog van 'Team Oscar' - manager, kinesist, diëtist, bewegingsspecialist, trainer en psycholoog -, dat hem rond zes uur 's avonds nog naar de gym stuurt, waar hij op de fiets nog een halfuurtje calorieën moet verbranden. "De voorbije twee jaar ben ik zeventien kilogram vermagerd, waardoor ik eindelijk op een vierhonderdmeterloper begin te gelijken." Hij gáát naar de Spelen en wordt dan pas echt een icoon in Zuid-Afrika, een land geobsedeerd door ongelijkheid. Hij, een atleet zonder benen die een aangeboren afwijking overwon en toch met de beste atleten ter wereld wilde meedoen. Zijn huidskleur deed er niet eens toe, Oscar Pistorius oversteeg - net als Nelson Mandela - alle sociale groepen en rassen. Pistorius, symbool van de hoop, weg gesprint van het dubieuze verleden van zijn land. Of, zoals de zwarte columnist Justice Malala zei: "We houden allemaal van hem. Voor ons, Zuid-Afrikanen, is het onmogelijk om naar een race van Oscar te kijken en niet in tranen van geluk uit te barsten." Tot 14 februari 2013, toen hij zijn vriendin Reeva Steenkamp, een fotomodel en tv-ster die hij pas vier maanden ervoor leerde kennen, doodschoot. Nog diezelfde dag werden billboards, waarop Pistorius levensgroot afgebeeld staat, uit het straatbeeld weggehaald. De onvoorwaardelijke liefde voor Oscar was in haat omgeslagen. En toen er met gif gespoten werd, hekelde Zuid-Afrika ook zichzelf. Zuid-Afrika en Pistorius waren één. Oscar was, zo klonk het, het levende bewijs dat Zuid-Afrikaanse mannen zichzelf niet meer onder controle hadden en dat ze de vrouwen van wie ze hielden, sloegen, verkrachtten en vermoordden. Oscar was rot, Zuid-Afrika was rot. DOOR CHRIS TETAERT - BEELDEN: IMAGEGLOBE"We houden allemaal van hem. Voor ons, Zuid-Afrikanen, is het onmogelijk om naar een race van Oscar te kijken en niet in tranen van geluk uit te barsten." Justice Malala, Zuid-Afrikaans journalist "Toen we op de schoolbus wachtten, zei moeder tegen mijn broer: 'Carl, trek je schoenen aan. En jij, Oscar, neem je benen en vertrek'..." Oscar Pistorius