Zes van de zestien hoofdtrainers in de Jupiler Pro League zijn niet in België geboren: Ron Jans (Standard), John van den Brom (Anderlecht), Mario Been (Genk) Adrie Koster (Beerschot), Harm van Veldhoven (KV Mechelen) en Trond Sollied (AA Gent). Vier Nederlanders, een tot Belg genaturaliseerde Nederlander die uit de Eredivisie komt, en een Noor. De trainersvereniging BFC Pro, de Belgian Professional Football Coaches, liet al weten verwonderd te zijn dat almaar meer clubs voor een buitenlandse coach kiezen op een moment dat in het buitenland de appreciatie voor Belgische coaches en Belgisch talent is toegenomen.
...

Zes van de zestien hoofdtrainers in de Jupiler Pro League zijn niet in België geboren: Ron Jans (Standard), John van den Brom (Anderlecht), Mario Been (Genk) Adrie Koster (Beerschot), Harm van Veldhoven (KV Mechelen) en Trond Sollied (AA Gent). Vier Nederlanders, een tot Belg genaturaliseerde Nederlander die uit de Eredivisie komt, en een Noor. De trainersvereniging BFC Pro, de Belgian Professional Football Coaches, liet al weten verwonderd te zijn dat almaar meer clubs voor een buitenlandse coach kiezen op een moment dat in het buitenland de appreciatie voor Belgische coaches en Belgisch talent is toegenomen. Wij legden ons oor te luisteren bij Peter Maes en Hein Vanhaezebrouck. De eerste won vorig seizoen met Lokeren de beker, de tweede maakte met verliezend bekerfinalist Kortrijk furore in play-off 1. Beiden werden genomineerd voor de Guy Thys Award en in de verkiezing van de Trainer van het Jaar eindigden ze respectievelijk als derde en eerste. Hein Vanhaezebrouck: "Ik denk dat het deels toeval is." Peter Maes: "Meestal zie je een jojobeweging; als een club een tijd met een Belgische trainer heeft gewerkt, is de neiging groot om daarna iemand in het buitenland te zoeken. Bij Club Brugge was het net andersom." Vanhaezebrouck: "Ik lees dat de voorzitter van Anderlecht zei: 'Van den Brom, ik kende die man niet.' Het pleit voor hem dat hij dan toch de mensen onder hem op sportief vlak volgt, maar ik vind het toch verrassend. Blijkbaar dankt Van den Brom zijn job aan het feit dat hij van DmitriBoelikin een topspits maakte bij ADO Den Haag. Men verwacht dat hij dat nu ook met anderen doet. "Bijna de helft buitenlanders is veel. In Nederland gebeurt zoiets niet, daar promoten ze de eigen mensen en de doorstroming van jonge trainers vanuit lagere afdelingen of vanuit de functie van assistent. Hier zitten er in tweede en derde ook met het potentieel om in eerste iets neer te zetten, maar het is onze cultuur niet zo om die kansen te geven." Maes: "Een buitenlander heeft in België naar buiten toe nog altijd wat meer uitstraling dan een komende binnenlander. Wij moeten ons eerst bewijzen in het buitenland en krijgen pas dan respect. Op dit moment zijn wij, de Belgische trainers, wat miskend door de leidinggevende personen in dit land, het is alsof wij niet dat voetbal brengen waarmee er progressie te boeken valt. Maar op het EK zag ik heel duidelijk dat het geen schande meer is om heel veel mensen achter de bal te hebben als er in de omschakeling ook heel veel mensen voor het doel van de tegenstander komen." Vanhaezebrouck: "Het verrast mij in die zin dat het geen Nederlandse topcoaches zijn, maar net als wij en veel andere Belgische coaches mannen zonder naam en ervaring op internationaal vlak die goed werk leverden in de subtop. Met die bedenking dat een trainer hier in veel moeilijker omstandigheden moet werken, omdat er in Nederland veel meer geïnvesteerd wordt in omkadering en infrastructuur. In België moet een trainer zich met veel meer dingen bezighouden." Maes: "Een aspect dat natuurlijk ook meespeelt, is de kostprijs. Als je Michel Preud'homme niet kunt binnenhalen vanwege een te hoge afkoopsom, moet je ergens anders gaan zoeken. ( lacht) "Volgens mij is het grote aantal Nederlanders deels toeval. Het duurde een tijd eer bepaalde ploegen waarover we nu praten een trainer aanwierven. Dat betekent dat veel kandidaten, veel soorten mensen en trainers, de revue passeerden. Dan heb je niet echt een duidelijke weg voor ogen en word je naar mijn gevoel ook wat ongeloofwaardig. "Harm van Veldhoven reken ik overigens niet bij de Nederlanders, hij is een echte Belg en zette zijn resultaten met Roda JC ook neer op z'n Belgisch." Maes: "Dat de Nederlandse voetbalcultuur hoger staat aangeschreven, is duidelijk. De Nederlandse nationale ploeg presteerde de laatste tien jaar wat meer dan de Belgische én heeft een geweldige uitstraling. In het buitenland beginnen wij nu pas naar buiten te treden, ook dankzij de kwaliteit van spelers die overal gaan voetballen en waar natuurlijk altijd een opleiding achter schuilgaat. De Nederlanders hebben op dat vlak mijlen voorsprong. Maar de aanwerving van al die Nederlanders betekent volgens mij niet per definitie dat die clubs de kaart van de Nederlandse manier van voetballen trekken. Ik denk dat er louter op basis van het individu gekozen is. En als ik dan lees dat Van den Brom bij de aanwerving van Boelikin een enorme indruk liet en Anderlecht hem vervolgens op die basis binnenhaalt, ben ik benieuwd." Vanhaezebrouck: "Het is ondenkbaar dat in Nederland zo veel Belgen zouden werken, de pers zou er de clubs en de bond afmaken. We zijn er lang afgeschilderd geweest als incompetent en ongeschikt voor hun competitie. Dat komt ook omdat het voetbalbeleid in België er vaak één is van van de hak op de tak springen - als je ziet hoe hier gewerkt wordt, is het geen toeval dat een van de eigenschappen die Belgische trainers wordt toegedicht flexibiliteit is. Wat kreeg Preud'homme in Nederland van zogenaamde grote voetbalkenners niet allemaal over zijn hoofd toen hij er begon? 't Was een keeperke dat naar ginder ging. Maar hij werd er wel tot Trainer van het Jaar verkozen." Maes: "Als je ergens op vakantie gaat, zie je overal Nederlanders met eigen zaakjes. Slechts sporadisch kom je eens een Belg tegen. Dat is in het voetbal net zo. Het is nu een klein beetje aan het veranderen, maar in het algemeen geldt toch nog dat we Belgen zijn en Belgen willen blijven. Nederlanders willen de hele wereld rondtrekken. Daarom zijn zij in het buitenland populairder, denk ik." Vanhaezebrouck: "Het is niet omdat ze bij een of twee Belgische trainers geïnformeerd zouden hebben dat er geen derde of vierde is voor wie je kunt gaan." Maes: "Ik ben door geen enkel topteam gecontacteerd. Ik weet ook waarom." Maes: "Antwoord daar zelf maar op." Vanhaezebrouck: "Dat zeg jij." ( lacht) Vanhaezebrouck: "Om de titel wordt het GeorgesLeekens tegen de buitenlanders, want hij is de enige Belg die een club uit de top vijf traint." Maes: "Omdat die Nederlanders bij topteams zitten, wordt het geen België-Nederland op het vlak van resultaten, dat zou een ongelijke strijd zijn. Maar het wordt wel België-Nederland qua manieren om resultaten neer te zetten. En in dat opzicht heeft Leekens een heel verantwoordelijke rol, want van alle Belgen beschikt hij over de beste wapens. Spelstijlen vergelijken als je over dezelfde kwaliteit beschikt, dat is interessant. Leekens moet onze frontman worden. Hopelijk schept hij geen vertekend beeld. "Natuurlijk blijven we in eerste instantie mensen die werken voor een club die resultaten moet halen, maar dit wordt een boeiende bijkomende strijd. Ik vind het een mooie uitdaging. We hebben onze trots en we zouden op een heel negatieve manier kunnen kijken naar die Nederlandse inbreng door ons niet gewaardeerd te voelen, maar je kunt het ook omdraaien. Je kunt ook denken: oké, laat die mensen maar eens iets vernieuwends brengen, dan kunnen wij er ook iets van leren. We moeten die buitenlanders niet veroordelen, niet vragen wat die hier eigenlijk komen doen. Ik wens hen het allerbeste. Ze zijn welkom. En ik hoop dat we hen warm zullen kunnen onthalen." Vanhaezebrouck: "Als ik lees of hoor dat het voor vernieuwing zal zorgen, moet ik daar altijd om lachen. Ik zie in de Nederlandse competitie heel veel tekorten in de manier van voetballen, zaken waarvan ik zeg: dat is heel stereotiep." Maes: "Ik verwacht een bepaalde manier van werken die wat uit de hoogte is, waarin ze het spel gaan willen maken, waarin ze gaan willen bepalen. Maar beschikken ze in hun elftallen over de types om dat te doen? En het is ook niet altijd makkelijk in onze competitie om op hun manier openingen te vinden. "Als je los van de types in je kern een bepaalde manier van spelen nastreeft, dan houdt dat risico's in. Op een gegeven moment moet je in een ander land misschien toch een ander systeem hanteren, omdat de geaardheden er anders liggen. Been paste zijn Hollandse stijl na een bepaalde tijd ook aan en schakelde over op een 4-4-2. Dus luidt dé vraag: zullen ze hun voetbalfilosofie doorzetten of capituleren? "Ik verwacht dat ze zullen proberen om hun geaardheid door te drijven. Maar als ze hun ideeën willen doorduwen, zullen ze daar ook de spelers voor moeten binnenhalen. Daarom denk ik dat er nu een toename gaat komen van het aantal Hollandse spelers in België." Vanhaezebrouck: "Er worden in Nederland heel veel goals gemaakt. Ze vallen aan, maar verdedigen er enorm slecht. Ik zie er ook bijna alleen maar mandekking, spelers die doordekken en hun man van links naar rechts volgen. Dat vind ik niet de beste manier van verdedigen en het is ook zwaarder. DarijeKalezic speelde met Zulte Waregem man tegen man maar viel na een sterke eerste helft vaak terug omdat het moeilijk vol te houden is in de fysiek sterke Belgische competitie." Maes: "Er zijn in Nederland ook iets meer mensen die in de diepte lopen zonder de bal." Vanhaezebrouck: "Dat ze zich geweldig goed kunnen verkopen!" Maes: "Wij komen iets minder uit voor de resultaten die we neerzetten. En hun bluf vind ik ook heel typerend." Vanhaezebrouck: "De topclubs die geleid worden door Nederlandse coaches zullen heel duidelijk kiezen voor de opbouw van achteren uit, verwacht ik, en dat is wel iets wat ik de voorbije jaren bij bepaalde topclubs gemist heb. Maar dat doen wij ook en meer dan vroeger doen ook nog andere Belgische trainers dat. In Nederland wordt combinatievoetbal soms tot in het extreme doorgedreven en dat kan in België wel gevaar inhouden omdat verdedigen en druk zetten iets is wat we hier wel beheersen. Maar Van den Brom en Jans zijn trainers die een organisatie kunnen neerzetten en niet met de deur open voetballen. Dat is een van de redenen dat ze in Nederland succes haalden met ploegen uit de middenmoot." Vanhaezebrouck: "Dat weet ik niet. In de Nederlandse voetbalcultuur is het makkelijker om jonge spelers op te stellen, omdat ze bij de doorstroming beter omkaderd en sneller rijp zijn. Onder de A-kern werken ze er met veel proftrainers, ex-profvoetballers die een veeleisende trainerscursus doorliepen en die de prijs kennen. Hier is bij veel clubs alleen de jeugdcoördinator en misschien ook de beloftecoach voltijds. Er zijn in België zelfs topclubs die hun jeugdtrainers werven met de boodschap dat ze later trots zullen kunnen zijn dat er op hun cv zal staan dat ze er trainer geweest zullen zijn. In Nederland wordt er ook al op heel jonge leeftijd met fysiektrainers en mental coaches gewerkt. Als je daar hier over begint, kijken ze je aan alsof ze het in Keulen horen donderen." Maes: "En dus kunnen we de jonge talenten die het nog moeten maken niet altijd in België houden. Maar intussen is de gemiddelde leeftijd van de spelers in het Belgische voetbal de laatste jaren toch al enorm gezakt, omdat ook wij tegenwoordig veel jongeren van eigen bodem doorduwen. "In Nederland gaat een Nederlandse trainer zeker vaker voor jonge spelers, omdat ze daar vanuit de cultuur van hun club werken. Of dat ook zo zal zijn als die Nederlanders in het buitenland werken, weet ik niet. Vanuit hun bluf zouden ze het wel durven. Een Nederlander houdt van het spelletje en als je van het spelletje houdt, durf je ook risico's te nemen, dan durf je die jonge jongens te zetten, want dat is dan weer progressie. Maar ik denk dat Jans en Van den Brom nu echt wel resultaten nodig hebben en voor vaste waarden zullen kiezen." Maes: "Van de infrastructuur. Op dat vlak liggen we veel verder achter op het Hollandse voetbal dan met wat er op het veld gebeurt." Vanhaezebrouck: "Als de lijn van Koster en Been doorgetrokken wordt - wat meer goals maken en er wat meer tegen krijgen - dan breken voor Anderlecht misschien weer vroegere tijden aan met af en toe zes, zeven en acht goals in het Constant Vanden Stockstadion. Maar ik denk dat ze zullen ervaren dat het hier veel moeilijker is dan in Nederland om spectaculaire resultaten te halen. Daar zie je scores van 6-, 7- en 8-0. Twee jaar geleden: PSV-Feyenoord 10-0! Hier is dat moeilijker, hier is 5-0 al een schande. Kleinere clubs spelen ook vanuit de organisatie; en een Vlaming legt er zijn body voor, hé, die geeft altijd álles." Maes: "Belgen zijn geen Schotten of Engelsen, maar we zijn ook geen Nederlanders of Fransen. Bij onze subtoppers en alles wat daaronder zit, kan er veel arbeid geleverd worden om een gebrek aan kwaliteit te compenseren. Het land België is in drie verdeeld, verschillende culturen lopen hier door elkaar. Dat zorgt ervoor dat wij leren om in veel verschillende situaties te overleven. Dan kom je natuurlijk bij een andere filosofie dan de Nederlandse, waar clubs zich nog weleens naar de slachtbank laten leiden door halsstarrig vast te houden aan één voetbalidee." DOOR KRISTOF DE RYCK & CHRISTIAN VANDENABEELE - BEELDEN: IMAGEGLOBE"Als ik hoor dat de grotere Nederlandse inbreng voor vernieuwing zal zorgen, moet ik daar altijd om lachen." Hein Vanhaezebrouck "Leekens moet onze frontman worden. Hopelijk schept hij geen vertekend beeld." Peter Maes